Krimpen aan den IJssel in oude ansichten deel 2

Krimpen aan den IJssel in oude ansichten deel 2

Auteur
:   M. de Haij-de Visser
Gemeente
:   Krimpen aan den IJssel
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-6315-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Krimpen aan den IJssel in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

39 Hendrina Cornelia Slingerland, geboren op 1 1 juli 1899, op de foto links zittend naast haar zuster Heleen, zette de door haar moeder begonnen hoedenzaak voort en begon daarmee in 1921. Hendrien, zoals iedereen in het Krimpen van toen haar kende, volgde de opleiding tot hoedenmodiste in Oud-Beijerland en was net als haar moeder bekend om haar vakkennis op dit gebied. De door haar gevormde en op maat gemaakte hoeden, versierd met linten en sierspelden, waren een sieraad om te drag en en te zien drag en. Wanneer een zomerhoedje na een onverwachte storbui zijn schoonheid verloor, was het bij Hendrien in goede handen. In

goede vorm gebracht en gestreken werd het weer als nieuw. Zonder grate etalages of advertenties maakten moeder en dochter goede naarn in de hoedenbranche. Mevrouw H.C. Bockhove-Slingerland overleed op 27 september 1983.

40 Met andere watersportliefhebbers richtte de heer G. Vogelenzang de long, van beroep bakenmeester in dienst van Rijkswaterstaat, in 1921 de Roei- en Zeilvereniging "De Hollandsche I]ssel" op. Waar hij beroepsmatig zijn werk op het water had, zag hij ook de mogelijkheden voor de watersport. Zeilen en roeien met de toen bekende Hollandse boten kon dat allebei; om alleen te zeilen was de BM' er het meest geschikt. Voorafgaande aan de wedstrijden was er de voorbereiding in de vorm van vrijetijdsbesteding. De waters porters bouwden zelfhun bootjes, vanafkiellegging tot optuigen, waarbij men elkaar de helpende hand bood, met als resultaat een

prachtig werkstuk. Lange tijd duurde het voor over een eigen jachthaven gesproken kon worden. Na een tijdelijk onderkomen ten oosten van het veer Van der Ruit in Capelle aan den I]ssel werd een plaats

toegewezen in de Sliksloot. Deze toto's zijn van de eerste jachthaven in Krimpen aan den I]ssel.

41 Feestop 30 juli 1952. Onder het toeziend oog van vele belangstellenden (waarvan op de foto slechts een klein gedeelte zichtbaar) ontrolt zich de vlag bij de eerste jachthaven. Het is de kleine Ceesje Geleedts die, geassisteerd door de heer P.]. van der Giessen, het officiele "vlaghijsen" verricht. Op de voorgrand rechts staat dicht bij de paal de heer H. Ros, voorzitter, en daarvoor de heer M. C. Pannevis. Op die dag werd de naam van de vereniging veranderd in "Watersportvereniging De Hollandse I]ssel". Naarmate de motorjachten in de loop der jaren toenarnen en de jachthaven niet meer voldeed aan de eisen van de

tijd, volgde nogmaals een verhuizing en nu beschikt de watersportvereniging over een goed geoutilleerde haven in de Sliksloothaven, op de grens met de gemeente Krimpen aan de Lek, achter Garage Braere,

daar waar eens de noodsluis was!

42 Op de grens met de gemeente Krimpen aan de Lek werd bijna twee eeuwen geleden een noodsluis aangelegd. Dit in verband met plannen tot vervening (turf steken) voor een deel van de Krimpenerwaard. Plannen die door verschillende omstandigheden volkomen mislukt zijn, maar desondanks toch veel geld gekost hebben. In het werk van Teixeira de Mattos betreffende "de Geoctrayeerde Vervening en een beschrijving van de Noodsluis" staat uitvoerig beschreven wat zich heeft afgespeeld random de nieuwe onderneming, die een zo kort leven beschoren was. In het jaar 1822 gelastten dijk-

graaf en hoogheemraden van de Krimpenerwaard al de afdamming van de Noodsluis, omdat deze overbodig geworden was. Toch betekende dit geen afbraak van de brug en de sluis, die volgde pas in 1954.

In opdracht van de beheerder van nood- en schutsluizen, dus het hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard, werd dit werk op 11 oktober 1954 gegund aan de firma p. Stigter en Zn. te Ammerstol, voor het

bedrag van f 62.200, de laagste inschrijver.

43 Bereikte men tot rand 1800 gewoon over de dijk de buurgemeente Krimpen aan de Lek, daarin kwam verandering met de komst van de noodsluis. De gemeentegrens werd een brug die, vanwege het fraaie witte hek dat goed onderhouden werd, in de volksmond al gauw "de witte brug" genoemd werd: een vaste aanduiding waar men afspraakjes maakte, waar optochten bij festiviteiten hun keerpunt hadden en waar deelnemers aan wandelmarsen wisten hoeveel kilometers ze bij het eindpunt vandaan waren. Over deze brug, die de zware steunberen van de sluis als pijlers had, ging dagelijks

het verkeer. In het begin paard en wagen, boerenkar en fiets, later de dienstbus en de vrachtwagen, en dat alles in veelvoud. Totdat in 19 S4 het wegdek, gelijk met de sloopwerkzaamheden van de noodsluis,

die nooit als zodanig dienst gedaan heeft, weer werd doorgetrokken.

44 De Sliksloot, een smalle vaargeul die bij laag water bijna droogviel, werd in 1932 drooggelegd. Toen nam een groot werkverschaffingsproject een aanvang, waarbij zeer veel werklozen werden ingezet. Met man en macht werd van de smalle sloot een haven gegrayen om bij gevestigde bedrijyen schepen te kunnen laten lossen en als ligplaats in het weekend voor de schippers die in Krimpen hun thuishaven Hadden. Het was een karwei dat enkele jaren in beslag nam. Nadat de Sliksloothaven gereed was, konden eerst alleen kleine schepen daarvan gebruik maken, maar na de sloop van het "koolteerbruggetje" in 19 S4 werd ook doorvaart voor grotere schepen mogelijk.

Toen kon ook pas van een echte schippershaven gesproken worden. De Sliksloothaven loopt van de Hollandsche I]ssel tot aan de brug Industrieweg. Het enorme stuk .Jrandwcrk" gebeurde met schop en krui-

wagen; er kwamen geen machines aan te pas. Opdrachtgever en toezichthouder was de Nederlandsche Heidemaatschappij.

4S Achter de bedrijven aan de Parallelweg is de thuishaven voor de schippers, de Sliksloothaven, die vaak de schippershaven genoemd wordt. Vooral in de weekends liggen veel schepen voor de wal, maar ook op andere dagen kan een schipper de haven aandoen, bijvoorbeeld voor reparatie of onderhoud aan het schip, bij ziekte of ander oponthoud en dat laatste kan het geval zijn bij langdurige vorst, als de scheepvaart gestremd is. Op deze foto van februari is het water duidelijk ijsvrij.

46 Varend vanuit de Sliksloothaven, het thuisadres voor vele binnenvaartschippers, gaat schipper A. Geerling via de Bakkerskil naar de Nieuwe Maas. Het schip "Vertrauwen" vaart onder de brug door die in 1935, gelijk na de uitgraving van de haven, gereedkwam. Het was toen een grate vooruitgang, zowel voor de schippers als voor de vastewalbewoners, maar in de loop der jaren werd duidelijk dat niet voldoende rekening gehouden was met de industrialiseringsplannen voor de Storm polder. Steeds toenemend en steeds zwaarder verkeer naar de daar gevestigde bedrijven vereiste een bredere weg en een grotere brug. De brug op deze foto werd na

veertig jaar trouwe dienst vervangen.

47 DeTuinstraat, op deze foto compleet met enkele plantsoentjes, doet haar naam alle eer aan. Toen in de gemeenteraadsvergadering van 4 juli 1919 tot deze straatnaamgeving werd besloten, wees burgemeester A. van Walsum het voorstel af om

zijn naam aan deze straat te geven. De onder voorzitterschap van deze burgemeester in 1917 opgerichte Woningstichting Gemeentebelang liet in deze straat de eerste woningen in de sociale sector bouwen. Vele jaren later, op 23 augustus 1979, kreeg een

tot dan toe naamloos plein in het voorste gedeelte van de Tuinstraat, offici eel de naam Burgemeester Van Walsumplein. De winkels die op deze foto te zien zijn werden jaren geleden afgebroken. Op de voorgrond voor de eerste winkel staat de weduwe De

Vries, beter bekend als Sien Boon (meisjesnaam) die "ellewaar" verkocht en ook petroleum. In de winkel ernaast had Liesbeth Westbroek, een "vrijgezellejuffrouw", een kruidenierswinkel.

?

Guinsfraaf, Xrimpen aid IJssel:

48 Het aanleggen van straten en het bouwen van woningen tussende jaren 1920 en 1930 was nog maar net van start gegaan toen er in het gedeelte tussen Lekdijk-I]sseldijk en Tiendweg al onderwijs gegeven kon worden. In de Tuinstraat, de eerste nieuwe straat in deze wijk, werd eerst (1921) de Openbare Lagere School 2 en in het jaar 192 2 de Christelijke Lagere School 2 in gebruik genomen. Aan laatstgenoemde school werden twee onderwijzeressen benoemd die beiden tot aan hun pensionering gebleven zijn. Mejuffrouw H.S. Brussaard (links) was 22 jaar to en zij vanuit Den Haag, waar ze reeds anderhalf jaar voor de klas had gestaan, naar Krimpen

aan den I]ssel kwam. Haar collega werd mejuffrouw A. Schnaar (rechts), 19 jaar, die net van de Kweekschool in Rotterdam kwam. Hoofd van de zesklassige basisschool was de heer]. Seckel. Na enkele ja-

ren op kamers te hebben gewoond kozen de dames voor meer zelfstandigheid en huurden ze een woning aan de I]sseldijk om samen te wonen. ]uffrouw Brussaard was 43 jaar en juffrouw Schnaar 4S

jaar aan deze school verbonden.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek