Kent u ze nog... de Hoogwouders

Kent u ze nog... de Hoogwouders

Auteur
:   J. Slooten
Gemeente
:   Opmeer
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4282-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Hoogwouders'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

In het tijdvak 1872-1881 heeft Hoogwoud drie burgemeesters gekend. Op 31 maart 1872 vertrok de heer F.A.O. de Ridder wegens zijn benoeming te Katwijk. Bij ,,'s Konings Besluit" werd de heer P.l.A. de Bruine tot zijn opvolger benoemd, Hij vertrok reeds spoedig (in 1877) naar Zwijndrecht. In de tussenliggende perioden was de eerste wethouder, de heer F. Appel, steeds locoburgerneester. Een vierjarige periode werd vervolgens door de heer I.C. Albrecht vervuld, die op 5 november 1881 de raad mededeelde in Buiksloot en Nieuwendam als burgemeester te zijn benoemd. De heer Appel was inmiddels overleden en de toenmalige eerste wethouder, de heer C. Pijper, werd per 2 december 1881 tot burgemeester benoemd,

Cornelis Pijper, landman en veehouder, werd op 11 mei 1830, geboren en woonde op verschillende adressen in de gemeente, tenslotte in het herenhuis op de hoek. Driemaal trad hij in het huwelijk, respectievelijk met Grietje Appel (overleden in 1863), Geertje Kreeft (overleden in 1890) en Elisabeth Appel, zuster van zijn eerste vrouw, die hem overleefde (overleden in 1928). Ter gelegenheid van zijn intrede werd een groots feest gevierd, wat plaats yond op vrijdag 9 december 1881. Toen de nieuw benoernde burgemeester uit Haarlem terugkeerde, werd hij bij het station Noord Scharwoude opgewacht door de raad en de gemeentesecretaris, de heer W. Vetter. Aan de grens van de gemeente stond een erewacht van tachtig ingezetenen te paard, benevens een aantal Hoogwouders in rijtuigen. Bij het raadhuis aangekomen, betuigde de toegestroomde menigte "door luiden bijval hunne ingenomenheid met dit feest", De schooljeugd zong een feestlied en meester Balder, het hoofd van de gemeenteschool aan de Kerkelaan, sprak de heer Pijper toe. De burgerneester bracht allen dank en verzekerde ten zeerste aangedaan te zijn door dit eerbetoon. Hij beloofde alles in het werk te zullen stellen de plichten en zorgen aan dit ambt verbonden met de meeste onpartijdigheid en nauwgezetheid in het belang der gemeente te volbrengen. In de raadkamer sprak wethouder lb. Vlaar hem toe en na de offici/He raadsvergadering, verliet men het raadhuis om naar de woning van de familie Pijper te gaan voor een gezellige bijeenkomst.De gemeentesecretaris weet verder nog te vertellen, dat de burgemeester honderd gulden gaf voor "Volksmin" voor een traktatie der kinderen en dat de gehele gemeente getooid was met vlaggen, terwijl bij het raadhuis een erepoort was opgericht, die's avonds in het schijnsel van vele vetpotjes zijn opschrift duidelijk Iiet zien:

Ja, juicht vrij, Hoogwoud, geen leed zal U gena ken

C. Pijper zal voortaan voor Uwe regten waken!

Op vijfenzeventigjarige leeftijd trad de heer Pijper af. Hem viel een koninklijke onderscheiding ten deel, Nog twee jaar leefde hij als ambteloos burger. Daags voor zijn zevenenzeventigste verjaardag overleed hi],

Met hem zijn we in de twintigste eeuw gekomen en het merkwaardige feit doet zich daarna voor dat om de eeuw 1872-1972 vol te maken, drie burgemeesters onze aandacht kornen vragen. De heer I. Breebaart (1906-1930), de heer D. Hoogenboom (1931-1945) en de heer D. Breebaart die eveneens als zijn vader vierentwintig jaar zou hebben volgemaakt, ware het niet, dat hij op verzoek van de raad nog enige tijd is gebleven en daardoor zijn vijfentwintigjarig jubileum kon vieren,

Doordat de burgemeesters vrij lang bleven, was het ook mogelijk dat zij het culturele leven stimuleerden en veel voor het onderwijs deden, In de raadsnotulen valt het op dat "onderwijs" menig keer aan de orde is geweest, In de culturele sector bloeide het verenigingsleven op en vooral de rederijkerskarners deden belangrijk werk, waarbij veelal de schoolmeester met raad en daad terzijde stond.

Bij het zoeken naar foto's die "belangrijke personen" of "groepen" verbeeldden, was het prettig een gemeentelijk foto-archief bij de hand te hebben, maar ook de medewerking van de inwoners was onontbeerlijk, Dit laatste geldt vooral de rubriek "schoolfoto's". Maar steeds bleek ook weer van welk een onschatbare waarde het werk van de persfotograaf Johan Kuiper is geweest, die voor het vastleggen van bijzondere gebeurtenissen heeft gezorgd.

1. Drie burgemeesters. Links zit burgemeester C. Pijper. In het midden burgemeester J. Breebaart, die op 23 september 1870 te Winkel werd geboren, In 1903 werd hij waarnemend secretaris van Hoogwoud. Op 19 januari 1906 volgde de installatie tot burgemeester, na daartoe op 9 januari te zijn benoemd. "Hij werd p1echting ingehaald van het station Abbekerk, In optocht gingen drie landauers, elk met een tweespan, 63 riituigen en 67 paardruiters naar het raadhuis," weet een ooggetuige te vertellen. De heer Breebaart had vele nevenfuncties in het waterschapswezen. Hij was voorzitter van "Floralia" en van het vakonderwijs in Westfriesland. Daarnaast was hij beschermheer van toneel, fanfare en gymnastiek. In 1930 overleed hij vrij plotseling. Zijn opvolger was de heer D. Hoogenboom, die in de raadsvergadering van 4 februari 1931 werd geinstalleerd, In Zandvoort was de heer Hoogenboom "hoofdcommies ter secretarie". Hij woonde in de voormalige pastorie van Aartswoud. In de oorlog verborg hij joden. Door het onderscheppen van correspondentie kwam de gestapo hierachter en of schoon hij gewaarschuwd was ging hij toch naar zijn woning. Onderweg van het raadhuis naar Aartswoud werd hij gearresteerd en gevankelijk weggevoerd. Door uitputting is hij omgekornen in een concentratiekamp.

2. J ohan Kuiper (1897-1967). De ouders van J 0 Kuiper waren neringdoenden en woonden in de Kerkelaan. Vader had een brandstoffenzaak en moeder dreef een winkeltje in koffie en thee. Zoonlief had daarin niet de minste zin. Het avontuurlijke trok hem aan. Ook draaide hij liever films op de dors. Het waren vaak oude films, zodat breuk nog ai's voorkwam. De operateur riep dan: "Een ogenblikje! " De zwager van post Piet Brouwer, Jan Hartog, liet Jo naar Frankrijk overkomen, waar hij werkzaam was in een tirnmerbedrijf. In N ormandie hielp hij bij de aanleg van elektriciteitswerken en leerde daar ook Marga Seel kennen met wie hij in 1922 te Echauffourin in het huwelijk trad. Allerlei werkzaamheden werden na zijn terugkeer in Nederland door hem gedaan. Zo ging hij met de hondekar aan het venten met sinaasappelen en kaas, hielp bij de maalderij en loste schuiten van Jaap Kuiper. Tijdens de drooglegging van de Wieringerrneer maakte hij foto-reportages, waarop dokter Pool sr. een abonnement nam. En zo had Jo zijn bestemming gevonden. Hij werd persfotograaf. Hij werkte onder andere voor Polygoon en het A.N.P.

3. Dokter Johan Pool (1870-1945). Johan Pool werd te Aartswoud geboren en woonde daar tot z'n achtste jaar. Toen verhuisden zijn ouders naar een nieuwe boerderij in de pas drooggelegde Ilpolders. Na het doorlopen van het gymnasium studeerde hij aan de gemeente-universiteit van Amsterdam. In 1902 vestigde hij zich te Hoogwoud als opvolger van de overleden arts C.F. Imming. In 1906 betrok hij de dokterswoning. Voordien hield hij spreeku ur op een bovenkamer van het tegenwoordige "Witte Huis", Gevat in een eikenhouten cassette met fluwelen bekleding, vervaardigd door S. Smit, werd hem bij zijn veertig-jarig jubileurn een door meester Oepkes gecalligrafeerd boek aangeboden met daarin foto's van Jo Kuiper en alle namen van de dankbare patienten, Dankbaar voor de medische verzorging, maar dankbaar ook omdat dokter in de crisistijd weI's vergat de rekening te schriiven. Dokter Pool nam ook rijexamens af en ta1100s zijn daarover de verhalen die de ronde doen. Met grote angst zag de familie de examinator op een duo plaats nemen bij een kandidaat... Ook liet hij de kandidaat wel "s bij zijn huis vertrekken en wanneer de automobilist heelhuids terugkwam, luidde de uitslag positief, Een verhuizer, wiens radiateur lek was, had boven op zijn auto een badkuip geplaatst, waarmee hij de waterstand op peil kon houden. Helaas kreeg deze man nog een lekke band ook. Na het plakken van de band was de badkuip leeg, zodat eerst "getankt" moest worden.

4. Doopvont in de Nederlands hervormde kerk. Staande bij de 20 bekende doopvont zien we Willem (1859-1951) en Klaas de Ruiter (1883-1970). Bij de volkstelling in 1900 gaf Willem op handelaar te zijn in goud en zilver en koster. Van dat eerste weet niemand zich iets te herinneren. Willern was meesta1 gekleed in lange jas en met de handen onder de panden neuriede hij psalmen, wat hem prompt de bijnaarn "ture1uur" of "tureluut" versehafte. Bij het jaarlijkse volksfeest -het spuit proberen- moest zijn huisje het nog al eens ontgelden, Op 't dak lagen ouderwetse kleine pannen en wanneer de spuitgasten daarop hun stra1en riehtten, kletterden de pannen. Overigens hadden de brandweerlieden de opdraeht in de richting van de molen te spuiten. Grote mensen probeerden de kinderen door de stra1en te lokken door geld op straat te gooien, Aan het einde van het feest sprongen de kinderen gezamenlijk in het water. Ook hadden de kinderen 's winters een mooie glijbaan op de ge1e steentjes vanaf de kerk naar de lantaarnpaal. Menigkeer werd de pret door Willem bedorven door het uitstrooien van de as. Zijn zoon Klaas was oorspronkelijk boerenknecht in Hauwert, maar kwam in 1920 in dienst van de dokter als "kruiden1oper", huisen tuinknecht en verzorger van dokters vee. Voor zijn gezin had de arts een melkkoe en hij nam daar 's zorners enkele vetweiders bij. Veertig jaar dieride Klaas de familie Pool, waarvoor hij koninklijk onderscheiden werd.

5. Installatie burgemeester D. Hoogenboom. Op 4 februari 1931 hing wethouder W. Vijn burgemeester D. Hoogenboom de ambtsketen om. De heer Hogenboom werd in 1888 te OudBeijerland geboren. Wegens farnilieomstandigheden waren de feestelijkheden beperkt van aard. Na de installatie ging men naar cafe Schermer, waar een kopje thee werd gedronken en mooie woorden werden gesproken. Bij zijn installatie in 1947 zei de heer D. Breebaart het volgende over zijn voorganger: "Mijn benoeming is het gevolg van het wel zeer tragische einde van mijn geachte voorganger, die destijds door verraad op zeer laaghartige wijze is weggevoerd en in den vreemde door uitputting het leven heeft verloren. De heer Hoogenboom heeft zich een goed magistraat getoond, die veler vertrouwen en sympathie heeft verworven", Op de foto van links naar reehts:

Bea Hoogenboom, mevrouw Hoogenboom, S. GIas, P. Bossen, mevrouw Hoogenboom, C. Klaver, P. Groen, De Wit en mejuffrou w M. v.d. Veen. Vooraan wethouder W. Vijn en D. Hoogenboom.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek