Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 3

Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 3

Auteur
:   Jacques Theelen en prof. dr. A.J. Jansen
Gemeente
:   Arcen en Velden
Provincie
:   Limburg
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2550-5
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Veldense Kiêszek deel 3'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

INLEIDING

am de harten te winnen van aIle Veldenaren bestaat er geen betere weg dan de Veldenaren van vroeger en nu als het ware te laten herleven in een fotoboek. Het enorme succes dat wij hebben gehad met de eerste twee delen "Kent u ze nog ... de Veldense Kieszek" heeft ons ertoe gebracht deel 3 het levenslicht te doen aanschouwen. In de beide vorige delen kwam vooral de oudere generatie ter sprake, doch met dit derde deel hebben wij een brug geslagen tussen het verleden en het heden van de hele Veldense gemeenschap. In dit deel komen vooral de jongeren aan bod. Hiermede hopen wij te bereiken dat deze laatste groep het fijne van deze boeken zal proeven en, net als de oudere generatie, dit werk zal waarderen en alle boeken in bezit wil hebben. Bij ons speurwerk hebben wij overal ondervonden dat iedere Veldenaar deze boeken een warm hart toedraagt en bereid is zijn steentje bij te dragen, hetzij in de vorm van het beschikbaar steIlen van foto's, hetzij door personen te identificeren of op andere wijze. Hiervoor onze welgemeende dank! Heel speciaal geldt deze dank voor de dames mevrouw Annie Hegger-van de Venne, Maria van der Haghen en Bemardien Duyf, die ieder op haar eigen bijzondere wijze haar bijdrage hebben geleverd bij het tot stand komen van dit derde deel. Wij leggen daarom in deze inleiding vast, dat zij voor dit derde deel gelden als "echt gewaardeerde medewerksters".

Voorts hopen wij met dit boekje iets te hebben bijgedragen aan de geschiedschrijving van Velden. Onze vurigste wens is dat deze boeken de vriendschap zullen verstevigen tussen aIle Veldenaren onderling, zonder onderscheid van rang of stand. Het zijn immers allemaal Kieszek!

Wij zijn er van overtuigd dat ook dee 1 3 fijne herinneringen te voorschijn zal toveren bij hen die nu in Velden wonen, maar vooral ook bij oud-Veldenaren, waar ook ter wereld.

Rest ons nog te vermelden dat de samensteIlers dit werk uit liefde voor Velden en "pro Deo" gedaan hebben, Het batig saldo komt ten goede aan de Stichting tot Behoud en Beheer van Veldkapellen en Wegkruizen in Arcen en Velden (zie hieronder).

Sef Janssen (Sefvan Meister Janssen) Sjaak Theelen (Sjaak van Hermes Piet)

Stichting tot Behoud en Beheer van Veldkapellen en Wegkruizen in Arcen en Velden. Secretariaat: Kloosterstraat 6, 5941 ET Velden.

Bank: Rabobank Velden, rekening 15.35.23.328. Giro van deze bank: 1034943.

1. Links boven: Henricus Conrad Verbeek, geboren te Ve1den in 1869, priester gewijd in 1894, was professor te Ro1duc. A1daar overleden en begraven in 1924.

Rechts boven: Petrus Joannes Verbeek, geboren te Ve1den in 1863, priester gewijd in 1889, kape1aan te Midde1aar en Kessel. Over1eden te Kessel in 1904 en begraven in Ve1den.

Links onder: Joannes Mathias Verbeek, geboren te Velden in 1858, priester gewijd in 1881, kapelaan te Horn, Roermond en Mook. Overleden en begraven te Velden in 1900.

Rechts onder: Sjang van Haeff (broeder Henricus) van de dominicanen. Geboren te Velden in 1894, ingetreden in 1927, geprofest in 1929, broeder-tuinman in Huissen, Nijmegen (A1bertinum), Langenboom, Zwolle, Rijckholt en Venlo (Mariaweide). Hier verblijft hij nu (1983) nog met emeritaat. In 1945 werd het klooster waarin hij was gebombardeerd en daarna werd hij met zijn familieleden naar Straelen geevacueerd.

Clublied (Lei Linssen S.C.I.) van de studentenc1ub Amico te Velden:

Komt, jongens, rond onz' vaan: heft thans ons clublied aan, terwijl wij gaan.

Onz' vane gaat voorop, onz' leuze in haar top.

Nu zij zich hier ontvouwt, elkeen aanschouwt.

Aan de Moeder van het Licht in Christus opgericht

de Club ons richt:

dat wij in fierheid rein geheel ons jeugdig zijn

thans vormen voor het werk in staat en kerk.

Wat vriendschap samenbracht in edelmoed en kracht,

't bliiv' geacht.

Wij trekken trouw en een door alle moeite heen, want makkers voor elkaar staan altiid klaar.

2. Op 10 november, dat is daags voor het feest van de heilige Martinus (Sint Maarten), wordt in iedere buurtschap "Sint Martesveur" gestookt. De jongens zijn dan al vele weken bezig met "tobbe". In de hele buurt halen zij dan zogenaamde schansen (takkebossen) en andere brandbare voorwerpen op. Dit alles stapelen zij op en zij maken daarmee een "Sint Maartenshoop" (troshoop), die op 10 november verbrand wordt.

Historici vertellen ons dat dit gebruik zijn oorsprong vindt in de brandoffers die onze heidense voorouders brachten aan hun afgoden, zoals Wodan en Donar; zij dachten door die brandoffers met hen contact te krijgen. De eerste geloofsverkondigers in deze streken konden deze heidense afgodendiensten maar heel erg moeilijk uitroeien. Om die reden zijn zij zeer tactvol opgetreden tegen deze gebruiken. Op de plaatsen waar de heidense offeraltaren stonden en waar de heidenen dus hun brandoffers brachten, lieten zij Sint Maartensvuurtjes stoken, zodoende de heidense gebruiken omvormend tot uitingen van christelijk geloofsleven.

Bij het "tobbe" hoorde nog een ander gebruik, narnelijk het zwaaien met een "wierkspot". Voor dit doel gebruikten de jongens een "kroetdoes" (lege stroop bus). In de bodem van de "does" werd met een spijker een groot aantal gaten geslagen en verder werd een gat geslagen in twee zijkanten, In deze laatste twee gaten werd een ijzerdraad van ruim een meter lengte met de draadeinden vastgemaakt, zodat men een klein emrnertje had met een hengsel van ruim een halve meter. In de "wierkspot" deed men hars van dennebomen en andere kleine brandbare voorwerpen. Dit materiaal stak men in brand en dan zwaaiden de jongens met de "wierkspot" van bene den naar boven en dan weer snel naar beneden en zo verder. Het materiaal in de wierkspot ging dan gloeien en branden. Tijdens het branden van het Sint Maartensvuur maakten de jongens hun handen zwart met verkoolde stukjes hout. Ze renden dan de meisjes achterna om deze met hun zwarte handen door het gezicht te strijken. Vanzelfsprekend gingen de rneisjes er dan snel vandoor. Ze wilden niet gevangen worden en niet zwart gemaakt worden. Bij de jongens viel deze sport echter buitengewoon in de smaak. (Zie ook deel 2, bladzijde 84.)

Op de bovenste foto zien we dat de jongens een "schans" krijgen van Koekoeks-Han. Deze foto is genomen in het begin van de jaren twintig, Koekoeks-Han woonde destijds aan de Vorstweg, tegenover Benders-Pier. Verder zien we op de foto bovenaan links meester Handrie Janssen, hoofd der school. In de rij jongens voor de deur herkennen we Frans Litjens en Herman in 't Zandt en (klein) Sjaak van den Hombergh (? ).

Op de onderste foto, uit hetzelfde jaar, zien we een aantal jongens bezig met "tobbe".

3. PESTOER (l)

Wanneer mensen uit de jaren twintig en dertig spreken over Pestoer, dan doelen zij steeds op pastoor Joosten. De vele verhalen over hem brengen, hoe zeer er om gelaehen werd, toeh een grote aehting voor zijn persoon tot uitdrukking. Hij stamde uit een boerenfamilie uit Beesel en heeft noeh zijn taal, noeh zijn afkomst ooit verlooehend.

Over zijn hondje "Fidelke" hebben we het al gehad in deel 2 op bladzijde 108. De hondjes had den het goed op de pastorie en voelden zich er heel gelukkig. Maar in ieders leven komen weI eens teleurstellingen voor en zo ook in het hunne. Dat zij niet mee mochten naar de kerk, was er een van. De andere betrof de liefde, waarvan zi], als reehtgeaarde, gezonde teefjes, van tijd tot tijd last hadden. Maar ja, een pastorie herbergt aileen de zuivere christelijke liefde tot God en tot de evenmens en hondjes waren geen van beide. Dat was dus hun peeh. Als hun hondeliefde dan ontlook en de kandidaten in groten getale aan de poort van de pastorie door hun signatuur van hun belangstelling voor een engere verbinding blijk gaven, werden Fidelke en later ook Tibi op retraite gestuurd. Daar kwam overigens geen Manresa en geen pater aan te pas, want hun retraitehuis heette "plee". In de eenzaamheid van die eel ontbrak het hen aan niets, behalve dan aan dat wat zij zo graag wilden. Tot de bui over was.

PESTOER (2)

Pestoer was een door en door vroom en heilig man. Wandelend rond de tafel in de huiskamer bad hij elke avond, als zijn bede "Lam Gods, dat wegneemt de zon der wereld" weer eens verhoord was, de rozenkrans voor. Met de hemel stond hij op zo vertrouwelijke voet dat een vriendelijk woord voor Fidelke er best tussendoor kon. In deel 1 hebben we op bladzijde 71 reeds vermeld dat pastoor Joosten weI eens een vlieg dood sloeg tijdens het bidden van de rozenkrans en dat dit weI eens tot grappige gevolgen leidde.

Op nevenstaande foto van omstreeks 1927 staan bovenaan, van links naar rechts: Jeu Simons (Heiligers Wuilem), Jan Vosbeek (Benders Bert), Lambert van den Berg (tummer Graad), Sjaak Duijf (Kuub), Sef in 't Zandt (tumrner Wuilem), Minie Hoogland (Molders Mrie), Doortje Hegger (smid Toen), Annie Simons (Simons Wuilem, vrachtrijder) en Mientje Bouten (Haammeker), In de volgende rij: Jer Duijf (Graad), Harie van Hees (snier Sjang), Jan Kuypers (Maan), Piet Peeters (slechter Graad), Graad Haanen (Fried ziene Maan), Thei Janssen (Piet, zaalhouder), An Roos (pleegkind bij Piet Geurts, Janne Piet), Lies Holthuisen (Nol), Maria Jacobs (Zeelen, de Niers), Lientje Manders (kapper) en Anneke Haanen (Noles Maan). Ten slotte onderaan: de eerste is onbekend (kijkt opzij), vervolgens Pierre Holthuisen (Jen), Wiel Simons (Wuilem, vrachtrijder), Wiel Jansen (Pornpe Piet), Mie Luijpers (Wiel), Mia Duijf (Kuub), Dien Duijf (Kuub), Mie Heuvelmans (Graad), Mie van Neerven (Graad) en Bertha Vosbeek (Benders Piet).

Inzet: Fried ziene Sjang (links) en Fried ziene Maan (gebroeders Haanen).

4. Op nevenstaande foto, gemaakt op de bruiloft van Severinus Peters (Vrien van Conen) en Marie Zeelen, omstreeks 1928, staan de volgende personen: 1. Sef Jacobs; 2. Lies Zeelen; 3. Louis Tobben; 4. Nellie Zeelen; 5. Jeu Peters (Cone Jeu); 6. Marie Litjens (Piet); 7. To Peters; 8. Gir Zeelen; 9. Willem Coenen (Grubbenvorst); 10. Leentje Zeelen; 11. Herman Schreurs (Lomm); 12. Nel Coenen-Schreurs; 13. Mie Schreurs (Graad); 14. Dris Zeelen junior; 15. Mia Schreurs (Herman, Lomm); 16. Jo Schreurs (Graad); 17. Piet Peters; 18. Herman Fohlis (Grefrath); 19. An Peters; 20. An Zeelen (Frits, Genooi, vrouw van Herman van Leipzig, bijgenaamd Foete Maan); 21. Nel Schreurs-Gommans; 22. Graad Schreurs (Kempkes Graad); 23. Mien Zeelen; 24. Gir Litjens (Piet); 25. Sjeng Peters; 26. Severinus Peters (bruidegom); 27. Marie Zeelen (bruid); 28. Door Peters; 29. Pietje Zeelen; 30. Stien Zeelen-van Gerven; 31. Louis Zeelen; 32. Tru Schreurs-Mulders; 33. Jan Simons; 34. Willem Simons; 35. An Simons-Zeelen; 36., 37. en 38. drie muzikanten; 39. Frits Zeelen (Genooi); 40. Dris Zeelen senior; 41. Annemarie Zeelen-Schreurs; 42. Heinke Peters; 43. Han Peters-Baetsen; 44. Nel Tobben-Seelen; 45. Antje Naus-Seelen; 46. Andre Simons; 47. Pietje Simons; 48. Mia Jacobs; 49. Annie Simons; 50. Wiel Simons en 51. Jeu Simons.

In 1907 verscheen een "Bruiloftslied" in druk voor Adolf van den Hombergh en Nella Wijnhoven. Hieruit citeren wij enkele coupletten.

Wie is de vreugde van dit feest, hoezee.

Wie pronkt en prifkt hier 't allermeest, hoezee. Is het Adolf en Nella niet

die m' in de echt getreden ziet, hoezee (6x)

0, ja, het zijn deez' echtelien, hoezee. die wij hier bij elkander zien, hoezee. Nella is nu Adolf zijn vrouw

verbonden door de huuw'lijkstrouw, hoezee (6x)

Te Cana was men ook verheugd, hoezee.

Daar hield men ook van veel geneugt ', hoezee. Ja zingt en drinkt all'maal terdeeg,

hier zijn de [lessen nog niet leeg, hoezee (6x)

"Lang level "roep ik andermaal, hoezee.

Het klinkt en galmt hier door de zaal, hoezee. " Lang level "roep ik overluid,

"die Adolf met zijn waarde Bruid! ", hoezee (6x)

Een uitspraak over pastoor Joosten: "Pestoer", zo meende D'n Hoed, "mOt 't hebbe van de kalde en de heite." De "kalde" waren de overledenen, met de "heite" waren zij die gingen trouwen bedoeld.

5. Halfvasten was vroeger de tijd waarin de fanfare ,'yelden" een toneelstuk opvoerde om de kas te spekken. Zo werd op 2, 3 en 10 februari 1929 "De zegepraal des Kruises" opgevoerd, een stuk over de vervolging van de christenen. Donateurs had den gratis toegang. De inkomsten waren van entreegelden f 141,85; plaatsen reserveren f 26,40 en van honoraire leden f 14,50. De uitgaven voor verteer f 19,50; huur piano f 7,50; advertentie f 10,-; Piet Vink, regisseur voor grimeren en huur kostuums f 109,15; dirigent Rincket f 12,-; toneelcommissie f 2,27; programma's drukken f 11,10. Het overschot bedroeg f 7,68. V66r de toneeluitvoering werd door de fanfare een groot concert gegeven.

Het was voor het eerst in de geschiedenis dat met toestemming van de pastoor en de burgemeester gernengd toneel werd gespeeld. Dit jaar werd hiervoor speciaal toestemming gegeven omdat het stuk dat het jaar tevoren opgevoerd was, financieel een strop was geworden voor de fanfare. Bovendien stond de hoofdrolspeler Toon Roefs op het punt te trouwen met Grada Rieter, een zus van Maria Rieter, die de rol van "martelares" speelde. Het stuk moest v66r de opvoering gekeurd worden door pastoor Joosten. Hij schreef dan op een kalenderblad of op een stuk papier van zijn tabakszak: "Hier en daar gezien en niets kwetsends gevonden", In de daaropvolgende jaren werd echter geen toestemming meer gegeven voor gemengd toneelspelen.

Vermeldenswaard is nog dat Toon Roefs tijdens de generale repetitie een pook op zijn rug kreeg en hij gooide die door de zaal, als was hij daar de alleenheerser. De toneelspelers kregen voor hun werk en als beloning voor alles wat zij gedaan had den een etentje aangeboden. Daarvoor werden bij de boswachter op de Hamert hazen gekocht voor negentig cent per stuk. Wiel Lucassen leverde verder de spruitjes gratis, Jan Geurts de aardappelen en bierbrouwerij "De Vriendenkring" uit Arcen leverde vijfentwintig liter bier gratis. De sluitingstijd was elf uur.

Nevenstaande foto werd in Venlo gemaakt. De spelers moesten "geschminkt" op de foto en daarvoor moesten zij van lunchroom Verheugen naar de Klaasstraat. Toen zij weer naar Velden terug wilden rijden was de autobus van Duijf Graad bevroren, zo koud was het die dag. Op de foto staan: 1. Grada Kroonenberghs (Gerard; zij moest het "Ave Maria" zingen); 2. Ber Geurts (Backus Ber); 3. Jan Geurts ((Konrate Jan; slaaf); 4. Maria Rieter (Huube Mrie; martelares); 5. Antoon Roefs (Enderhoeve, Schandelo; ridder); 6. Frans van der Haghen (Vilgert; schildknaap); 7. Wiel Lucassen (Scholse Wiel; vader van de martelares); 8. Herman in 't Zandt (tummer Wullem); 9. Herman Clabbers; 10. To Geurts (Konraten To; later echtgenote van Gir Litjens); 11. Jan Clabbers (Koestraat) en 12. Sjaak Clabbers (secretaris van de fanfare en postbode; hij speelde keizer Nero).

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek