Kent u ze nog... de Amersfoortse Keietrekkers

Kent u ze nog... de Amersfoortse Keietrekkers

Auteur
:   J.D.H. van der Neut, Th. Hendriksen en C.J. Diesveld
Gemeente
:   Amersfoort
Provincie
:   Utrecht
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0484-5
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Amersfoortse Keietrekkers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

31. Lambertus Henri Comelis Alvers, geboren te Waspik op 11 juni 1879, overleden te Amersfoort op 3 november 1942. In zijn ouderlijk huis was reeds een petten- en schoenenwinkel. Geen wonder dat onze Alvers na zijn militaire diensttijd zijn eigen maatschappelijk leven ook begon in een pettenmakerij, eerst in Breda, daarna in Amersfoort; vóór zijn huwelijk kon hij al voor zich zelf beginnen in de Utrechtsestraat 32, alwaar hij een bloeiende zaak stichtte. Na een jaar of drie werd zijn huisje te klein - vooral ook toen zijn enige dochter geboren werd - en de familie Alvers verhuisde in 1909 naar de Arnhemsestraat 15, waar vader Alvers de zaak leidde tot zijn overlijden in 1942. De winkel zou nog dertig jaar worden voortgezet door zijn dochter Gerda. Vader Alvers was onder andere ook jaren bestuurslid van de reclasseringsvereniging voor Amersfoort en omstreken. Moeder Christin a Alvers-van Doorn overleed reeds in 1937. Het gehele gezin was overtuigd oud-katholiek, terwijl vader Alvers bovendien een bekende Tempelier was. Tot deze Internationale Orde van de Goede Tempelieren (LO.G.T.), waarvan het hoofdkwartier was gevestigd in de El-Asha moskee te Jeruzalem (de plek van de tempel van Salomo), behoorden mede de toenmalige oud-katholieke pastoor en zijn vrouwen de burgemeester van Bunschoten.

Een zondagsfoto, waarop vader en dochter Alvers samen uit de kerk wandelen door de Langestraat naar hun huis in de Arnhemsestraat, dat de dochter op 1 december 1972 zou verlaten voor een ander in de Vermeerstraat (zonder winkel), omdat ze toen de tijd gekomen achtte om een streep te zetten onder het winkelbedrijf.

32. Gerda Alvers heeft ook haar krachten gegeven aan allerlei culturele, kerkelijke en sociale taken. Op deze foto ziet u zo'n ijverige groep met onder anderen de oud-katholieke pastoor Wijcker en mevrouw Wijcker, de dames Cornelisse, M. Coppe en G. Alvers, twee dames De Jager, mejuffrouw M. van Mechelen, de heer M.A. Zwart (later oud-katholiek pastoor), mevrouw Monshouwer-Hienekamp, de heer J. de Jager (later kerkmeester van de oudkatholieke kerk) en de bekende Mien Serré, toen tevens een bekend zwemster.

33. Links: Teunis Sonnema, geboren te Baarn in 1893, kwam al op twaalfjarige leeftijd in de leer bij de internationaal bekende tempelier Alvers in de Utrechtsestraat. Daar leerde hij in vier jaar grondig het pettenmakersvak. Die fabricage was toen natuurlijk geheel anders dan in de tegenwoordige (machinale) tijd. Toen moest hij zelfstandig een complete pet maken; alles met de hand en de trapnaaimachine, gedurende zes lange werkdagen per week, en zonder vakantie. In 1913 kwam hij bij de "eerste" Hassing van de later zo bekende uniformpettenfabriek. Na veertig jaar trouwe arbeid werd hij niet alleen gehuldigd door directie en collega's, maar ook door burgemeester H. Molendijk, die hem de zilveren eremedaille van Oranje-Nassau opspelde. Op 31 oktober 1963 vierde Sonnema zijn derde jubileum: nu in goud, waarvoor de voorzitter van de Kamer van Koophandel, de heer G. van Nieuwenhuizen, hem de gouden draagmedaille van de Kamer kwam aanbieden. Zijn chefs roemden andermaals Sonnema's vakmanschap, in het bijzonder het aanzetten van de kleppen, één van de moeilijkste onderdelen. Hij had ook de eer een uniformpet te hebben gemaakt voor prins Bemhard. Sonnema was niet alleen een bekwaam en trouw vakman en goed leermeester, maar ook een goed mens, die zich zelf nimmer op de voorgrond plaatste, ieder hielp en daardoor geliefd bij allen die om hem heen waren, woonden, werkten. Op de foto zien we hem bezig met het moeilijkste deel van zijn vak: de klep. Hij overleed op 13 oktober 1971.

Rechts: Vóór en ná de laatste eeuwwisseling had de fietssport in Amersfoort grote belangstelling, dank zij actieve Keietrekkers als Nefkens en Eysink, die de ijzeren vélocipéde een zeer warm hart toedroegen. De gehele Amersfoortse burgerij trouwens ook, gezien de vele wedstrijden in en door de Keistad: eerst op de hoge twee- en driewielers, later ook op metalen fietsen en tenslotte op rijwielen met luchtbanden. De drie gebroeders Eysink:

August (geboren in 1873), Menno (1876-1942) en Lauwerens (1879-1931) begonnen in Amersfoort op jonge leeftijd al een zeer bescheiden rijwielfabricage, spoedig gevolgd door de oprichting van de eerste Amersfoortse wielrijdersclub "De Zwaluw" en later van U.D.I. Bekende Nederlanders deden weldra mee aan plaatselijke en nationale wedstrijden (en vaak met succes) zoals Roelandus Hagedoorn en W.H. Meursing. Afkomstig uit Utrecht had deze tak van de familie Eysink zich in 't laatst van de n

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek