Kampen toen en nu

Kampen toen en nu

Auteur
:   H.W. van den Hoven
Gemeente
:   Kampen
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2798-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kampen toen en nu'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Aanknopingspunten in vergelijking met de foto hiernaast: een fabrieksschoorsteen en dezelfde (! ) schietwilg, die het aanstorten van zand goed heeft overleefd. De haven werd in 1954/55 voor een deel gedempt, noodzakelijk voor het verkeer, terwijl het overgeb1even deel sindsdien bij het watertoerisme een belangrijke rol vervult. Van de in 1897 gestichte Militaire Manege is het voorste deel afgebroken en tot binnenplein ingericht. De zuivelfabriek "De Delta" bestaat niet meer, de gebouwen zijn nu bij aannemingsbedrijf Keijzer in gebruik. Het gebouw van Walkate en Rodenbergs zeepfabriek, later koffie en theehandel van Kanis en Gunnink, ging op in de uitbreiding van Van Heel. De mo1en van Reinders, zie hiernaast, werd in april 1952 op wagens verplaatst en heet sindsdien "d'Olde Zwarver". Het is nog niet met nadruk gezegd, maar we hebben hier te doen met Kampens oudste industriegebied, in 1843 begonnen met een scheepshelling voor stoomboten van de Rijn- en IJssel Stoomboot Maatschappij, later nog uitgebreid met een ijzergieterij. In 1930 werd begonnen met de aanleg van Zuid (het oude hoge deel) en nog steeds zit er groei in.

Engelenbergstichting eo Lyceum. Kampen

15. Een moment uit de tijd rond 1930. Met de exploitatie van .Jiet kleine treintje" ging het niet meer zo goed. Aangelegd door de "Koninklijke Nederlandsche Lokaalspoorweg Maatschappij Koning Willem Ill" (KNLM) en bercden door de "Hollandsche Yzeren Spoorweg Maatschappij" (HYSM) en de "Nederlandsche Centraalspoorwegmaatschappij" (NCS) had de HYSM de lijn eigenlijk in gebruik. Meestal werd gereden tussen Kampen-Zuid en Hattem. Maar tussen 1926 en 1930 reed er al weinig of niets meer, daarna kwam er nog een lichte opleving in 1931. Doch onvermijdelijk voigt in 1934 de opheffing en in 1935 het opbreken van de lijn. De spoordijk en het nog vrij grote emplacement, langs IJsseldijk tot aan de houthandel Cramer, waren in 1911 opgespoten, vrijwel tegelijk met het bouwrijp maken van de grond voor het ziekenhuis. De stadsgracht, die het plantsoen omspoelt, had voor die tijd het eindpunt bij de Villa Mary, maar werd teruggebracht tot de lijn ter hoogte van het tegenwoordige "witte brugje" aan de Singe!. Voor aile duidelijkheid nog dit: tot omstreeks 1920 hadden tal van particuliere spoorwegmaatschappijen een goed bestaan.

Overbodig was opspuiten in die tijd (1911) niet, zelfs twintig jaar later nog niet, toen met het opspuiten van Zuid werd begonnen. Het gevaar zat in het water dat Kampen omringde, de rivier de IJssel enerzijds en de toenmalige Zuiderzee anderzijds; beiden konden voor fikse overstromingen zorgen. Tijdens de raadsvergadering van 9 december 1930 gaf de raad goedkeuring aan het voorstel van burgemeester en wethouders (burgemeester was M. Fernhout, naar wie ook een straat genoemd is) om 23 hectare weiland op te spuiten voor woningbouw en industrie. De overstroming van 1926 lag nog vers in het geheugen. Toen op 28 mei 1932 de Afsluitdijk gedicht werd, betekende dit minder gevaar, althans van de zijde van het IJsselmeer. Waakzaamheid aan de IJ sselzijde is er nog steeds. Maar het tot grote hoogte opspuiten is nu weI verleden tijd; we ervaren dat steeds weer bij de stadsuitbreiding. Het "oude Zuid" was vlug vol. Een van de laatste bouwwerken staat op de foto rechts: de Engelenbergschool, in 1950 geopend, in 1952 en 1980 vergroot. En links het stadsziekenhuis, dat in de jaren zestig belangrijk werd vergroot en nog volop bestaansrech t heeft.

16. Waar we nu zijn aangeland, het "witte brugje", kwam op de vorige bladzijden al even ter sprake. De volksmond spreekt nog altijd van "Singel" als het gaat om de wandelweg tussen het stadsdeel Zuid en de Oranjewijk. Het zijn drie delen, namelijk Buitensingel, Broedersingel en Horstsingel. De naam Horstsingel werd in 1934 vastgesteld, tegelijk met de naamgeving van enkele straten op Zuid (we spreken nooit van "in Zuid! "). De oude benaming is door de eeuwen heen inderdaad gewoon "Singel" geweest. Op deze foto zijn de vijver en het brugje aanwezig, aangelegd in de jaren vijftig. Het brugje is afkornstig uit de andere Singel nabij de Cellesbroeksweg, waar een duiker werd gelegd. In het centrum van de foto enkele schuren en een werkplaats van mandenmaker Hubach en Johannes van Dijk had in deze omgeving een hooiberg. Van een Kennedylaan is nog geen spoor te bekennen, het uitzicht gaat nog onbelemmerd ZQ ver dat de Hanzewijk, met name de Rondweg, te zien is.

De respectieve Singels met het plantsoen zijn opgenomen in het zogenoemde "groene hart". In de vorige eeuw, in de jaren 1850-1860, is de grondvorm van het plantsoen of "Engelsche werk" tot stand gekomen door het naar het westen verleggen van de stadsgracht, die voorheen veel dichter bij de stadsmuur lag, en een aantal bolwerken. Het verversen en schoonhouden van het grachtwater gebeurde reglementair in samenwerking met de waterschappen. Misschien zijn de regels in onze tijd weI nag uitgebreider dan een eeuw geleden. Het "groene hart" werd in 1976 voorzien van een belastingkantoor, dat voordien gevestigd was in een aantal panden aan de Burgwal. In 1983 werd in deze omgeving de nieuwe Open bare Leeszaal en Bibliotheek geopend. Al worden beide gebouwen geacht aan de Kennedylaan te liggen, ze hebben beide ook een ingang of parkeerplaats die vanaf de Horstsingel bereikt kan worden. De aanwezigheid van een witte auto bij het "witte brugje" geeft aan dat weer een paartje in het huwelijksbootje is gestapt, in veel gevallen wordt hier de "staatsiefoto" gemaakt.

17. Foto uit 1926, met een stukje zondagsfeer van Nieuwe Markt en Buiten-Nieuwstraat. Een belangrijke toeloop van kerkgangcrs van buiten de stad, de zogenaamde "buitenburgers", met wagens van uiteenlopende soort en rnakelijk, rneestal getrokken door een paard, al was een tweespan gecn uitzondering. In de omgeving van het kerkgebouw, of eigenlijk door de hele binnenstad, werden de paarden in stallen ondergebracht. Dergclijke stallen werden doorgaans maar twee dagen per week gebruikt: 's zondags en '8 maandags (markt). Het gebouw in het centrum van de foto, met zelfs nog het opschrift "stalhouderij", was zo'n stalling, in gebruik bij stalhouderij Van der Weerd uit de Burgwalstraat. De stal was een overblijfsel van het voorrnalig Heilige Geestgasthuis (in 1897 afgebroken), op de plaats waarvan de Gasthuisstraat is verschenen. Op de achtergrond links de gevel van het voormalige hotel "Het Hof van Holland", dat in 1920 werd gesloten,

Ilr

De Nieuwe Markt begin 1984. Na enkele jaren van elders markten is dat hier op maandag weer het evenement. De zondagsdrukte is afgenomen, zelfs de moderne soort wagen, de auto, ziet men dan minder. Ten dele als gevolg van het in vakken parkeren, maar ook is het zo dat men met de auto nog dichter bij de kerk wi! staan. De tentwagens, Utrechtse wagens en de barouchette-achtige koetsjes waren mooi om te zien. Nog afgezien van de gevarieerdheid in dameskostuums. Nu de bebouwing. Toen Kampen in 1920 elektriciteit kreeg en het Gemeentelijke Electriciteits Bedrijf (GEB) een kantoor nodig had, kon toevalligerwijze het leeg gekomen hotel worden aangekocht. Sindsdien is er steeds wei een dienst van de gemeente in het gebouw gevestigd geweest. De oude stal werd in 1949 afgebroken en daar bouwde men de brandweerkazerne. Voorheen was de brandweer aan de Hofstraat (Plantage) gevestigd. Sinds 1982 staat het overgrote deel van de wagens aan de Werfweg. Er bestaan plannen voor een grootscheepse renovatie van deze buurt.

.' .

JIl.llupen.

2..'uirrltr~1i)r.

18. De Buitenkade omstreeks 1900. De haven werd Oude Buitenhaven genoemd omdat noordelijk ervan nog een haven was, de Nicuwe Buitenhaven. De praam op de voorgrond heeft een leeg dek, hetgeen erop kan wijzen dat de lading (turf) verkocht is. Oak is nag een roer te zien van vermoede1ijk een schokkerschuit. Op de achtergrond twee tjalken met hooi, afkomstig van het Kamper-Eiland en bestemd voor export. Rechts de zuidelijke kop van de haven, vroeger de .Jioge Cat" genoemd. Hier werd in 1855/56 een stoorn-stro-papierfabriek gebouwd. De oprichters, Reerink en Ehrenfelt, bezigden als eersten in ons land plantaardige stoffen (stro) voor hun produkt, het karton. Later nam C. Ka1ff het bedrijf over. Links op de foto een gebouwtje, behorende tot de scheepswerf van Van Goor, ge1egen tussen beide havens. De Buitenkade, als straat, ging bij de papierfabriek via een flauw gebogen smalle doorgang over in Llsselkade.

De fabric age van strokarton werd op een gegeven moment stopgezet. De gebouwen werden overgenomen door de "N.V. Chernische-fabriek Kampen", die er magnesiumpoeder ging maken. Hiervan werd in 1956 de produktie gestaakt. De gemeente Kampen zag de kans schoon om de gebouwen in handen te krijgen. En dan volgen de gebeurtenissen elkaar vlug op. In 1958 afbraak van de fabriek, even later het dempen van de haven, het aanleggen van de parkeerplaats en het verruimen van de Buitenkade, het dempen van een deel stadsgraeht na afbraak van de gasfabriek; met als hoogtepunt het aanleggen van de verbindingsweg tussen lJsse1kade en Flevoweg. In 1964 was alles gereed. Nog even het licht op de huizen aan de Buitcnkade; hiervan lagen voorheen de voordeuren aan de Keizerstraat, maar na verloop van tijd werd de wijze van bewoning omgedraaid naar de kade.

19. Nogmaals de Oude Buitenhaven, nu omstreeks 1930. A1s straatnaam gold hier destijds Buitenkade, eveneens voor het deel tussen de twee havens. Links, onderaan de foto, de toegang naar de Hagensluis en daardoor naar de Burge!. De gemeentelijke gasfabriek werd hier in 1874 gesticht. Voordien werd door particulieren gas gefabriceerd in een fabriek bij de Koornmarktspoort. De fabriek onderging diverse uitbreidingen en moderniseringen; de directeurswoning, waarvan links een stukje te zien is, mag nog als oorspronkelijk worden beschouwd. Gashouders werden bijgebouwd, vervangen of kwamen te vervallen, zoals die tussen de havens. In deze outillage verkeerde de fabriek sinds de verbouwing van 1923-1926. De hoge schoorsteen droeg 1926 als jaarta!. Van hieruit gezien lagen de stadsgracht en de Buitensingel achter de gasfabriek. Als voorganger van de gasfabriek heeft hier de olie-, run- en pelmolen van de firma Werff gestaan. Het gebied werd het Galgenbolwerk genoemd, misschien naar een lugubere vroegere bestemming.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek