Warning: mysql_connect(): Headers and client library minor version mismatch. Headers:50156 Library:50527 in /home/0003/sites/s245/europese-bibliotheek.nl/web/require/database.req.php on line 15

Warning: session_start(): Cannot send session cookie - headers already sent by (output started at /home/0003/sites/s245/europese-bibliotheek.nl/web/require/database.req.php:15) in /home/0003/sites/s245/europese-bibliotheek.nl/web/require/require.req.php on line 2

Warning: session_start(): Cannot send session cache limiter - headers already sent (output started at /home/0003/sites/s245/europese-bibliotheek.nl/web/require/database.req.php:15) in /home/0003/sites/s245/europese-bibliotheek.nl/web/require/require.req.php on line 2
Uitgeverij Europese Bibliotheek | Hensbroek in oude ansichten | boeken | alfabetisch-overzicht
Hensbroek in oude ansichten

Hensbroek in oude ansichten

Auteur
:   D. Turkstra
Gemeente
:   Obdam
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0314-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Hensbroek in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Men kan aannemen dat Hensbroek ongeveer duizend jaar geleden als veenontginning langs de Weeresloot is ontstaan. Deze Weeresloot gaat in noordoostelijke richting door de polder Obdam, de Kaag, langs Opmeer, de Wijzend en verder in de richting Medemblik, eens de belangrijkste plaats van het Noorderkwartier. Heeft dit water eens de Op geheten? Denk ook aan Opperdoes. Bodemvondsten langs de Weere vanaf de Kerkweg noordwaarts wijzen op bewoning, vermoedelijk vanaf de tiende eeuw. Oudere vondsten zijn hier ter plaatse niet bekend. De dorpsweg kwam pas later, waarschijnlijk in de dertiende eeuw.

Wat de naam Hensbroek betreft, vroeger ook wel Heynsbroek genoemd, mag men veronderstellen dat bij de eerste ontginning toch een zekere Heyn betrokken is geweest die grote invloed had. Het zal de eerste eeuwen een zeer kleine gemeenschap zijn geweest die aan het westeinde van het Oude Hof aan de Weeresloot haar kerk en begraafplaats had, zoals de bodemvondsten doen vermoeden. Scherven en botten zijn hun stille getuigen.

Dat Hensbroek vroeger een klein aantal woningen had, blijkt uit het volgende. Op 19 augustus 1807 werd publiek geveild een huis en erf, wijk A 23, ten zuiden belend door de kerk en ten noordoosten door de herberg, verkocht voor driehonderd vijftig gulden. En op de eerste kadastrale kaart van 1820 is dat ook, vanaf Obdam, het drieëntwintigste huis en vanaf de kerk tot de brug aan het zuideinde stonden er nog ongeveer eenendertig.

Tot het einde van de vorige eeuw zal er niet veel zijn veranderd. Wilde men op familiebezoek buiten het dorp, dan hadden de beter gesitueerden een paard met wagen of in de winter een arreslede en de minderbedeelde ging te voet of op de schaats. Men besprak de afstanden in uren gaans te voet. In de jaren zestig begon men overal de wegen te verharden met klinkers, puin en basalt. De verordening dat ieder in het natte jaargetijde voor zijn erf planken op de weg moest leggen, ten behoeve van de kerkgangers, hoefde men niet meer te handhaven. Geen diepe wielsporen meer in de weg en men was niet meer zo afhankelijk van de schipper die op Alkmaar voer.

De bevolking was hier geheel agrarisch ingesteld, op wat middenstand na. Het meeste land was alleen per schuit te bereiken, waarbij het werk zwaar was. De werkdagen waren vooral in de zomer lang; van 's morgens vier uur tot 's avonds acht uur was in de hooitijd heel normaal, daar alles met de hand moest worden gedaan. Voor het gras maaien kwamen keuterboeren uit het oosten van het land om hier de pachtsom voor hun bedrijfje te verdienen. Degene die hier los arbeider was, ging als de herfst kwam sloot baggeren in de praam, tot de vorstinval dit onmogelijk maakte. Het loon was karig en men kan zich nu niet meer voorstellen welke armoede er toen is geleden, vooral in de grote gezinnen. Ouderdomspensioen en kinderbijslag waren niet bekend. Het gemeentelijk armbestuur en de kerkelijke instellingen lenigden de uiterste nood. In zo'n dorpsgemeenschap kende men el-

kaar allemaal, zowel bij voor- als achternaam. De woorden meneer en mevrouw werden onderling niet gebruikt. Alleen de burrie (burgemeester) werd door iedereen met meneer aangesproken. En die was ook gemoedelijk. Wilde iemand een schuur bouwen, dan ging hij naar burgemeester Kooiman, hetzij dat deze in het raadhuis was, op straat liep of 's avonds thuis was. Men vertelde de situatie en kreeg dan bijna altijd het antwoord: "Ga je gang maar" en dan had men geen papieren meer nodig. Begin augustus kwam oud en jong bij elkaar voor het grootste dorpsfeest: dan was het kermis. Dat waren toen de vakantiedagen. Er werd dan niet gewerkt en boven zijn theewater zijn was heel normaal.

In 1917 deed de moderne techniek in de vorm van elektriciteit hier haar intrede en er kwam straatverlichting, hoewel het aantal lichtpunten niet groot was. In de jaren twintig kwam er waterleiding en telefoon en er kwam ook een dokter. Eerst kwam dokter Cohen en toen dokter Van Leeuwen; na hen, in 1929, dokter H.K.F. Cohen (in wijde omtrek bekend), die nog altijd bij nachten ontij voor zijn patiënten paraat is. In deze jaren werd Hensbroek uit zijn isolement verlost door verschillende met elkaar concurrerende autobusdiensten naar Alkmaar en Hoorn. Paard en wagen als vervoermiddel raakte ten einde en zo kregen ook de herbergen, waar men opstak om het paard in de stal even te laten rusten op verre tochten, een dienstverlening minder te verrichten. Wat de middenstand betreft, men had hier twee cafés (De Boer en Mantel), vier bakkers (Den Das, Evers, Leegwater en Kolder) en Hendrik

de Graaf was de smid. In kruidenierswaren deden de twee caféhouders, Jaap Koning en Kees Tak later D. Mes. Er was geen kapsalon, maar we hadden wel Cees Houtkoper, dorpsbarbier in zijn huiskamer (annex sigarenwinkelier). Op zaterdagavond had hij het gezelligste huis van het dorp. Twee timmerbedrijven. Jaap de Boer later Naastepad en Luit Groot later Kooy, K. Schenk was de schilder en in manufacturen deed Jan Oudendijk eerder Jaap Schotsman. Klaas Raa was de slager, Kees Evers later Jan Leegwater leverde de brandstoffen, Jo Helder veevoeder, Jaap Edel repareerde fietsen en verkocht benzine, Simon Leegwater verkocht rookwaren en was tevens binnenschipper voor de tuinders naar de groenteveiling in Obdam. Arie van Leyen was de molenaar; hij hield de polder droog en zo was de samenleving compleet.

Men leefde rustig in die dagen, doch dat zou gauw veranderen. In 1933 werd de weg verbreed en geasfalteerd en daardoor werd het verkeer drukker en in 1960 werd door de ruilverkaveling het landschap totaal veranderd. Er is veel moois verdwenen, maar ook wel veel daarvoor in de plaats gekomen; de tijd staat nooit stil. De ouderen zeggen het nu en de jongeren zullen het later zeggen: "Waar is de tijd gebleven? "

Verder wil ik iedereen dankzeggen voor de medewerking aan mij verleend en ik hoop dat velen het boekje met hetzelfde genoegen ter hand zullen nemen als waarmee ik het heb samengesteld.

1. Tussen 1893 en 1897 is deze opname gemaakt achter het raadhuis op het oude schoolplein. Hier ziet u hoofdonderwijzer Visser met zijn gezin en het onderwijzend personeel. Van links naar rechts:

Ella Catherina van Eerde (onderwijzeres, dochter van ds. A.S. van Eerde), Lien Visser, Jan Visser, mevrouw Visser, Marie, meester Cees Visser, Anna Visser en Jozef Zwarteveen. Anna en Jozef zijn later gehuwd. Zij kregen een zoon die later huisarts in Heerhugowaard werd.

2. In de jaren rond 1930 werd er op een zondag in juli een volksfeest georganiseerd. 's Morgens werd begonnen met een optocht, die werd opgesteld voor café "Het Springende Paard". Toen een van de feestcomitéleden dit gezelschap opmerkte, riep hij zeer verontwaardigd: "Wat moeten die lui hier? " Dit soort rondtrekkende, van bedelarij en kleine diefstallen levende families was toen geen zeldzaamheid. Het bleken echter deelnemers aan de optocht te zijn! Van links naar rechts: Aafje Leegwater, mevrouw Leegwater, Trien Leegwater, foeragehandelaar Joh. Helder en brandstoffenhandelaar Jan Leegwater. Voor op de wagen zitten mevrouw Helder en Janie Leegwater.

3. De ouderen die met het schoolfeest naar Bergen meegingen waren, van links naar rechts: de dames Kooiman, Turkstra, Zwagerman, De Haan, Visser, voor haar juffrouw Dik (de onderwijzeres), Schaak, Kok, Van Vuure, Nap, Houtkooper, Van Leyen en Boot. Dan de heren: G.M.R. de Haan (hoofdonderwijzer), K. Kamp, burgemeester Kooiman, D. Schaak, A. Stolp, een onbekende, Jb. van Vuure, B. Visser, D. Wit, Jb. Visser, J. Bommezij, een zoontje van Van Vuure, Jb. Nap, Jb. Kolder en D. Kok. De foto dateert van de jaren twintig.

4. 1940. Jan Leegwater, Jan Volkers en Dirk Stapel kwamen terug van een priksleetocht via Hoorn en Edam (ongeveer vijfenzeventig kaometer) en zij gaven dus wel blijk van een goed uithoudingsvermogen. U ziet ze van links naar rechts. Het jongetje op de prikslee is Jan Kluit. Op de brug staan: Joop Klerk, To Groot, een onbekende, vrouw Kluit, Jannie de Vries, Corrie Raa, Cees de Jong, Diet Raa, vrouw Leegwater, vrouw Volkers, Marie Volkers, Bertus Volkers, Piet de Jong, Jo Turkstra(?), Jan Heida, Jaap Kooi, vrouw Heida en Piet Leegwater. Waar u de over de gehele lengte de sloot ziet is nu de Kerkweg. De voetbrug was gelegen waar nu de Hoogwatersloot is, voor het Oudehof, en zij hoorde bij het Kerkepad naar de voetbrug over de ringvaart bij de molen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek