Kent u ze nog... de Hesseler

Kent u ze nog... de Hesseler

Auteur
:   J.Y. Dijkstra
Gemeente
:   Coevorden
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1653-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Hesseler'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Leden van de Werkgroep Fotoboek Oosterhesselen: uit Gees: F. Boesjes (thans te Dalen) en H. Elders; uit Geesbrug: H. van Nui1;

uit Nieuwlande: H. Ham, H. Nienhuis en J.C. de Wilde;

uit Oosterhesselen: mevrouw G. Bekker, J.Y. Dijkstra en J.G. Heling en uit Zwinderen: J. Katerberg.

NL ISBN 90 288 1653 4

Bij de Europese Bibliotheek in Zaltbommel verschijnen onder andere de volgende series:

IN OUDE ANSICHTEN, een serie boekjes waarin wordt vastgelegd hoe een bepaalde plaats er uitzag in "grootvaders tijd", dat wil zeggen in de periode die ligt tussen ongeveer 1880 en 1930. In deze reeks zal aan bijna elke plaats in Nederland een deeltje worden gewijd. Er zijn reeds zo 'n 1250 boekjes verschenen. Naast de deeltjes over steden en dorpen verschenen in deze serie vele boekjes over algemene onderwerpen zoals bijvoorbeeld de paardetram, de stoomtram, de elektrische tram, kastelen, molens, de marine, de luchtmacht en de padvinderij. Bovendien zijn onder de serienaam In oude prentkaarten en/of En cartes postales anciennes reeds zo'n 400 delen over steden en dorpen in Belgic verschenen; in Frankrijk kwamen onder de serienaam En cartes postales anciennes circa 150 boekjes uit; in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland verschenen onder de titel In alten Ansichten respectievelijk 400, 40 en 15 delen.

KENT U ZE NOG ..? is een reeks die de mensen-van-toen in een bepaald dorp of een bepaalde stad centraal stelt, in de periode die wij eveneens aanduiden als .grootvaders tijd" (circa 1880-1940). Ook in deze reeks zal aan bijna elke plaats in Nederland een deeltje gewijd worden. Er zijn reeds zo'n 275 boekjes verschenen.

Nadere inlichtingen over verschenen of nog te verschijnen deeltjes kunt u verkrijgen via uw boekverkoper of rechtstreeks bij de uitgever.

Deze uitgave van de Europese Bibliotheek te Zaltbommel is gedrukt en gebonden bij Grafisch Bedrijf De Steigerpoort te Zaltbommel.

volle expositie "Oosterhesselen in heden en verleden", tijdens de Zuidenveldtentoonstelling te Oosterhesselen in 1974 en later nog tc Geesbrug en te Nieuwlande. Voorts verkregen wij toestemming de niet in de boekjes voorkomende foto's te kopieren voor het gemeentearchief, terwijl wij daarenboven de Verenigingen voor Plaatselijk Belang te Nieuwlande en te Zwinderen en de open bare lagere school "De Zwarm" te Geesbrug van dienst konden zijn bij de uitbouw, respectieveIijk opzet van eigen fotocollecties. Van diverse foto's kon zo een meervoudig gebruik worden gemaakt.

1. Gemeenteraad met burgemeester Korthals Altes.

Ook in dit fotoboekje hebben wij een van de "raadsfoto's", die eens het oude gemeentehuis opluisterde, opgenomen. De foto hiernaast werd gemaakt bij het vertrek van burgemeester mr. Aleid Pieter Korthals Altes, die van 1930 tot 1933 in onze gemeente in functie was, naar Markelo.

De gefotografeerde personen zijn, van links naar rechts op de eerste rij: gemeentesecretaris Douwe Weima, wethouder Hendrik Veenstra (AR), de burgemeester en wethouder Lambertus Havinga (vrijzinnige groepering).

Tweede rij: de raadsleden Harm Draaijers (vrijzinnige groepering), Jan Wolting (AR), Egbert Luchies (CHU), Frederik Blokzijl (SDAP) en Klaas Schepers (SDAP).

Burgemeester Korthals Altes was de eerste burgemeester"sec". Zijn voorganger, de heer Legro, was nog burgemeestersecretaris. Tijdens de eerste raadsvergadering die de heer Korthals Altes leidde, werd de dubbelfunctie gesplitst, onder gelijktijdige benoeming van Douwe Weima, die sedert 1920 eerste ambtenaar ter secretarie was, tot gemeentesecretaris.

Rest ons nog te vermelden dat drie leden van onze werkgroep, namelijk oud-wethouder K. Schepers te Oosterhesselen - vanaf het allereerste begin de stimulerende kracht achter de werkgroep - en de heren J. Schonewille te Geesbrug en J. Steegen te Zwinderen, de gereedkoming van dit boekje niet meer hebben mogen meemaken. Wij gedenken hun aandeel in ons werk met grote waardering. Van hun inbreng leggen de foto's en vooral de tekst van dit boekje een blijvend getuigenis af. Wij wensen u veel kijk- en leesplezier!

Werkgroep Fotoboek Oosterhesselen

Deze splitsing van functies was nodig, omdat ook in onze gemeente de gemeenteadministratie met de tijd meegroeide. In de vorige eeuw was mr. J.P. Willinge in dejaren 1850-1889 nag in staat de dubbelfunctie gelijktijdig in de gemeenten Oosterhesselen en Zweeloo uit te oefenen.

Het gebouw op de achtergrond is het in 1913 in gebruik genomen oude gemeentehuis aan de Geserweg, thans kantoor van de Onderlinge Brandwaarborg Maatschappij. Het was het eerste echte .Juns der gerneente", zij het dan dat de rechter helft ook werd bewoond door de burgerneester-secretaris en vanaf 1930 tot na de Tweede Wereldoorlog door de secretaris, Zoals in plattelandsgemeenten gebruikelijk, was de gemeenteadministratie te Oosterhesselen v66r 1913 ondergebracht bij particulieren. Vanaf het ontstaan van de gemeente in 1819 tot 1876 bevonden zich de twee "gemeentekamers" in de huidige boerderij Kiers, van 1876 tot 1901 in de boerderij Havinga en van 1901 tot 1913 in "Mid-Hessel", de verdwenen, witte burgemeesterswoning.

2. Gemeenteveldwachter Harm Koopman en gezin.

Het ligt voor de hand dat wij in dit boekje ook enige aandacht besteden aan de "politionele" kant van het Hesseler overheidsapparaat in vroeger tijd. De mooie foto hiernaast geeft hiertoe aile reden!

Derde van links ziet u de martiale gestalte van Harm Koopman, gemeenteveldwaehter van 1895 tot 1924. Rechts van hem zijn vrouw Fennechien Wolf en aan zijn linkerkant zijn dochter Fennechien en haar man A. de Vries, die bij de rijkspolitie was. De foto moet zijn gemaakt omstreeks de trouwdag van het jonge paar.

Koopman woonde aan de "Hanebietershoek" te Oosterhesselen, aan het eind van de doodlopende weg bij de kerktoren. Zijn woning was eens de oude kerspelschool, die in 1861 tot woning werd verbouwd. Thans woont er de heer R. Oving. Vlak bij bevond zich ruim een eeuw lang - van 1825 tot 1932 - een politieeel "onder den toren". Verondersteld mag worden dat in het rustige en gemoedelijke Oosterhesselen van die tijd van dit gratis nachtlogies weinig gebruik zal zijn gemaakt. Koopman was een algemeen geacht en gezien man en ook met de jeugd, die hem weI eens ondeugend "grote Harm"

noernde, had hij geen problemen. Uit de raadsnotulen blijkt hoezeer alle raadsfracties hem waardeerden. Bij zijn afscheid kreeg Koopman, die tevens gemeentebode was, een bedrag van f 50,-, "teneinde daarvoor een cadeau te kunnen kopen". Een royaal gebaar voor die tijd!

In totaal heeft Oosterhesselen tien gemeenteveldwachters gehad, te weten: Jan Balthasar Scheyd (tot 1825), Jan Mengel (tot 1832), Harm Berend Snoek (tot 1837), Willem Andries Rosee (tot 1859), Roelof Klomp (tot 1877), Gerhardus Wit (tot 1878), Hendrik Leniger (tot 1880), Albert Rozeman (tot 1895), Harm Koopman (tot 1924) en Jakob Rutgers (tot 1946). Daarnaast waren er in de gemeente twee rijksveldwachters vast gedetacheerd, namelijk te Zwinderen (vanaf 1912) en te Nieuwlande (vanaf 1921). Voor hen bouwde de gemecnte het "witte huisje" aan de Geserweg te Zwinderen en een woning naast de toenmalige bakkerij Jonker te Nieuwlande. Ook deze woningen bestaan nog steeds, zij het dan eveneens met een andere functie. De politiestandplaats te Zwinderen is in 1940 opgeheven. De standplaatsen te Nieuwlande en Oosterhcsselen zijn er heden ten dage nog.

3. Draaijers/Rigterink.

Voor u liggen thans een paar toto's van bekende Hesseler uit de eerste tijd van de fotografie.

Links ziet u een "kwikfoto" uit 1853 van Harm Draaijers Janzoon (1797-1879), de laatste oliemolenaar te Oosterhesselen, zijn vrouw Roelfien Heeling (1806-1881) en hun zoons Jan, Roelof en Klaas. In de gemeente Oosterhesselen van vroeger waren er twee families: Draaijers uit Oosterhesselen en Boetting uit Gees, nog nader te noemen, die veel creativiteit en initiatief toonden in de toen nog zo kleine ambachtelijke en nijverheidssector. De familienaam Draaijers, die al in 1784 voorkwam , is afgeleid van een ambachtelijke bezigheid, namelijk het wieldraaien, een specialisme van timmerlieden. Een goede "draaier" bezat in Drenthe veel klandizie en dat was ook in Oosterhesselen het geval.

In 1772 had de familie echter ook al een olie-, vol- en pelmolen aan de Smalthaar te Oosterhesselen. In 1806 stond hier nog een tweede molen, een vol- en pelmolen, waar Jan Jalvingh uit Gees, gehuwd met Margien Draaijers (een tante van Harm), molenaar was. Zo had de familie de nijverheid gesplitst! De andere molen bleef bestaan als oliemolen. De vol- en pelmolen, sedert 1839 tevens korenmolen, kwam later in het bezit van de familie Strick.

Nog een ander ambacht kwam in de familie Draaijers voor. Een neef van Harm Janzoon, Harm Thies Draaijers, was eigenaar van de dorpsherberg, tevens logement, in de huidige boerderij Kiers, waar, zoals al vermeld, tot 1876 ook de twee "gemeente-kamers" waren ondergebracht.

Het spreekt vanzelf dat de gegoede en vooraanstaande familie Draaijers deelnam aan het bestuur van de gemeente. Verschil-

lende leden van de familie, onder wie ook Harm Janzoon Draaijers, waren raadslid en/of wethouder,

De beide molens zijn helaas verdwenen. De oliemolen werd gesloopt in 1877. Ondanks pogingen tot behoud door het gemeentebestuur deelde de andere molen, toen alleen korenmolen, in 1950 hetzelfde lot.

In 1869 zette de Amsterdamse "photograf' A. Greiner meester Hendrik Rigterink op de kiek en het mooie resultaat ziet u rechts op de fotopagina. Hendrik Rigterink was meer dan een halve eeuw, van 1810 tot 1861, koster-voorzanger-schoolmeester te Oosterhesselen. Hij was de laatste hoofdonderwijzer aan de "kerspelschool" of "hoofdschool" te Oosterhesselen. In 1860 besloot de gemeenteraad nieuwe scholen te bouwen te Gees en Oosterhesselen. De "bijschool" te Zwinderen werd een "voIledige" school onder een eigen hoofdonderwijzer.

Meester Rigterink werd in 1786 te Gramsbergen geboren en hij overleed op hoge leeftijd in 1884. Hij was stamvader van een bekende, inmiddels uitgestorven, familie, die ook verderop in dit boekje nog ter sprake komt.

Blijkens een opgaaf uit 1842 had hij als kosterjvoorzanger het genot van een vrije woning (de kosterie) met de bijbehorende tuin, alsmede het vruchtgebruik van de kosterijgoederen. Als onderwijzer kreeg hij de schoolgelden, ten bedrage van f 250,-, en een toelage van f 50,- uit 's rijks kas.

De kosterie, een kleine boerderij met "underschoer" aan de "Hanebietershoek", bestaat, zij het enigszins verbouwd, nog steeds, maar er woont allang geen koster meer.

4. Echtparen Schoemakersl Snijder.

Hiernaast ziet u twee toto's van Hesseler echtparen afgedrukt. Links poseren Jacob Schoemakers en zijn vrouw Jantien Schoemakers. Zij waren achterneef en -nicht en kwamen beiden uit een oude eigenerfdenfamilie uit het dorp Oosterhesselen, waarin waarschijnlijk naast de landbouw ook eeuwenlang het schoenmakersvak werd bedreven.

Jacob (1827-1909) kende men beter als "burgemeester's Job". Zijn vader, Jan Schoemakers, was de tweede burgemeester van de gemeente Oosterhesselen van 1832 tot 1850. Jantien (1836-1907) kwam uit de "Gieser" tak van de familie. Haar vader, Rudolf Schoemakers, landbouwer, bakker en waarschijnlijk ook tapper te Gees, bouwde in 1861 het pand dat, zij het later gewijzigd, thans bekend is als cafe Nijenhuis te Gees.

01' de achterkant van de foto staat vermeld: "J. Rigterink. Amateur". Deze niet onverdienstelijke amateur moet Jan Rigterink senior (1818-1900), zoon van meester Rigterink, zijn geweest! Langs verschillende lijnen waren de Rigterinks met de familie Schoemakers verwant. Vader en zoon waren met een Schoemakers getrouwd en beide vrouwen waren tante en nicht. Ook om andere redenen verdient Jan Rigterink hier genoemd te worden. Hij had een bijzonder veelzijdig leven. Hij was landbouwer, cafehouder - hij stichtte tussen 1846 en 1851 de al genoemde boerderij Havinga, waarin zich lange tijd een tapperij-logernent beyond -, maar ook "klerk".

In laatstgenoemde functie verleende hij onder meer aan het gemeentebestuur hand- en spandiensten. Jan Rigterink Sf. was verder gemeenteraadslid van 1869 tot 1889 en lid van provinciale staten van 1869 tot 1900. In provinciaal verband gold hij als een deskundige met betrekking tot de waterstaat en de verveningen, hetgeen ook wel bleek uit zijn vele functies 01' dit terrein. Nauw samenwerkend met zijn zoon Hendrik Rigterink jr., wierp hij zich vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw met energie 01' de winning van turf, vooral in de gemeenten Emmen, Sleen en Coevorden.

De tweede foto dateert van ongeveer 1910. Wij zien scheper Jan Snijder (1848-1924) en zijn vrouw Elsje Jacobs (1844-1915).

Rond de eeuwwisseling woonde dit echtpaar te de Klencke en wellicht was Jan Snijder toen scheper van de havezate. Verschillende Hesseler zuIlen zich echter nog herinneren dat Jan en Elsje aan de rand van de Hesseler es woonden, ongeveer 01' de westelijke hoek Bergakkers-Witte Zand.

Elsje was eerst getrouwd met Klaas Keen uit Zwee!oo en haar zoon Roelof Keen leerde de fijne kneepjes van het schepersyak van jongsaf kennen. Vee! Hesseler bewaren dierbare herinneringen aan deze laatste scheper in hun dorp. Wij zijn verheugd dat wij in ons eerste boekje een foto van Roelof met zijn schaapskudde hebben kunnen opnemen!

5. Juffrouw Clewits met leerlingengroep open bare lagere school.

Het wordt tijd dat wij wat aandacht besteden aan de kleine Hesseler, die hier speelden en opgroeiden.

Hiernaast ziet u Grietje Clewits, onderwijzeres aan de openbare lagere school te Oosterhesselen van 1903 tot 1909, met een groep leerlingen op een foto uit 1908. Grietje Clewits werd geboren in 1883. Toen zij hier solliciteerde, was zij tijdelijk onderwijzeres te Nicuw-Dordrecht, In 1909 vertrok zij naar Roderveld, gemeente Roden. In die gemeente heeft zij tweeendertig jaar het onderwijs gediend.

De leerlingen zijn op twee na allemaal herkend. Het zijn: Jan Blaauw, Geert, Geesje, Geziena, Hendrik en Johanna Brinkman, Hendrik en Lambert Deen, Margien en Roelfien Eefting, Geesje en Jan Hidding, Lammegien en Olf Hoving, Fenna, Johan, Riek en Tine Koopman, Hendrik en Niesje Olden-

bandringh, Aaltje, Egbert, Hendrik en Lucas Schepers, Geesje, Henderikus, Hendrik en Jantje Snijders en Jan en Margje Wiebing.

In zijn boekje "Drenthe's Erfgoed" (Hoogeveen, 1978) vestigt G. Kuipers er de aandacht op dat Grietje Clewits, die in 1962 overleed, in Drenthe bekendheid genoot als dichteres. Yanaf de oprichting in 1956 werkte zij mee aan "Oeze Yolk", het enige Drentstalige maandblad, dat thans beter dan ooit floreert. Maar er was, aldus Kuipers, meer: Zij schreef toneelstukjes en revue's ell stimuleerde het spel vall de plaatselijke toneelvereniging (in Roden).

Heeft Grietje Clewits haar cultureel talent al in haar Hesseler tijd tot ontwikkeling gebracht? De volgende foto geeft red en dit te veronderstellen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek