Kent u ze nog... die van Akkrum

Kent u ze nog... die van Akkrum

Auteur
:   Atze de Vries
Gemeente
:   Boarnsterhim
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2938-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kent u ze nog... die van Akkrum'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

11. Kan toorpersoneel van de firma C.B. van Woerden & Zonen omstreeks 1919.

Boven: Eeltsje Straatsma, Atze de Vries, een accountantsbediende, Jan Wedman, Jacob Holtrop, een accountantsbediende, Jan de Vries en Hendrik Smit.

Tweede rij: kantoorchef IJsbrand van Woerden, Tjitske Jonkers, Lugina van Woerden, Pietje van Gosliga en Herman Koopmans.

Voor: Klaas Veldman en Lambertus Silvius.

12. Boven: de Stationsweg in Akkrum met het woonhuis van C.B. van Woerden senior. Blijkbaar werd de foto in de zomer genomen, getuige het hoge struikgewas voor de woning en de vele bladeren aan de bomen. Op de voorgrond staan nog zes personen die tot de familie Van Woerden behoren. Dit gebouw is later aangekocht door de gemeente Utingeradeel om er een gemeentehuis van te maken. Dat stond voorheen in Oldeboorn en is toen verplaatst. Het gemeentehuis in Akkrum heeft als zodanig vele jaren dienst gedaan. In het jaar 1984 zijn de gemeenten Utingeradeel, Idaarderadeel en Rauwerderhem samengevoegd en de naam is nu Boornsterhem. Thans zetelt de nieuwe burgemeester in Grouw.

Onder: hier ziet u het oude spoorstation, waarboven de stationschef vroeger woonde. Het gebouw had twee wachtkamers, een voor de derdeklas-passagiers en de andere was voor reizigers die eerste of tweede klas reisden. Voor de ingang staat een taxi die aankomende reizigers naar Oldeboorn en Terhorne kan brengen. Voorheen was er bij elke aankomende trein een omnibus uit Oldeboorn aanwezig, die de reizigers met paard en wagen naar hun bestemming kon brengen. Vrijdags was het met marktdag in Leeuwarden zo druk, dat er twee wagens nodig waren. Op de voorgrond ziet u de goederenloods.

13. Boven: de Cooperatieve Zuivelfabriek Utingeradeel Akkrum, staande aan de Oldeboornse weg. Hier ziet u de fabriek met de kaaspakhuizen, het ketelhuis en de machinekamers, daarnaast de directeurswoning waaraan het kantoor grenst. Achter de fabriek hadden ze een eigen varkensmesterij, waar aIle afval voor varkensvoer werd gebruikt. Er ging dus helemaal niets verloren. De melk wordt nu per auto naar een centraal punt vervoerd. De meeste boeren hebben nu tanks en de bekende melkbussen zijn vrijwel overal verdwenen.

Bij de fabriek hadden ze ook een eigen laboratorium waar de melk op vetgehalte werd onderzocht en ook uitbetaling plaatsvond. Vele laboranten die hier hun opleiding hebben gehad, kregen later bij andere fabrieken in Holland een goede baan. In het dorp had den ze een verkooplokaal waar men van alles kon kopen, zoals melk, ondermelk, karnemelk, roomboter en ook wel losse room. Dit filiaal was ook op zondagochtend geopend. Men zag aIle dagen huisvrouwen lopen met een roomkannetje in de hand om room te halen voor de koffie. De kleinste hoeveelheid room die men kon kopen was voor 2 1/2 cent, in het Fries een botsen genaamd.

Teneinde wat extra service aan de klanten te verschaffen, wilde men de produkten weI tot vlak bij de deur brengen. Men schafte een nieuwe wagen aan, waarop kannen met koperen kranen, en ging zo door het dorp. De man die met deze werkzaamheden was belast was Bauke Dijkstra. Zijn vrouw en hij hadden hagelwitte kleding aan. Hier en daar werd er even gebeld, zodat de klanten bij de wagen konden komen. Ze moesten echter voor deze service weI iets meer betalen. Het heeft niet lang geduurd; de mensen waren zo gewend om zelf de spullen even bij het filiaal te halen, dat ze van dit gemak geen gebruik wensten te maken.

Onder: u ziet hier een gedeelte van het personeel van de zuivelfabriek, staande bij de melkontvangst.

Boven: Ate de Haan, Former Halma, Foppe van Wallinga, Pieter de Vries, Rintsje Sietsma, Lucas de Vries, Tjeerd Dijkstra, Sietse Planting en Auke Klijnstra.

Vooraan: Koops (assistent directeur) Jan van Wallinga, Wouter Hospes, Klaas de Jong, Freerk Klompmaker, Jarich Siepersma en Pier Kuipers.

De Cooperatieve Zuivelfabriek heeft zich later aangesloten bij de FRICO, een groot concern waar meer dan vijftig fabrieken bij waren aangesloten. We wonen hier in een gebied waar allemaal grote boerderijen staan en de melkaanvoer was dan ook enorm groot. In het begin werd alles met eigen materiaal gedaan. De melk werd aangevoerd met wagens en schouwen en ze beschikten zelf over paarden en melkschouwen. De melk die met de boten werd aangevoerd, werd met een lorrie op rails naar de melkontvangst gebracht, waar alles werd gewogen en genoteerd. De melk zat to en allemaal nog in kannen. Zaterdags werden de melkgelden aan de boeren uitbetaald. Ze kwamen dan allemaal naar het kantoor en als ze weer buiten waren hadden ze allemaal een forse sigaar in de

mond. Vrijdags was door de directeur van de fabriek voor de uitbetaling een zeer hoog bedrag aan geld bij de Zuivelbank opgenomen, zodat in de nacht van vrijdag op zaterdag veel geld in het kantoor aanwezig was. Dit hadden beroepsinbrekers uit Holland in de gaten en er werd toen vele malen op vrijdagnacht bij de zuivelfabrieken ingebroken. Dat werd zo erg dat een tijdlang bewaking door de rijkspolitie werd gedaan.

14. De visclub. De leden van de visclub Utingeradeel hebben zich omstreeks 1935 laten kieken voor het mausoleum van de stichting Coopersburg in Akkrum. We zien Wiebe Brandsma, Gerrit Rijpema, Freerk van der Kooi, Lolke van der Zwaag, Minse Dijkstra, Bottema, Jouke Zwanenburg, Ruurd Oosterwoud, Heida, Pieter Tulner, Johannes Hielkema, Louw Oost, Remmelt Veenstra, Bonne Hijlkema, Lammert Hoeve, Sierd Tietema, Jan Prinsen, Hijltje Koster, Fedde Dokter, Pieter Terpstra, rijksveldwachter Willem Johannes Koopmans, Pieter Bottema, Wiebe Kleefstra, Anne Boetje, Germen de Haan en Dirk Bakker.

Voor zitten: Wieberen Epema, Bauke Stienstra, Gerrit van der Meer, Meine Pasma en Ierne Schilstra.

In de grachten waren vele karpers uitgezet en eens per jaar mochten de leden hier vissen. Er werden dan soms kanjers gevangen, maar er waren oak karpers die zich niet lieten strikken. Dan werd verder met netten gevist en de grootste exemplaren werden onder de leden verloot, terwijl de anderen allemaal weer hun vrijheid kregen en werden teruggezet. Eens per jaar gingen ze met een motorboot een nacht weg, want ze beschikten over een grote tent, waarin dan's avonds feest werd gevierd. In de tent konden verschillende leden slapen, terwijl de anderen in de motorboot van hun nachtrust konden genie ten. Een paar vrouwen gingen mee am het diner te verzorgen. Vlees en groente en dergelijke werden de dag tevoren uit het dorp meegebracht. Natuurlijk kregen ze oak vis want die werd er altijd wei gevangen, omdat er ook een paar beroepsvissers meegingen, met netten aan boord. Dit was een hoogtijdag voor de leden, waar ze elk jaar weer verlangend naar uit zagen; het was een gezellige boel,

15. Een foto van de geheeionthouderszangvereniging rond 1919.

Eerste rij, voor: Johannes Bakker, Roel Stoker, Marten Bakker, Jan Veldsma en DUke Hosper.

Tweede rij: Eeke Vonk, Marie Holtrop, mevrouw Stienstra, mevrouw Veldstra, Ida Hoornstra, Geesje Wedman, Janke Henstra, Lieuwkje Wedman en Anna van der Zwaag.

Derde rij: Kornelis Wedman, Jacob Holtrop, Janke de Jong, Koetsier, Pieter Veldstra, Bauke Stienstra, Jan van der Leen, Bjintze Henstra, Harm de Jong en Wieger van der Meulen. Voor hen twee dames De Jong en Ruurdje Langeraap.

Boven: Femmigje Wedman, Akke Steegstra, Langeraap, Gepke Sigtema, Trijntje Hoekstra, Anetta Boerema, Betje Everaarts en Trijntje Wijnstra.

Omstreeks deze tijd had Akkrum een bloeiende geheelonthoudersvereniging en eens in het jaar hielden ze op Hemelvaartsdag in Leeuwarden een grote meeting op de Wilhelminabaan, waar ook de paardesport werd beoefend. Ze gingen hier met de stoomboot naar toe en de boot was dan overvol, want ook niet-leden mochten tegen betaling van een bepaald bedrag mee. De muziekvereniging Harmonie ging altijd mee, waarvan schrijver dezes lid was als tamboer. Na afloop van de meeting werd er een grote optocht door de stad gehouden, waar duizenden geheelonthouders uit de gehele provincie in meeliepen. Aan een vaandel dat ze meedroegen kon men zien waar ze vandaan kwamen. Tussen de menigte liepen wel vijf muziekkorpsen mee, waaronder ook Akkrum. Het was dan een gezellige boel in Leeuwarden. Van heinde en ver waren ze naar de stad getogen met stoomboten, fietsen enzovoort. Op het terrein stond een grote consumptietent, waar men van alles kon kopen. Ook waren er straatventers, die met allerlei artikelen goede zaken deden. Om een uur of zes werd er appel gehouden en als iedereen aan boord was, gingen ze weer huiswaarts. Ze kwamen dan door verschillende dorpen en daar liet het muziekkorps vrolijke wijsjes horen, die door iedereen werden meegezongen. 'sAvonds terug in het dorp stond een grote menigte al te wachten en dan werd er nog een optocht door het dorp gehouden. Meestal was het op Hemelvaartsdag mooi weer en dan kon men op een prachtige, welgeslaagde dag terugzien.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek