Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1

Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1

Auteur
:   Stichting 'Oald Heldern'
Gemeente
:   Hellendoorn
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4174-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Hellendoorn-Nijverdal in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

School te Marie

(Gem. Hellendoorn)

De openbare lagere school in Marie. In deze school deed vroeger de gehele Mariese jeugd haar wijsheid op. Stichting van een katholieke school in Hellendoorn en van een school met de bijbel in Marie zelf, maakten de oude openbare school overbodig. Ook de molen van Marie moest plaats maken voor graansilo's en modernere bedrijfsvoering door de firma Strunk, (Weggeman-Rattink).

33

34

Een wat primitieve vorm van "wegenbelasting" was het tolwezen, dat omstreeks 1900 nog in werking was aan het begin van wat nu de Ninaberlaan is. "Dieks van 'n Tol", een benaming die nu nog weI eens een enkele keer gebezigd wordt in verband met een lid van de familie Schotman, wijst er op dat deze familie van het vroegere tolhuis afkomstig is. De molen achter het tolhuis is die van de Boerenbond. U kunt dus wei nagaan waar het huisje ongeveer stond.

De fraaie beltmolen te Hancate van de familie Van de Vegte. Deze molen is helaas in 1954 door blikseminslag verloren gegaan. Eenzelfde type molen stond vroeger op de Schuilenburg. Deze was van de familie Tijhuis. De molen staat er nog, maar ontwiekt en ingekneld in graansilo's en pakhuizen. Dit type komt daardoor nu niet meer in onze gemeente voor.

35

36

De vroegere hervormde kerk in Daarle. Wegens ouderdom en plaatsgebrek is de kerk vervangen door een fraai nieuw dorpskerkje, ontworpen door de bekende architect wijlen Jan Jans.

Ook Daarle had vroeger zijn eigen open bare lagere school. Door de oprichting van bijzondere scholen werd deze school overbodig. Zij werd afgebroken in 1930.

37

Postkantoor met School - Haarle.

38

In het voorste pand was in vroeger jaren het postkantoor van Haarle gevestigd. De kleine stalraampjes opzij en het hooiluik onder het dak wijzen er op dat de kantoorhouder ook nog enig boerengerief had. Enige geslachten Laarman waren hier kantoorhouder. Achter het postkantoor de oude katholieke school van Haarle.

De oude hervormde kerk, waarvan het lage gedeelte dateert uit ongeveer 1150. Voordien schijnt op deze zelfde plaats al een houten kerk te hebben gestaan. De witte bepleistering van de kerk werd bij de de grote restauratie in 1960/61 verwijderd. Bij deze restauratie onder architectuur van wijlen Jan J ans, kreeg dit monument uit de oudheid van Hellendoorn een nieuwe glans. Bij die restauratie bleek dat dit bouwwerk de tand des tijds glorieus heeft doorstaan en nog steeds onwrikbaar staat op de fundamenten van de veldkeien, die eeuwen geleden op vaste bodem werden gelegd. Dit oude bouwwerk be he erst het het gehele dorpsbeeld en geeft er karakter aan.

39

Boerenschuur met hooischelf zoals die tot 1946 heeft gestaan aan de Zuid Esweg. Zij was eigendom van G. van den Berg en in gebruik bij de familie Staman. Deze combinatie van schuur en hooi-tstro-) rond het dorp.

Een plaatje uit omstreeks 1870 van het perceel waar nu De Joncheerelaan 46 is, met net huisje van ,,'n oalen Noach". Achter het huis was een woonwagenkamp. In die buurt van wat toen "de Helderse weg" werd genoemd, woonden verder "Leide van 'n Kork" die gehuwd was met Stevens, een kleinzoon van Noach. Na diens dood trouwde zij met Hallie. Schellen Albert, de blikslager, woonde ongeveer op wat nu no. 32 is. Leide van 'n Kork op 50; de woonwagen

40 van Rooie Leen stond op no. 52; de houten keet van Piet Rap op no. 3 in de Van Limburg Stirumstraat en tenslotte

Potlands Jans op no. 54, ongeveer waar nu slagerij Pluimers is. Met Potlands Jans deden de meeste Hellendoorners en Nijverdallers wel een oftwee keer 'sjaars zaken. Jans was nl. bokkenhouder en haast iedereen had in die jaren wel een of twee geiten voor de melkwinning. Als het zover was trokken baas en geit te voet naar Potlands Jans. Zo'n wandeling heen en terug met enig oponthoud voor het werk van de bok, was rneestal weI een kwestie van een paar uren. Yoor de geit onderweg nam men een stukje roggebrood mee. Hoewel Jans meer dan een bok had, geviel het in het hoogseizoen wei eens dat bokkeman niet zo'n erge zin in zijn werk had. Dan vuurde Jans zijn beestje aan met kreten als: "toe dan jong, toe dan jong; mooi sikkie, mooi sikkie!" Onderwijl streelde bij bet mooie sikkie op haar rug om de bok maar tot actie aan te vuren. Resultaat was dan meestal weI dat de bok bet dan maar even deed, zij het

soms zeer lusteloos. Er was trouwens garantie op dit werk. Geen resultaat: gratis een keer over. 41

INLEIDING

Wat zouden onze grootouders, over- en betovergrootouders grote ogen opzetten, als ze nog eens weer een kijkje konden nemen in Nijverdal. De plaats zou onherkenbaar voor hen zijn. Van een onaanzienlijke nederzetting in hun tijd is Nijverdal gegroeid tot een riante plaats, die langzamerhand de allures van een kleine stad gaat aannemen.

Voor 1836 was hier aileen maar het onbewoonde, moerassige weidegebied van Noetsele: het Koeveen, maar in genoemd jaar kwam er leven en bedrijvigheid.

Geleid door de adviezen van de geniale plannenmaker Thomas Ainsworth, vestigde de Ned. Handel Mij. daar aan de Regge (op de plaats van de tegenwoordige "Nieuwe Bleck") haar factorij: een pakhuis voor het in ontvangst nemen en verzenden van de in Twente handgeweven "katoentjes", bestemd voor Nederlandsch-Indie, Voor de Agent (directeur zouden wij zeggen), Robert Campbell verrees aan de Grotestraat op de plaats van de tegenwoordige pastorie van de Vrije Evangelische Gemeente een statig herenhuis. Onder de pastorie zijn de kelders nog aanwezig en er voor prijkt gelukkig nog steeds de kastanjeboom van Robert Campbell. (Campbell was van 1844 tot 1875 tevens burgemeester van Hellendoorn). Maar er was nog een tweede punt, waar bedrijvigheid kwam. Aan de zuidkant van de straatweg (nu staat er de K.S.W.) bouwde Ainsworth voor eigen rekening zijn etablissement met drie afdelingen: kettingsterkerij, vlasspinnerij en modelweverij (voor proefneming - er werden alleen handweef-

getouwen gebezigd),

Voor dit gebouw werd op 14 mei 1836 de eerste steen gelegd. Tevens kreeg Nijverdal in die maand zijn naarn, na probeersels als: Houvenburg (naar de president van de N.H.M.,) Nijverheidsoord, Nijverzorg. Deze naam behoeft geen verklaring en heeft het steeds goed gedaan.

De factorij (het "Magazijn") voldeed volkomen aan de verwachting: dage1ijks kwamen tientallen vrachtwagens over de brug op weg naar het Magazijn, maar met het "etablissement Ainsworth" ging het niet zo goed. De grote plannenmaker bleek als bedrijfsleider mindel' geslaagd. In 1841 overleed Ainsworth plotseling op de Eversberg, waar hij sedert 1836 had gewoond. Dat was een slag voor Nijverdal: .Jeder liep met een verslagen hart en tranen in de ogen". Wij, in Nijverdal eren hem als de stichter van onze plaats. We noemden een straat naar hem; misschien is er nog eens een gelegenheid een wat royaler accent aan zijn nagedachtenis te wijden. 't Zag er somber uit voor de toekomst van de jonge plaats: Ainsworth liet een kwijnend bedrijf achter en de factorij, hoewel nog in 1850 met twee pakhuizen uitgebreid, bood maar aan een klein aantal personen werk. In die tijd telde Nijverdal 17 huizen en ongeveer honderd inwoners.

Maar 't liep allemaal heel anders dan gevreesd werd. In 1851 kochten de Gebrs. G. en H. Salomonson het hele bedrijfvoor f 17.500,-. i":ij braken het gebouw af en bouwden er hun .Koninkliike Stoornweverij". Uit verschillende delen van ons

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek