Het Kaatsen in oude ansichten deel 2

Het Kaatsen in oude ansichten deel 2

Auteur
:   J. Lolkama
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1613-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Het Kaatsen in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

29. De geschiedenis van vaders en zonen die uitblinken op de kaatsvelden is weliswaar niet zeldzaam, maar het blijft wel een nieuwsgierig gegeven. Hier zien we Jan Reitsma jr. uit Pingjum afgebeeld. Hij begon zijn loopbaan in 1911, die in feite door verhuizing naar Amsterdam werd beëindigd. Reeds in oktober 1913 troffen we in de "Nieuwe Rotterdamsche Courant" een uitvoerig artikel aan over de toen nog jonge kaatskoning. In 1913 eindigde Reitsma jr. als eerste in het jaarklassement en verdiende daarmee f 287,-. In 1910 lag het "freule goud" in Wommels te wachten, in 1913 werd de Jong Nederland Partij gewonnen en in 1915 de Bondspartij. Helaas bleef de p.e.-overwinning juist buiten zijn gezichtsve1d. Tweemaal - in 1912 en 1919 - sneuvelde Reitsma in de finale van de P.e., waardoor de laatste schakel in het bekende "klaverblad van vier" bleef ontbreken. Jarenlang werkte hij bij de gemeentepolitie in Amsterdam en richtte daar honden af.

30. Machie1 Miedema uit Franeker kwam tussen 1915 en 1930 in de eerste k1as uit. Miedema won eenenvijftig eerste prijzen met een puntentotaal van 283. Een van zijn grootste prestaties was het winnen van de P.c. in 1923. Dat geschiedde met de Harlingers Ids Roukema en Klaas de Jager. Roukema werd tot koning uitgeroepen, maar de verslaggever van de bekende Franeker Courant was van mening dat Miedema die tite1 toekwam. Na zijn actieve kaatsloopbaan vervulde Miedema bijna twintig jaar lang op uitmuntende wijze het voorzitterschap van de Franeker kaatsc1ub "Jan Bogtstra", Toen op de P.c. van 1924 een partuur werd uitgesloten en Miedema als woordvoerder optrad, werd hij later met Ids Roukema gestraft. Dat feit werd de aanleiding tot een algemene kaatserstaking. Die duurde van medio 1924 tot aan het begin van 1925.

31. De Jong Nederland Partij werd in 1917 gewonnen door de kaatsers uit Witmarsum. Deze foto is om meer dan een reden uniek. De prijswinnaars zitten gehurkt. Van links naar rechts zien we: Taede Zijlstra, Hendrik (Mukkes) Lemstra en Jan Annes Reitsma. Alle drie zouden later uitkomen op de eerste klas wedstrijden. Voor Zijlstra was het een bijzondere dag. Hij won in zijn carrière onder andere het klaverblad van vier, maar de volgorde waarin dit geschiedde was totaal verschillend met die van zijn lotgenoten. Zijlstra won de Jong Nederland Partij voor de freule. Dat kon omdat maar een jaar aan de Jong Nederland Partij ook zestienjarigen mochten deelnemen. Lemstra boekte tot 1921 succes op de kaatsvelden. Daarna vertrok hij als boerenarbeider naar Duitsland, waar hij tuberculose opliep. Dank zij financiële hulp van zijn kaatsvrienden, werd hij vanuit Krefeld met een ambulance naar zijn ouderlijk huis vervoerd. Daar overleed hij al snel na zijn thuiskomst. Reitsma - onder andere bondswinnaar 1923 - behaalde in totaal 163 punten.

32. De eerste officiële confrontatie tussen de Friezen en de Belgen vond plaats op paasmaandag 24 april 1916. Al op 13 mei 1915 waren Friese spelers naar Balk getrokken om daar met de geïnterneerde Belgen uit Gaasterland hun krachten te meten. 24 April was een uitzonderlijk vroege datum. Plaats van handeling: Franeker op het speelveld aan "de Bleck". De publieke belangstelling was overweldigend. Aan de kleding te zien was het zomers weer. Koningin Wilhelmina gaf op 6 april 1916 het hoofdbestuur toestemming om een fonds in het leven te roepen. Het doel van dit fonds was om geïnterneerde Belgen en gemobiliseerde Nederlandse kaatsers financieel te steunen. In het jaar 1916 waren de Friezen nog te sterk voor de Belgen. Dat veranderde nadien. Winnaars van dit duel werden ten slotte Jan Reitsma, Germ Hoitsma en Anne Smidts. Na afloop van de wedstrijd kregen de Belgen een pleziertocht door de "Bjirmen" aangeboden.

33. De Belgische geïnterneerden die we hier zien probeerden met tal van bezigheden de tijd om te krijgen. Deze foto is genomen in Harderwijk tijdens de winter van 1916. Volgens de tekst werd er een wedstrijd gehouden in het maken van sneeuwbeelden. In het kampement Harderwijk waren onder anderen de bekende kaatskoningen August van Lierde (P.C.-winnaar 1916 en koning 1917) en George Herphelin (P.C.-winnaar 1917) ondergebracht. Met de uit Oldebroek afkomstige Emile Hoyois vormden deze twee Belgen een klokgaaf partuur dat in 1917 en 1918 tal van eerste prijzen won. Met name bondsvoorzitter Willem Westra heeft veel gedaan om de Belgen in allerlei opzichten te helpen. Reeds op 8 augustus 1915 vroeg hij in de Franeker Courant om sigarenkistjes. Deze kistjes werden in de kampen gebruikt voor het figuurzagen.

34. Albert Decastieau was een van de geïnterneerde Belgische soldaten die in ons land gedurende de Eerste Wereldoorlog zijn onderkomen zocht. Decastieau kwam in het kampement Gaasterland terecht en trok op een van de eerste wedstrijden in 1915 al de aandacht. Hij sloeg daar een bovenslag van tweeënnegentig meter. Zijn partuur versloeg de Friese formatie van Catharinus Werkhoven, Laas Bonnema en Andre Rienstra. Een van zijn eerste grote successen boekte Decastieau op 9 juli 1916 te Harlingen. Op de formatiewedstrijd die hij kaatste met opslager Jan U. Vlietstra en de Sneeker voorrinse Andre Rienstra won dit trio de eerste prijs. Decastieau, die het achterperk met veel furore verdedigde, werd tot koning uitgeroepen. Op de P.e. won hij in 1916 een derde prijs, in 1917 de premie met J. Reitsma jr. en A. Smidts. In de vier jaar dat hij hier speelde won Decastieau vijftien eerste prijzen, waaronder de Oldehovepartij in 1916.

35. Gedurende de Eerste Wereldoorlog was er een aantal interneringskampen voor buitenlanders in ons land. Dat was onder andere het geval in Zeist, Gaasterland, Oldebroek en Harderwijk. In deze kampen verbleven Belgen. En juist onder deze Belgen trof men uitstekende kaatsers aan. Op de foto is het kampement te Harderwijk afgebeeld. Hier woonde tussen 1915 en 1919 het beroemde Belgische partuur August van Lierde, George Herphelin en Emile Hoyois. Deze drie kaatsers oefenden elke dag. Zomer of winter, sneeuw of regen, ze trainden keihard. De vruchten b1even niet uit. In 1917 wonnen ze op superieure wijze de P.c. Hun opponenten in de eindstrijd - Jan Reitsma jr., Anne Smidts en Albert Decastieau - bogen al op 5-2 en 6-4 hun hoofden. Voor de eerste en tot nu toe enige maal waren de Friezen op de officiële P.C. verslagen. In 1920 kwam Van Lierde over voor de P.C. en won to en de premie met Nanning Staalstra en Jan Vlietstra.

36. Deze familiefoto ontving Willem Westra in september 1916. Ze werd verstuurd door Georges Laitat, die op dat moment als een geïnterneerd Belgisch soldaat gelegerd was in Harderwijk. Laitat, die op 13 september 1883 in Bergen (Henegouwen) werd geboren, was handelaar van beroep. Waarschijnlijk vervulde Laitat een of andere functie in de kaatsclub waarvan Van Lierde, Herphelin en Hoyois de bekendste spelers (onder andere P.C.-winnaars 1917) waren. Westra, die in 1862 in Arum werd geboren, was een bindende figuur in de kaatsorganisatie. Zo was hij in 1893 een van de oprichters van "Jan Bogtstra" te Franeker, in welke stad hij onderwijzer was. Vooral dank zij zijn initiatieven werd in 1897 de Nederlandse Kaatsbond opgericht. Hij werd tot eerste voorzitter gekozen en bleef dat tot 1923, toen hij onverwacht stierf.

37. De Bondswedstrijd van 1917 werd in Franeker gehouden. Meer dan vijfduizend liefhebbers bevolkten het Sjukelan en een grote menigte volgde op het Bolwerk - gratis - deze marathon. Deze foto laat ons een moment zien uit de halve finale. Die werd gespeeld door de buurdorpen Arum (R. Yetsinga, J. v.d. Schel en Dirk Kuipers) en Witmarsum (C. Werkhoven, I. Roukema en R. Zaagemans). Arum capituleerde ten slotte op 5-2 en 6-6, nadat Zaagemans de kaats passeerde. Witmarsum had die dag in de derde omloop voor hete vuren gestaan. Tegen "Het Noorden" uit St. Jakob zag het tegen een 5-2 achterstand aan. In de finale ontmoette het geroutineerde trio uit Witmarsum de kaatsvereniging "Eendracht" uit Harlingen. Op 5-4 en 6-2 wonnen de Witmarsumers toen voor de zevende keer de Mulierbal.

38. Sfeer was er bepaald wel in het kamp Zeist, waar op 16 augustus 1917 de Friezen tegen de Belgen in het strijdperk traden. Het muziekkorps speelde er - zo op het oog althans - lustig op los. Het Friese partuur van Jan Reitsma, Hanny de Windt en Jac. Dijkstra won de dag tevoren nog in Harderwijk. Maar op donderdag 16 augustus kon het thuisfront juichen. De revanche werd gewonnen door Urbain, Vital Paternoster en Neuray. In de finale klopten ze Jan Reitsma, Hanny de Windt en Anne Smidts. Reeds op de internationale wedstrijd op 24 juni 1917 te Sneek, waaraan acht parturen deelnamen, legden de Belgen beslag op prijs en premie en derde prijs (Albert Decastieau, Jules Thirimont en Louis Neuray). Het koningsparuur van Van Lierde, Hoyois en Herphelin was superieur. Op de eerste rij (met pet en medailles) een Friese kaatser en wel Anne Smidts uit Franeker.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek