Kloetinge in oude ansichten deel 1

Kloetinge in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J. de Ruiter
Gemeente
:   Goes
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3467-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Kloetinge in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

Kloetinge is, evenaIs de andere dorpen op Zuid-Beveland, ontstaan te midden van een onherbergzaam, ruig begroeid schorren- en krekengebied in de Scheldedelta. Ret land lag onbeschermd open voor hoge waterstanden van zowel de zee als de rivieren, die hier uitmondden. am zich tegen deze wateroverlast te beschermen, zochten de eerste bewoners zoveel mogelijk de hoogste delen van het land op, of men wierp een kunstmatige hoogte op, zoaIs ook hier te Kloetinge het geval was. Een stuk terrein werd omgeven door een lage wal van graszoden en in de loop der tijden van binnenuit opgevuld met mest en ander afvaI. Hierop verschenen de eerste schamele behuizingen, samengesteld uit leem en rijswerken bedekt met een rieten dak. Langzamerhand echter begint het deltagebied van de Schelde een prooi te worden van de steeds hoger wordende zeespiegel. Dit gebied werd in 1134 ontzettend geteisterd door een enorme storm die, zoals latere bodemkundige onderzoeken hebben aangetoond, een groot deel van Zuid-Beveland wegvaagde. In die tijd ontstond de noodzaak om zich met dijken te beveiligen. Aanvankelijk waren dit lage kaden en terpen, maar naar mate de zee meer invloed uitoefende, moesten deze dijken steeds hoger worden en het is bekend, dat de strijd tegen de zee tot op de huidige dag nog steeds veel geld en arbeid kost.

Toen na die eerste hevige overstroming het water wegtrok, kwamen ook hele stukken land weer boven water. Vooral onder invloed van de machtige kloosterorden werden heel wat waterkeringen opgeworpen. Veel van deze eerste dijken zijn al lang vergraven en in het landschap niet meer als zodanig herkenbaar. Toch zijn ze er nog wel, de dijken die Kloetinge moesten beschermen. We denken hierbij aan de Heernisseweg en Ret Hoge Pad (kerkepad) achter de huidige bungalows aan de Langeweide, dat doorloopt tot aan het Noordeinde en nog verder in de richting van Kapelle. Ret is

bekend dat men in de middeleeuwen bij voorkeur op hooggelegen stukken land of dijken paden legde. Vaak zijn deze paden gewoon blijven bestaan na afgraving van de dijk,

In de loop der tijden is de veeteelt, vooral schapen, een bron van inkomsten geweest op en rond de terp Kloetinge. Zo trof men bij rioleringswerkzaamheden in de Jachthuisstraat een drie meter dikke laag mest aan. Naast deze veehouderij was er toentertijd ook nog een kleine "leerindustrie".

De oudste vermelding over Kloetinge komen we tegen in een kerkelijst, vermeld in een oorkonde van paus Innocentius III, van 5 februari 1216, waarin deze bevestigde dat het kapittel van St. Pieter te Utrecht in het bezit was van het patronaatsrecht van een dertiental kerken in Zeeland en waarin bovendien de tienden waren geregeld.

De opbrengst van deze tiendenheffing was overigens bedoeld ter financiering van de kruistochten naar het Heilige Land. Uit die tijd moet ook het eerste kerkje stammen, waarschijnlijk niet meer dan een eenvoudige kapel. Pas in de dertiende eeuw begon men aan de bouw van een stenen kerk. Kloetinge was in die tijd een van de belangrijkste parochies van ZuidBeveland, aangezien hier de zetel van de deken van ZuidBeveland was gevestigd. De kerk zelf was gewijd aan St. Geertruid. Naast een grootse kerk verschenen in de omgeving ook verschillende versterkte boerderijen, of wel kastelen. We noemen het huis "Smallegange" en het slot "Ravenstein", ten no orden van het dorp, doch beide zijn in de loop van de achttiende eeuw afgebroken.

Een van de zwarte bladzijden uit de geschiedenis van Kloetinge was ongetwijfeld het drie maanden durend beleg van de stad Goes door de watergeuzen, in 1572. Volgens de kronieken werd het dorp toen voor een groot' gedeelte in de as gelegd. Op de plaats waar nu het Marktveld is gelegen, was eertijds een haventje gesitueerd. De huizen rond dit haventje

zijn na de grote brand niet meer herbouwd, doch gaven ruimte voor een ruime dorpsuitleg met een fraaie vate. Sporen van deze brand zijn aangetroffen bij de rioleringswerkzaamheden in de jaren zestig.

Nadat de heren van Kloetinge, vermoedelijk ten gevolge van hun pro Vlaamse houding, met vele andere Zeeuwse edelen, onder anderen de heren van' Baarland en de heren van Schenge, moesten uitwijken naar Vlaanderen, kwamen de bezittingen in handen van de fami!ie Van Borsselen, die de Hollandse zijde had gekozen en dus goed had gegokt. Later komen we het geslacht Van Brederode tegen als heren van "Cloetighe", doordat Margaretha van Borsselen in 1481 huwde met Walraven van Brederode. Daarna werden het ambacht en de ambachtsheerlijke rechten nog enige malen te koop aangeboden. De huidige ambachtsvrouwe is mevrouw I.M. Radermacher Schorer-Clotterbooke Patijn.

Overigens zullen wij niet te diep ingaan op de geschiedenis van Kloetinge. Men kan hiervoor beter terecht in het boekje van drs. I.H. Vogel-Wessels Boer, dat in 1969 is geschreven in opdracht van het voormalige gemeentebestuur. Het fotoboekje dat thans voor u Iigt, geeft in achtenzeventig beelden een indruk van het dagelijks en maatschappelijk leven in een rustig boerendorp in de periode van 1890 tot 1935 met een enkele na-oorlogse foto. Beginjaren van een woelige eeuw, waarin nog sprake was van een dorpsveldwachter, een klokluider, een voorzanger in de kerk en een lantaarnopsteker. Er was toen zelfs sprake van een dorpswachter, die in geval van brand en ander onhei! de klok moest luiden. In 1894 werd hiervoor I. Sinke benoemd. Het is verder een periode, waarin zich grote veranderingen voordoen, zoals de aanleg van de waterleiding en de elektriciteit, de komst van treinen en automobielen, het busvervoer, een vierjarige mobilisatie en een economische crisis.

U zult het allemaal ervaren bij het zien van deze "photo's". De ansichten zijn geplaatst in een min of meer chronologische volgorde. We volgen de fotograaf op zijn rondgang, zodat we een beeld krijgen van het dorp in een bepaalde periode. Een latere serie geeft meestal dezelfde punten weer, enkel de mensen die erop staan zijn wat ouder geworden en er zijn nieuwe gezichten bijgekomen. Tussen de ansichten zijn foto's opgenomen van verenigingen, schoolkinderen en dorpsfeesten uit diezelfde tijd. Soms was het moei!ijk de namen van op de foto's voorkomende mensen te achterhalen; vooral bij toto's uit het begin van deze eeuw was dat bijzonder moei!ijk. De inwoners uit Kloetinge zelf hebben zoveel mogelijk informatie verschaft over het bijeengebrachte materiaal. Toch zijn er mensen soms niet herkend en zullen er ongetwijfeld weleens namen verkeerd zijn. Ondanks diverse oproepen in het "Nieuwsblad voor de BeveJanden" moeten er op stoffige zolders, in oude dozen, nog tal van fraaie dorpsgezichten sluimeren. Van enkele ansichten of groepfoto's zijn door verschillende mensen diverse exemplaren aangeboden, waaruit technisch gezien de beste zijn gekozen.

Bij dezen wi! ik aIle mensen die foro's in bruikJeen hebben afgestaan of informatie hebben verschaft, hartelijk dankzeggen, in het bijzonder de dames Betje Corstanje-Dagevos, Rika Gideonse-de Jonge, Kaatje Dekker, Jannetje van WelStraub, Zus Sinke-Zandee en Marie de Waard en de heren Kees Straub, Jan WeIleman, Johannes Hoogstrate, Willem Beenhakker en Guiljam Slabbekoorn, die veel van hun tijd beschikbaar hebben gesteld.

Tot slot een woord van dank aan Cornelis Beenhakker, die de onderschriften en de namen zoveel mogelijk heeft gecontroleerd en wiens uitgebreide kennis over Kloetinge en zijn bewoners mij van pas is gekomen.

1. In 1864 werd het leesgezelschap "Lust Tot Onderzoek" opgericht. Deze foto moet zijn genomen omstreeks 1890 in de tuin van de kerk. Zittend zien we, van links naar rechts: Th. Dagevos, Jan Oe1e, Jacobus Dagevos, Marinus de Vrieze, Sies Trimpe, D. Mooijen (hoofd der school), Jan van Liere, P. Blomaard, ds. G.E. Meloen, Jan Oele en C. van Liere Wzn. Staande, van links naar rechts: Adr. Beenhakker, Jacob Dekker, Jacobus AIlemekinders, Jacob van Liere Wzn., Jacobus van Liere, C.G. van Liere, W. van Liere, K. L Kramer, C. Dagevos en C. Dekker. Achter hen staan nog L Dekker, S. Dekker en J ozias van Liere Wzn.

2. Dit is een foto van het bestuur van de gemeente Kloetinge in 1891. We geven u de namen en data, zoals ze achterop deze foto vermeld staan. Van links naar rechts: J. van der Bilt, secretaris (13 april 1860-15 juni 1907), W. van Liere, landbouwer, L. de Groene (27 december 1829-7 september 1896), M. Burger, smid (31 maart 1824-21 december 1907), burgemeester jonkheer S.M. van Reigersbergh Versluys, B. van Liere, landbouwer (22 januari 1834-26 juli 1908), L. Bruijnzee1, landbouwer (24 januari 1827-1 december 1899), C. Beenhakker Azn., rentenier (22 december 1843-6 november 1915) en A.J. Herdink, molenaar (11 september 1829-29 november 1908).

3. Dit is een foto van een van de Kloetingse zangkoren omstreeks 1900. Dat hier meer zangkoren waren opgericht, kunnen we lezen in de raadsnotulen van 1894, waarin een verzoek wordt behandeld van Marinus Verburg en Jacobus Dekker om een van de klaslokalen te mogen huren voor een nieuw op te richten zangvereniging. Een van de raadsleden vond het treurig dat de huidige zangc1ub in tweeen werd gesplitst, zoals zoveel in de gemeente gescheiden was. Helaas hebben we niet alle namen kunnen achterhalen. Zo werden van de dames op de achterste rij alleen Kee Dagevos (tweede van links) en naast haar Kee Dele Hdr. herkend. Van de heren werden herkend, van links naar rechts: dirigent Marien de Waard, Jan Dele, Lou Breeweg, Quinten Trimpe, een onbekende, Jan Paardekooper, een onbekcnde, Kees Zweedijk, Boudewijn, Blomaard, vier onbekenden, Dirk Weststrate, Johannes Dele en drie onbekenden. Misschien dat er nog meer hoofden tussen de anderen door gluren, die ook niet werden herkend. De zittende dames zijn, van links naar rechts: een onbekende, Kee Dele Jdr., Rika Poortvliet, Johanna Trimpe, Arjaantje Paardekooper, Maatje Blomaard, Fransje Verburg en de enige man in hun rij Klaas Schipper. Vooraan zitten, op het gras, Johannes Hollestelle, Elias Lokerse, twee onbekenden en, geheel rechts, Han Labeur.

4. Dit is de oudst bekende ansicht uit K1oetinge, die blijkcns hct poststempel op de achtcrzijdc op 7 fcbruari 1901 wcrd verstuurd en dus in ieder geval uit 1900 moet stammen. Alhoewel bij veel oude Kloetingenaren is gevraagd naar de narnen van de kinderen, is het niet gelukt deze aan de vergetelheid te ontrukken.

Klo e tinge.

Marktveld.

5. De volgende drie kaarten dateren van 1903. Ook hier is het niet gelukt om de namen van de kinderen te achterhalen, behalve die van het boerinnetje naast de boom; dat is Jannetje Straub. In het linker huis, met het zonnescherm, woonde de familie Welleman, in het andere huisde schoenmaker Frans van Riet. Zijn vrouw Mina Staal schrobt de stoep, terwijl mevrouw Welleman goedkeurend toekijkt.

~
~
~ ..?.
t
?
c
§ "::0-
-e -
c ? I
~ " Kloetinge.

~larktveld.

6. Het huis links werd bewoond door Geert Harinck en het heeft later plaats moeten maken voor een doorbraak van de Lewestraat. Het huis daamaast was het winkeltje van Eine (Hendrik) Oele en zijn vrouw Pietje de Winter, thans bewoond door de familie J.P. van Wei. In het midden maakt Jannetje Straub zich verdienstelijk met een breiwerkje, terwijl in de kinderwagen, naar wordt aangenomen, Betje Dagevos haar eerste levensjaar slijt.

7. Dezelfde groep niet herkende kinderen, die de fotograaf achtervolgde. Het was in die tijd voor velen de enige manier om op de foto te worden "uitgetrokken". Het huis op de achtergrond werd bewoond door burgemeester W.F.J. Wagtho. Deze burgervader was de opvolger van c.A. Sprenger en werd benoemd op 28 april 1900.

:-;I:-L:X·STRAAT. KLOETJ?Gf..

8. In 1902 werd deze foto gemaakt van Jan Nieuwenhuize en zijn vrouw Maria. Hij boerde onder andere op de grond achter het armhuis aan de Achterweg. Zijn groet luidde steevast, in plaats van "goeden dag": "den dag". In het kleine huisje rechts, met de twee fraaie leilinden ervoor, hebben achtereenvolgens gewoond:

Arjaan van Fraassen, Pietje Meloek en Jan van den Berge. De schuur met de gepotdekselde delen was van Jan Burger; momenteel is hierin de showroom van de heer Gorse gevestigd. De kinderen op de achtergrond werden niet herkend.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek