Kent u ze nog... de Veendammers en Wildervankers

Kent u ze nog... de Veendammers en Wildervankers

Auteur
:   G.H. Streurman
Gemeente
:   Veendam
Provincie
:   Groningen
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4373-8
Pagina's
:   120
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Veendammers en Wildervankers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

6. Een foto uit omstreeks 1895 van Marcus Marinus Duintjer en zijn zes kinderen; zijn vrouw Katharina Meihuizen, was toen al ongeneeslijk ziek. De kinderen, tot de kleinste toe, droegen midden in de zomer hoge rijglaarzen! Bij het Midden Verlaat, nog juist in Wildervank, tussen de beide na verdwenen bruggen op de plaats van het vroegere buiten "Woellust" van Sichterman, begon hij een handel in allerlei materialen, maar spoedig speciaal in machinerieen, die hij verkocht voor Stork in Hengelo. Tijdens de eerste wereldoorlog, toen vooral de strocartonfabrieken moeilijkheden kregen met het betrekken van nieuwe machines, sloeg Marcus zelf aan het uitvinden en construeerde eenvoudige werktuigen en zeven, waarmee men alvast geholpen was. Zo werd van de nood een deugd gemaakt, maar die deugd groeide uit tot een groot bedrijf, waar vooral geperforeerd plaatijzer, radiatoren enzovoort zouden worden gemaakt. Men woonde in het mooie witte huis achter de zware kastanjebomen en naast de grote beuk, het huis, waarin later het kantoor ondergebracht werd. Daar de chef nog al eens heftig was, werd hij door het personeel wel Marcus-Lawaai genoemd. Op de bank in het midden zit vader Marcus. Dan de kinderen van links naar rechts: Tine, later getrouwd met Hendrik Wilkens; Egbert en Hendrik, beiden jong overleden; dan, met pop, Alida, later mevrouw Bakhuis; Jurjen, later getrouwd met Suze de Beer, maar ook vrij jong gestorven en tenslotte Steven, in wie men hier nog niet de decoratieve figuur met witte puntbaard, getrouwd met Dien Jordaan, zou herkennen die jarenlang, na zijn stu die in Zurich eerst samen met zijn broer J urjen en na diens dood alleen, met straffe hand het steeds groeiende bedrijf beheerde en tevens tijd yond zich, tussen de genoegens van de jacht en het buitenleven "In 't Mul" bij Rolde door, met sociale aangelegenheden te bemoeien. In de bezettingstijd was hij een toevlucht voor onderduikers en wist hij, via zijn fabriek, de omgeving van elektriciteit te voorzien. Hij kreeg na de bevrijding door allerlei misverstanden wat moeilijkheden, waardoor hij zich terecht, gekrenkt voelde, maar hij werd spoedig in ere hersteld. Geleidelijk trok hii zich uit de directie terug ten behoeve van zijn zoon en vestigde zich in Groningen, waar hij in 1970 op 91-jarige leeftijd overleed.

7.De "bevolking" van de in 1904 gestichte Veendammer Gerneentelijke Landbouwschool in 1908, hetzelfde jaar, waarin de school werd omgezet in een riikslandbouwwinterschool met een eigen gebouw (in 1909) aan het tegenwoordige Pieter Sneeuwplein en met dezelfde, door zijn activiteiten en geschriften overbekend geworden directeur Jan Kok, naar wie later de school werd genoemd. V66r 1908 was de school ondergebracht in het gebouw van de to en nog gemeentelijke H.B.S. in de Kerkstraat. Een nu dan de namen van de afgebeelden ; op de achterste rij van links naar rechts: Herman Zwart (Tripscornpagnie), Gezinus. M. Steenge (Annerveen), Simon Drost (Veendam), Everhardus Nieboer (Wildervank), Jan Tiddo Meyer (Zuidwending], Jan Jacob Onnes (Meeden), Berend M. Liefstingh (Westerlee) en Gezinus Lambers (Borgercompagnie). Op de middelste rij: leraar-dierenarts Bosscher, Willern Oostingh (Nieuw Buinen), Jacob Bakker (Borgercompagnie), Eerke Eerkes (Wildervank), Arend Okko Veninga (Stadskanaal), Geert Hendrik de Boer (Zuidwending), Albert Gernaat (Wildervank), Harmannus Dijkhuis (Nieuwe Pekela), Berend Jacob Hemmes (Wildervank) en directeur Jan Kok (Veendam). Voorste rij: Willem Smeenk (Veendam), Okko Nieborg Derksema (Beerta), Jacob Dijkhuis (Nieuwe Pekela), Freerk Keiter (Veendarn), Popko Hendrik Kloen (Musselkanaal), Jan Hendrik de Wit (Veendam) en Harm Oostingh (Nieuw Buinen). Al die plaatsenamen, die mij naast die van de leerlingen, verstrekt werden door de laatste directeur van de school ir. D. Pattie, geven een mooi beeld van het wijde gebied, waaruit de school haar leerlingen betrok. De technisch volmaakte, nog altijd gave foto getuigt evenals de volgende van de grote vakbekwaamheid van onze Veendammer fotograaf van destijds: A.R. Prummel

8. Als voorlopers van het latere landbouwhuishoudonderwijs werden van 1909 tot 1922 aan de rijkslandbouwwinterschool te Veendam van 1 april tot 1 augustus zomercursussen voor meisjes gegeven, 18 weken per seizoen, drie middagen per week van 3 tot 6 uur. Deze cursussen stonden onder leiding van de directeur van de school, Jan Kok, terwijl tevens lessen werden gegeven door leraren van de school. Op deze foto van de laatste cursus in 1922 staan, van links naar rechts (de rijen gerekend naar hoofdhoogte), bovenste rij: leraar P. Sneeuw (later directeur; tijdens de bezetting door onze beschermers gefusilleerd), Jantina Weits (Nieuw Buinen), Marchiena Mulder (Veendam), Martha Snijder (Zuidwending), Hillechien Engelkes (Wildervank) en directeur Jan Kok. Tweede rij: Jantje Akkema (Wildervank), Aaltje Mulder (Veendam), Gezina Hendrika Boer (Wildervank), Hendrika Mulder (Borgercompagnie), Fokkina A. Slim (Wildervank), Delina Veninga (Stadskanaal), Elsina Mulder (Veendam), Bientje Zuidhof (Oude Pekela), Johanna Bakker (Zuidbroek) en Grietje Aeilkema (Zuidwending), Derde rij: Fenna W. Kremer (Ommelanderwiik), Nanny Dijkhuis (Zuidwending), rnejuffrouw P. Sybesma (lerares), mejuffrouw Afina A. Doornbos (lerares, later eerste directrice van de landbouwhuishoudschool, die thans haar naam draagt), Etje Mulder (Veendam), Efina J. Boes (Wildervank) en Frouke Schuringa (Wildervank). Voorste rij:

Hendrika Mulder (Borgercompagnie), Engeltje Takens (Zuidwending) en Saartje Aeilkema (Kalkwijk).

9. De cornmissie van toezicht van de riiksrniddelbarelandbouwschool te Veendam bestond uit vooraanstaande landbou wers uit de hele orngeving, die actief waren in hun verenigingen en organisaties en zich ook interesseerden voor allerlei maatschappelijke aangelegenheden. Hier poseren van links naar rechts, zittend en staand: P. Boerma (Muntendam), R. Wichers (Gasselternijveensemond; hij was onder andere oud-voedselcommissaris voor Drenthe, oud-voorzitter van de Veenkoloniale Boerenbond; oud-voorzitter van het AVEBE en voorzitter van de Vereniging van de Nederlandse Aardappelmeelindustrie), B.H. Meiborg (Veendam), B.D. Kuipers (Sellingen), J. Bosch Kzn. (Wildervank), H.J. Doornbos (Veendam), Sj, Zuidhof (Stadskanaal), H. ter Borg (Borgercompagnie) en l.R. Stuut (Nieuwe Pekela).

10. Onder de lange rij van namen van Veendammer zeilvaarders uit het midden in de tweede helft van de vorige eeuw neemt die van Pieter Hendriks Hazewinkel een ereplaats in. Uit zijn persoonlijk leven is aan brieven, documenten en voorwerpen een en ander overgeleverd, dat zich nog in het bezit bevindt van enkele nazaten, hier en elders; ook de Hazewinkels van het Nieuwsblad van het Noorden behoren tot deze beroemde clan. Wij weten dat de vader van Pieter H. beurtschipper was en dat hij woonde aan het Beneden Oosterdiep. Het huis , waarin Pieter H. heeft gewoond, staat er nog ; het verdiende een gedenksteen! Wij weten ook, dat hij getrouwd was met een meisje Folkersma en dat hij in latere jaren dee! uitmaakte van de examencommissie van de Veendammer Zeevaartschool. Zijn grote roem heeft hij ech ter te danken aan zijn reis om de wereld, 1852-1854, met het fregatschip "Bernard Hertog van Saksen Weimar", door Hazewinkel, die zelf vrijmetselaar was, zo genoemd naar de bekende, zeer geziene hertog, die bekend stond als een vooraanstaand macon Het kostbaarste bewaard gebleven document uit het leven van onze grote zeevaarder is het scheepsjournaal van deze lange reis, dat zich niet in Veendam bevindt, maar in het Groninger Scheepvaartmuseum, waar het door conservator Teensma terecht als een cerberus wordt bewaakt. Ons helaas te vroeg overleden bestuurslid van het Veenkoloniaal Museum, R.C. Vos, zelf nog leerling van de Veendammer Zeevaartschool, heeft het voorrecht genoten dit journaal ter plaatse te mogen te bestuderen en er stukken uit over nemen. Vos heeft hiervan dankbaar gebruik gemaakt voor zijn uitvoerig artikel over Pieter Hendriks Hazewinkel in het "Gedenkboek Veendam 300". Op de oude begraafplaats van Veendam staat nog de gedenksteen "Ter nagedachtenis van Pieter H. Hazewinkel", gekroond door een stenen bol waarop door een lijn de "Reis om den aardbolI852-1854" is aangegeven.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek