Kent u ze nog... de Hillegommers

Kent u ze nog... de Hillegommers

Auteur
:   A.M. Hulkenberg
Gemeente
:   Hillegom
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3788-1
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Hillegommers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

26. De tram "Haarlem-Hillegom-Leiden" in volle glorie, omstreeks 1899 gefotografeerd tegenover de remise (Ansichten 118 en 119). Het personeel is niet geheel volledig; sommigen "zaten op de lijn". Op de grand zit klerk N. Wildschut, die eerst netjes een zakdoek onder zijn zitvlak heeft gespreid. Naast hem volgt boekhouder Sluis en dan de administrateur Berkhout in een zeer studentikoze houding. Hij was de baas; hij kon zich dat zo wel permitteren. Dan volgt poetser J. van Schravendijk en cokesdrager Ras, boven op een cokesmand. Geheel rechts staat de chef-werkplaats A. Baars, die zo goed kon schaken, in de .Jcoepel van Staats" (Ansichten 31). Op de voorste rij staat met een lichtkleurig jasje ploegbaas W. van Zomeren. lets naar rechts staan achter Wildschut de conducteurs Wouterlood, Gerverding en C.M, van Maris. Achter Gerverding de conducteurs Bergman en Walkers. Tussen de heren Sluis en Berkhout zien we de oudste machinist Zoutman en leerling-machinist Piet Rooney. Hij is met zijn tram eens ingesneeuwd in Oegstgeest. Ze waren toen met zijn allen maar een cafe binnengegaan. Maar daarna weigerde hij door te rijden naar Leiden. "Nee, ik doe het niet; ik ga naar huis". Daar is nog wel een woord over gevallen .... Staat daarachter machinist Piet den Os? De man met Iichte boezeroen en 't strikje is timmerman Carlier en die daarachter D. Borger Sr., smid. Rechts boven de heer Sluis staat conducteur Piet van de Werken. Nu volgt, naast zijn lOon, de witgebaarde bankwerker Rooney Sr., van Schotse afkomst. Zijn dochter was mij beter bekend! ("VrageIiboeken", eigenlijk catecheseboekjes in vraag en antwoord, heiligenbeeldjes, griffels (nr. 42), etc., Ansichten 32). Later trouwde zij met Spierings (nr, 23). Naast Rooney de machinisten R. Tuininga, H. van de Water en chef-machinist Kuiper, als zodanig later opgevolgd door A. Singerling. De tweede persoon rechts van Kuiper is machinist W.H.G. Deen. De conducteur op de tram is J. Postmus. De anderen zijn zelfs de heer lac. de Graaf in Lisse niet bekend en dan heeft het werkelijk geen zin nog verder te zoeken!

27. De weduwe aan het graf. Het is Mevrauw de Weduwe M. van Oostveen-Kramer, alias "Juffrouw Oostveen" of "Tante Mietje" (1855-1947). Op zondag 17 december 1900 was haar man na de Hoogmis in de (in 1926 gesloopte) St. Martinuskerk nog eens op de steigers geklommen om het effect te bezien van de engelenfiguren die hij daar in de afgelopen weken had aangebracht. Hij heeft er waarschijnlijk niet aan gedacht, dat het personeel de leuningen al had weggenomen ..... Men yond hem later dood op de banken van het kerkgebouw, 47 jaar oud (nr. 41). Er ging een schok door heel het dorp! In 1877, bij hun trauwen, had het echtpaar Van Oostveen zich van Haarlem uit in Hillegom gevestigd (Ansichten 30 en 31). In tegenstelling tot zijn echtgenote die altijd een stadse bleef en nooit naliet te zeggen dat ze niet van boeren hield, had schilder Van Oostveen zich in Hillegom al gauw zeer popu1air gemaakt. "Oostveen" moet een enige man zijn geweest; altijd opgewekt, altijd goed gehumeurd, altijd zingen! Hij schreef ook heel veel muziek af en had een he1dere stem. Schaken deed hij a1s de beste (in de .Koepel van Staats", Ansich ten 31) en in het rijmen en dichten yond hij zijn weerga niet. Met Martien Kock (nr. 57) richtte hij de toneelvereniging ,,1' Amitie" op, waarvan hij regisseur, grimeur en secretaris was. Dan leefde hij zich uit, want zijn vrouw had vee1 migraine, dus was het in huis meestal half donker, f1uisteren, s1uipen. Hij hield veel van de natuur en wandelde erg graag. Naar Haarlem, midden op de weg met een leesboek in de hand (! ), maar ook ter bedevaart naar Kevelaer in Duitsland. In het "kraningsjaar" 1898 was hij met bakker F.W. Vlotman (nr, 37) de organisator van grate dorpsfestiviteiten. Vaandels schilderen! Maar ook op ander gebied was hij actief. Hij had de nood van de armen gezien en daarom richtte hij een ziekenfonds op, iets geheel nieuws! Hier staat op het (glazen! ) grafmonument: "Het ziekenfonds "Hulp in Nood" aan zijn ontwerper A.A.C. van Oostveen". Het was het eerste graf op het nieuwe kerkhof ... Zijn weduwe en zijn dochter liggen er nu ook begraven, de grafplaat heeft een onhandige doodgraver kapot laten vallen, maar de geest van "Oostveen" manifesteert zich nog in ieder, die het leven opgewekt tegemoet durft gaan!

28. Er zijn voor dit boekje veel alleraardigste en hoogst interessante foto's bijeengebracht, maar indien er een prijs zou zijn uitgeloofd, kwam die ongetwijfeld aan deze foto toe. Een "gezeten" familie van het "fin de siecle" of het begin dezer eeuw, zo weggestapt uit de wereld van Couperus met zijn "Kleine Zielen" of zijn "Eline Vere". Victoriaanse degelijkheid spreekt nog uit de centrale, breed-gezeten moederfiguur, achter de zeer huiselijke koffie- en theekoppen. Ret is mevrouw A.M.M. van Waveren-Turner en de plaats van han de ling (! ) is de serre van "Emendata", op de hoek van de Weeresteinstraat en de Weerlaan. Ze is de echtgenote van de heer P.R. van Waveren, lid der firma Van Waveren-Turner en tevens lid van de Gemeenteraad (Ansichten 57). Men zegt dat zij familie is van de grote Engelse schilder Joseph Mallord William Turner (177 5-1851) en wie in de Londense "National Gallery" diens beroemde stuk heeft gezien met het indrukwekkende slags chip tussen de ondergaande zon en de opkomende maan - de wisseling der eeuwen - heeft geen moeite dit te geloven. Aan haar rechterhand zit - zich van haar standing zeer wel bewust - de nogal stijve en hautaine Christine met gouden lorgnet op de neus, "la femme savante" uit de eerste jaren der vrouwenemancipatie. Ze huwde later de heer J. de Jonge, procuratiehouder van het Amsterdamse Amirican-hotel. Rechts zit met "Petit" op de schoot Mejuffrouw C.M.B. van Waveren, Constance, algemeen bekend als "Stans van Emendata", een gezonde, sportieve en moderne jonge vrouw, daarbij een echte Van Waveren. Ze huwde de heer C. Velthuys,

Rechts en links poseren de nichtjes Sluiter. Maar wat zie ik? Stans heeft haar voet keurig op een bankje geplaatst, maar haar nichtje slaat de benen als een man over elkaar. Die moderne meisjes menen zich alles te kunnen permitteren! Let nog op de lancaster, de kanten gordijnen, de vaas met veldbloemen, zo typerend voor de tijd, waarin het moderne meisje in het voetspoor van Heimans en Thijsse de natuur ontdekt, en de Lilium speciosum tegen de muur. Wat een prachtige foto!

29 .. Een automobie1, een echte automobie1! De heer J.B. van der Schoot ("Mijnheer Johan", nr. 6) was de eerste in Hillegom die een derge1ijk machien bezat. Het was gekocht bij "Verwey & Ludgard's Automobie1-maatschappij" te 's-Gravenhage. De kwitantie is bewaard geb1even: "Ontvangen van de Weledelgeboren Heer J.B. van der Schoot te Hillegom de Somma van Een duizend zeven honderd gld ter voldoening der door U gekochte automobiel "Be be Peugeot" No. 5737 met motor 1 cyl, 4 PK No 6078. Zegge f 1700,-". Een enorm bedrag in die tijd! En hier is hij dan. Luchtbanden, schuif- of buitenversnelling, de toeter oftewel signaalhoorn op het stuur, carbidlampen en achterlicht, gernakkelijke fauteuils; welk een luxe!

De foto is genomen bij het bedrijf van R. van der Schoot & Zoon achter de toenmalige villa (en de huidige flat) "Margaretha" (nr. 8, Ansichten 77). Ziet U de manden "R.v.d.S." en de grote openslaande raamdeuren? Men was nog algeheel op de natuur1ijke ventilatie aangewezen. Bij de auto staat de jongeheer Anton van der Schoot, de tweede zoon van "Mijnheer R.A.". Hij gaat met de slinger de motor op gang gooien, of in ieder geval doet hij alsof. De jongeheer is later naar Amerika vertrokken.

In 1910 koch t "Mijnheer J .B." een Opel en ging daarmede met zijn vriend Dokter Frans Haase uit Lisse en zijn neef Bert Roozen, kandidaat-notaris te Amsterdam, naar Zuid-Frankrijk. Chauffeur was Kuipers, de garagehouder tegenover de Brouwerlaan (Kroniek 95). Hillegom-Mediterrane v.v., een geweldige prestatie. Op de terugtocht liet de auto het in Parijs afweten en werd het he Ie geval op de trein gezet. Toch was het een fantastisch avontuur geweest. Nog jarenlang praatte men erover.

- ..... ' .. »>:

-"~."~" ~.(~

- ,:1..£.:3" ..'

,; :

~,

_. _~_.,-r"

,-.~~ .

-:-""') ,-

..::J!ioI'.

30. J a, deze combinatie is een volkomen mislukkig, dat lijkt nu nergens naar! Worden hier twee keurige dames in het ootje genomen of wordt er spot gedreven met heilige zaken? Dit gaat nu toch werkelijk al te ver! Het ergste is, dat het twee dames zijn die de foto's hebben ingezonden; we zullen - net als Willem Huisman, nr. 41 - de bui dus maar afwachten.

Rechts zien we Mevrouw Veldhuis-Wilbrink, de echtgenote van de heer Klaas Veldhuis (nr. 16), en staande Mevrouw M.C. de Vreugd-Vlotman. In Zandvoort natuurlijk.

Links poseren twee "Eerbieden-in-Gods-huis" of "Eerbied-in-Gods-huizen". ("Eerbieden-inGods-huizen" is ook goed). Het zijn de heren Markman van "Kikkerlust" (nr. 55) en Van der Meij uit de Ambachtstraat. Eerlijk gezegd hoort dat .Jieren" er niet bij, Je had "Heren Kerkmeesters", "Heren Collectanten" en (tot 1927) "Heren Zangers" (nr. 47), maar dit predicaat werd de "Eerbieden-in-Gods-huizen" onthouden. Als kind zie je dat verschil allemaal zo niet. Dan ben je nog onbedorven. Als Markman met zijn rozig-gebruind gezicht, zijn grijzende kuif en zijn fraaie sjerp om in de kerk rondstapte en daarbij met kahne, haast waardige gebaren aanwijzingen gaf, liet dat niet na indruk te maken. Een soort ordebewaarder, die wees waar nog plaatsen open waren, ruimte maken voor processies of oneerbiedige kinderen terecht wees. Soms droeg hij een kleinere, wat oudere, sjerp. Die was meer purper en die yond ik als kind weI Mel erg mooi. Ik kon niet goed begrijpen, dat deze Markman de vader was van de jongen die bij mij in de klas zat (nr. 59) en die met klompen en een te veel gestopte trui naar school kwam. Vader heeft me toen uitgelegd, dat men de waarde en ook de waardigheid van een mens niet mag afmeten naar klompen of truien. Dat die hoedanigheden van binnen zitten en zich ook bij eenvoudige mensen kunnen manifesteren. (Hij noemde mijn voornaam voluit, dus ik wist dat hij heel ernstig was.) Nee, "Mijnheer Markman" moge dan nooit hebben bestaan, "Markman" heeft me een stap verder gebracht op het terrein van respect en sociaal gevoel voor de medemens.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek