Kent u ze nog... de Vriezenveners deel 1

Kent u ze nog... de Vriezenveners deel 1

Auteur
:   B. Kobes
Gemeente
:   Vriezenveen
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2250-4
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Vriezenveners deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

41. Klaas Abel Borggreve, geboren te Smilde op 22 februari 1895, vestigde zich te Vriezenveen a1s huisarts op 10 mei 1915. Hij trouwde op 27 mei 1916 te Nieuwerkerk met Catharina Maria Homan en betrok de toen nieuw gebouwde dokterswoning aan de Almelose weg. Na zesendertig jaar vee1 lief en 1eed met de bevo1king te hebben gedee1d, vertrok hij naar Lochem en overleed a1daar op 4 mei 1951. Hij was intussen reeds opgevolgd door dr. Van Grol. Zuster Anne Vos, geboren op 13 maart 1886 te Hoogkerk (Groningen) trad op 1 juni 1922 als eerste wijkverpleegster in dienst van het Groene Kruis. Zij verrichtte haar werkzaamheden tot 1943 en was hier dus in dezelfde periode als dr. Borggreve. Samen hebben zij veel pionierswerk verricht op het gebied van de ziekenverpleging en een meer hygienische verzorging. Hun werkterrein omvatte de gehele uitgestrekte gemeente Vriezenveen, met zijn vele en lange, toen nog onverharde modderwegen. In weer en wind, bij nacht en ontij moesten zij er op uit, zij op de fiets en de dokter op zijn zware Harley Davidson-motor. Het gebeurde meermalen dat de motor wegzakte in de slechte weg en dan moest een boer hem met paardekracht er weer uittrekken. Mede op hun initiatief kwam de woningstichting "Sibco10 en Omstreken" tot stand. Hier heersten vijftig jaar geleden op woongebied nog mensonwaardige toestanden. Ongeveer zeventig krotten of p1aggenhutten toonden een bee1d van de armoede en primitieve leefwijze van de bewoners. Deze toestanden werden onder ogen gebracht van regeringsautoriteiten. Burgemeester Bouwmeester kreeg de nodige medewerking, onder anderen van ir. Le Poole, inspecteur van de volksgezondheid te Amersfoort. Op 4 augustus 1928 werd de stichtingsakte gepasseerd en het eerste bestuur bestond uit: mejuffrouw A. Vos en de heren A. Bakhuis, K.A. Borggreve, P.M. Hack, F.S. Muller, H. ten Napel, P. Noppers en J. Wolthuis. Op 16 mei 1930 konden reeds de eerste zes woningen in gebruik genomen worden, waarbij ook de genoemde inspecteur aanwezig was, alsmede de wethouders H. Stegeman en J oh. Pot. Hierdoor is thans een groot complex goede woningen ontstaan in een nu welvarende streek. Het was soms z6 moeilijk de eerste bewoners, die enorm vastgeroest waren in hun eenvoudige leefgewoonten, uit de plaggenhutten te krijgen en te wennen aan de nieuwe woonwijze, dat het noodzakelijk was de oude woonketen direct na ontruiming te verbranden.

42. Op deze foto zien wij de heer Gerrit Hospers, geboren op 15 mei 1877 en overledenop 22 augustus 1958. De heer G. Hospers stamde uit een zeer oud Vriezenveens koopmansgeslacht. Zijn voorouders woonden reeds vanaf het begin van de vorige eeuw op de boerderij ten westen van de confectiefabriek, thans bewoond door en eigendorn van de familie Rohof. Reeds in de tweede helft van de vorige eeuw dreven zij een vrij uitgebreide handel in zaad en linnen onder de firmanaam Gebr. Hospers en bereisden uitsluitend de drie noordelijke provincies. Om dit afzetgebied zo efficient mogelijk te kunnen bedienen stichtten zij een voorraadmagazijn in de stad Groningen. De heer G. Hospers, die begin 1900 in de firma werd opgenomen, had enige jaren ervaring opgedaan in andere bedrijven in het zuiden van ons land. Hij zocht naar uitbreiding van afzetgebied en verruiming van het assortiment. Hij begon een confectie-atelier in huishoudgoederen en ziekenhuisartikelen. In het westen van het land yond men een belangrijk afzetgebied en kon de omzet aanrnerkelijk worden vergroot. Na een werkzaam leven, hij was onder meer ook jarenlang lid van de gemeenteraad en vele jaren voorzitter van de vereniging voor christelijk onderwijs, tevens president kerkvoogd, bestuurslid van het christelijk lyceum en bestuurs1id van de blindenstichting "Bartimeus", trad hij in 1937 tegelijk met zijn broer, J.D. Hospers, uit de firma. Intussen was in 1925 zijn zoon L.B. Hospers in het bedrijf gekomen, die de zaak nu alleen voortzette en verder tot ontwikkeling bracht. In 1965 werd het bedrijf omgezet in een n.v. en in 1968 kwamen G.L. Hospers en in 1970 J.M.B.V. Hospers, beiden zoons van L.B. Hospers, in de directie. In 1960 werd nog een nevenbedrijf gesticht in Den Ham. In beide bedrijven zijn nu circa zestig personeels1eden werkzaam en de produktie bestaat uit uniformkleding voor ziekenhuizen en andere inrichtingen en tevens alles wat nodig is voor de linnenkamers van dergelijke instellingen. De heer L.B. Hospers nam in november 1972 afscheid als directeur wegens het bereiken van de vijfenzestigjarige leeftijd.

43. Filippus Stoffer Muller, geboren op 28 februari 1889 te Vlachtwedde, trad op 1 augustus 1918 als commies ter secretarie in dienst van de gemeente Vriezenveen en werd op 12 mei 1922 benoemd tot gemeentesecretaris. Hij werd op 1 januari 1955 wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd eervol ontslagen. De heer Muller kwam op twaalfjarige leeftijd als klerkje op een belastingkantoor, doch ging na drie jaar over naar de Rijksverzekeringsbank te Assen. Hier was hij drie jaar werkzaam en kwam toen bij de voogdij-adrninistratie aan de weesinrichting te Neerbosch. Aanvankelijk dacht hij in dit werk verder te gaan, doch de gemeenteadministratie trok hem meer en na vier jaar werd hij in 1916 benoemd tot ambtenaar ter secretarie te Anloo. Van deze plaats kwam hij in 1918 naar Vriezenveen. Het was aanvankelijk voor hem een teleurstelling, omdat de gehele kantoorinrichting nog zeer primitief was. Er was nog geen schrijfmachine, zodat alles nog met de hand geschreven moest worden. Hij was dus naast de burgemeester (behalve een volontair) de enige ambtenaar, tevens ambtenaar van de burgerlijke stand. Hij dacht er dan ook al gauw over om weer te vertrekken, doch burgemeester Bouwmeester wilde hem graag hier houden en bevorderde dat hij op 12 december 1922 werd benoemd tot secretaris. Hiermee was de heer Muller de eerste gemeentesecreatris van deze gemeente. Nu ging het werk prettiger, hij begon zich echt thuis te voelen onder de bevolking en vooral de mensen van Westerhaar vond hij geschikt om mee samen te werken. In de loop der jaren was de heer Muller medeoprichter van tal van verenigingen op sociaal gebied. Zo is hij nog steeds secretaris (hoewel op non-actief) van de "Vereniging tot Bevordering van de Verkrijging van Onroerend Goed door Landarbeiders", waarvan heel veel mensen hebben geprofiteerd; helaas is de wet later buiten werking gesteld. Verder noemen wij zijn arbeid voor de woningstichting "Sibculo en omstreken", zijn jarenlange werk ais secretaris van de "Vereniging voor Christelijk Onderwijs", de begrafenisvereniging en het Groene Kruis. Voor menigeen was hij een goede raadsman en in tal van gevallen werd hij weI eens genoemd: de man achter de schermen. Na zi

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek