Herten in oude ansichten deel 2

Herten in oude ansichten deel 2

Auteur
:   drs. J.H.S. van Herten
Gemeente
:   Roermond
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4902-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Herten in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

BOERDERIJ TE OOL

6. Het boerenleven was zwaar. Afgezien van mislukte oogsten die inkomstenderving tot gevolg hadden, was de bedrijfsvoering primitief te noemen. Mechanisering kende men nauwelijks; daar was geen geld VOOL Maar ook het stelsel van vruchtwisseling, verbetering van het veebestand, veredeling van gewassen en bestrijding van planten- en veeziekten kwam nauwelijks voor. Aan innovatie werd niets gedaan dat leidde tot een zichtbaar hogere en stabielere welvaart. Van drang tot verandering was niet vee I sprake; het leven werd geaccepteerd zoals het was en zoals het kwam.

De foto toont boerderi j Vergoossen aan de Broekkant in 001 rond 1937. Links op de voorgrond zien we een mestvaalt. Die lag bij vrijwel iedere boerderij aan de openbare weg. De gier dreef eruit en kwam op de weg terecht. Overigens is de laatste mestvaalt in de gemeente in 1989 opgeruimd. Bij de voordeur staan melkbussen. De melk werd in deze "tuiten" opgehaald en naar de "fuus" gebracht. Herten, Merum en 001 hadden ieder een eigen "fuus" waar de melk werd verwerkt, respectievelijk in het huidige pand Buro Kragten BV aan de Schoolstraat, in een inmiddels afgebroken pand op de hoek Marktstraat-Merummerbroekweg en in het pand Broekstraat 13 (het huis met de nis waarin een beeld van de H. Brigitta). Later, rond 1925, werden deze bedrijven overgenomen door de melkfabriek St. Christoffel te Roermond. De melk werd toen met paard-en-wagen door de gemeentelijke "melkvaarder" naar Roermond gebracht om verwerkt te worden. De laatste keer dat dit met paard-en-wagen gebeurde was op 31 december 1965. Rechts op de foto ziet men een typisch Limburgse boerenkar.

Er waren voor de oorlog geen geasfalteerde wegen in het dorp. Als er verharding werd aangebracht gebeurde dit door middel van kiezel. De volwassen mannen waren verplicht jaarlijks een of twee dagen - zonder vergoeding - aan deze wegverharding te werken. Overigens kon men deze verplichting afkopen. Om te voorkomen dat karren diepe sporen trokken waardoor de wegen onbegaanbaar werden, legde men boomstammen dwars op de weg. De koetsier moest tussen de stammen laveren. Periodiek werden de palen verlegd waardoor werd bereikt dat de weg min of meer gelijkmatig bereden werd.

OPHETZAND

7. Hier een foto uit 1937 van de akkers nabij de boerderij Op het Zand, tussen Merum en 001; op de achtergrond ziet men de inmiddels afgebroken hoeve. Rechts korenschelven die kenmerkend waren voor een landbouwgemeente uit de eerste helft van deze eeuw.

De landbouwgronden waren sterk versnipperd. Met name was dit het geval in het Oolderveld, waarvan de op de foto afgebeelde percelen een deel van uitmaakten. De versnippering was een gevolg van het feit dat het boerenbedrijf moest worden verdeeld als de vader overleed of als het bedrijf om andere redenen beeindigd werd. Dat leidde tot steeds meer landbouwbedrijfjes - het kinderaantal was immers groot - met steeds minder grond elk. Plannen voor een ruilverkaveling in dit gebied werden al voor de Tweede Wereldoorlog gemaakt, maar werden niet uitgevoerd door het uitbreken van de oorlog. Na de bevrijding werden de plannen geactualiseerd, doch tot een ruilverkaveling heeft het nooit geleid. Niet aIleen vanwege de weerstand van de grondeigenaren en landbouwers maar ook omdat plannen om tot ontgrinding van grote stukken van het Oolderveld ter tafel kwamen. De noodzaak was om deze laatste reden niet meer aanwezig. Daarbij keerden veel boeren het landleven de rug toe, Of omdat zij gepensioneerd werden Of omdat zij elders werk kregen.

Het boerenbedrijf op kleine schaal was onrendabel. Het kwam regelmatig voor dat dagloners niet in geld konden worden betaald maar hun beloning in natura ontvingen, bijvoorbeeld door het ter beschikking stellen van paard en landbouwwerktuigen waardoor de dagloner op zijn beurt, zonder zelf te hoeven investeren, zijn eigen stuk grond kon bewerken. Paarden waren voorbehouden aan de rijkere boeren. Had men geen paard dan werd een koe of os als trekdier gebruikt.

Lang niet aIle grond was eigendom van de boeren die hem bewerkten. Een deel van de vruchtbare gronden was eigendom van enkele families die - soms per jaar - de percelen verpachtten. De pacht moest in begin november worden betaald. Was de oogst slecht geweest, dan kon dat tot problemen leiden. Hield de grondeigenaar voet bij stuk en kon de boer niet betalen dan leidde dit weI eens tot praktijken van geldinning die thans als volstrekt ontoelaatbaar worden betiteld. In feite was het een feodaal stelsel dat stand heeft gehouden tot de invoering van de Pachtwet van 1937 en het Pachtbesluit van 1941.

STEKVELD

8. Op de laaggelegen gronden in Herten werd voornamelijk akkerbouw bedreven. Vee werd gehoed in de beweide boomgaarden aan de rand van het dorp of in de gemeenteweide, waarvan de boeren het gebruik jaarlijks konden pachten. De gemeenteweide was voor gemeenschappelijk gebruik; men betaalde pacht naar het aantal koeien dat men daar liet grazen.

In deze laaggelegen delen werden ook veel Canadese populieren gekweekt. V 66r de Tweede Wereldoorlog stonden er ongeveer tweeduizend in Herten. Populierenhout is aantrekkelijk voor bebouwing; de populier groeit snel en het hout is voor velerlei doeleinden geschikt. In de oorlogsjaren zijn veel bomen door granaatsplinters en -scherven geraakt waardoor hun waarde sterk daalde. Dit als gevolg van het risico dat de houtzager liep bij het zagen. Raakte hij hierbij een scherf dan betekende dit het verlies van een zaagblad. Na de oorlog was het bestand aan populieren sterk verminderd. De gemeente heeft er zorg voor gedragen dat dit bestand in het midden van de jaren vijftig weer op het vooroorlogse peil was teruggebracht. V66r de oorlog had de gemeente overigens een eigen populierenkwekerij, gelegen in het Oolderveld.

Op de hoger gelegen delen kwam landbouw en sporadisch tuinbouw voor. Ook trof - en treft men trouwens nog - rozenkwekerijen aan.

Op de foto, eind van de jaren dertig gemaakt, een beeld van het Stekveld, gelegen aan de rand van de gemeente, nabij het Linnerbos. Men ziet de veldvruchten te drogen staan. Waren ze droog - in augustusdan werd geoogst. Hierna volgde het "dorsen"; met dorsvlegels (een stuk hout dat met een riem aan een steel was bevestigd) werd het graan uit de aren geslagen om vervolgens tot meel gemalen te worden. De molenaar kreeg als loon voor zijn werk in veel gevallen een deel van het meel.

BOMINSLAG OP 13 APRIL 1942

9. Op 13 april 1942, tegen halftwee in de vroege morgen, raakten de inwoners van Herten opgeschrikt door een enorme explosie. Een zware vliegtuigbom was midden in de kern van het kerkdorp Herten gevallen, vlak achter de plaats waar thans het gemeentehuis staat. Zeven inwoners vonden de dood. De materiele schade was onbeschrijfelijk; een deel van de kern van het dorp was weggevaagd en vele omliggende huizen en gebouwen hadden schade opgelopen.

De reddingsactiviteiten kwamen snel op gang. Het was de eerste grote verwoesting in midden-Limburg sedert de meidagen van 1940.

Nog steeds is niet met absolute zekerheid bekend van welke makelij de born was. Het meest waarschijnlijk is echter dat het gaat om een Engelse vliegtuigbom. Vast staat dat er in de bewuste nacht bombardementsvluchten vanuit Engeland zijn uitgevoerd in het Duitse Ruhrgebied. De vliegroute terug naar de bases van de Royal Air Force liep - ook dit is bekend - via midden-Limburg.

Het kwam regelmatig voor dat een vliegtuig niet alle bommen kon lossen. Deze werden dan boven de Noordzee gedropt omdat landen met de explosieve lading te gevaarlijk was.

Het kwam eveneens voor dat een born aan een bomluik bleef hangen. Soms lieten deze bommen spontaan los tijdens de terugvlucht. Mogelijk, zelfs waarschijnlijk, is dat het hier gaat om een dergelijke blindganger. Dat vermoeden wordt versterkt door het feit dat in deze periode van de oorlog zelden of nooit sol it air vliegende Duitse bommenwerpers boven Nederlands grondgebied vlogen. Ook valt niet goed in te zien welk doe 1 de Duitsers met het werpen van een dergelijke born op een dorp beoogd konden hebben.

BOMINSLAG OP 13 APRIL 1942

10. Direct na de bominslag rees bij velen de vraag welke born het hier betrof. Allerlei speculaties werden gemaakt. In de bomkrater werd gezocht naar scherven die uitsluitsel zouden moeten geven omtrent de herkomst van de born; het zoeken was tevergeefs. De huizen in de nabijheid van de krater waren naar de krater toe ingestort. Hierdoor rees het vermoeden dat het ging om een luchtdrukbom. Dit vermoeden werd versterkt doordat op vele kilometers afstand - tot zelfs in Beegden, Heel en Wessem toe - ruiten waren gesneuveld. Geopperd werd dat het ging om een Duitse proefbom. Aan de vooravond van de inslag waren enkele Duitse officieren te paard in het dorp geweest die interesse hadden getoond in de dorpskern. Op maandag de Be april, om zeven uur in de morgen, zijn er weer Duitse officieren te paard in het dorp geweest om de ravage te bekijken. Nauwkeurig onderzoek hebben de Duitsers echter niet verricht. V66r de suggestie dat het een proefbom betrof, werd nog aangevoerd dat de inslag strategisch van geen enkel belang was of zelfs maar kon zijn. Het feit dat in de dagbladpers niets over de ramp is verschenen - dit werd ook als argument voor de proefbomhypothese gebruikt - heeft echter niets met deze mogelijkheid te maken. De pers werd gecensureerd; de bezetter had een algemeen publiciteitsverbod voor rampen van deze omvang opgelegd. Voor zover er wel werd gepubliceerd was de berichtgeving verordonneerd of beinvloed.

Sommigen beweerden een vliegtuig gehoord te hebben, anderen spraken dit weer tegen. Het bidprentje dat bij de begrafenis werd uitgereikt maakt melding van een vliegmachine.

Op de foto de krater die de inslag veroorzaakte; de foto is daags na de ramp gemaakt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek