Holten in oude ansichten

Holten in oude ansichten

Auteur
:   B.H. Brouwer
Gemeente
:   Holten
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4190-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Holten in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Dit album wil ons verplaatsen in de tijd tussen 1880 en 1930. Het zijn de jaren van de donkere kleren, de rode zakdoeken, de zwarte zondagse petten en de witte knipmutsen, De beurs ging heel moeilijk open en ieder probeerde zoveel mogelijk zelf te maken wat hij nodig had, ofte doen met burenhulp, die met een wederdienst betaald werd. De mensen werkten tot op hoge leeftijd, als dat enigszins mogelijk was. Zo ging ds, Muller eerst op tachtigjarige leeftijd met emeritaat, na de hervorrnde gemeente Holten vijfenvijftigjaar te hebben gediend, in 1885. En H. H. Rorik legde pas, na vijftig jaar hoofd van de dorpssehool te zijn geweest, in 1890 zijn functie neer op achtenzeventigjarige leeftijd, maar weigerde het kostersambt over te dragen ... Ouden van dagen vertellen nog wei eens hoe moeilijk het leven was en wij behoeven die tijd heus niet te idealiseren! Mijn oude buurman Broers vertelde, dat hij om vijf uur 's morgens zijn woning verliet om naar Laren te lopen, Hij was stratenmaker en lag daar van zeven tot zeven op de weg. Daarna liep hij weer terug en kwam in Holten tegen negenen. Er werd zes dagen gewerkt. De vrije zaterdagmiddag kende men pas veel Iater. ... Wie het werk nog verder van huis had, overnaehtte aan

de kant van de weg op enkele takkenbossen. Wie nat werd door de regen, werd wei weer gedroogd door de zen ... Koeiendrijvers liepen naar Deventer, Zwolle of Boreulo. Jongens van negen en rneisjes van elf deden dit werk wei, als Deventer het reisdoel was. Om twee uur in de nacht was het: Klaar-af! Jonge jongens zochten al spoedig een boer, om als inwonend knechtje de kost te verdienen, plus vijf gulden per jaar met nog een borstrok en een paar klompen, De oude boerderijtjes hadden nog vaak lemen wanden. Bakkers, molenaars, smeden, wagenrnakers en timmerlui waren belangrijke mensen, Huifkarren en kleedwagens horen bij die tijd. Vaak ook de hondekar, Zo was er een transportdienst naar Almelo per hondekar, vice versa! Na de Eerste WereldoorJog verandert het dorpsbeeld. De fiets en de auto verschijnen meer en meer. De boerenstand krijgt belangstelling voor cursussen en demonstraties van landbouwwerktuigen, WeIvaart en ontwikkeling nemen toe. De kleding verandert en nog veel meer. In de tweede helft van het boekje komt dat duidelijk uit. Hoewel de omvang beperkt moest blijven, zal menigeen zich toch Holtens verleden voor de geest kunnen halen, En dat was de bedoeling.

1. De herder hoort bij de wildernis. Zijn inkomsten zijn gering en hij stelt geen hoge eisen aan het leven. Misschien zien we hier een Ulfman, een Starn, een Beldman of een Kappert, Lang geleden dwaalden zij met hunne kudde over de heiden en door de moerassen tussen Holten, Riissen en Markelo. Hier werd noz veen zestoken. In de week brandde men schadden en 'szondags turven. Die stonden naast het haardvuur. Karren vol mos werden ook uit de venen gehaald. Er werd mos tussen de putstenen ge1egd. Zo werd de putwand poreus.

Holien. Bij den Zuurberg.

2. Een landelijk tafereel tegen de helling van de Zuurberg, die oorspronkelijk Zuiderberg heette. Puntdraad was nog onbekend. Koeienjongens moesten dan ook dikwijls op het vee passen, maar hier zijn de stier en het jonge vee gescheiden door een afrastering van dennestamrneties. Boerderij Rietberg staat op de achtergrond. Daarbij behoorde smds mensenheugenis ook een stier. De boerderij staat er al sinds zeventienhonderd en zoveel. Nu woont er de heer Landeweerd en die wordt prompt Rietberg genoemd, omdat er altijd een Rietberg woonde.

3. Omstreeks 1830 werd deze pastorie gebouwd door H. Beulink te Doetinchem voor f 3.600,-. De vorige stond ook aan de Hooge Steeg, die nu Pastonestraat heet.1n de oude boeken wordt dit huis "de Wheeme" genoemd. De burgerlijke gemeente kocht in 1889 de woning, liet de bovenverdieping afbreken en wees haar aan als ambtswoning van het hoofd der uorpsscnool, Later ruilde de meester met dokter Bessinkpas en hij kwam zodoende naast de school te wonen. In 1928 is het huis wegens bouwvalJigheid gesloopt.

4. Rechts woonde dokter Bessinkpas. Hij oefende zijn praktijk uit van 1894 tot 1930. Er is een straat naar hem genoemd. Hij liet zich met paard en kar bij de patienten langs rijden. Will em Holterman wacht hier al op de arts. Later werd deze woning bestemd voor het hoofd van de dorpsschool en nu is het politiebureau, zolang als dat nog duurt. De boerderij op de achtergrond is uitgegroeid tot Dikkers' supermarkt. Treffend is op dit plaatje nog de dorpse rust, terwijl nu stromen auto's zelfs het oversteken al moeilijk maken!

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2017 Uitgeverij Europese Bibliotheek