Hoenderloo in oude ansichten deel 1

Hoenderloo in oude ansichten deel 1

Auteur
:   A. van Luttikhuizen - de Vries
Gemeente
:   Apeldoorn
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4616-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Hoenderloo in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

HOENDERLOO - gemeente ApeldoornlEde.

Een dorpje midden op de Veluwe dat volgens een boek van dominee O.G. Heldring zijn naam ontleent aan de Korhoenders die er , ,in groote menigte waren".

Het grondgebied - in het Apeldoornse gedeelte - behoorde in het begin van de 1ge eeuw aan "De Heerlijkheid Het Loo" en de , .Geerfden van de Speldermark".

Baron Hacfort tot Ter Horst was Erfstout en Markerigter van de Speldermark. De vergaderingen van de Geerfden werden gehouden in "De Leeuw" in Beekbergen. Gelij ktij dig werden de zaken van de Lierder- en Speldermark behandeld. Uit de notulen van de vergaderingen kan men opmaken dat die "goeie ouwe tijd" niet voor iedereen goed was.

In de vergadering van 8 mei 1844 bijvoorbeeld wordt het bestuur van de Marken gemachtigd om gebouwen die op de Markengronden worden gebouwd, direct af te breken - zonder vorm van proces. In latere vergaderingen worden veld- en boswachters herhaaldelijk gemaand toch vooral naar clandestien bouwen uit te kijken, Op 19 juni 1850 wordt een vraag van de gemeente behandeld om gratis grond voor een wijziging aan de weg naar Hoenderloo via Ugchelen te geven. Ze besluiten daaraan te voldoen, mits de gemeente een weg Beekbergen-Hoenderloo aanlegt. De heren J. Roseboom en O. G. Heldring hebben als eigenaren van gronden te Hoenderloo aangeboden minstens f 40,- "te zullen afstaan" als bijdrage,

In 1861 worden de heren gemaand omdat het beloofde bedrag nog steeds niet betaald is. Vanaf 1859 worden de zaken van de Lierder- en Speldermark afzonderlijk behandeld. Baron Hacfort verkoopt dan zijn Markrigterschap over de Speldermark voor f 50,- aan J.F.B. Hasfelt. In dezelfde vergadering wordt besloten om in het vervolg voor het gebruik van de heidevelden 50 cent contributie te laten betalen. Tegen W. Ploeg zullen gerechtelijke stappen worden genomen wegens gronden, die hij nabij de Woeste Hoeve, "van de Mark in gebruik heeft".

In 1861 wordt aan Jan Verbeek toegestaan ongeveer 10 bunder heidegrond achter de "Migchelenberg" te kopen tegen f 40,- per bunder. Een jaar later wordt in Hoenderloo een boswachter benoemd, Hendrik Geurts, tot dan rijksveldwachter, omdat er meer toezicht nodig is. De notulen vermelden ook nog dat verscheidene pachtsommen niet worden betaald. Dit zal gerechtelijk worden vervolgd. Voor 15 november moesten de gestoken turven verwijderd zijn anders worden ze verbeurd verklaard.

Vanaf 1870 volgen enkele "Buitengewone Vergaderingen" over de verdeling van de Mark. 30 Oktober 1873: laatste notulen en einde van de Speldermark.

Hoenderloo groeide in belangrijke mate door de inzet van dominee Heldring voor waterput, school, doorgangshuis en kerk. Hij interesseerde kapitaalkrachtige vrienden voor de geweldige ontginningsmogelijkheden van zeer goedkope grond.

Van Heeckeren van Enghuizen kocht het gehele Deelerwoud - 1500 bunder (een landmaat waarvan de grootte per streek verschilde, thans een hectare). Mr. Delcourt van Krimpen kocht 1000 bunder (Varenna tot Tolhuis Loenenseweg) .

Ooit waren er plannen van de Spoorwegmaatschappij "De Hoge Veluwe" voor de verbinding Arnhem-Apeldoorn, met een zijtak Hoenderloo-Lunteren. De zijtak kwam er niet.

Begin 1900 hebben de bewoners van het dorp reeds een druk handels-, werk- en maatschappelijk verkeer met de omgeving. Op 1 januari 1908 zat E.J. Snellen al helemaal in het cafe van mevrouw Nijpels in Twello terwijl hij zijn voertuig met paard onbeheerd buiten liet staan. Hij werd veroordeeld tot een boete van f 2,- of twee dagen hechtenis. Op de "Eendrachtseweg" in Apeldoorn kreeg Albert Jansen een proces-verbaal. Hij zat op een wagen die 15 meter voor zijn gespan uitliep. Zelfde straf. Lambert Jansen - 21 jaar- reed met de fiets zonder licht op de "Eendrachtseweg" en Berendina Dolman - 20 jaar - deed dat in Hoenderloo. Beiden f 3,- of twee dagen. Hoenderloo is nu een prachtig en welvarend dorp dat 's zomers weI vijf maal het inwonertal aan toeristen herbergt,

Voor bovenstaande inleiding heb ik vele geschriften nageslagen en naar een aantal mensen geluisterd. Bijna tastbaar heb ik nu gevoeld hoeveel onverbrekelijke draden er van de autochtonen naar het verleden lopeno Allen hartelijk bedankt voor de medewerking.

1. Roelof van Kooten. Een van de mij als "Koning van Hoenderloo" voorgestelde mensen. Ook dominee Heldring spreekt in zijn boek van de , ,koning der Kolonie op bloote voeten". Hij noemt helaas geen naam. , ,Een bar best mens," was eveneens een betiteling voor Roelofvan Kooten. Die zegsman werd bij hem altijd getracteerd op brood en spek.

Zijn 93-jarige schoondochter vertelde dat een uitdrukking van hem was: "Spek en brood, dan is er geen nood."

2. De Woeste Hoeve, een eeuwenoude pleisterplaats aan de weg ArnhemJApeldoorn. VerschiIlende vorsten en andere belangrijke personages hebben er van paarden gewisseld. Wie naar Hoenderloo wilde, kon hier uit de postkoets stappen en via zandverstuivingen, na vijf kilometer de nederzetting vinden.

Op de (witte) schuur, nu behorend bij het sfeervolle restaurant, staat een postkoets afgebeeld. In het linkerhuis woonde (baas) Schut.

Het landelijke weggetje met de schaapskudde en de linkerbebouwing zijn nu de snelweg A 50.

3. Een actie voor deze eerste waterput in Hoenderloo werd gestart met een artikel van dominee Heldring in de Geldersche Volksalmanak van 1840. Met de bouw van de put werd begonnen in 1844 en hij was - na veel tegenslag - gereed in 1850.

De put was vijf voet (ongeveer 1,5 meter) van middellijn en tien meter diep. Bij de opening werden er achter elkaar een groot aantal emmers water omhoog gehaald, voor Hoenderloo een ongekende overvloed.

Links zien we de school, met daarachter het meesterhuis.

4. In 1861 werden er naast de Heldringsput elders in Hoenderloo nog twee putten gegraven. Pas na 1900 kwam de vierde. Jan van der Kleut (reehter foto), notabel in de kerk, zamelde toen f 300,- in voor een put bovenaan de Miggelenbergweg. De gemeente paste f 500,- bij. Op 33 meter vond men het eerste water.

Links van de put: Berend Essenstam naast zijn schoonmoeder, Teuni Maassen, rechts zijn vrouw. Onder: een "moderne" pulsput. Ernaast Alie van Buren met zomergasten.

5. Artikell uit de Stichtingsakte: Het doel dezer Instelling is de tijdelijke opneming en de aanwending tot pogingen tot verbetering, terugbrenging en opleiding van verwaarloosde kinderen.

Ais een kind stierf moesten aIle pupillen mee naar de begrafenis op het kerkhof van Hoenderloo. Met ernstige gezichtjes liepen ze achter de baar. Ze wisten: de klok van de kerk luidde: "Kom dan, kom dan!"

Het klokje van hun hoofdgebouw verontschuldigde zich klepperend: "Kan ik het helpen, kan ik het helpen?"

klepperend: "Kan ik het helpen, kan ik het helpen?"

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek