Klundert in oude ansichten

Klundert in oude ansichten

Auteur
:   H. Goulooze
Gemeente
:   Klundert
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5815-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Klundert in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLElDlNG

Meer dan 700 jaren gel eden ontstond aan het riviertje de Overdraghe een nederzetting die met dezelfde naam als het riviertje werd aangeduid. Oat riviertje was een druk vaarwater in het scheepvaartverkeer tussen Holland en het hager gelegen Brabant. Zeeland en verder. Oat die rivier inderdaad druk bewaren was mogen we afleiden uit het feit dat tocn zij began te verzanden er snel een nieuwe vaart werd gegruvcn, de Nieuwervaart en wederom nam het plaatsjc de naam van het vaarwater waaraan het gelegen was over, Nieuwervaart. al spoedigsamcngctrokken tot Niervaart. Over dat hele Hoegere. middeleeuwse bestaan bevat het archief del' gemeente Klundert totaal niets. Gelukkig zijn we uit andere bronnen wei iets aan de weet gekomen. In de eerste plaats dat het ontstaan van de eerste nederzetting omstreeks 1250 moet hebben plaatsgevonden en dat dit gebied toebehoorde aan dc heren van Strijen, die her in Ieen hielden van de graven van Holland. Van de Hollandse graaf Floris V krijgt .Jiet land van Niervaart ' in 1290 een belangrijk privilege en in 1293 wordt dit privilege nag eens bevestigd doch dan aan het .xunbacht van de Niervaart". waaruit we weer mogen atleiden dar er dan reeds van een zekerc zelfstandigheid sprake is. Oil wordt bevestigd door een elders berustende schepenacte uit 1297. Op hun beurt hebbeu de heren en vrouwen van Strijen de jonge heerlijkheid ook weer met privilegien begiftigd. Zo schonk Beatrijs van Strijen bepaalde rechten op financieel gebied, terwijl haar zuster en opvolgster Aleid tien jaren later rechten verleende waardoor het dorp een stedelijk karukter verkreeg, hetgeen blijkt uit het feit dat in die oorkonde wordt gesproken over schout, baljuw. burgemeester en schepenen. In die jaren was er ook al een dorpshuis (annex gevangenis i. een gasthuis en een kerk. Oie laatste was er al beduidend langer want reeds in 1296 wordt het plaatsje Overdraghe genoemd als een zelfstandige parochie.

in 1362 wordt de heerlijkheid Niervaart door de toenmalige

eigenaar Zweder van Abcoude overgedragen aan Jan van Polanen. heel' van Breda. door welke transactie de hcerlijkheid uileindelijk in het bezit van de Nassau's LOU komen.

Het grondgebied van de toenmalige heerlijkheid was wei wat uitgestrekter dan dat van de huidige gemeente Klundert. De noordelijke grens strekte zich uit tot en met het gebied van de Strijense polder aan de overzijde van het uegcnwoordige! Hollands Diep. De oostelijke grens moest iets verdcr gegelegen hebben dan de huidige gemeentegrens. terwijl de overige grenzen in grote Iijnen ongeveer overeenkwamen met die van nu.

AI mer al waren heerlijkheid en stad behoorlijk ornwikkeld en tot redelijke welstand gekomen. Helaas. de voorspoed duurde nietlang. In 1420 werd ecn groot gedeelte van de stad door een brand verwoest en een goed jaar later kwam de Sint-Elisubethsvloed, die een voorlopig einde maakte aan het' bestaan van N iervaart en die de geschicdenis ervan op scherpe wijze in twce gedeelten splitste.

Hoewel de herbedijking ccrst begint in 1558, werd er in 14K3 reeds ccn nieuwe schour. tevens dlJkgraaL aangesteld en in 1542 oefende de kastelein (studhouder of vertegenwoordiger van de heel') er tevens de functie van burgemeester uit. Nu de herbedijking ncernt de plaats spoedig weer in betekcnis toe, waartoe in niet geringe mate zal hebhen bijgedragen hct fcit. dat de stud. vanwcge haar strutegische ligging. werd opgcnornen in de zuidelijke verdedigingsgordel van het gewest Holland. Men begon de stad met een aarden wal te orngeven. in 15K3 met een definitieve omwalling en het verder geschikt rnaken als vestiugstad.

De vesting Klundert , Loals de stad sedert het midden van de zesticnde eeuw steeds mcer werd genoernd. heeft slechts eenrnaal een werkelijke beiegering behoeven tc doorstaan en die had dan ook nog een teleurstellende afloop. Gedurende enkele eeuwen is Klundert cen echte vestingstad en garnizocnsplaats gcwcest voor grote aantallen militairen vall vcr-

schillemle wapens en nutionaliteiten. Na het tot stand komen van de Bataafse Republiek in 1795 had de vesting kennelijk als zodanig weinig of geen waarde meer en in 1809/10 worden de vestingswerken. de wallen en het fort de Suikerberg door koning Lodewijk Napoleon aan het stadsbestuur overgedragen.

Zoals gemeld. behoorde de heerlijkheid Niervaart tot de bezittingen der Nassaus. Bij de staatsomwenteling van 1795 werden dezen echter van al hun rechten vervallen verklaard en hun bezittingen door de Fransen in beslag genomen. die ze later overdroegen aan de Bataafse Republiek. Nadat bij wet van 25 rnei 1816 was geregeld dat de rechtmatigc eigenaars, dus de Nassuu«. weer in het genot van hun oudc bezittingen dienden te worden hersteld. duurde het nog tot 1840 cer zulks met de heerlijkheid Niervaart was gebeurd. Na de dood van prins Frederik in 188 I verviel de hccrlijkheid N iervaart opnieuw aun de staat.

We zijn nu inmidde!s aangeland in de negentiende eeuw en e r volgt dan een periode van consolidering en gestadige groci. Hoewel tegen het einde van deze ceuw een niet onbelangrijk aantal ingezetenen werk vond in de houthandel en houtbewerking. yond het mercndcel van de bevolk ing zijn bestaan in de landbouw en de daarmee sarnenhangcnde handel en ambacht.

Na de eerste wereldoorlog en ook de niet helernaal onopgemerkt voorbijgegane crisisjaren is het dat Klundert voor de twcede maul mel totale ondergang wordt bedreigd. Waren de jaren 1940/44 met het harde lot van een vreernde bezetting tot op zekere hoogte uit te houden geweest, de bevrijdingsgevechten van het najaar 1944 lieten van onze goede stad niet veelmeer over dan wat rokende puinhopen. Slechts de wil en de moed ook dit te overleven en om niet alles voor niets te hebben gedaan. gaven de krucht om het wederopbouwwerk met moed en in een hoog tempo aan te vatten. De stud werd ruirner opgezet dan voorheen, maar wat de moeite van herstel waard was werd gerestaureerd: nieuwe stratcn en wijkcn zijn

verrezen en verrijzen nog. nog nieuwere plannen zijn in een veruevorderd stadium van voorbereidina. Goed ueoutilleerde ond~erwijsinrichtingen. moderne winkels 'van allel~lei soort met een uitgebreid assortirncnt. banken, enzovoort maken Klundert tot een uitstekend bewoonbare plants. Dit allcs is op een verantwoorde wijze gepland en tot stand gebracht , zodat het karakter van de oude stad vrijwel nergens geweld wordt aangedaan.

Nu hoor ik in gcdachten al wei dut dit allernaal wat chauvinistisch klinkt vooral uit de mond van iemand die er zelf niet cens woont, maar weet U. ik vind Klundert echt mooi. N iet .illceu wanneer je door de straten ioopr. maar nog net iets rneer wanneer je de stad van enige atstand beziet en dan liefst bij zonlicht met een hemel vol sratig zeilende witte wolken. Nadcrt U dan de stad maar cens vanaf de Stoofdijk. dat is toch prachtig ' Daarorn vind ik het persoonlijk zo verdrietig dat met name dit gezicht binnen zeer afzienbare tijd zal worden verpest door hoge schoorstenen en andere grote en lelijke bouwsels. Straks zal, naar ik vrees. wannecr een vreerndeling vraagt waar Klundert ligt. geantwoord worden: .xlaar ginds, »nder de rook van dat grote chemische bedrijf",

Het zal altijd de moeite waard blijven voor Klundert en het prachtige. rijk geschakcerde, omliggende polderland op de bres Ie blijven staan, Nict aIleen om de schoonheid van de xtad of het land. niet aileen 0111 de eigen ge.iardheid van de hevolk ing. doch ook om het verleden en om de wil een eigen tuekomst op te bouwen is Klundert het dubbel en dwars w aard dat he! een zelfstandige stud blijft en nict wordt gedegradeerd tot een min of meer verkrottende wijk van een gmter geheel.

Tot slot, hartelijk dank aan al diegenen die mij met het in bruikleen geven van prentbriefkaarten en het verstrekken vall inlichtingen van dienst zijn geweest.

~ loge dit bockje de lezeressen en lezers enige uangenarne uren bezorgen.

1. 1n het begin van deze eeuw was de groenteman Ko Buijstel uit Leur een schilderachtige en geregelde verschijning op het marktveld voor het stadhuis.

2. Omstreeks 1912 was het nog een hele gebeurtenis wanneer een fotograaf zijn geheimzinnig ritueel uitvoerde. Iedere keer wanneer hij van achter zijn .Jciekkast" opdook was het aantal belangstellenden weer gegroeid. Door zulk een toeloop is in dit geval van het plantsoen achter het stadhuis niet vee! meer te zien. Binnen het hek (rechts) let de gemeentetuinman Gerrit Verhagen er op dat "zijn" plantsoen niet al te zeer wordt vertrapt. Verder herkent u in de man met het korfje op de voorgrond de bierbrouwersknecht Benjamin Ploeg en achter hem de timmerman Piet Lankhuijzen.

KLUNDERT.

Stadhuis achterzijde.

i

3. De achterzijde van het stadhuis omstreeks 1910. De op zich niet onaardige achteringang is bij de restauratie van de jaren vijftig verdwenen. Bij het rijtje kinderen moet er een drietal zijn van bakker N ijhoff, maar welke ... dat kon niemand me vertellen,

"

GRone- UiT KLUND~RT

4, De Stadhuisring omstreeks 1920 met op de achtergrond de in 1889 gebouwde gereforrneerde kerk. Natuurlijk zijn het mooie woon- en winkelpanden die nu ter plekke te zien zijn, maar dit was toch ook mooi en eigenlijk wel wat knusser, wat lieflijker. Het grote hoekhuis werd in de twintiger jaren bewoond door de schilder (later kruidenier) Jan Burgers. In 1793 moet het bewoond zijn geweest door ene van Son, wiens betere helft, "staande in de deur van haar woning door een franse kanonskogel dodelijk werd getroffcn", aldus de overlevering. Overigens zou op het bijna driehoekige pleintje van mi een pomp (als op de foto) niet eens zo gek staan.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek