Kent u ze nog... de Meppelers

Kent u ze nog... de Meppelers

Auteur
:   K. Bijl
Gemeente
:   Meppel
Provincie
:   Drenthe
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4318-9
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Meppelers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

11. Een Meppeler "pur sang" was Gerrit Kijk in de Vegt, die werd ontdekt door mevrouw M. van Werven-Nip. Mevrouw Van Werven, die naast huisvrouw een uitmuntend zangeres was, leidde Gerrit Kijk in de Vegt op en ontwikkelde hem, met zijn mooie, zuivere stem, tot een tenor van allure. De faam van Kijk in de Vegt bleef niet beperkt tot zijn geboortestad Meppel, maar hij kreeg landelijke bekendheid, trad op voor de radio en werd een goede operettefiguur. Als dirigent van het "Meppeler Mannenkoor" bracht Kijk in de Vegt met groot succes veel eclatant geslaagde uitvoeringen en concerten. Een dirigent die met geestdrift en deskundigheid, in een goed samenspel met de zangers, grate bewondering en respect afdwong.

In 1932 dichtte de toen dertigjarige Harm Hinrichs Plenter het Meppeler torenlied, het eerste lied over Meppel, en als eerste vertolkte de bloeiende .Kiek" dit door de Meppelers gewaardeerde lied.

Ode aan de Meppeler toren

Immer schoon en statig, stand er voor mijn geest, Midden in het stadje, grenzend aan de Reest, d' Oude Mep'ler toren, turend in de nacht, Als een trouwe herder, waakzaam en vol kracht.

Refrein:

De Meppeler toren, mijn trots en mijn vreugd, Hij geeft mij een beeld van mijn heerlijke jeugd, Ik speelde en stoeide zo blij aan zijn voet,

0, Meppeler toren, mijn greet!

Heimwee en verlangen, naar 't verloren schoon, Voerden in de vreemde steeds de boventoon, Hier vind ik de vrede, die mijn hart bemint, Meppel, dat met duizend banden mij nog bindt!

Op dit geboren lied was heel Meppel trots en de bevolking raakte ontroerd bij het horen van de zang van Gerrit Kijk in de Vegt. Op de foto poseert hij als "Monostatos" in de operette "Die Zauberflote".

12. Sinds mensenheugenis is het politiebureau aan de Hagenstraat gehuisvest. Het gebouw, dat door de politie in 1977 werd verlaten, is gebouwd in 1873/1874. Op 8 november 1870 deelde burgemeester Hosteijn van Meppel mede dat burgemeester en wethouders bereid waren een gebouw te doen stichten, waarin zouden worden ondergebracht: een lokaal voor de nachtpolitie met twee cellen, een kantonnale gevangenis met drie cellen en cipierswoning, twee lokalen voor de inrichting van een kantongerecht en een post- en telegraafkantoor met directeurswoning. Dit aanbod van burgemeester en wethouders geschiedde nadat ettelijke pogingen elders gebouwen te vinden waren mislukt. Omdat het gebouw van de kantonnale gevangenis aan de Hagenstraat (voordien het gemeentehuis) zich in een slechte toestand beyond en door het herhaaldelijk aandringen bij burgemeester en wethouders om van gemeentewege een beter postkantoor ter beschikking te stellen, kwam het raadslid H. Roelink Hzn. op het idee om het voorliggende pand op de hoek Hagenstraat-Hoofdstraat aan te kopen en dit te samen met de slechte kantonnale gevangenis af te breken en er een groot gebouw neer te zetten om onderdak te bieden aan de diensten van politie, kantonnement en P.T.T. In het pand op de hoek van de Hagenstraat-Hoofdstraat was een tekenschool gevestigd van meester Huisingh en tevens moest het naastgelegen pand aan de Hoofdstraat van koperslager Voogd worden opgekocht. Na de bouw kon het complex op 1 juli 1874 in gebruik worden genomen. De ingang van het postkantoor was aan de Hoofdstraat, terwijl de boosdoeners bij de ingang in de Hagenstraat terecht konden.

In de loop der jaren breidden de werkzaamheden van de gehuisveste diensten zich steeds meer uit en hoewel het huis van bewaring per 30 maart 1901 werd opgeheven en deze ruimten dus vrijkwamen, bleek toch dat het geheel niet genoeg was om aan alle gestelde eisen te voldoen. Het bleef sukkelen en het duurde dan ook niet lang of de P.T.T. moest dringend uitkijken naar een ander gebouw. De toestand aan de Hoofdstraat was intussen onhoudbaar geworden. Op 30 juli 1909 was het zover: de P.T.T. was vertrakken en had het nieuw gebouwde postkantoor aan het Zuideinde in gebruik genomen. De politie kreeg meer ruirnte en in een deel van het voormalige postkantoor werd een winkel gecreeerd, waarin Klaas Touwen zich vestigde. Jaren heeft de politie met het pand aan de Hagenstraat genoegen kunnen nemen, maar in de naoorlogse jaren kwam ook hier het ruimtegebrek ter sprake en rand 1950 werden over deze situatie de eerste besprekingen gevoerd. Het zou echter nog tot 1977 duren eer het nieuwe politiebureau aan de Schoolstraat zou worden geopend. Dit zeer moderne bureau van de politie bevat in de kelder een schietbaan en de wapenkamer; op de begane grand zijn de centrale meldkamer, de zeven cellen en veel kantoren, terwijl ook kantoren op de eerste verdieping aanwezig zijn.

Op de bank staan, van links naar rechts: E. Bakker, Eksteen, Kuik, 1. de Wit en voor hem staat De Boer. De rij politiemannen vangt links aan met Klunder, die agent eerste klas was. Naast hem staan Faber, R. Weide, Drachstra, Koopstra, E. Weide, inspecteur Wigboldus, H. Wijngaarden, K. Eksteen, H. Wessemius en B. Top, die ook agent eerste klas was.

't Was nog in de tijd dat men bij de Meppeler politie eerste, tweede en derde klas agenten kende. De eerste klas agenten zijn kenbaar aan een brede, witte band om de pet. Een tweede klas agent verdiende toen dertien gulden in veertien dagen.

13. Het Meppeler politiekorps poseert hier samen met de koninklijke marechaussee. Alvorens aan het werk te gaan schikte de fotograaf, terwille van een levende compositie, de langste personen achteraan en de man op de juiste plaats.

Op de achterste rij staan, van links naar rechts: wachtmeester 1. Faber, agent R. Weide, agent W. Lenstra, agent R. Veldhuis, agent H. Wessemius, agent G. ten Oever, agent P. Kroeskop, mare chaussee W. Nap, agent K. Brul, agent G. Zomer, agent H. Slots en als laatste in de rij zien we mare chaussee Nieuwland. Op de stoelen zittend zien we: agent J. Glastra, dan adjunct-inspecteur A. Swart, adjunct-inspecteur B. Top, inspecteur H. Breedveld, brigadecommandant K. van del" Veen en aan het einde van deze rij zit wachtmeester H. Broersma.

Nagenoeg aUe mannen van de justitiele macht dragen de een of andere onderscheiding, terwijl slechts weinigen een glad geschoren gezicht hebben. De meesten lieten hun snor korter of langer in de breedte uitdijen met opgedraaide of neerhangende punten. In ieder geval sierden de heren hun bovenlippen, in grote varia tie in lengte en model, met snorren. Bij niemand zette de haargroei zich onder de kin in de vorm van een baard voort.

In een van Meppels straten ontspon zich het volgende dialoogje tussen een der nevenstaande agenten en een verbalisant:

Agent: Ie e'm niet etoet! Verbalisant: 'K heb wei etoet! Agent: Nee, ie e'm niet etoet! Verbalisant: 'K heb wel etoet!

Agent: Nee, dat is niet woar. Ie e'm gien sinjaal egeem 'nl Verbalisant: 'K heb wel'n sinjaal egeem'nl

14. Ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan, in 1923, van de sigarenfabriek "De Eendracht" van de gebroeders Jakobs aan de Stationsweg, gingen de familie Jakobs en hun personeel een dagje uit. De door de heer Jakobs aangeboden reis leidde naar Arnhem en omgeving. Onder andere werd Burgers' dierenpark bezichtigd en kreeg men een diner aangeboden, dat werd genuttigd in een restaurant te Velp. Alvorens men aan tafel ging werd deze foto gemaakt.

In de staande rij, links beginnend, kijkt ons als eerste Meeuwis Knoop aan, dan Geert Lippinkhof, Mannus Heetla, Jannus Dozeman, Bakker, Gerrit Jonkers, Ter Horst, Marten Rijkeboer, Lamert Knoop, Wicher Kuiper, mejuffrouw Schenkel, Hilbert Oldebesten, Klaas Snijder, Spin, Jan Lippinkhof met voor hem mejuffrouw Hovenberg, Hendrik Schut, Albert Spraakman, Jan Hovenberg, Jan Schreur, Willem Rotman en achter hem is mejuffrouw Oldebesten half te zien, dan mejuffrouw Aaltje Huberts, Lamert van Dijk, Lambertus Bos, mejuffrouw Bertha Rink, Andries Nijenhuis, Gerrit Jonkers, Gerrit van der Veen, De Boer, mejuffrouw Sientje Volk, een onbekend meisje, achter haar Heime Hagedoom, mejuffrouw Nieuwhof, Gerrit Scheeres, Gerard Saan, Jakob Hoevenberg, Jan Akkerman, Lute ter Heide, Scheeres, achter hem Gerrit Jonkers, Arend van Delden, Egbert Meppelink, Hendrikus Westenberg met achter hem Willem Schreur, Harm van Buren, Albert Fledderus, Lucas Brandligt, Marten van Elvoort en, als laatste in deze rij, Roelof van Oosten. Op de stoelen zitten: Van der Vliet (meesterknecht), Jan Korten (vertegenwoordiger), een onbekende vertegenwoordiger, dan vertegenwoordiger Bot, vervolgens Hendrik Saan, mevrouw Saan, Hendrik Jakobs (meesterknecht), mevrouw Jakobs-Schwer, Dirk Jakobs, fabrikant en destijds C.H.U.-wethouder in de raad van Meppel, een zuster van mevrouw Jakobs, een onbekend nichtje , dan Trijntje Jakobs, Lambert Wildeboer, Hendrik Pleizier, Geert van Veen en Jannus Boven. Op de grond zijn gezeten: Jan Nijdam, Egbert Nijdam, Dirk Spraakman, Gerlach de Leeuw, Hendrik J. Westerbeek, Dick Jakobs, Gerard Jakobs, Hans Jakobs, Hendrik List, Frans Hendriks, Henk Pijlman, de dirigent van het fabrieksmuziekkorps "Excelsior", dan Arend Knipmeijer en naast hem Theodorus Brul,

15. Voor de jeugd van de Oosterboer en naaste omgeving heeft hun school altijd aan de Oosterboerweg gestaan. Aanvankelijk was het een houten school, die naast de kruidenierswinkel van Van Spil stond, maar in mei 1917 werd met de bouw van de huidige school begonnen en op 25 oktober 1917 yond de opening van de nieuwe tweemansschool plaats en het is tot op heden een tweemansschool gebleven. Kwam het handhaven van de tweede leerkracht in gevaar, doordat er te weinig leerlingen naar school gingen, dan wisten de Oosterboerbewoners er altijd wel wat op te vinden om enige kinderen aan te trekken, zodat het wettelijk vereiste minimum aantal leerlingen wel aanwezig was. Het medeleven met de school van de zijde van de ouders is optimaal, de opkomst voor het houden van een ouderavond kan niet beter, terwijl de ouderhulp bij het onderwijs uitstekend is. De leiding was afwisselend in handen van de volgende meesters: Oosting, De Boer, Seinen, Koops, weer De Boer (die zevenentwintig jaar aan de school was verbonden), Ten Kate, Hendriks en momenteel is H.J.W. Koning het hoofd der school.

Tijdens een schoolreisje naar Oranjewoud, op vrijdag 28 juli 1933, heeft de jeugd zich uitstekend vermaakt, terwijl de moeders tijdens het jaarlijkse schoolreisje aile mogelijke hulp boden.

We herkennen in de achterste rij, van links naar rechts: mevrouw Odie, mevrouw Nijveld, mevrouw De Gorter, een onbekende dame, mevrouw Fieten, mevrouw Kreulen, mevrouw Robaard, rnevrouw Lubbers-Geerts en mevrouw Lubbers-Benninkf? }. De tweede rij begint links met rnevrouw Smilde, dan mevrouw Hauwlo-Veneman, een onbekende dame, mevrouw Dekker-Vredeveld, mevrouw Geerts(?), mevrouw Ten Oever, mevrouw DekkerSanting, mevrouw Steenbergen, mevrouw Hauwlo-van Dijk, mevrouw Hut en als laatste een onbekende dame. De derde rij vangt links aan met mevrouw Duker, vervolgens de onderwijzeres juffrouw R. van Dijk, voor haar Griet Uiterwijk, Roelle Uiterwijk, Harmina van Gijssel, Albert Odie, Jantje Dekker, Roelofje Uiterwijk, Roelofje Hauwlo, Hilligje Spijkerman, Klaas(?) Jonker, Gerrit Vossenberg, een onbekende jongen, Johannus Kreulen, Hendrik Willem van Engen, Jan Timmerman, Geert Vos, achter hem rneester De Boer en naast hem mevrouw Pol. In de volgende rij ligt aan de linkerkant geknield, achter het bord, Hendrik Wieken, naast hem Roelof Dekker, Geert Dekker, een onbekende jongen, Geert Steenbergen, Roelof Robaard, Albert Kreulen, Roelof Hauwlo, Johannus Spijkerman, Jan Fieten, Jan Nijveld, Hendrikje Hauwlo, Jentje Uiterwijk, Aleida Westerhuis, Geertje Fieten, Geertje Jonkers, Hendrika Hut, Lammie Dekker en Roelie de Gorter. In de voorste rij zijn gelegen of gezeten: Lucas Lubbers, Jantje Dekker, Lammie Vossenberg, Aleida ten Oever, Margje Odie, Hendrik Vos, Roelof ten Oever en Jacob Fieten.

Het aantal leerlingen aan de Oosterboerschool is nooit groot geweest, daarvoor was de Oosterboer en z'n naaste omgeving te dun bevolkt. Ook het verenigingsleven is er nooit goed van de grond gekomen. Pogingen daartoe zijn wel gedaan, maar na een korter of langer bestaan verdwenen die verenigingen, maar de school nam altijd een zeer belangrijke plaats in in deze kleine gemeenschap. In 1977 hebben de Oosterboerbewoners dit dan ook op

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek