Kent u ze nog... de Wageningers

Kent u ze nog... de Wageningers

Auteur
:   A.G. Steenbergen
Gemeente
:   Wageningen
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4378-3
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... de Wageningers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

21. Omstreeks 1932 werd deze opname gemaakt van koster Joh. Albers in de functie van begrafenisondernemer. Hij werd gefotografeerd bij de woning en het stukadoorsbedrijf van de familie Rijsemus in de Lawickse Allee. Joh. Albers werd in 1922 koster van de rooms-katholieke kerk. Hij was toen 15 jaar! Met veel toewijding heeft hij het kostersambt 50 jaar vervuld. In het begin van de jaren dertig ging hij begrafenisondernemer J.P. Weijers assisteren bij diens werk. Op 26 januari 1937 volgde van gemeentewege officieel zijn benoeming tot doodgraver op het rooms-katholieke gedeelte van de algemene begraafplaats. Als begrafenisondernemer was hij tevens "aanspreker", dat wil zeggen het overlijden van iemand moest officieel aangezegd worden bij familie, vrienden en kennissen. Rouwbrieven en kaarten waren er toen praktisch niet. De mensen waren er erg op gesteld om zo'n persoonlijke aanzegging te krijgen; het betekende, dat ze bij de familie van de gestorvene in hoge achting stonden ... De katholieken van Rhenen werden begraven in Wageningen. De koster-doodgraver liep dan van Rhenen naar Wageningen voor de rijtuigen uit. En vanuit de kerk ging hij dan nog eens lopend naar de begraafplaats. Duizenden heeft hij begeleid op hun laatste gang. Hij heeft op de avonden vo6r de begrafenis voor hen gebeden met sombere en gedragen stem. Geen pastoor had hem dat kunnen verbeteren. Ook schreef hij zelf de tekst voor de gedachtenisprentjes. In deze verschillende functies en ook dank zij zijn gezellige sigarenwinkel in de Hoogstraat is hij een zeer bekende persoonlijkheid in Wageningen geworden. Enkele maanden na zijn gouden kostersfeest, dat op grootse wijze gevierd werd op 27 mei 1972, stierf deze zo sympathieke figuur.

22. Toen in 1908 de firma J. Baars en Zoon uit Krommenie in Wageningen een huis huurde en er met zes sigarenmakers een tweede filiaal van de Victor Hugo sigarenfabrieken begon, waren er in onze stad reeds acht grate en kleine sigarenfabrieken, waar zo'n tweehonderdachtentwintig mannen en jongens werkzaam waren. Op het eind van het jaar was het personeel bij J. Baars reeds uitgebreid tot eenentwintig namelijk achttien mannen en drie jongens onder de zestien jaar. Zeven jaar later, in 1915, werd in Nude een nieuwgebouwde fabriek in gebruik genomen en stroomden de sigaren- en bosjesmakers, dek- en sigarensorteerders, plakkers, pakkers, strippers, vochters enzovoort toe. In 1916 waren er reeds honderdeneen mannen en zesenveertig jongens werkzaam De Victor Hugo sigarenfabriek stak met dit aantal werknemers ver boven de andere negen fabrieken in onze gemeente uit. Boven de ingang van de fabriek stond de spreuk: pax intrantibus, hetgeen betekent: "Vrede aan hen, die hier binnengaan". Ook in de verschillende afdelingen waren op de muren en balken opvoedende teksten in het Nederlands geschreven. In de septemberdagen van 1944 werd "Victor Hugo" verwoest, doordat een aantal Engelse vliegtuigen een convooi Duitse wagens, dat de fabriek passeerde, beschoot en daarbij ook de fabrieksgebouwen raakte, die in vlammen opgingen. Overigens werd in deze fabriek tijdens de oorlogsjaren al geruime tijd niet meer gewerkt, maar fungeerde deze als opslagplaats van door de bezetters gevorderde radio's. Na 1945 werd ter plaatse een nieuwe fabriek gebouwd, maar na enkele jaren werd de hele zaak naar Cuyk aan de Maas overgeplaatst. Van een gedeelte van het vroegere personeel bestaat een aardige opname uit circa 1916 voor de hoofdingang van de fabriek. Te herkennen zijn op de achterste rij van links naar rechts: Jan van Dijk, Jan van Kraanen, Dirk de Graas, Frans Assink, Herman Landman, Henk Bronkhorst, Henk van de Born en Job Bronkhorst, De tweede rij van links naar rechts: Drikus Huibers, Daan Vermeer, Gros Sirie, onbekend, Van Straaten (uit Nijmegen), onbekend en bij het raam D. Dirkse uit de St. Annastraat. Onderste rij zittend van links naar rechts:

Hent Berends, Dirk van Brakel, Reusje Meurs, Hannes van Ham, Sjors Steenbergen en twee onbekenden.

23. Omstreeks 1914 begon in een gebouwtje "op de trem", ergens op de huidige Stadsbrink, de heer W. Geurts, die tevens A.R.-raadslid, wethouder en loco-burgerneester van Wageningen was, met een bescheiden sigarenfabriekje. Hij had zo'n veertien sigarenmakers in dienst, die zich bezighielden met de produktie van ongeveer 40.000 sigaren per week. Uiteraard geschiedde dit toen nog als handwerk. De naam Schimmelpenninck begon al snel iets te betekenen. Het was in de jaren dat "Bello" nog zijn baantjes langs de Grintweg trok, een half mud kolen dertig cent kostte en een goede sigaar twee-en-een-halve cent kostte. Op 1 oktober 1924 traden de heren J.M. en G.H. van Sehuppen tot de directie toe, waarna 6 jaar later eompagnon W. Geurts zieh uit de zaken terug trok. Onder leiding van de beide Van Sehuppens vertoonde het bedrijf flinke groei en na 1930 was er sprake van voortdurende toename van omzet en produktie. Rond 1931 werd het veel te kleine gebouw aan de Tramweg verlaten en werden aehtereenvolgens de lokalen van een vroeger sigarenfabriekje in de Walstraat en daarna de leegstaande leerlooierij van de firma Roes in de Stationsstraat betrokken. In het laatst genoemde gebouw is nog altijd een groot deel van het personeel werkzaam. Gedurende de tweede wereldoorlog kwam de fabricage van de sigaren geleidelijk tot stilstand en verdween Schimmelpenninck van de markt. Na 1945 moest de zaak van de grond af weer opgebouwd worden. Een belangrijke gebeurtenis in de ontwikkeling van het bedrijf was de assoeiatie met "Caracas", de Britse sigarettenfabrikant, die onbetwist nummer een stond voor wat betreft de fabrieage van filtersigaretten. Toch zullen fijnproevers een goeie "Sehimmelpenninck" niet afslaan. Als herinnering aan de oorlogsjaren plaatsen wij een plaatje van een gedeelte van het personeel, dat voor deze opname opgesteld stond v66r de machinezaal. Op de eerste rij van links naar reehts: Jan van Dorland, Riek Laurens, Corrie Looyen, Janny van Pluuren, Riek Vermeer, mejuffrouw Van de Worp en G. Looyen. Achteraan van links naar rechts: J. Lucas, Ries van der Kolk, Frank Verwoert, J. v.d. Weerd, Tijm Schoester, Looyen, Albert van Amersfoort en Willem Wien.

24. Tot circa 1930 woonde er in Wageningen een aantal joodse families, die als tabakhande1aar, bankier, antiquair, reizend manufacturenhandelaar, lederhandelaar, slager, voddenhandelaar enz. in hun levensonderhoud trachtte te voorzien. De meesten van hen trokken uit Wageningen weg, omdat hun bestaansbronnen opdroogden. De crisisjaren waren ook voor hen bijzonder moeilijk. Het lag in ieder geval niet aan de verhouding tussen joden en niet-joden te Wageningen. Deze was steeds zeer goed. Ouderen onder ons weten de namen van deze handeldrijvende joodse medeburgers nog op te noemen. Vooral de orthodox-joodse familie Van Embden wordt niet vergeten, om de eenvoudige reden, dat men bij haar de loten van de Staatsloterij kon kopen. Samuel van Embden, hoofd van deze familie was debitant van deze loterij en zijn vader, Meyer van Embden, adverteerde hiervoor al in 1855 in de Wageningse Courant. Meer dan eens is in onze stad de honderdduizend gevallen. Van een geval is bekend, dat deze viel bij iemand, die reeds zeer goed in de slappe was zat! De familie Van Embden woonde in de Hoogstraat op de plaats, waar thans kapper Rijsemus zijn bedrijf uitoefent. De winkel van Van Embden was tevens een zaak in herenkleding, waarvoor mevrouw Van Ernbden- Tal en haar zoon Sal de zorg hadden. Samuel zelf werkte meer dan dertig jaar (tot 1 januari 1921) op de bibliotheek van de Landbouwhogeschool. Deze bibliotheek was aanvankelijk ondergebracht op onder andere de zolder van het hoofdgebouw in de Heerenstraat. De familie was orthodox-joods. Een oude Wageningse dame, die als dienstmeisje bij een familie aan de overzijde werkte, herinnert zich hoe Samuel van Embden elke morgen gehuld in een gebedsmantel en het "keppeltje" op, zijn gebeden vlak bij het raam op de bovenste verdieping verrichtte. Voor zover na te gaan, heeft geen lid van deze vrome joodse familie een bestuursfunctie in de joodse gemeente van Wageningen vervuld. WeI trouwden verscheidene vrouwen uit deze familie met voorzangers en rabbijnen. De eerste Van Embden, die zich in 1807 in Wageningen vestigde, was Levie van Embden, de grootvader van de man op de foto. Hij was koopman en afkomstig uit Amsterdam. In Wageningen werd hij voorzanger van de kleine joodse gemeente. Zijn enige zoon, de reeds genoemde Meyer, was boekbinder. De familie Van Embden heeft vanaf 1807 tot circa 1929 in de Hoogstraat gewoond. Omstreeks die tijd verlieten zij Wageningen en trokken naar Nijmegen, waar hun zoon Sal reeds woonde. Mevrouw van EmbdenTal overleed er op 16 februari 1930, op 29 augustus van het zelfde jaar gevolgd door haar man Hij werd 79 jaar. Beiden liggen naast elkaar begraven op de joodse begraafplaats te Nijmegen. Van dit echtpaar leeft nog een zoon, met wie schrijver dezes hartelijke betrekkingen onderhoudt. De hiemaast gereproduceerde foto van Samuel vall Embden dateert van 1909.

25. V66r ongeveer 1920 beyond zich in de toenmalige Marktstraat (thans Niemeijerstraat), naast de oude Waag het schildersbedrijf van F. Pereboom. Hij was huis- en rijtuigschilder, decorateur en behanger. Verscheidene bekende Wageningers, die daar het vak geleerd hebben, begonnen later zelf met een schildersbedrijf. Pereboom stond bekend als een zeer precies man. Als enige zonder schilderskiel werd hij met zijn zoontje Frits en zijn personeel omstreeks 1910 v66r de zaak op de foto gezet, terwijl boven in de drie geopende vensters zijn familieleden poseerden. Bijzonder decoratief waren weI de lange witte sehilderskielen. Wanneer men naar huis of naar een k1ant ging, hield men de kiel aan. Om er geen hinder van te hebben, rolde men de kiel van onder tot aan de rniddel op en legde men er op zij een knoop in. Op de originele foto is bij enkele schilders goed te zien, dat de kielen al wat langer in gebruik zijn geweest. U zult nieuwsgierig zijn, wie er zoal opstaan, Van links naar reehts zijn het: de dienstbode van de farnilie, Kees van Soest, Jo Verwoert, een onbekende, Nol Holleman, de jongen v66r Holleman is onbekend, weer een onbekende, J. Baars, de lange figuur met platte pet is onbekend, met de pet scheef op zijn hoofd is Jan van de Bovenkamp, baas Pereboom met zijn zoon Frits, Piet en Bart van Doeveren en Paul Wolve. In dit pand was tot voor enkele jaren nog het schildersbedrijfvan Van de Brink.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek