Grootebroek en Lutjebroek in oude ansichten deel 1

Grootebroek en Lutjebroek in oude ansichten deel 1

Auteur
:   M. Reus
Gemeente
:   Stede Broec
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3710-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Grootebroek en Lutjebroek in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

VOORWOORD

Op 2 augustus 1364 werden de dorpen Boeven Kerspe1 (kerspe1 = kerkgebied) en Grote Broee (broee = moeras) bij besluit van hertog Albrecht van Beieren met e1kander verenigd om gezamenlijk te vormen de Stede Broec.

Bij charter van 13 oktober 1402 werd na gedaan verzoek Luttike Broee (luttike = lutje = klein) aan het grondgebied van de Stede Broec toegevoegd en op 20 april 1403 Hoech Kerspel. Het grondgebied van deze stad strekte zich toen ongeveer uit over de tegenwoordige dorpen Bovenkarspel, Grootebroek, Lutjebroek, Hoogkarspel en Andijk, Samenvoeging van dorpen was dus al meer dan zeshonderd jaar geleden aan de orde!

Om nu een indruk te geven omtrent het aanta1 inwoners: uit een brief van 1338 blijkt dat er in Enkhuizen 155 mannen woonden, in Hoorn 70, in Grootebroek 155, in Bovenkarspel 98, in Lutjebroek 50 en in Hoogkarspe148. Andijk als zelfstandig dorp bestond toen nog niet.

In de Napoleontische tijd is de Stede Broec rond 1811 uiteengevallen in vier afzonderlijke gemeenten, te weten Andijk, Bovenkarspe1, Grootebroek en Hoogkarspel. Restanten van deze oorspronkelijke eenheid vindt men nog terug in de Broekerhaven (haven van Broec), die tot voor kort door vertegenwoordigers van de vier gemeenten werd beheerd, alsmede in de bestuursvorm van het kindertehuis "De Sehuilhoeve" te Grootebroek. Voor de reformatie was er namelijk in de Stede Broec een St.-Elisabethklooster gevestigd. Tijdens de hervorming zijn de eigendommen van dit klooster overgegaan in handen van de Stede Broec om na 1811 volle dig in beheer te worden overgenomen door vertegenwoordigers van de besturen van de hervormde gemeenten van Andijk.<Bovenkarspel, Grootebroek, Lutjebroek en Hoogkarspel.

Door de uitgestrektheid van de stad zijn er geen wallen om de bebouwing aangebraeht en mist men een hart, dat juist de midde1eeuwse stadjes zo aantrekkelijk maakt. Uiterlijk is er weinig van de ge-

schiedenis van de Stede Broec waar te nemen. De vele stukken in het gemeentelijk archief geven echter aan dat dit een zeer bewogen geschiedenis is geweest, waarin de gehele vaderlandse geschiedenis is terug te vinden.

In de gehele achter ons liggende geschiedenis is er echter nooit een tijd geweest die zo ingrijpend het wezen en aanzien van onze gemeente heeft veranderd als de tiid waarin wij nu leven. De versnelde woningbouw heeft de vestiging van vele mensen van ver buiten onze gemeentegrenzen tot gevolg. De in uitvoering zijnde ruilverkaveling geeft de polder landschappelijk een volkomen nieuw aanzien. Deze tijd vraagt onder andere om recreatieve, sportieve en industriele voorzieningen. Dit zijn allemaal factoren die de samenstelling van de bevolking, de vorm en het aanzien van de gemeente volle dig veranderen.

Over enige jaren zullen de nieuwe inwoners zich geen

voorstelling kunnen vormen hoe onze gemeente er vroeger heeft uitgezien. Het is daarom zeer verheugend dat Martien Reus zich heeft ingezet om de door hem verzamelde ansichtkaarten, die een beeld geven van de oude dorpskernen, in boekvorm uit te geven.

Vooral de oudere Groote- en Lutjebroekers zullen met grote interesse in dit boekwerk bladeren en zich nog vele daarin genoemde mensen en gebeurtenissen herinneren. Ook voor de jeugd en de nieuwe bewoners echter, die belangstelling hebben voor de geschiedenis van de streek waarin zij leven, zal dit boek van grote waarde zijn.

Ik hoop dan ook, dat deze uitgave op de boekenplank van veel gezinnen een plaats zal krijgen,

De burgemeester van Grootebroek, J.N. Stuifbergen.

r a' dappelennuu kt Bovenkarspel

1. Overzicht van de aardappelenaanvoer aan veiling "De Tuinbouw" in 1914. Op de voorgrond staat links de houten schuur annex cafe van Van Kleeff, die in 1943 is afgebrand. Ten westen van de plaats waar deze gebouwen stonden is nu een brug aangelegd (de Schake!), die toegang verleend tot de uitbreidingsplannen. Voorzitter van de veiling was J. Kok Jzn., maar er waren meer liefhebbers voor deze baan, zodat zij hem het leven zo zuur maakten dat hij bedankte. Hij bleef op aandringen van het bestuur toch aan tot 1918. Te vermelden is nog dat in den beginne het jaarloon van een werknemer l e klas f 650,- bedroeg.

2. Nogmaals veiling "De Tuinbouw", De aardappelen worden aangevoerd in houten schuiten en in zakken. Op de schuiten kan men de zeiltjes zien: motorschuiten waren er toen nog niet. Naast aardappelen werden ook groenten geveild, bijvoorbeeld mei-rapen, Dan moest de tuinder om ongeveer 2 uur beginnen om op tijd bij de veiling te zijn. Op de achtergrond zien we links het kleine kapje waarbij, in 1928, zeven grote kappen, de tongen genaamd, werden aangelegd. Deze worden nu weer afgebroken omdat alles per auto wordt vervoerd.

3. Onafhankelijkheidsfeest 1913. De man op de voorgrond, met de hand en in de zakken, is K. Weel. Het huis rechts op de voorgrond, met de vlag, werd to en bewoond door H. Silver, daarna Klaas Kuin en J. Kuin die er nu een nieuwe woning heeft gebouwd. Hiertegenover staat het rijwiel- en garagebedrijf van lac. Smit, waarin nu N. Smit hetzelfde bedrijf uitoefcnt, zij het in een nieuw pand. Links van de weg zijn de rails van de paardetram zichtbaar.

Uitg. N. G ROO T Pzn., Grootebroek.

71

4. Dit is weer het Oosteinde, uit het westen gezien. Het pand links op de voorgrond is de slagerij van Botman die zelf bij de muur staat (met pet op) met naast zich zijn vrouw die een kind op haar arm heeft. Dit pand is in 1972 gesloopt en er staat nu een nieuw huis, bewoond door P.G. Haakman. Daarnaast zien we de zaadhandel van N. Groot, later de kruidenierswinkel van J. Reus en A. Reus, nu bewoond door J.G.M. Hart. Deze opname is gemaakt voorbij de huidige Schaperstraat, die toen nog grasland was.

GROOTEBROEl"

5. Nog steeds het Oosteinde. De dame rechts op de voorgrond is Cath. Schaper. Ret huis achter haar is van P. de Wit, bijnaarn schipper De Wit. Ret is later gesloopt en weer opgebouwd en wordt nu bewoond door Th. Essen. Op de achtergrond rechts nog een drietal woningen dat ook is gesloopt. Ten westen hiervan is de Esdoornlaan aangelegd. Links zien we, op de voorgrond, het huis van K. Baas, dat nu is gesloopt. Daar is de Tuinbouwweg gepland. De overige woningen aan de linkerzijde zijn ook gesloopt.

6. Links op de voorgrond staat de winkel van J. Windt. De eerste vijf personen zijn, van links naar rechts: Catherien Reijn, Deen, C. van Ewijk, C. Slaman en eigenaar J. Windt. Naast deze winkel zijn enige woonhuizen en de boerderij van J. Krijger zichtbaar die inmiddels zijn gesloopt. Op deze plaats zijn nieuwe woonhuizen en een parkeerterrein gecreeerd. Aan de overkant, in het pand met het zonncscherm, was toen de modezaak van P. Tulp gevestigd; nu is daar de muziekhandel van E.P. Born.

Grootebr oek.

7. Nogrnaals het Oosteinde vanuit het westen gezien. In de groep personen herkennen we, als vierde van links, Truus Kroeze, naast haar kleermaker P. Bakker en dan P. Oud, in de volksmond "Babbie" genaamd. Links staat het cafe dat to en werd bewoond door P. Jonker, vervolgens door C. Tambach en J. v.d. Sluis en nu door J. Deen. Het cafe heet thans "Black Horse Bar". In de Ieegte ervoor stond, achteraf, het schildersbedrijf van W. Breed. Nu is hier de .drogisterij en het schildersbedrijf van M. Koomen gevestigd, Aan de overkant zien we de boerderij van Krijger.

Com] azuie traat GROOTEBROEK

8. Overzicht van de Compagniestraat, gezien vanaf de zuidzijde. De naam is ontstaan doordat drie mannen, K. Bakker Rzn., K. Deen en J. Windt, land kochten van ene Kok, dus een eompagnonschap vorrnden. Dit gebeurde ornstreeks 1905. Met enige woordspeling werd daar later Compagniestraat van gemaakt. U ziet aan de huizen de witte zandsteen, maar deze heeft nu plaats gemaakt voor rode baksteen. De dammen voor de huizen (in de volksmond stoep) zijn verdwenen, doordat de straat moest worden verbreed en er riolering moest komen voor de waterafvoer.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek