Koedijk in oude ansichten

Koedijk in oude ansichten

Auteur
:   S. Visser
Gemeente
:   Alkmaar
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3831-4
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Koedijk in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Het dorp Koedijk bestaat uit twee delen: de oude kern, voor zover men een lintbebouwing een kern kan noemen, en het zuidelijk deel van St.-Pancras dat ook tot de gemeente Koedijk behoort. Dit boekje beperkt zich tot de oude kern aan de dijk langs het Noordhollands kanaal, gelegen op drie tot zeveneneenhalve kilometer ten noorden van Alkmaar. Het dorp telde in 1850 zeshonderdzestig inwoners, in 1972 ongeveer dertienhonderd. Koedijk lOU zijn gesticht in het begin van de veertiende eeuw; de eerste kerk is gebouwd in 1323. In het begin van de zestiende eeuw werd een stenen kerk gebouwd, die in 1573 grotendeels werd verwoest. Dit gebeurde tijdens het beleg van Alkmaar door de Spanjaar den , die v66r hun aftocht het dorp grotendeels platbrandden. In de Franse tijd is er in de orngeving wel hevig gevochten, maar kreeg het dorp weinig schade. In de oorlog 40/45 was er vooral de laatste jaren een vrij zware Duitse bezetting, die op verschillende plaatsen stellingen had gebouwd, in hoofdzaak voorzien van licht auto rna tisch luchtafweergeschut. De traepen waren gelegerd in de school en in schuren, terwijl de officieren Of waren ingekwartierd Of gevorderde huizen had den betrokken. In juni 1943 loste een aangeschoten Engelse bommenwerper

zijn lading brand- en fosforbommen boven het Noordeinde van het dorp. Vijf met riet bedekte stolphoeven gingen door brand verloren. Door het ontbreken van actief verzet ondervond de bevolking weinig last van de Duitse bezetting. Na de Franse tijd is de kerk gerestaureerd, waaraan echter te weinig zorg zou zijn besteed, want begin 1900 bleek restauratie opnieuw noodzakelijk. Er konden echter nergens de nodige middelen worden gevonden. De weinige belangstelling van de burgerij voor het kerkelijk leven had hier uiteraard grote invloed op. De kerk werd tenslotte zo bouwvallig, dat in 1947 tot sloop moest worden overgegaan. Er staat nu een houten noodkerkje, met een stalen klokkestoel voor de mooie klok die uit 1511 stamt.

Koedijk was v66r 1900 een dorp van veehouders, landbouwers, arbeiders en vissers. De ontwikkeling van de grave tuinbouw door de grate vraag naar groente uit het Ruhrgebied, had tot gevolg dat zeer veel grasland werd zwart gemaakt en in de twintiger jaren het aantal tuinbouwers toenam tot 160/180; daarmee nam het aantal vaste arbeiders toe tot ongeveer 200. De crisis van de dertiger jaren had tot gevolg dat er een aarital tuinders moest stoppen en

aan het eind van de oorlog waren er nog circa 120 tuinders. De moeilijke bedrijfsvoering in de vaarpolder had tot gevolg dat vele zoons geen zin in het zware werk van hun vader hadden en gingen leren, Na de vijf'tiger jaren begon een algemene uittocht uit de tuinbouw, die tot voor kort nog voortduurde. Op dit moment zijn er nog ongeveer twintig tuinbouwbedrijven en werkt geen enkele in Koedijk wonende arbeider meer in de tuinbouw. Het grootste deel van de mannelijke bevolking werkt nu als forens bij de Hoogovens, in de Zaanstreek of in Alkmaar en Amsterdam.

Koedijk kreeg in 1914 elektrisch licht, in 1924 waterleiding en in 1931 gas. In 1929 werd een rijwielpad naar St.-Pancras geopend door de toenmalige burgemeester P. Kikkert en in 1930 kwam het nieuwe, nog bestaande gemeentehuis gereed. Het kanaal, waarlangs Koedijk is gebouwd, telt vele bochten, omdat bij de aanleg de oude bedding van de "Rekere" is gevolgd, een oud riviertje, vermoedelijk een aftakking van de vroegere Rijndelta. Door de ruilverkaveling van het Geestmerambacht krijgt het dorp, vooral aan de achterzijde een nieuw gezicht. Op de achtersloot zal namelijk een weg worden aangelegd. Het zo mooie

waterrijke gebied wordt omgevormd tot een moderne rijpolder, zoals er reeds vele in ons land zijn, Landschappelijk betekent dit een grote verarming. Voor de boeren en tuinders die in dit gebied hun brood moeten verdienen was deze ingreep echter noodzakelijk, terwijl ook de lozing van afvalwater in de polder door de toename van de bevolking een onverantwoorde zaak begon te worden. Door de gemeentelijke herindeling zal Koedijk niet lang meer als zelfstandige gemeente blijven bestaan, wat door praktisch elke Koedijker wordt betreurd. Er is een intensieve aktie gevoerd tegen de annexatie die in onze ogen een averechts resultaat heeft gehad. Men wil nu Koedijk tot nummer 115 toevoegen aan St.-Pancras en de overige bebouwing bij Alkmaar indelen.

Bij het samenstellen van dit boekje hebben wij kaarten ter beschikking gekregen van de familie Slotemaker, In. Tin en van de heer Ramaker, die een pracht collectie platen en prenten van Koedijk be zit. Yerder verleenden medewerking mevrouw BoonSpruyt, de heren Bos van de smederij en nog vele anderen die de nodige informatie gaven. Ik dank hen allen hartelijk en hoop dat ik velen door het samenstellen van dit boekje een plezier heb gedaan.

1. Gezicht op de hervormde kerk omstreeks 1900-1902. Het tweede huis van rechts was het cafe, later het "Vergulde Paard". De verbouwing, waardoor het cafe een hoge voorgevel kreeg, vond enige jaren later plaats. De boerderij van Kramer, links van de kerk en bakkerij Buisman daarnaast brandden begin 1914 af. Op de grond van de boerderij werd in 1930 het nieuwe raadhuis gebouwd.

2. Een Zuiderzeebotter wordt geladen met wittekool. Vroeger kwamen in de herfst vele botters kool halen. De vissers, die in die tijd niet konden vissen, gingen deze kool verkopen in de havens rand de Zuiderzee en gingen zelfs de Dedemsvaart op om in de veenkolonien hun waar te slijten. Het voorste huis was eigendom van Dirk Schut, die zelf in het achterste deel woonde. Deze Schut was in begin 1900 een van de twee katholieke inwoners van het dorp. Aan de overkant van het kanaal ziet u de boerderij van J n. de Vries.

3. Het huis van Oosterman, Kanaaldijk no. I is juist gereed gekomen (1913). Er voor zien we de opdrachtgever In. Oosterman, zijn vrouw en dochter en (met hul) zijn moeder. In de schuit staat tuinder In. Kaag. Ver der zien we metselaar D. van Die, de opperlieden Hein Boskamp, In. Vries en anderen en enige schilders waaronder Jb. Slotemaker.

4. Van links naar rechts ziet u bakkerij Buisman, de boerderij van Kramer en cafe "Het Vergulde Paard". In 1914 zijn de eerstgenoemde panden afgebrand. Op de brede dijk staan links In. Buisman en bij het paard de eigenaar van de trekschuit. J n. de Groot. Met deze schuit werd een bodedienst van Koedijk naar Alkmaar onderhouden; men kon ook tegen betaling meevaren en in de roef een pijpje roken. Op de achtergrond rechts liggen enige schepen die zandsteen laden van de toenmalige steenfabriek te Bergen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek