Kent u ze nog... de Schijndelse

Kent u ze nog... de Schijndelse

Auteur
:   S. Ckrab
Gemeente
:   Schijndel
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4349-3
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Schijndelse'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Het boekje "Schijndel in oude ansichten" was een groot succes en vandaar dat een vervolg hierop niet mocht ontbreken. Het eerste boekje toonde ons voornamelijk foto's van oude plekjes, dorpsgezichten, gebouwen en dergelijke. Maar in dit boekje, "Kent u ze nog ... de Schijndelse", valt het accent voornamelijk op personen uit Schijndel uit de periode van 1890 tot 1940. De ouderen onder ons zullen bij het openslaan dikwijls zeggen: ,,0 ja, witte nog, en den diee zeg, die is ok niks veraanderd". En zo zullen er veel jeugdherinneringen worden opgehaald. Er zullen van Schijndel uit die tijd nog weI meer mooie foto's zijn die de moeite waard waren om te worden geplaatst, maar ik moest mij beperken tot achtendertig stuks. Bij het verzamelen van deze serie heb ik veel verhalen gehoord die misschien zouden kunnen leiden tot een boekje met oude verhalen en anekdote's uit de goeie ouwe tijd,

Vanaf deze plaats zou ik graag allen die zo bereidwillig waren mij foto's, namen en gegevens te verschaffen hartelijk bedanken. De heer P. van der Spank was mij hierbij bijzonder van dienst en ook voor hem een woord van dank. De schrijfster wenst u met dit boekje veel plezier.

1. Bij een hoepelmakerij. Hoepelmaken of reepmaken werd voorheen in Schijndel zeer veel gedaan. De meest gebruikte houtsoort was wilgenhout en dit werd in grote bossen geteeld. Het werd ingeplant of gestekt op zogenaamde stobben of dammen, doorsneden door sloten. Op gezette tijden moesten de dammen worden "gekrabt" of schoongemaakt van onkruid. Was het hout oud genoeg, twee-, drie- of vierjarig gewas, dan werd het in het najaar gekapt. Na het kappen werd het hout gekort, dat wil zeggen op maat gekapt. Dit gebeurde zowel ter plaatse als op de "werf" bij de hoepelrnakerij (een werf was een open plaats). Het op maat gekapte hout, bestemd voor de witte hoepel, werd dan in sloten geplaatst om het groeiproces te voltooien. Van dit zogenaamde reephout werden grauwe en witte hoepels gemaakt. Voor de grauwe hoepels werd het hout niet geschild, voor de witte hoepels weI. Dit schillen, of wel "blekken", gebeurde met een zogenaamde streup (ijzeren klem in houten blok). Hier werd het hout doorheen getrokken om de schil of bast los te maken, die dan verder met de hand werd verwijderd. Dit blekken gebeurde zowel door mannen als vrouwen en door grot ere kinderen die iets wilden bijverdienen, Het gekorte en geblekte hout werd opgeslagen in mijten, later ook in schuren, om te drogen. Het hout dat buiten was opgeslagen werd afgedekt met de van het hout gekomen bast. Na het drogen en voor het verwerken tot hoe pel werd het hout gekloofd (kleuven). Met een kleufmes werd dan 'n begin gemaakt op de kappost (houten blok op paten), waarna de kleuf (een drie- of vierdelig schuin uitgehaald blokje) met de hand verder door het hout werd gedrukt. Dun hout werd aIleen met het kleufmes in tweeen gedeeld. Na het kleuven werd het hout op de snijbank aan de binnenkant glad gesneden. Het werd daartoe door een blok, die met de voet werd bediend, vastgehouden. Hierna ging het hout door de "draaibank" ('n houten bak met drie ronde blokken met leren riem en met de hand gedraaid) om te buigen. Dan werd het aldus gebogen hout met de hand tot hoepel verwerkt in een op maat gemaakt model en met bast vastgezet. De aldus ontstane hoepels werden tot bussels samengebundeld en op stapels gezet (buiten of in schuren) voor de verkoop aan tonnenfabrieken. Op de foto ziet u het kleuven met het kleufmes (rechts), met de kleuf (man aan kappost), het snijden op de snijbank en het maken van de hoepel en het busselen. De draaibank staat niet op de foto. U ziet: Harrie van Uden (met bussel), P. Fransen (het maken van de hoepel), B. Steenbakkers (met kennersblik het produkt bekijkend), G. van Beekveld (op de snijbank), P. Steenbakkers (korten), J. Fransen (kleuven met de kleuf) en P. Vervoort (kleuven met het kleufmes).

2. Een Schijndelse zilveren bruiloft in 't jaar 1928. Een zilveren bruiloft in die dagen werd meestal thuis uitbundig gevierd. De dag werd ingezet met een heilige mis, waarbij de kinderen en de familieleden aanwezig waren. Hierna werd uitvoerig gebruik gemaakt van een Brabantse koffietafel, waarna om bijvoorbeeld elf uur de naaste buren kwamen felieiteren, waarbij, al noemde men dit geen officiele reeeptie, een stevig borreltje werd gedronken. Het middagmaal, waara an dus de familie, die zogezegd de hele dag .verzocht was': deel nam, was omstreeks twee uur. Hierna was het tijd voor de officiele familiefoto. 's Avonds kwam "de buurt" het feest opluisteren, waarbij diverse zelfgemaakte liedjes en vooral de levenssehets van het bruidspaar naar voren werden gebraeht. Op de foto ziet u in 't midden het zilveren bruidspaar Martinus Lammers en Mieke Lammers-van Sehaik. Staand van links naar reehts: Jan van der Velden, Gerard de Hommel, Anna de Hommel-van Sehaik, Leen van Roesel, Mina van der Velden-Romaneseo en Christ van der Velden. Zittend van links naar reehts: een neef van de bruidegom, Anna Lammers, het bruidspaar, Marie Lammers, Marinus van Schaik en Dina van Sehaik-Hoogaars. Liggend of zittend: Toon de Hommel, Joke de Hommel, Herman van Schaik, Jo Lammers, Sjaan Lammers, Toon van Schaik, Ans van Schaik en Christ Lammers.

3. Op de "Meesterschool". Hier ziet u een erg leuke klassefoto van de leerlingen van de openbare lagere school in de Dorpsstraat (Hoofdstraat). Het is de eerste klas samen met de onderwijzers: links meester H. Erkelens en rechts meester H. van Lith. De foto is in 1919 genom en. Het mooiste van die klassefoto's vind ik wel die eigenwijze, ernstige gezichties. Want welke klassefoto je ook bekijkt, je ziet zelden iemand lachen. Maar dat kwam waarschijnlijk omdat je toen heel erg stil moest blijven zitten en je niet mocht bewegen als er een foto werd gemaakt. Want zie het resultaat van het jongetje boven de lei. Zittend van links naar rechts: Harrie Metler, Harrie Verhagen en Wim van der Schoot met naast hem zijn tweelingbroer Harrie. Tweede rij: J os Doreleijers, Marinus van der Linde, Theo van den Dungen, jongetje wat heeft bewogen (waarschijnlijk Verhagen), Dorus Broeren, Toon Steenbakkers en Toon van Schaik. Derde rij: Jan van Engeland, Harrie van Liempd, Cor Schellekens, Ties Beekmans, onbekend, Toon Mutsaarts, Jan Franssen, Harrie Verhagen, Janus Geerts en Grardje Schellekens. Vier de rij: Jan Pennings, Janus van der Spank, Wim van Kaathoven, Wim Timmermans, Jan Kastelein, Hendrik Evers, Nard van Gogh, Koos Steenbakkers, Jan van Liempd, Wim van Dieten en Harrie van de Westelaken. Vijfde rij: Hendrik van Grinsven, Albert Schevers, Frans van Zutphen, Woud van der Heyden, Jan van der Eerden, Toon van de Brand, Adrianus van Rozendaal en Gerard van Rozendaal. En op de zesde, de bovenste, rij: Toon van Zandvoort, Janus Verhagen, Bert van der Ven, Harrie Voets, Toon Verhagen, Huub Oerlemans, Jan van den Boogaard en Willem Broeren.

4. Bij deze gelegenheid werden burgemeester J.J. Janssens, zijn vrouw, zoon en doehter mooi in de bloemen gezet, Daar was alle reden voor, want na vele jaren burgemeestersehap nam de heer Janssens afseheid als burgervader. Hij was in oktober 1919 in dienst gekomen van de gemeente Schijndel en hij legde zijn ambt neer op 14 september 1937. Aehttien jaar lang heeft burgemeester Janssens het wel en wee van Schijndel en zijn bevolking behartigd, samen met het korps ambtenaren, waarvan er enkelen op de foto te zien zijn, Zittend aehter de bloemen ziet u burgemeester Janssens met aan zijn linkerzijde zijn vrouw en zijn zoon en aan zijn rechterzijde zijn doehter. Staande van links naar reehts: H. van Mierlo (chef-veldwachter), P. van de Ven (gemeenteopziehter), L. van Eseh (gemeenteontvanger), een mareehaussee uit Boxtel, A. van Bokhoven (ambtenaar ter seeretarie), weer een mareehaussee uit Boxtel, N. Verhagen (gerneenteseeretaris), P. van der Spank (ambtenaar ter seeretarie), A. in 't Ven (gemeenteveldwaehter), H. van Oseh (gemeenteveldwaehter), ir. A. Hofman (adviseur gemeentelijk elektrieiteitsbedrijf), A. van Eseh (ambtenaar ter seeretarie), A. van Liempd (gemeentebode) en J.M. (Mina) van de Weijenberg (sehoonmaakster).

5. Voor het gemeentehuis, dat in de oorlog gebombardeerd is, poseert hier de Harley Davidson motorrijdersclub. Dit was een clubje dat er zondags op uittrok om afstanden per motor af te leggen. Onderweg onderbraken zij dan hun rit om in een cafe een verfrissing te nemen. Deze club deed niet mee aan wedstrijden of zo iets dergelijks, maar was er aIleen om fijn in de vrije tijd er op uit te trekken. In de zijspan links zit F.H. de Bruin, de motorrijder is Jan Nefkens en verder van links naar rechts: P. van de Ven, P. Thijsen, W. van Uden, J. van Liempd, H. Tausch en L. van Esch. Op de trap ('t jongetje in het midden dat de leuning vasthoudt) staat Stef Tausch en waarschijnlijk is het jongetje onder Stef Bernard van Veghel. De twee meisjes links zijn Zus en Betsie Meuffels uit "De Gouden Leeuw". De anderen op de trap zijn onbekend. De foto dateert van 1920.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek