Kent u ze nog... die Wijdewormers

Kent u ze nog... die Wijdewormers

Auteur
:   C. van Dalsem
Gemeente
:   Wormerland
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1084-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... die Wijdewormers'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

36. De jeugdclub van de zondagsschool maakte in 1938 een uitstapje. Het was een leuke dag, dat is wel te zien aan de lachende gezichten van de meisjes.

Vooraan: Rie Mooy, Loes Eijk, Wil de Jonge en de heer G. Henning, de leider van de club. Midden: Ma Eijk, Grietje Meijn, Truus Kennedy, An de Jonge en Guurtje Tump.

Achter: Tini Beets, Dina Wijhenke, Trien Haan, Trien Honingh, Hil Henning, Annie de Vries en Henny Beets.

37. In 1934 gingen enkele klassen van de lagere school naar het strand. Op de trap van een van de paviljoens ging men bij elkaar zitten om het plaatje voor het voorgeslacht (de ouders) te maken en nu kan het nageslacht (kinderen en soms kleinkinderen) er ook naar kijken.

Onderste rij: Jan Potgiesser, Jan Beunder, Leo Mooy, Gu Kramer, juf Zwaan, Trien Howijk, Nel Vijzelaar, Trien Haan en Grietje Meijn.

Tweede rij van onderen: Cor Langenberg, Annie de Vries, Margje Vochteloo, Cor van Twisk, Rika de Reus, Grietje Bijl, Ma Eijk, Lieuw Eijk en Trientje van Twist.

De derde rij van onderen: Jan Klomp, Dirk Klomp, Piet Vijzelaar, Jan Haan, een onbekende, Dieuwke Rozendaal, Stien Steffers, Gerda Blokker en Trien de Ridder.

Vierde rij van onder: Toon Wijhenke, Heintje van Twisk, Piet Kramer, meester De Boer, Ben Gans, Gerrit Spaan en Jan Kwantes.

Bovenaan: Gerrit de Boer, mevrouw Beunder, mevrouw Vels, Gerrit de Vries en de heer P. de Vries.

FEES'fZANG

.nu GnEOE:m.EID Da.

250JARIGE BEDIJKING

/

WIJDE-WORMER.

A. Latenstein Ps., llijkgr>._r.

J. A. Kwantes, (
C. de Jong,
Heearrndeu.
P. van Twisk, ~
K. Couwenhoven, OPGEDRAGEN.

OP HET 250-JARlG

GEDENKFEEST

DEA

DROOGMAKING

Lang was de nacht, waarin de strijd met panje

Ons land gehuld hield. Maar de vorsten van Oranje, Zij hielden, tot de tanden toe gewapend, wacht,

En dwongen 't Spaausche rot tot eerbied voor hun macht.

En 't volk, aldus beschut, was dankbaar en tevreden,

't Voorspelde zich een blijdc toekomst uit het heden.

Het droomde van geluk en van een morgenstond,

Die goud en vrijheid bracht op Neerlands dierbren grond.

...

-6

./ -,

Waak op, 0 heldenvolk. lÓt nieuw en krachtig 100'en,

-v

De neevlen van den nacht zijn reeds uiteen gedreven,

Straks giet uw gloriezou haar stralen tot aan zee:

Waak op, de dag genaakt van vrijheid en van vreê !

Zie Beemster, Purmer, Zi.ip. Bij 't eerste morgenkrieken Verrijst een molental, dat met ontzagbre wieken

In wijde cirkels 't feit verkondigt door de lucht,

Dat 't water voor 't vernuft der mcnschcn is gevlucht.

Maar 'Vormers vruchtbre grond ligt immer nog bedolven, Nog danst de visschershulk als vroe,,"Cr op zijn golven, Die met steeds sterker kracht het drassige oeverland

Bespringen en doen gaan naar 't vratig iuge\~ud.

De landman hoort met vrees en schrik het dreigend klaatren,

Maar toch, Leeghwatersgeest zweeft hier ook op de waatren.

Weldra bindt men den strijd met kracht en wijsheid aan, Om Vormers waterwolf voor altijd te verslaan.

Daar daagt de manschap op uit steden en uit dorpen. De dijk wordt aangelegd, de gaten dicht geworpen, De molens als het ware in batterij gebracht

En 's vijands macht vervolgd, gegeeseld dag en nacht.

De vijand krimpt ineen bij zulke ondraagbre slagen, Maar zie, van buiten komt nog hulpe voor hem dagen.

De storm van Wintermaand, zoo menig macht te sterk, Vernielt in eenen dag 't geducht- beleegringswerk.

D. dijk breekt door. Wat nood' De moed is niet gebroken. Door sterker dijk is dra die noorlaag weêr gewroken;

En eer de zomer van het volgend jaar nog vlood,

Lag Wormers kleigrond voor den nijvrcn landman hloot.

Laat Jakob Aris' naam op aller lippen zweven, Zijn nagedachtenis zal immer bij ons leven.

Bij, de eerste dijkgraaf, bracht bet eerst van stap tot stap, Voor orde, welvaart in dat heerlijk waterschap.

~ .

Twee eeuwen had de zon het landschap reeds beschenen, En 't vierde VaD deze eeuw was nagenoeg verdwenen, Vaar laat Neptuun, met storm en springvloed in verbond, Zijn kille legermacht los op Noord-Hollands grond.

De beer te Durgerdam, van angst teruggekropen ,

Laat weerloos 't schoon gewest voor zijn bespringer open, Die ongebreideld, door geen dijk of wal bezoomd,

Als overwinnaar ganseh het onland ov~rst~mt.

Lang hield de "Vormer 't niet. De weekgesneen- v ·de dijken, Zij dreigen weldra voor den aandrang te bezwijken.

Daar breekt de dijk bij 't Kalf. Een bres van 1 roed En 15 Meter diep, geeft toegang aan den vloed.

Hem stuiten in zijn vaart' 't Waar dwaas zulks te beginnen. Met donderend geweld stort zich de stroom naar binnen, Die zand en aard en klei het onderst boven keert,

En in 't oorspronklijk Meer den polder weer verkeert.

Maar 't lust den zanger niet u al die aakligheden

Te schetsen van ~t geen haast een halve eeuw is geleden.

Wij vieren feest vaut werk. voor derdhalve eeuw geschied, Waarbij de juichtoon past, maar zeker 't klagen niet.

~aat ons op boogen toon te zaam ons feestlied zingen,

???. 1 wat ons overkomt, 31 wat we ons zien omringen,

1I3 ot zelfs de kleinste zaak geeft daartoe ruime stof.

~ en welvaart, nooit gekend, heerscht hier in huis eu hof. i!och watervloed, noch ramp van ziekte of misgewassen ~Iaat ook dit jaar 't gemoed des nijvren landmans neêr. lI3reedt toe en sla het oog op Wormers velden neêr,

~u denk: dat is gewrocht uit golven en moerassen.

? n ootmoed licht, dat u daarbij een zucht ontvlood

ii!a:lr 't voorgeslacht, die zegt: "voorwaar, dat volk was

groot !"

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek