Joure in grootmoeders tijd

Joure in grootmoeders tijd

Auteur
:   P.R. van der Zee
Gemeente
:   SkarsterlÉn
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-6142-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Joure in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Inleiding

Knipoogjes naar het verleden

De foro's op de volgende bladzijden hebben betrekking op de periode 1880-194-0, op een periode van zestig jaar dus. In zo'n tijdsbestek kan heel wat gebeuren. Onze grootmoeders hebben dat geweten en beleefd, evenals natuurlijk de bijbehorende grootvaders. Nederland verloor koningWillem III, die op 23 november 1890 overleed, en zag de jonge koningin Wilhelmina komen. Zij werd de eerste jaren begeleid en opgeleid door haar moeder, regentes Emma. Op 6 september 1898 werd zij, pas 18 [aar oud, ingehuldigd als Koningin der Nederlanden. In de Eerste Wereldoorlog, van 1914- tot 1918, bleef ons land buiten schot, althans wat directe oorlogshandelingen betreft. WeI werd uit voorzorg de mobilisatie afgekondigd. Veel jongemannen werden onder de wapenen geroepen, ook uit Joure. Het werd daardoor in dorpen als Ioure nog stiller op straat dan het gewoonlijk al was. Voor allerlei levensmiddelen werd een distributieregeling ingevoerd. Overal, ook in [oure, werden tijdelijk Belgische en Franse vluchtelingen opgevangen.

In Rusland brak in 1917 een bloedige revolutie uit, die verstrekkende gevolgen zou hebben voor de verhoudingen in de wereld. Met ingehouden adem werd in 1927 de vlucht van Charles Lindbergh met de Spirit ofSt. Louis over de Atlantische Oceaan, van Amerika naar Europa, gevolgd. In Duitsland werd in 1937 Adolf Hitler Rijkskanselier. Enkele dagen na zijn benoeming

werd in Berlijn het Rijksdaggebouw door brand verwoest. Onze landgenoot Marinus van der Lubbe werd beschuldigd van brandstichting, ter dood veroordeeld en terechtgesteld. Spanje werd getroffen door een burgeroorlog. De wereld maakte kennis met een economische crisis, die op Zwarte Donderdag, 24oktober 1929, begon met de beruchte beurskrach in New York. De diepe, langdurige depressie ging ook aan ons land niet voorbij. Veel gezinnen konden nauwelijks het hoofd boven water houden. Alsof dit allemaal nog niet genoeg was pakten eind jaren dertig nieuwe donkere wolken zich samen boven het oude Europa. In maart 1938 hield de wereld de adem in toen Oostenrijk deel van Duitsland werd. Zes maanden later werd ook het Sudeten-duitse dee I van Tsjecho Slowakije door Duitsland ingelijfd. In 1939 nam de oorlogsdreiging steeds meer toe. In augustus van dat jaar werd in ons land de mobilisatie afgekondigd. Dat was dus de tweede keer in 25 jaar tijd. Deze keer zou ons land niet buiten de oorlog blijven. Op vrijdag 10 mei 1940 vielen de Duitsers als dieven in de nacht Nederland binnen. Op vijf dagen oorlog volgden vijf jaar bezetting: jaren van beproeving voor land en yolk.

Het zijn slechts enkele van de vele gebeurtenissen en ontwikkelingen die in de periode 1880-194-0 voor vette koppen in de kranten zorgden. Alles werd, ook door de Jousters, met belangstelling en/ofbezorgdheid gevolgd. Maar ook dichter bij huis

was er aUe reden om zich wrgen te maken. Bekende en vertrouwd geachte economische pijlers onder de [ouster samenleving bleken ten slotte toch niet meer voldoende stevig te zijn. De plaatselijke meubelindustrie, jarenlang goed geweest voor vele arbeidsplaatsen, kreeg met een zware terugval te maken, evenals de klokmakerijen. In de tuinbouwsector was het verdwijnen van de eeuwenoude boomkwekerij van de familieTaconis - eens de trots van [oure - een zware slag. De plaatselijke olieslagerijen en zuivelfabrieken hadden hun tijd gehad. Dat gold ook voor het graanpakhuis van de firma Cath. In het spoor daarvan verdwenen de meeste korenmolens uit het dorpsbeeld. Ten slotte, ook de bekende scheepswerf aan de Zijlroede, waar bekende scheepsbouwers als Eeltsjebaes en Aukebaes hebben gewoond en gewerkt, raakte in verval.

Gelukkig was het niet alleen maar kommer en kwel. Douwe Egberts, in 1913 verhuisd van de Midstraat naar een voormalige olieslagerij en zuivelfabriek aan de Zijltoede, kreeg daar de wind pas goed in de zeilen, om maar eens een bekende slogan van de gemeente Skarsterlan te gebruiken. Dat was overigens niet veel meer dan een gunstige uitzondering. In de meeste andere sec toren ging het ook na de oorlog minder goed. Met als gevolg dat veel bekende fabrieksgebouwen en werkplaatsen verdwenen of leeg kwamen te staan. In het gunstigste geval kregen sommige panden een andere bestemming. Dat gold dan weer niet voor de

oude gasfabriek aan de Sluisdijk. Dit sombere gebouw werd met de grond gelijk gemaakt. Ook boerderijen zal men in het centrum van Joure vergeefs zoeken. Allemaal verdwenen, evenals trouwens de zuivelfabrieken. De trams rijden niet meer door Joure. Met de tram verdwenen ook het oude en nieuwe trarnstation. Het beeld van Ioure is echter vooral veranderd door het opheffen of verhuizen van de boerenbedrijven die ooit tot in het centrum van joure waren te vinden. Op een enkele uitzondering na hadden die bedrijven geen landerijen dicht bij huis tot hun beschikking. Met als gevolg dat in de Midstraat boerenwag ens af en aan reden. Dat was vooral het geval voor en na melkerstijd en in de weken dat het hooi moest worden binnen gehaald. Drie van deze typische dorpsboerderijen kan men aan de hand van foro's in dit boekje nag eens bewonderen.

Een deel van de foro's op de volgende bladzijden vertelt over al die oude, nu verdwenen fabrieken en bedrijven en in veel gevallen ook over de mens en die daar hebben gewerkt. Een ander deel is gewijd aan wat er verder allemaal in de vlecke is veranderd. Om wat dat betreft maar met een positieve ourwtkkeling te beginnen: de meeste buurtjes met de bekende eenkamerwoningen zijn opgeruimd en, oak al lijken die buurtjes op een plaatje dan vaak schilderachtig, over hun verdwijnen werd en wordt in Ioure niet echt getreurd. Dat ligt anders met betrekking tot enkele panden die jarenlang beeld- en sfeerbepalend

zijn geweest. Oudere [ousters bewaren bijvoorbeeld nog altijd gaede herinneringen aan de oude villa's [amja en Ter Huivra. Of aan de stoamboten Libra en Trio, die mensen, vee en vracht vervoerden, en zeer zeker ook aan de mooie bruggen die her en der waren te vinden of aan de ongestoorde boswandelingen die in de omgeving konden warden gemaakt.

Daar staat ook wel het een en ander tegenover. Zoals de gunstige ontwikkeling van Douwe Egberts, ook al is het geen familiebedrijf meer en is het hoofdkantoor verhuisd mar Utrecht. Desondanks blijft dit bedrijf, wat de werkgelegenheid betreft, voor Ioure en omgeving van zeer grate betekenis. Moedgevend is oak dat op de scheepswerf aan de Zijlroede weer bedrijvigheid he erst en dat klokmakerijen nieuwe stijl van de grand zijn gekomen. Ook tientallen nieuwe, middelgrote en kleine bedrijven hebben zich in Ioure gevestigd. Dat maakte de aanleg van enkele industrie- en bedrijventerreinen noodzakelijk. Mede onder invloed van die ontwikkeling nam het aantal inwoners met sprangen toe. In 1880 telde Ioure bijna 3500 inwoners, in 1940 woonden iets meer dan 3500 mensen in de vlecke. Wat dar betreft was er in een periode van zestig jaar dus niet veel veranderd. Nog bijna zestig [aar later, in 1995, staan zo'n 12.500 mensen ingeschreven als inwoner van de vlecke. Dat is dus wel even wat anders. Het betekende dat na 1940 in toenemende mate behoefte aan woonruimte ontstond. Die woonruimte werd aanvankelijk in hetzelfde trage tempo gerealiseerd dat men jarenlang gewend was geweest. Het begon met het zogenaamde Stratenplan, een wijkje met rijtjeswoningen aan een viertal nieuwe straten, gevolgd door de uitbreidingsplannen Blaauw-

hof en Zuiderveld. Aan de Omkromte lieten particulieren villa's bouwen: nogal groat voar die tijd en in de volksmond ontstond dan oak de naam "De Goudkust". Al die nieuwbouwwijken liggen ten zuiden van de oude dorpskern. Ten noorden van die kern werden later de bestemmingsplannen Westermeer en Skipsleat ontwikkeld. Daar, waar eens de koeien graasden, werden in vlot tempo honderden waning en gebouwd. Een particulier initiatiefleverde ten zuiden van de dorpskern de nieuwbouwwijk Zomerdijk op. Meer mensen, meer woningen - dat vraagt om nieuwe voorzieningen. Die kwamen er dan oak: een subtropisch zwembad, een sporthal, sportzalen en sportvelden, een sauna, een bowling- en zalencentrum, een flerljepskans, een hippisch centrum, sportscholen, een muziekschool, een creativiteitscentrum en - in de wijk Skipsleat - zelfs een strand(je). Nu en dan echter werd en wordt het opbouwen afgewisseld door afbreken. Zo zijn oak (het nieuwe) Ter Huivra en de voormalige Oranjerie bij het oude Ter Huivra gedoemd 0111 te verdwijnen en wel om verkeerstechnische redenen. Op zo'n moment gaan de gedachten tach weer even terug naar het [oure uit grootmoeders tijd. Dat is trouwens ook de bedoeling van de nostalgische plaatjes in dit boekje. Het zijn stuk voor stuk knipoogjes naar het verleden ...

joure, augustus 1995 Piet Rigter van der Zee

We beginnen dit boekje met enkele foro's van boerderijen die in of dicht bij het centrum van Ioure hebben gestaan. De links afgebeelde boerderij staat er nu (1 995) zelfs nog altijd en wel achter de Midstraat, tegenover de Roggemolenstraat. De boerderij, met een bordje Haskerfyfga Pleats aan de gevel, doet nu dienst als restaurant en is nog beter bekend als De Grietman. Eerder hebben daar bekende Jousters geboerd:

Sietse de Vries, Haitze van der

Meer en Lambertus Visser. Hun landerijen grensden aan de Overspitting. Omstreeks de jaren twintig hebben die Ianderijen, toen eigendom van boer Sietse de Vries, zo nu en dan dienst gedaan als feestterrein. In september 1921 werden vanaf zijn land zelfs rondvluchten gemaakt. Voor die gelegenheid kwam een Duitse vliegenier met zijn toestel naar [oure.

2 De boerderij rechts stond aan de Houtmolensteeg, vlak achter de Enkele Regel. Vanhieruit boerde jarenlang de familie Hooghiemstra. Op dezelfde plaats heeft eerder een "boerespultsje" gestaan. De laatste bewoner was Tjerk Hooghiemstra (1854- J 926). In 1924liet hij de oude, vervallen boerderij afbreken. Op de vrijkomende grond werd de nieuwe boerderij gebouwd. Na zijn overlijden in

J 92 6 werd het bedrijf voortgezet door zijn ongehuwde

oudste zoon Johannes, die met zijn moeder en zijn eveneens ongehuwde zuster Johanna in de ouderlijke boerderij bleef won en. Op de foto uit omstreeks 1930 staan, van links naar rechts, Hermina Hooghiemstra Kleinberend, haar dochter Johanna en haar zoon Johannes. De boerderij werd uiteindelijk afgebroken om plaats te maken voor de aanleg van een parkeerterrein.

3 Deze boerderij vond men in Snikzwaag tussen de Leeuwarderweg en de weg tussen Ioure en Broek Noord, dicht in de buurt van de Douwe Egberts-fabrieken, en dat zou gevolgen hebben. Op het bruggetje voor de boerderij staan de mensen die er van 1928 tot begin 1940 woonden. Het zijn boer Comelis Putzes, zijn vrouw Tjipkjen Putzes-de Jong en hun kinderen Geertje (op de arm van moeder), Gerbrig en Jacob. De foto is gemaakt in de zomer van 1936.

Via het bruggetje en het erf van een boerderij die bewoond werd door de familie Jan Hooghiemstra kon men de weg tussen Ioure en Broek Noord bereiken. Na het ver-

trek van Comelis Putzes en zijn familie werd de boerderij eerst bewoond door de familie Rinnert Brouwer en daarna als laatste door de familie Douwe Idzinga. De boerderij. die inmiddels eigendom van

Douwe Egberts was geworden, werd ten slotte afgebroken. De boerderij van Jan Hooghiemstra onderging trouwens hetzelfde lot.

4 Omstreeks de eeuwwisseling werden in en vlakbij [oure drie particuliere zuivelfabrieken opgericht, die overigens destijds meestal "boterfabrieken" werden genoemd. Het waren, in volgorde van opkomst, de in 1880 aan de Slachtedijk gebouwde fabriek van B.A. de Boer en Zonen, in 1883 gevolgd door de "Neerlandia" van U. Romkema aan de Torenstraat en in 1899 door de fabriek van A.G. Brouwer, die later de naam "Roomboter- en Kaasfabriek De Vlecke [cure" kreeg. Die fabriek werd gebouwd aan de Slachtedijk. De firma's De Boer en Brouwer dreven bovendien ieder een oliemolen. De Neerlandia sloot reeds eind 1902 haar deuren. De

beide andere fabrieken hielden het wat langer vol, maar na verloop van tijd werden de fabrieksgebouwen eigendom van Douwe Egberts. Op de foto het personeel van de melkontvangst van "De Boers

Fabriek" . Tweede van Iinks is Reinder Prins, derde van links Klaas Jongbloed en vijfde van links Willem Ver£

5 Gedurende een lange reeks van jaren boden de [ouster tuinders werk aan nogal wat plaatsgenoten, oak al was het in veel gevallen niet meer dan seizoenarbeid. Het was zelfs zo dat jongens die in april van school kwamen en nog geen 14 jaar waren, vaak eerst een paar maanden terecht konden op een van de tuinderijen voor zij elders een meer vaste werkkring vanden. In joure zelfkende men de tuinderijen van Bast aan de Groene Dijk en van Bruinsma aan de Sluisdijk, maar de meeste kwekerijen waren in Westermeer te vinden. Een daarvan was die van Kornelis en Wiebren Kornelis. Op de foto uit 1919 staan deze beide tuinders en hun person eel

met produkten en attributen. Gehurkt, van links naar rechts: Jentje Meester, Frits Tuininga en Anne Bokma. Staande, van links naar rechts:

Wiebren Kornelis, Kornelis Jacobs Kornelis, Halbe Mees-

ter, Tjitse Ilkema, Huite Ilkerna en Klaas Ukena.

6 Ben eeuwenoud bedrijf, dat jarenlang in binnen- en buitenland grate bekendheid genoot, was de in 1749 door Krijn Wijbrens gestichte boomkwekerij, later vooral bekend als de Taconistuin. De kwekerij werd aangelegd ten oosten van de Harddravers-weg. Eerder was er een plan geweest van grietman Egbert van Baerdt am daar een state te bouwen. De boomkwekerij kende een gunstige ontwikkeling. Ook elders in [oure werden percelen grand in gebruik genomen. Tijdelijk werd cichorei verbouwd, die in eigen fabriek werd verwerkt. Tussen de rijen bomen was ruimte voor het kweken van groenten en vruchten. Vooral aardbeien werden in

grate hoeveelheden geteeld. Veel [ouster tuinders volgden dat voorbeeld. De Iouster aardbeien werden bekend en gewild! In 1927 viel het doek over dit eertijds zo bloeiende bedrijf. De foto is gemaakt naar een eeuwenoud schilderij. De overlevering wil dat de onbekende schilder is gelnspireerd door de aanblik van de boomkwekerij.

7 In de jaren twintig en dertig was de tuinbouw voor Joure van niet te onderschatten betekenis. Dat werd in

1 92 5 voor iedereen duidelijk door een polemiek in de plaatselijke courant. Door middel van ingezonden stukken lieten vooraanstaande [ousters, onder wie een van de plaatselijke tuinders, hun licht schijnen over onder meer de betekenis en de toekomst van de tuinbouw. Veel leverde de discussie niet op. Een paar jaar later al moest worden gecondudeerd dat de [ouster tuinders niet met hun tijd waren meegegaan. Om het tij te keren werd in 1928 de zogenaamde Glascultuur opgericht, zoiets als een voorbeeldbedrijf Het werd geves-

tigd op een perceel grond ten zuiden van de Midstraat. Aanbevolen werd vooral het kweken van groente en fruit onder glas. Natuurlijk gaf men zelf het goede voorbeeld. Dat bewijst deze foto uit de perio-

de 1930-1935 van bloeiende Iapanse pruimebomen in een "warenhuis" van de Glascultuur.

8 In de geschiedenis van de Jouster ldokmakerijen duikt steeds weer de familienaam Aleva op. De oudst bekende klokmakers met die naam waren de broers Luytjen Willem en Albert Willem. Beiden kochten in 1 779 een pand aan de Torenstraat en begonnen daar een klokmakerij. Tot in het begin van de 20ste eeuw zijn Aleva's als klokmakers in [oure gevestigd geweest. De laatste was Wiebe Folkerts. Zijn winkel en werkplaats waren gevestigd aan en achter de Midstraat, dicht bij de [ouster Toren. Hij vertrok in 1915 naar Amsterdam. Twee van zijn knechten, Roel Halma en Hotze de Jong, zet-

ten daarna her bedrijf voort. Na het overlijden van Roel Halma, in 1942, nam diens zoon Albert de klokmakerij over. Hij overleed, na een langdurige ziekte, in 1963. De inventaris van de klokma-

kerij was in 1962 al verhuisd naar het Openluchtmuseum in Arnhem. Daarrnee kwam definitief een einde aan het bestaan van het oude bedrijf Op de foto van links naar rechts: Albert Halma, Roel

Halma en Hotze de Jong. Rechts achter de toen al 200 jaar oude rrapdraaibank.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek