Kampen toen en nu

Kampen toen en nu

Auteur
:   H.W. van den Hoven
Gemeente
:   Kampen
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2798-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kampen toen en nu'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Deze foto werd in 1983 gemaakt op een donderdag in juli, tijdens een van de befaamde Kamper Ul(T)-dagen, met braderie en speciale evenementen. Nog meer dan bij de "schooldag" van de Theologische Hogeschool der Gerefonneerde Kerken (Vrijgemaakt) wordt elk plekje benut om er een auto te parkeren; men zoekt dat zelf ook op, terwijl het bij de schooldagen meestal wordt aangewezen. De komst van het aardgas in 1957 he eft belangrijke gevolgen gehad. De gasfabriek werd ontmanteld en grotendeels afgebroken. De gebouwen langs het Bolwerk en het voormalige kantoor links (voorheen directiewoning) zijn blijven bestaan. De transportbaan aan de Nieuwe Haven kon ook vervallen. Te zamen met de afbraak van de chemische fabriek bood het opheffen van de gasfabriek enorme perspectieven. Als een soort rondweg werd de Oranjesingel aangelegd. De verbinding met Brunnepe, die eerst nogal bochtig was geweest, kon nu recht getrokken worden. De straat De Hagen, die voorheen tot de Buitensingel behoorde en aan de gracht lag, kreeg een heel ander aanzien. Hetzelfde ondervond "Oldenhof", dat nog rustiger kwam te staan.

Ha~engezi('ht

KA~{PEN

20. De Nieuwe Buitenhaven ornstreeks 1920. "Nieuw" vanwege het feit dat deze haven naast de a1 bestaandc Buitenhaven gegraven werd, in 1867. Voor die tijd was het gebied onderdee1 van de "stadswandelingen" en liep de toegangsweg naar Brunnepe via de Veerweg, voor te stellen a1s midden over de foto, ter hoogte van het onder zeilliggende schip. Het graven bracht een kanon uit het jaar 1625 aan het licht, maar waar het geb1even is verme1dde de krant in 1867 echter niet. De toen a1 bestaande scheepswerf van Van Goor "schoof" iets naar het zuiden am ruimte voor de havenmond te verschaffen. Van Goor had tot ornstreeks 1850 de werf bij de Koornmarktspoort. Door ruiling van grand met de stad Kampen werd deze p1aats aan IJsse1 verkregen. Links op de foto de aan het "veerkoppien" gelegen werf van Schepman, eveneens een oude bekende in de scheepsbouwwere1d. Ook aan de Veerweg, hoe kan het anders, een veerhuis; het veer van Brunnepe naar Seveningen op het KamperEiland.

Een belangrijke verandering heeft zich ook hier voltrokken. Het "veerkoppien" leeg, de IJsselwerf leeg en een ander 500rt gebruik van de haven. Eind 1977 viel de beslissing dat de haven voor sport en recreatie wou worden ingericht. Eveneens vie! in 1977 het besluit om het gemeentelijk bedrijf, dat op de IJsselwerf was ingericht nadat Van Goor de werf had verla ten, te verplaatsen. De nieuwe vestiging, een centralisatie van gemeentediensten, is gebracht naar (weer) een verlaten scheepswerf, aan de Werfweg. Het veer werd in 1939 opgeheven na het gereedkomen van de brug over de sluis in het Ganzendiep. Het Kamper-Eiland was nu geen eiland meer en de veerpont aldaar kwam te vervallen, evenals het personenveer (roeiboot) naar Brunnepe. De haven hceft tot 1947 door middel van een sluis verbinding gehad met de stadsgracht. Nu is het slechts via een duiker met schuif onder de Oranjesingel door nog mogelijk te spuien. De rijkspolitie te water heeft in de haven een vaste ligplaats.

· ',~"we Gastahnek Kan pen

21. Een prentbriefkaart uit 1910, in de handel gebracht door de fotograaf-boekhandelaar Arentshorst. Met het "nieuwe" aan de gasfabriek worden het gebouw aan het Bolwerk en de gashouder midden in beeld bedoeld, Daarmee werd het zogenaamde watergas gefabriceerd. Zoals bekend komt er uit steenkoolvuur gas vrij en door het besproeien van dat vuur met water ontstaat er een soort waterstofgas. Dit is de wel heel simpele uitleg van iets dat een zeer ingenieus karwei was, onder gebruikmaking van blusinstallaties, ammonia en filters. Er bleven ook "afvalprodukten" over, die echter nog weer goed geld opbrachten: ko1enteer en cokes. Twee soorten gas dus die gemengd konden worden en toch goed brandbaar; dat was de opzet, want de vraag naar gas was sinds 1874 sterk gestegen. Zo zelfs dat men de directeur zijn procentengeld had ontnomen. In 1907 was de watergasfabriek in gebruik gesteld. In 1911 liet Kampen plannen ontwikkelen om elektriciteit in te voeren, maar juist door deze nieuwe gasfabriek ging dit niet door. Men zou een eigen centrale gehad hebben die, tussen de twee havens gesitueerd, het 1icht voor zijn rekening kon nernen, terwij1 het gas voor kookdoeleinden beschikbaar bleef. Nu kreeg men pas in 1920 elektriciteit en weI uit Zwolle!

De situatie in 1983. Behalve de schoorsteen en de gashouders staat de fabriek er nog. Een omstreden geval, want zelfs de jongerensoos kan er niets mee doen. Nadat in 1957 het aardgas de fabriek overbodig maakte, hebben nog enige jaren buffertanks op het terrein gestaan, maar ook deze konden verdwijnen. Misschien is woningbouw moge!ijk, zoa!s er, v66r de gasfabriek verscheen, ook woningen stonden !angs het Bo!werk aan de gracht. Het waren kleine huisjes van een kerkelijke diaconie. Het buurtje werd "leeuwenkuil" genoemd wegens de rustverstorende activiteiten van de bewoners. Dat hoeft nu niet het geval te zijn. De foto hiernaast werd gemaakt vanaf een smal houten brugje, dat destijds de stad met "De Werkmansvriend" en de Singe! verbond. Dat brugje verving men in 1930 door een dam, die ook "Dam" genoemd werd. Omstreeks 1962 werd de gracht langs de gasfabriek gedempt ten behoove van de verbinding naar Oostelijk Flevo!and. Zo ging de Dam op in de nieuwe Oranjesingel. De oorspronkelijke naam voor de weg was Buitensingel.

22. De Plantsoenstraat in 1926, gezien vanaf de l e Ebbingestraat naar de Heiligesteeg, De Plantsoenstraat zal omstreeks 1865 in deze staat aangelegd zijn; de Kamper Courant noemt in dat jaar de straat immers "nieuw gebouwd". Het zal echter voor een groot deel ook "vernieuwbouw" zijn geweest, want op oude plattegronden uit vroeger eeuwen staan in deze buurt ook een straat en huizen getekend. Het straatbeeld duidt op een rijke kinderschaar. Het aantal huisjes van kleine omvang kwam in de orde van grootte van zestig stuks te liggen, een steegje, dat via een poortje bij het vooruit springende huis links bereikt werd, meegerekend. Oat zal de Weversgang geweest zijn, genoemd naar de aldaar gelegen trijpfabriek van de gebroeders Bosch. De tijd van trijp weven ligt overigens in de jaren v66r de eeuwwisseling. De fabriek kreeg andere besternmingen, onder meer: keramiek, meubelen (Tjemmes) en wijnhandel (Siebrand), In een van de huizen rechts woonde H. Brinkman, die achter zijn huis een bloemkwekerij bezat.

Reeds v66r 1940 zag het stadsbestuur de noodzaak van een sanering wel degelijk in. De verpaupering begon al zichtbaar te worden, maar de omstandigheden, bezettingstijd, Iieten geen grootscheepse afbraak toe. Pas na de bevrijding volgde de sloop van de slechtste huizen, in aansluiting daarop een uitbreiding van de Rozenstraat. De bewoners van de Plantsoenstraat kregen nog een last erbij. Telkens bij een flinke stortbui liep de straat vol met regenwater en rioolwater, een halve meter was in het laagste deel heel gewoon. In de jaren zeventig was dat euvel eindelijk "verholpen", de straat was narnelijk geheel afgebroken of tenminste niet meer bewoond. Er kon dus niets meer beschadigd worden door wateroverlast. Maar de straat werd opnieuw en in verbeterde toestand bebouwd. Op 12 november 1975 werd het nieuwe politiebureau (links) in gebruik genomen. De bouwvereniging "Eenvoud" voltooide het werk in 1980: een complex woningen voor ouderen, rechts op de foto, en aan de Bregittenstraat, voorheen Heiligesteeg, een complex eenpersoonswoningen. U ziet er op de achtergrond nog een stukje van, naast de witte gevel van de praktijk van dokter Posthouwer.

c;

r

23. De Zwanenbrug en Venestraat in het begin van de jaren twintig. Voor de tweede keer een "automobiel" op een foto. Nog zo uniek blijkbaar dat men er voor stil blijft staan, De naam van deze stenen boogbrug herinnert aan de Zwanenpoort, behorend tot de bemuring die in 1612 werd afgebroken. Kampen was to en a1 bezig zich te vergroten, de tegenwoordige drie Ebbingestraten vormden van toen af de nieuwe begrenzing. We zien hier het oudste stadsdeel voor ons, hetgeen echter, behalve van de Bovenkerk, niet meer van de gevels valt af te lezen. Uit het inwendige van de huizen wil de ouderdom nog wel eens aan het daglicht treden. Het hoekhuis Venestraat 2 (links) was rond de eeuwwisseling de bakkerszaak van Willem Hoogenkamp. Na hem, en dat is de tijd van deze foto, werd de zaak gedreven door P. Berkenbosch, die later werd opgevolgd door bakker L. van Dijk. In het derde huis was de tabaks- en sigarenindustrie van de gebroeders Van der Linde gevestigd,

.L 71 . H

f

I

De Burgelrestauratie heeft van de Zwanenbrug niets overgelaten, al is de naam wel weer aan het verbrede nieuwe bouwwerk verbonden. Rechts het hoekhuis Burgwal 14, op de foto hiernaast nog het filiaal van de Amsterdamse firma G.A. Goldschmeding, thans al sinds jaren niet meer in gebruik. Men kon zich bij filiaalhouder Lucas voorzien van muziek en instrumenten als piano, orgel, gitaar en wat dies meer zij. Het linker hoekhuis is sinds de renovatie van 1976 voor bewoning ingericht. Het was een van de eerste panden die in het kader van de stadsvernieuwing opgeknapt werden. In de tijd tussen beide foro's heeft de Bovenkerk twee restauratieperiodes gekend. In 1928-1932 kregen de portalen en de voet van de toren een opknapbeurt. De restauratie van 1957-1972 is de omvangrijkste ooit aan het gebouw gepleegd. Men was net op tijd, de zuiderdwarsbeuk bleek op instorten te staan. De restauratie ging gepaard met oudheidkundig bodemonderzoek, waaruit ten slotte een recapitulatie van de bouwgeschiedenis gemaakt kon worden. (Meer daarover in publikaties van eN. Fehrmann, E.H. ter Kuile en G.D. v.d. Heide.)

24. Aan de heer B.P.G. van Diggelen stond het stadsbestuur in 1855 toe een aantal herenhuizen te bouwen op de rechter IJsseloever naast de Nieuwe Stadsherberg. Dit is het "geboortebewijs" van de Spoorkade, toen echter, omdat er nog geen spoor was, "Over de Brug" genoemd. Vooraf had rijkswaterstaat het plan moeten goedkeuren, want feitelijk is het de rivierdijk (Mastenbroekerdijk) beschermer van het erachter gelegen land waarop gebouwd werd. De spoorsteiger werd in verband met de aanleg van de spoorlijn ook dadelijk door het stadsbestuur in de plannen (1865) "meegenomen". In 1869 werd de steiger zelfs al vergroot en verbreed en omstreeks 1890 weer geheel vernieuwd. Voor schepen achtte men het een noodzaak aldaar te kunnen laden en lossen en vooral om kolen in te nemen. Omdat het aan de oever zeer ondiep was en Kampen optimaal van het spoor wilde profiteren, was de steiger nodig. Van het station konden treinwagons over de in de weg en steiger gelegde rails rijden. Het huis rechts van de op de steiger staande kraan, met het uithangbord "fotografie", werd bewoond door de fotograaf J.W. Salm.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek