Maarheeze, Soerendonk, Sterksel en Gastel in oude ansichten

Maarheeze, Soerendonk, Sterksel en Gastel in oude ansichten

Auteur
:   L. van Exel
Gemeente
:   Cranendonck
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2005-0
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Maarheeze, Soerendonk, Sterksel en Gastel in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

In de periode waaruit de foto's in dit boekje stammen, namelijk van rand 1900 tot omstreeks 1930, heeft de gemeente Maarheeze, die bestaat uit de vier kernen Gastel, Maarheeze, Soerendonk en Sterksel, eerst zijn huidige vorm verkregen. Daar is een hele wordingsgeschiedenis aan vooraf gegaan.

Maarheeze, Soerendonk en Gastel vormden (sinds omstreeks 1100?) samen de baronie van Cranendonck met een eigen schepenbank onder voorzitterschap van de "drossaert" van Cranendonck. Op 16 september 1673 werd het stoere kasteel van Cranendonck, waarvan een gravure op een koningsschild uit 1654 van het Sint-Jansgilde uit Soerendonk staat, door de Fransen op hun terugtocht verwoest. Nadien werd de baronie van Cranendonck met de stad Eindhoven "door de Algemeene Staten in den Haage ter le en gehouden". Sterksel was een vrij goed en het werd in 1172 door Herbert, heer van Heeze, afgestaan aan de abdij van Averbode, die het met de vijf pachthoeven in 1796 voor tienduizend gulden verkocht aan Adr. Pomp en te Leende.

Tijdens de Franse overheersing, ten tijde van Napoleon, kregen de gemeenten een eigen bestuur. Zo waren

er in 1803 twee gemeenten, namelijk Soerendonk en Maarheeze. Sterksel heeft waarschijnlijk van 1803 tot 1814 bii de gemeente Maarheeze gehoord, maar het kwam in 1814 in elk geval bij de gemeente Soerendonk.

Gastel hoorde in 1811 bii de gemeente Budel, was daarna een zelfstandige gemeente, tot het in 1819 ook bij de gemeente Soerendonk kwam.

Deze toestand is zo gebleven tot 1 januari 1925, toen de gemeenten Soerendonk en Maarheeze werden samengevoegd tot de huidige gemeente Maarheeze, een feit dat de gemoederen in de tijd onzer vaderen hevig beroerde.

In kerkelijk opzicht groeide er een situatie in orngekeerde richting. Maarheeze had reeds v66r 1400 een tamelijk grote parochiekerk, die stond onder de kapittelkerk van Eindhoven. De pastoor werd op voordracht van de baron van Cranendonck benoemd door het kapittel. Soerendonk, dat reeds in 1443 een eigen St.-Janskapel had, hoorde parochieel onder Maarheeze, tot het op 21 oktober 1819 een eigen parochie werd. Sterksel had in 1450 ook een eigen kapel, bediend door een kanunnik van Averbode. Op 14 maart

1692 werd Sterksel aan de parochie Maarheeze toegevoegd, tot het in 1916 een ze1fstandige parochie werd. (De meeste van deze gegevens zijn ontleend aan de "Nieuwe beschrijving van het Bisdom van's Herrogenbosch " door I.A. Coppens, 1843.) Gaste1 heeft parochiee1 altijd onder Bude1 gehoord. Ret had reeds vanouds een eigen kape1, toegewijd aan St. Cornelius. In maatschappelijk opzicht was er een grot ere eenheid. Tot 1930 waren praktisch alle inwoners agratiers en op hen was over 't a1gemeen van toepassing wat Isaak Tirion in 1740 over de "Meierye" schreef:

"De Inwooners zyn in 't algemeen ann. De schraale Landery en verschaffen hun te weinig loon voor hunnen zuuren arbeid, dan dat ze 'er veel by z ouden konnen overgaderen. De beste en meeste Ingezetenen persen, door verdubbelden arbeid, den dorren Akker vrugt at Vroeg en laat zyn ze met hun Landwerk bezig, De sterkte en gezondheid der Ingezetenen in 't algemeen komt hun wel te pas, in het arb eidzaam leven, dat zy genoodzaakt zyn te leiden". In "onze" tijd was daar wel enige verbetering in gekomen, vooral door het beschikbaar komen van het kunstmest, maar ook toen was het lange dagen werken geblazen! Er

was ook enige industrie ontstaan, onder andere in de vorm van twee schoenmakerijtjes van de burgerneesters P. van Sambeek en I. van Deursen te Soerendonk, de steenoven op Kauwbergen, een brouwerij en een klornpenmakerij in Maarheeze en de plaatselijke boterfabriekskes. Ook werkten er velen buitendorps, zoals op de Zink (K.Z.M.) te Budel-Dorplein, Maar als de echte industrialisatie begint zijn we de periode van onze foto's reeds lang voorbij,

Mogen wij de veelal pittoreske bee1den, die we ontmoeten op onze rondtocht door onze dorpen, tegen deze achtergrond bezien. Dan zal ons daarin vooral opvallen de "schone" eenvoud die er uit spreekt; schoon ook door het vele groen dat de dorpskernen sierde, vooral in de vorm van de vele lindebomen, hetgeen de bijenhouders, verenigd in een Sint-Ambrosiusgilde, mede ten goede kwam. Bijna alles wat we tegen zullen komen is inmiddels verdwenen. Moge het daarom tevens een herinnering zijn aan een voorbije periode, die toch ook zijn mooie kanten had.

Mag ik tenslotte mijn dank uitspreken aan de talrijken die hun foto's voor dit doel bereidwillig hebben afgestaan.

1. MAARHEEZE

De oude kerk van Maarheeze stond op het huidige kerkhof. Ze stamt uit de veertiende eeuw. De naa1dtoren is gebouwd in 1770. Ook Scerendonk (tot 1819) en Sterkse1 (van 1692 tot 1916) hoarden parochieel onder Maarheeze. In 1648 werd deze kerk aan de katholieken ontnomen en overgedragen aan de acht protestanten die er woonden. Maarheeze had vanaf 1684 een schuurkerk aan de Weerterweg en Soerendonk vanaf 1680 een op de Heuvel "we1ke door den pastoor van Maarheeze en desze1fs kapelaan is bediend geworden. Ook Sterkse1 had een eigen kapel, zodat het een zware tijd was voor de pastoor met zijn kapelaan.

qroefen l.1it "ji1aar. eeze

~. X. Xtrk

'. ,

2. Onder pastaar Jansen werd in 1909 begannen aan de bauw van een nieuwe kerk. Architect was L. de Vries uit Helmand en diens braer G. de Vries nam het werk aan voor dertigduizend gulden. De parachianen deden ze1f het grondwerk en haa1den met paard en kar de materialen uit Weert vo or twee gulden vijftig per vracht. In 1910 kon de kerk in gebruik genamen worden, nadat de nag bruikbare inventaris was aververhuisd.

3. Een prachtige foto van het zangkoor van Maarheeze uit omstreeks 1912. Zittend van links naar rechts: W. van Geldrop, kerkmeester Tinus Cardinaal, pastoor H. Jansen en brouwer Jan Winters. Staand van links naar rechts: M. van de Weegh, horlogemaker; M. van de Weegh, Jan van de Weegh, schoenmaker; H. van Himbergen, F. van de Putten, P. Winters, brouwer; J. van Kessel (boven), Jac Praats, kastelein; Jan Guns, timrnerman; H. van Kessel, klompenmaker; koster H. van de Putten, Toon van Kessel, W. van Geldrop en Aug. Biernans, Indien niet anders verme1d waren het allen landbouwers.

Maarheeze. Uitgaan Kerk.

4. Een foto uit 1915. Voor de nieuwe kerk staat het huis van schoolmeester Jan van de Weegh, die aan de toen nog open bare school vijfh onderd gulden per jaar verdiende. 's Morgens moest hij eerst de kachels in de school aanmaken. Om voor zijn grate gezin aan zijn trekken te komen was hij er koster, organist en klokkeluider bij. Rechts staat het huis van burgemeester C. Moons (1906-1924) met daarvoor de kastanjeboom, in 1890 geplant voor koningin-regentes Emma. De mannen gingen eerst de kerk uit, daarna pas de vrouwen. De jonge mannen stonden dan naar de "schoon vrullie" te kijken l

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek