Heusden in oude ansichten

Heusden in oude ansichten

Auteur
:   H. van der Pol
Gemeente
:   Heusden
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2846-9
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Heusden in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

VRIENDEN VAN HEUSDEN

Dit najaar, om precies te zijn op 5 november 1969, herdenkt Heusden het feit dat het 25 jaar geleden op zo tragische wijze werd bevrijd, Zij die deze bevrijding van de wrede bezetter hebben meegemaakt, zullen weten waarop ik doel en het trieste beeld van het gehavende stadje op die rampzalige zondagmorgen van 5 november 1944 weer voor ogen zien, zich daarbij in droefheid vooral ook herinnerend de talrijke slachtoffers, wier leven een verschrikkelijk einde yond onder de puinhoop van het verwoeste stadhuis. Dit eens zo fraaie stadhuis, waaraan de oudere Heusdenaren niet anders dan met weemoed kunnen terugdenken, moet een ereplaats vooraan hebben in dit boekje over Heusden, dat aan de hand van een serie oude prentbriefkaarten en enkele foto's het aspect van het stadje met naaste omgeving rond en in de eerste decennia van deze eeuwwisseling weer voor de geest wil brengen. Een blijvende herinnering voor degenen die nog weten "hoe het toen was", een documentaire tevens voor het nageslacht.

Want er is in de loop del' jaren zovee1 veranderd en verdwenen! Er wordt onder het huidige voortvarende gemeentebestuur, met aan het hoofd burgemeester G. M. Scholten, zo ijverig en met zoveel idealisme gewerkt om de Heusdense veste, die in 1821 ontrnante1d werd, in haar aloude en roemrijke glorie te recon-

strueren. Hoe prijzenswaardig en verantwoord dit streven ook mag zijn: het stadje van onze jeugd zal er met deze gedaanteverwisseling heel anders door worden. De vraag rijst tevens of deze historische reconstructie in onze moderne tijd weI functionee1 geheel dienstig is. Daarom heeft het zin juist nu dit boekje te wijden aan dat Heusden zoals het voor velen eertijds was met zijn straten en wallen, zijn stilte en zijn stemming, met zijn carillon van het vroegere stadhuis, dat hoog uit de sierlijke toren de zilveren klankenstroom melodieus neersprenkelde ...

Kent U ze nag? ..

Dat was ons oude Heusden met zijn karakteristieke plekjes, zijn onvergetelijke sfeer en vooral: met zijn vele populaire typen van mensen, van wie er hier enkele - onder excuses en met alle respect overigens voor hun persoon - bij hun gebruikelijke naam genoemd mogen worden. Kent U ze nog: Bertha Roeltjes met haar heerlijke snoepwinkeltje in de Wijksestraat, Hannes de Todzak, die met zijn kar vol galanterieen door Heusden reed en Toon d'n Brommerd, de plichtsgetrouwe aansteker van de gaslantaarns. A vond na avond, als de schemering viel, sjokte hij rond met zijn laddertje. Of de Pruus en de Kas en de Tjiek, Maai de Rietton Janus de Taaie en Lowieke Reys, de gemeentebode? Hij nam steeds plichtmatig beleefd zijn petje af als hij het huis van burgemeester Honcoop,

later van burgemeester Van Eggelen in de Putterstraat passeerde. En Hannes de Worst, de man van de gemeentelijke vuilnis-ophaaldienst. Ik hoor zijn kar, getrokken door het altijd lome paard, nog dokkeren door de stille straten. En Sjoeris, de zangerige sinaasappelenventer uit Veen en Koopke van Nollekes, die mollenvellekes opkocht. We kregen bij hem vijf centen voor 'nen ouwe mol die wij op de wal of in de Westakkers gevonden hadden en die wij eerst op de kachel "warm" hadden gemaakt, aldus voorgevend dat het beestje "pas gevangen was". Laten we in deze illustere rij ook noemen Dries Arnoldus, de vrolijke doodsbidder in zijn stemmig gewaad, koster ook van de Hervormde kerk. Hij heeft mij als kind jaar na jaar ,,'n gruun geverfde kraai" uit de toren beloofd. 'n Mooi kauwke, dat hij zou leren praten. ,,.la, de tongslag kentie al" ...

Och, wat is het prettig toeven in het Heusden van toen, zoals het voor de ouderen onder ons een herinnering voor het leven is gebleven.

Die tijd wordt teruggeroepen door de hierna volgende reeks prentbriefkaarten, of zoals wij destijds zonder taal-purisme zeiden "aanzichtskaarten". Zo 'n vergeelde kaart "met de hartelijke groeten" van iemand die reeds lang naar betere gewesten overging, zo'n sierlijk beschreven document - verre echo van een mens die eens woonde en werkte, vreugde en verdriet had in ditzelfde, ons dierbare Heusden, - ja, zo'n "ansicht"

wordt iets kostbaars, een onvervangbaar kleinood, overglansd door het kleurige patina van de tijd. Het aandachtig bekijken van de kleding alleen al, waarin speciaal vrouwen en kinderen zich toen hulden, is een kostelijk genoegen. Het is dan ook me de de bedoeling van dit boekje dat die .ansichten", met alles wat daar persoonlijk aan vastzit, voor de historie bewaard worden.

We kochten die kaarten weleer bij de firma Veerman of de firma Wuyster (v. d. Kolk) en in mindere mate ook wei bij Nardje Wassen. Bij hem hingen - hij had zijn klokkenwinkel op de Botermarkt - doorgaans maar enkele vergeelde "aanzichten" in de etalage, naast wat brave prentjes en schilderijtjes, want hij was op de eerste plaats klokkenmaker en vooral de onvervangbare stadsklokkenist, welke taak hij met zwier, vakkundig en met fiere zelfbewustheid vervulde. Daarbij had N ardje - als ik hem even uit de vergetelheid mag halen - de handen nog vol als "Broedermeester" van diverse godsdienstige verenigingen, o.a. de processie Heusden-Kevelaer. Nooit zal ik - het moet rond 1936 zijn geweest - zijn jubileum als stadsklokkenist vergeten, toen hij, gezeten op een handkar en begeleid door muziek, zijn triomftocht door Heusden hield. Wijlen de heer Piet Verschuren fungeerde als voerman. En terwijl de jubilaris voor het stadhuis op die handkar zat - het liep reeds tegen middernacht - sprak genoemde voerman hem vanaf het bordes nog plechtstatig, zij

het enigszins verward, maar toch weI uitbundig toe ... "Goedmoedige overdrijving", zo kenschetste de volgende morgen de toenmalige burgemeester Wijs dit amusante gemeenschapsfeest, zoals dat toen nog mogelijk was, dit dolle spektakelstuk waar vrijwel heel Heusden, de bewoners van de Botermarkt voorop, aan meedeed. Wij hebben er de martiale figuur van veldwachter Dirk van Kuik als ordebewaker toen helaas bij moeten missen: deze bekende handhaver van gezag en orde binnen de veste was reeds gestorven.

Ons oude Heusden: het zal met velen van u vergaan zoals het mij vergaat bij een wandeling door het stadje, waar men op bepaalde plaatsen telkens weer stilstaat omdat aan die straat, aan die wal en aan dat plekje een dierbare, een blijde of een droeve herinnering verbonden blijft, Welk een vreugde om als oud-Heusdenaar heel alleen te dwalen over de wallen, te toeven op de plaats waar eertijds de "IJstent" stond, met dat magnifieke uitzicht op de rustig stromende Maas en de weidse ruimte der uiterwaarden. En zo is het ook met het bekijken van vroegere "aanzichtskaarten": een stuk jeugd herleeft, men is opnieuw kind, men hoort weer de stemmen van personen die wij reeds lang uit het gezicht hadden verloren, maar die voor ons als Heusdenaar toch een warm plaatsje in ons hart behielden. Is het de weemoed der herinnering die aan zo'n oude prentbriefkaart een bijzondere glans en bekoring geeft? Is het de terugkeer van onze jeugdjaren die ons

de glimlach van het herkennen op het gezicht brengen als wij deze kaarten bekijken? ..

Het verleden herleeft

Laten wij ons hierbij niet schamen voor gevoelens van ontroering. Niemand minder dan onze prins der dichters Vondel zei het al in zijn "Gijsbrecht": "de liefde tot zijn grand is ieder aangeboren" ... En men mag leven op verre afstand van die grand waar onze goede ouders hun laatste rustplaats vonden, of men mag het stadje van zijn jeugd reeds sedert vele jaren verlaten hebben: onbedwingbaar blijft toch het verlangen er eens weer terug te keren, om daar onze herinneringen de vrije loop te laten.

Daartoe biedt dit boekje aan rnijn Heusdense vrienden naar ik hoop aile gelegenheid. Om misverstand te voorkomen: wij willen niet al te ver teruggaan in de historie van het stadje, dat - zoals iedereen weI weet zeer oude papieren van adeldom bezit. Het wordt al genoemd rand 800, toen de Heren van Heusden hier hun scepter zwaaiden. Uit dat grijze veri eden stamt ook de sage rand het ontstaan van het wapen van Heusden, waaraan de vermaarde dichter mr. Willem Bilderdijk (1756-1831) zijn uitvoerige ballade van niet minder dan vijftig strofen wijdde. Welk een belangrijke rol speelde het stadje niet door de eeuwen he en als haast onneembare veste met zijn bolwerken en grachten, zijn muren en wallen! En hoeveel historische figu-

ren zag het niet met aile praal en pracht binnen zijn territorium verschijnen! Nauw verbonden met onze vaderlandse geschiedenis was steeds het wei en wee van het dappere Heusden dat men, na zoveel bewogen tijden, weI kan zien als een stokoude, vergrijsde ridderin-ruste, dromend van zijn roemrucht verleden. De bonte stoet der eeuwen is door dit oude Maas-stadje getrokken ... Meer dan eens was het onderwerp van behandeling in onze literatuur, o.a. door de geschiedschrijver Jacob van Oudenhoven (in 1690 gestorven) in zijn bekende boekje "Beschrijvinghe der Stadt Heusden" (1651). De Groningse auteur van historische romans Wouter van Riesen yond in Heusden de stof voor zijn roman "Een oud-Hollandse burgemeestersdochter", 'n liefdestragedie uit de 17 de eeuw, zich afspelend in en rond het fraai gerestaureerde huis aan de Hoogstraat no. 4, we leer bewoond door Stefaan (F.S.M.) Schreuder. De dichter J. Werumeus Buning beschreef de veste Heusden en omgeving in zijn "Wandelingen met Mars" en in zijn geestige boekje "Ik zie, ik zie, wat gij niet ziet". Van de hand van Anton Coolen verschenen in zijn "Bevrijd Vaderland" onder de titel "De kinderen van Heusden" ontroerende bladzijden aangaande het afschuwelijke raadhuisdrama in de nacht van 4 op 5 november 1944, terwijl de schrijver Walter Breedveld zijn roman ,,'n Schip vergaat" bij Heusden laat afspelen.

In dit verband wijzen wij belangstellenden ook op de documentaire verzamelingen in het Streekmuseum van

Heusden, gevestigd in het pand "In 't Paradijs" , Breestraat 25, alsmede op de steeds met grote toewijding verzorgde heemkundige uitgave "Met gansen trou", (Abdij "Marienkroon", Nieuwkuik), door welk blad men constant op de hoogte wordt gehouden mede van de geschiedenis van het heem, dus ook die van het stadje Heusden en naaste omgeving.

Wandeling door H eusden

De bedoeling van het thans in Uw bezit zijnde boekje is aan de hand van een serie oude prentbriefkaarten en foto's in gedachten een wandeling door het vroegere Heusden te maken: van Wijkse Poort tot Herptse Poort, van het Burchtplein tot de ,,11 stent" en de molen, over de Vismarkt en de Botermarkt, de wallen, het Wilhelminaplein en de Bromsluis. Herinnert u zich die zomermiddag - het carillon speelde juist zijn liedje toen u naar school ging? En hoort u op de wallen weer het ruisen van de bomen, die zo statig konden pralen in hun kleurige najaarspracht? .. Kom, we gaan weer "taailappen" op de bevroren Demert of schaatsenrijden op de gracht. We zien Willemke en later Gerritje N iedt, de stadsomroepers, weer door de straten lopen met hun koperen bekken. De stoomtram rijdt weer (natuurlijk uit de rails bij de "Stenen brug" onder Oudheusden het cafe daar binnen!). Ik hoor de straatzangeres .Bilderitsle", onze Heusdense Edith Piaf, weer luidkeels en met scheef getrokken mond haar

straatliederen zingen. Haar begeleider was Gerritje, de tubablazer met z'n hoge rug. Voor zij met haar repertoire op de Botermarkt begon, vroeg zij: "Gerritje, geef d'n toon 'ns aan". Dan blies hij een do of een sol en zette Bilderitsie haar hartverscheurend lied in over "De Titanic, dat drijvende paleis, het moest vergaan al op zijn eerste reis" ... En vol be wondering loop ik weer aan achter de .Koperen Ko" met zijn fonkelende belletjes-helm: van boven tot onder een en al klank en kleur. Die straatartiesten vonden onderdak in het befaamde volkslogement "Het Koffiekanneke", die arke Noachs voor vogels van diverse pluimage. Door de heg van Toon van Diessen aan de wal gaan we weer op appeltjesroof en op "de kop van 't slooike" nabij de Bromsluis zitten we opnieuw geduldig te vissen. Daar staat, op zondagmorgen, Nardje Wassen de klokkenist op de uitkijk bij de trappen van het stadhuis: we genieten de twijfelachtige gunst "mee naar boven" te mogen om, hijgend van vermoeienis, klok en carillon van het stadhuis op te draaien met het grote en zware wiel. En daar, op die bank van die wal, zaten wij naast onze eerste grote liefde, die onvergetelijke vriendin van onzejongejaren. Nimmer werd het weer zo mooi ... De schooltijd herleeft: meester Van der Ven, meester Verhoeven ("d'n dikke Jan"), meester Carpay, m'nheer P. Stassen, hoofd van de Muloschool, en zuster Azisio, het kordate hoofd van de katholieke meisjesschool. 0, hoe kunnen die oude ansichten en foto's de klokken van de herinnering weer laten luiden, dat het blij en ontroerend galmt door ons hart! ...

Keuze

Mij past een oprecht woord van dank aan hen, die ter aanvulling van mijn eigen collectie voor het samenstellen van dit boekje lieten putten uit hun vaak uitgebreide verzameling, met zoveel liefde en zorg aangelegd als een uniek bezit. Ik heb uit die rijke hoeveelheid vanzelfsprekend een keuze moeten doen, een persoonlijke keuze die door andere Heusdenaren wellicht ook weer anders zou zijn gedaan. Toch hoop ik in deze uitgave een selectie te hebben samengebracht die voor ons oude Heusden, het Heusden van onze jeugd, historisch verantwoord en karakteristiek beeldend zal zijn,

Als dit boekje de bezitter evenveel vreugde mag schenken als de auteur had bij het samenstellen en het schrijven daarvan - en hier moge tot besluit een citaat volgen uit mijn gedichtje over Heusden -

"Dan staan we als vrienden naast elkaar, Dan zijn we samen H eusdenaar" ...

September 1969

HARRY POLL

De reeks prentbriefkaarten moge geopend worden met een atbeelding van het fraaie stadhuis, dat in het centrum van Heusden een dominerende plaats innam. Hier een gezicht vanaf de Boterrnarkt, met rechts het uithangbord van het vroegere cafe "De Koornbeurs". Ais monurnentaal teken van Heusdens aloude glorie bleef het stadhuis, waarvan de oorspronkelijke bouw rond 1461 begon en dat door de eeuwen heen verbouwd en gerestaureerd werd, stand houden tot de dramatische nacht van 4 op 5 november 1944. Toen b1ies de niets ontziende bezetter het gebouw op en vonden 134 burgers onder de puinhopen een vreselijk levenseinde ...

Van welke zijde men het stadhuis oak beschouwde: fier troonde het steeds uit boven het sfeervolle stadje. Het stemmige Achterstraatje, met rechts de robuuste pijler van de poort der hervormde kerk, maakt het geheel tot een juweel van een schilderijtje.

10

Ook de bewoners van de Sterrestraat bleven in gespannen aandacht niet achterwege bij het rnaken van deze foto, die door het weelderige groen op de hoek tevens laat zien hoe fraai de boornbeplanting langs de Derner was. I n de diepte is vaag de ranke toren van het stadhuis te onderscheiden.

De hardstenen trappen van het stadhuis waren voor ons als kinderen een ideale speelgelegenheid. De grijnzende leeuwen op de hoeken, in hun klauwen het Heusdense wapen onwrikbaar vasthoudend, hadden voor ons niets afschrikwekkends. Bewoners van de Botermarkt - men Jette op de kleding uit die jaren (rond 1900) - slaan het maken van de kiek aandachtig gade.

11

12

Gezicht op het stadje, met de silhouetten van stadhuistoren en Catharijnetoren, vanaf de dijk aan de Wijkse Poort. Van de stadswallen werd toen nog - 0, eerlijke en goedertrouwe Heusdenaren - een dankbaar gebruik gemaakt voor het bleken van het wasgoed.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek