Kent u ze nog... de Borgerder

Kent u ze nog... de Borgerder

Auteur
:   G. de Jonge
Gemeente
:   Borger-Odoorn
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0485-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Borgerder'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

16. In 1916 werd in Borger aan de Hoofdstraat een nieuw en voor die tijd modern postkantoor gebouwd. De hierbij afgebeelde foto is uit de jaren 1916/17. U ziet van links naar rechts de bestellers Cornelis Vlieghuis, Albert Bouwman en Hendrik Bazuin. De niet-geüniformeerde persoon is assistent-postdirecteur G.H. Hogmans. Besteller Bazuin is drieëndertig jaar in dienst van de p. t.t. geweest. Eerst als besteller in Oldehove (Groningen) en daarna, vanaf het begin van deze eeuw, in Borger. Zijn loon was aanvankelijk vijfhonderd gulden per jaar. In de eerste jaren van zijn diensttijd in Borger moest hij de postbestelling alleen doen, ook de afgelegen buitendorpen. Alles deed hij te voet. Bouwman werd later tweede besteller en nog later kwam Vlieghuis bij de p.t.t. in dienst. In de afgelegen dorpen bracht Bazuin niet alleen brieven; hij inde ook kwitanties, betaalde geld uit en ontving geld om dit weer via een postwissel te verzenden. Ook verkocht hij postzegels en briefkaarten. Hij was een man met veel liefhebberijen en kweekte onder andere zangvogels, die werden verkocht. Zijn echtgenote dreef een kleine winkel waar de jeugd voor een halve cent snoep kon kopen. "Voor een "Halvie" en een "Halvie" terug" was een bekende uitdrukking in die dagen. Omdat de heren Bazuin, Bouwman en Vlieghuis altijd voor de mensen klaar stonden, waren zij zeer geziene en populaire figuren. In 1924 werd het postkantoor notariskantoor, wat het nu nog is.

17. Pieter Schuiling werd geboren te Assen op 31 mei 1876. Als pas afgestudeerd onderwijzer kwam hij op 11 mei 1896 naar Borger. Niet alleen voor het onderwijs, maar ook voor het culturele leven is hij een stuwende kracht geweest. Al spoedig na zijn komst werd hij lid van de rederijkerskamer. Van deze vereniging is hij zestig jaar lid geweest. Jarenlang was hij voorzitter, regisseur, souffleur en grimeur. Onder zijn leiding kwam de kamer tot grote bloei. Op diverse concoursen werden niet alleen eerste clubprijzen behaald, doch ook vele persoonlijke eerste prijzen. Hij was verder oprichter van de amateurtoneelbond "De Hondsrug". In zijn latere levensjaren werd hij met recht de nestor van het amateurtoneel in Oost-Drenthe genoemd. Niet alleen het amateurtoneel had zijn grote belangstelling, ook de muziek. Zo is hij niet alleen "blazend" lid geweest van de muziekvereniging "Naar Hoger", maar ook dirigent. Ook gaf hij zijn steun aan muziekverenigingen uit de omgeving. Het onderwijs diende hij alleen in Borger. Eén keer solliciteerde hij, namelijk in Zwolle, waar hij na het geven van een proefles ook werd benoemd. Hij nam de benoeming echter niet aan. De reis naar Zwolle heen en terug legde hij te voet af. De afstand Borger-Zwolle is ongeveer vijfentachtig kilometer! Ook gaf hij landbouwcursussen, onder meer in Grollo en hij volgde voor 1910 ook nog landbouwlessen in Assen. Ook naar Grollo en Assen ging hij te voet. Later bracht de fiets voor hem grote uitkomst. Op hoge leeftijd legde hij nog grote afstanden per fiets af, bijvoorbeeld om zijn familieleden te bezoeken. De belangrijkste erfenis die hij de Borgerder dorpsgemeenschap heeft nagelaten, is de bloeiende rederijkerskamer, die heden ten dage nog volop bloeit.

18. Op zaterdag 11 november 1916 werd met veel luister het vijftigjarig bestaan van de rederijkerskamer "Borger" gevierd met een groot feest, waaraan leden en oud-leden van de kamer meewerkten. Het programma vermeldde onder andere als voordracht "Ode aan de Rijn", voorgedragen door oud-lid en medeoprichter G. Lubbi. Op de foto staan de volgende leden van de kamer: Harm Jan Tiesing, Willem Kuiper, Lammert Meijeringh, J oppie van Rein, Luchiena Weitering, Hendrikje Seggers, Hendrik Meijeringh en Lukas de Weerd. Zittend ziet u Albert Bouwman, Hendrik Tiesing, Pieter Schuiling, mevrouw Schuiling-Bentum, Lambertus Kinds en Jan Kruit. Op de voorgrond zitten: Jantje Boelens, Frouk Stern, Trui Hoekserna en Hillechien Kroeze.

19. De rederijkerskamer "Borger" deed in 1922 mee aan de allegorische optocht tijdens de landbouwtentoonstelling van de kring "Oostermoer" te Borger. Enkele leden uit die tijd ziet u op nevenstaande foto. Van links naar rechts, staand: regisseur P. Schuiling, mejuffrouw Agaath Beuving, Sjoerd Koornstra, Grietje Schuiling, Leen de Roode, Mendel Stern en mejuffrouw Koos van der Laan. Op de voorgrond, van links naar rechts: P. Bazuin, Klaas Aling, Hendrik Aling, Jan Kruit en Hendrik Kroeze. De rederijkerskamer "Borger" werd opgericht op 11 november 1866, niet genoemd naar de plaats Borger, maar naar de dichter en theoloog Elias Anne Borger. Het doel van de vereniging was "reciteren" Om de veertien dagen werden op de bijeenkomsten (vergaderingen genoemd) door de leden gedichten voorgedragen, die door de aanwezige leden werden beoordeeld. Al gauw had men behoefte om toneelstukken op te voeren. Voor dit doel was een behoorlijke zaal beschikbaar. Vanaf 1880 werd eenmaal per jaar een toneeluitvoering gegeven. Tot 1886 werden uitsluitend stukken gespeeld bestaande uit herenrollen. Daarna werden ook stukken in studie genomen met damesrollen. Dames mochten echter geen lid worden; zij werden "gehuurd" voor één of twee borreltjes per avond. Het waren goedkope krachten: een borrel kostte toen maar vijf cent. In 1891 drong de vrouwenemancipatie goed door bij de rederijkers. Er werden toen namelijk damesleden aangenomen. Er waren veel ups en downs. Gelukkig wist "Borger" deze downs telkens weer te boven te komen. Een stuwende kracht is Pieter Schuiling geweest. Niet alleen in de plaats Borger zelf, maar ook ver daarbuiten kreeg "Borger" een goede naam. Dikwijls ging men "uit" spelen naar andere plaatsen. Het vervoer had vroeger plaats in zogenaamde linnen wagens. Dikwijls moest men zich behelpen wat de accomodatie betreft. Zo werd in Exloo een uitvoering gegeven in een boerenschuur. Het toneel was opgebouwd van pakken stro. Niet alleen mensen vormden het publiek, doch ook het aanwezige vee. In Nieuw-Buinen werd het stuk "De roverhoofdman" gespeeld. Er moest in dit stuk worden geschoten. Men had revolvers geladen met "losse flodders". Toen deze wapens ketsten vocht men op de vuist verder. Bij controle bleek dat men met scherp had geschoten! Verschillende kogelgaatjes in de wanden van het toneel bewezen dit. Gelukkig werden er geen ongelukken gemaakt. De rederijkerskamer "Borger" heeft een rijke historie. Er zou een boek over te schrijven zijn. Ook heden ten dage staat de vereniging nog in het middelpunt van de belangstelling. Het is nog steeds:

"Borger" draag steeds hoog uw roeme, "Borger" bloeie, "Borger" groeie,

"Borger" draag steeds fier uw naam. "Borger" blijft nog lang bestaan,

20. "Op 30 april 1909 is te Buinen een muziekvereniging .Juliana'' opgericht. Deze vereniging stelt zich ten doel de kunst te dienen door het geven van concerten. De contributie bedraagt minstens 15 cent per lid en per week". Aldus het huishoudelijk reglement van deze vereniging. De oprichters waren: A. Stevens, L. Schipper, H. Huizing, J. Schut, J. Speelman, W. Machiel, R. Meursing, J. Meursing en Toon Vogelzang. Deze vereniging is jarenlang een sieraad geweest voor het zandgedeelte van de gemeente Borger. Er waren goede en enthousiaste leden. Helaas ging deze zo mooie vereniging door gebrek aan nieuwe leden ten onder na haar zestigjarig jubileum in 1969. Er was voordien al een fusie aangegaan met de muziekvereniging "Harmonie" uit Gasselte. Een foto, genomen kort na de oprichting, geeft de leden van "Juliana" weer. De vereniging werd genoemd naar en opgericht op de geboortedag van onze koningin Juliana. Staande zien we van links naar rechts: Jans Schut, B. Pop ping, Roelof Marissen, Lucas Ottens, K. Popping, Hm. Dekker, Harm Hagting, H. Huizing en dirigent K.H. ten Hoor, hoofd van de school te Buinen. Knielend zien we: Albert Sanders (bij velen bekend onder de naam "Paander Ap"), Jan Bruins, H. Dekker, Piet Niezing en R. Wanders. Rond 1910 moest te Odoorn een concert worden gegeven. Men ging erheen met boerenwagens. Deze wagens hadden geleden van de heersende droogte. Onderweg liepen daardoor de hoepels van de wielen af. Vindingrijk als men was in die dagen, liet men enkele leden, gewapend met een veldkei, naast de wagens meelopen om op kritieke momenten de hoepels weer op hun plaats te slaan. Men kwam behouden - zij het wat laat - te Odoorn aan, waar een goed concert werd gegeven.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek