Kent u ze nog... de Vordenaren

Kent u ze nog... de Vordenaren

Auteur
:   J. van den Broek
Gemeente
:   Vorden
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3164-3
Pagina's
:   144
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Vordenaren'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

,

, , .

"

, ~

-----~ ...?.? 1

nl~

-~

26. De Aartsens waren al vanouds kleermakers; zij woonden oorspronkelijk in Harderwijk, Toen Jan Aartsen naar Vorden kwam, werkte hij eerst bij de weduwe Steenman, die een textielwinkel annex kleermakerij dreef aan de Dorpsstraat, op de plaats waar nu Garage Kuijpers is gevestigd. Jan Aartsen trouwde in 1908 met Gerritje Garssen en samen lieten ze een woning aan de Stationsweg zetten. Zij woonden op de benedenverdieping en boven werd de kleermakerij uitgeoefend, die intussen van de weduwe Steenman was overgenomen. Het was een van de eerste panden die met een spouwmuur werd gebouwd. Dat gaf to en nog problemen met de gemeente, maar werd uiteindelijk toch aanvaard omdat de bouw van die soort muren wettelijk was toegestaan.

Hier ziet u dat huis aan de Stationsweg met daarvoor links eerst Hendrik Brinks, die uit Deventer kwam en, gedurende viiftig jaar tot aan zijn pensioen, bij de firma werkte en daarna nog vijf jaar voor halve dagen. De eerste vijftien jaar was hij nog niet getrouwd en woonde hij bij de familie Aartsen in. Zo ging dat in die dagen!

Rechts op de foto ziet u het echtpaar Aartsen met hun jongste zoon Jan in het midden. Deze zoon Jan trad later niet in de voetsporen van zijn vader, maar ging in het onderwijs werken. Zijn oudste broer Sioerd bezat wel voldoende zitvlees voor het kleermakersvak en leidde het bedriif tot 1975, waarna zijn neef Johannes Pieter (de zoon van Jan) de leiding overnam. Het kleermakersbedrijf is nog steeds op dezelfde plaats aan de Stationsweg gevestigd.

27. Poesse-Bosch heette de vleesverwerkende fabriek, die in 1886 naar Vorden werd verplaatst vanuit Hengelo (Gld.), waar het bedrijfspand door brand was verwoest. Poesse was de naam van de eigenaar en Bosch heette zijn vrouw. In 1913 werd het bedrijf omgezet in de N. V. Eerste Geldersche Vleeschwarenfabriek te Vorden, maar in de wandeling bleef het: "de fabriek van Poesse" of, nog korter: "de Poesse".

Deze foto is omstreeks 1900 genomen en, hoewel niet aIle namen van de afgebeelde personen konden worden achterhaald, is de foto toch te mooi om niet te plaatsen.

Van het personeel en de directieleden, die hier voor de fabriek bij het station staan opgesteld, zijn nog de volgende namen bekend. Helemaallinks staat Gert Weulen Kranenbarg. De derde man van links, met de grote schop, is Jacob Bruggeman. Naast hem, met baard: Bernard Vlogman.

In de achterste rij staat, helemaal links met een stok vol worsten, Slotboom. Verder naar rechts en naar voren, met de grote baard: Herman Obbink, die ongeveer een halve eeuw bij de firma Poe sse heeft gewerkt.

Achter de tafel zit, met de hoge pet op, de grote baas Gerhardus Johannes Poesse. Helemaal rechts zijn dochters Marie en Mina. Links achter de tafel, tegen de deurpost staat de dienstbode Jantje Wonnink.

Links van baas Poesse zitten de kantoorheren Kok (met de hoed) en Wansink en rechts van hem staat zijn kleinzoon; dat is dus de jongen met de matrozenkraag.

Met de vele knoopjes op zijn vest staat, links van de tafel, de latere directeur Hendrik Gerhardus Poesse, een zoon van de oude baas. De man voor het raam op de achtergrond, met de pijp, kan Willem Poesse geweest zijn, maar dat is niet zeker.

Links op de voorgrond ziet u nog een paar manden, die gebruikt werden voor het vervoer van worsten, toentertiid een specialiteit van de fabriek. De jongen die erbij zit is er mogelijkerwijze een van Vlogman; zijn broer staat dan iets verder naar rechts achter het hondje.

De vleeswarenfabriek bestaat niet meer; het gebouw staat er nog weI. Het is nu als bedriifsverzamelgebouw in gebruik.

28. Het aannemersbedrijf, en later de bouwmaterialenhandel, van de firma Wed. J. Wesselink, was een bekende zaak in Vorden.

Op bijgaande foto, die omstreeks 1931 is genomen ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de firma, staan de volgende medewerkers van links naar rechts afgebeeld. Achterste rij, staande: orne Gerte Wesselink, Harm Harmsen, Johan Kettelerii, Albert Jansen, Derk Buunk, Gerrit Teunissen, Hampie Harmsen, Johan Rouwgoor, Willem Koop en Johan Norde.

Voorste rij, zittend: Dick ten Broeke, de boekhouder; Jan Wesselink, de "grote baas" en zijn broers Herre en Gerte Wesselink, die later ook overstapten naar de inmiddels door Jan opgerichte bouwmaterialenhandel.

Op de achtergrond ziet u het bedrijfspand van de firma, dat stond aan de Enkweg in Vorden. Het gebouw bestaat nog steeds; nu is er de firma Weulen Kranenbarg gevestigd met, onder andere, een benzineverkooppunt.

De firma Wed. J. Wesselink heeft zich later gespecialiseerd in de handel in bouwmaterialen en is in 1933 verplaatst naar Zutphen, waar het bedrijf nog steeds is gevestigd. Het aannemingsbedrijf werd omstreeks die tijd opgeheven.

29. Veel van het timmerwerk, dat vroeger in de omgeving van De Wildenborch moest worden verricht, werd uitgevoerd vanuit de timmerwerkplaats die op de houtwal achter het koetshuis van het kasteel De Wildenborch stond en die "de Holtschuur" werd genoemd.

Vakmensen van verschillende generaties Meulenbrugge hebben dat bedrijf geleid. Op bijgaande foto ziet u de gebouwen, die bii deze "Holtschuur" hoorden met ervoor de volgende timmerlieden: Gerrit Jan Leunk (Stippert), Albert Jan Meulenbrugge, Gerhard Meulenbrugge, Gerrit Jan Meulenbrugge en Albert Jan Koskamp. Let u nog op de grote slijpsteen links: een onmisbaar onderdeel bij zo'n timmerwerkplaats.

De afbeelding dateert van de periode rondom de eeuwwisseling, toen eerst mr. Jan Isaac Brants en daarna zijn zoon mr. Ernst R.E. Brants eigenaar van het landgoed De Wildenborch was.

In 1931 werd het landgoed gekocht door mr. A. Staring en zijn echtgenote en ook nu woont er een naamgenoot op het kasteel, namelijk ir. D.M.W. Staring.

De timmerwerkplaats is in de loop der tijden verdwenen.

30. Aan de Nieuwstad was vroeger de smederij van Florijn gevestigd. U ziet hier de familie Florijn voor haar huis dat naast de smederij stond.

De man links is Albert Jan Florijn, de smid; naast hem staat zijn zoon Jan Florijn, die later vooral bekend werd als muzikant; vervolgens zijn vrouw Gerdina Florijn-Hondelink met hun doehter Johanna Antonia, die later trouwde met Ab Lettink, die de zaak van ziin sehoonvader voortzette. Helemaal reehts staat mevrouw Johanna Hondelink-Schutte, de sehoonmoeder van de in het begin genoemde Albert Jan Florijn.

Aan de kleding is te zien dat de foto aloud is; die zal omstreeks het jaar 1910 zijn genom en.

De woning is weinig veranderd sinds die tijd; in de zijgevel is later een raam gezet, maar overigens is het uiterlijk nog nagenoeg hetzelfde. De boom ervoor is verdwenen, maar de lindeboom voor de voormalige smederij prijkt nog steeds aan de Nieuwstad. Die smederij is enkele jaren geleden omgebouwd tot een dubbel huis.

In de oude woning, die op de foto te zien is, heeft nog een aantal jaren de, inmiddels overleden, tekenaar-kunstsehilder Jan Rozeboom gewoond.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek