Marken in grootmoeders tijd

Marken in grootmoeders tijd

Auteur
:   J. Schild
Gemeente
:   Waterland
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4752-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Marken in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Ruim vijftien jaar geleden verscheen het boekje , ,Marken in oude ansichten" van K. de Groot, dat onlangs een herdruk beleefde. De belangstelling voor de historie van het voormalige eiland is sindsdien enorm toegenomen.

In 1981 is het museum geopend, waarin het verleden herleeft. Dit museum wordt beheerd door de Vereniging Historisch Eiland Marken. Een groot percentage van de inwoners van de nu nog bestaande gemeente Marken is lid van deze vereniging. Hiermee wordt tot uitdrukking gebracht, hoe sterk men zich verbonden voelt met de eigen historie.

Bovendien zijn er de afgelopen jaren verschillende publikaties over Marken verschenen.

Onder andere verscheen werk van de hand van Pieter van Brederode en publiceerden de verschillende medewerkers van de Marker Krant artikelen over de historie van het eiland.

Vervolgens verscheen een jubileumboek over de zeventigjarige geschiedenis van een eiland-fanfare door K. Zeeman. Dit werd enige jaren later gevolgd door een jubileumboek van "de voetbal". De Marker Jan Peereboom publiceerde samen met .Jangbroek" Frits Gerritsen het boekje "Over Marken en haar Markers".

Ten slotte werd door de vereniging Historisch Eiland Marken een tweetal boekjes uitgebracht.

In het voor u liggende boekje wordt aan de hand van uniek fotomateriaal en oude ansichten een beeld getoond van wonen, leven en werken op het voormalige eiland Marken over de periode 1890 tot 1940. AIle afbeeldingen zijn afkomstig uit de collectie van Marken-verzamelaar Jan Schild.

Met dank aan al degenen die mij van informatie voorzagen, waarbij met name Jannetje Dolfijn en Klaas Boneveld genoemd worden, wens ik u veellees- en kijkplezier.

Marken, januari 1989

Jan Schild

1. De Haven begin 1900.

De foto is gemaakt tussen 1902 en 1904. Dit valt af te leiden uit de volgende gegevens: het huis van "Griet van Sijt", in de hoek van de haven naast de havenmeester, is gebouwd in 1902 en de "taanderij", gebouwd in 1904, is er nog niet. Het huis links naast de scheepswerf is de boerderij van Klaas de Boer (Kes). Het stond achter de havendijk en was via een brug te bereiken. In later jaren heeft men het huis, dat oorspronkelijk op palen stond, laten , ,zakken".

Achter het span botters op de helling wordt het Gronddepot gedeeltelijk aan het oog onttrokken. De scheepswerf De Hoop is gebouwd in 1885, in 1947 afgebroken en opnieuw opgebouwd in het Openluchtmuseum in Arnhem. De Marker helling in het Buitenmuseum van het Zuiderzeemuseum te Enkhuizen is nagebouwd.

Achter de "middelbreg", de loopsteiger, ligt een hele rij botters, zogenaamde stilliggers. De vissers van deze botters voeren in die jaren veelal op grote Duitse loggers van onder andere Emden, Elsfleth en Vegesack, waar veel meer geld te verdienen was. Een enkele oude visser geniet nog een klein pensioentje uit deze Duitse tijd.

2. Visserslui in de botter 1900.

In de MK 125 van C. van Altena Cz. poseert een groep Marker vissers voor de fotograaf. Gezien de kleding is het een door-de-weekse dag. Waarschijnlijk is het in de winter, want de vloot ligt stil.

Achteraan zien we, van links naar rechts: Jacob Teerhuis, Piet Nek (Pieter de Groot), Piet de Kruk (Van Altena), vooraan C. de Groot, Pieter Uidam, K. Klok (Visser)? en Arian van Emgert (Visser).

Op de achtergrond zien we het Gronddepot.

Het gehele Gronddepot is in oktober 1903 door brand verwoest. Waarschijnlijk is de brand ontstaan in de taanderij van Jan de Vries. Dit is op de foto het gebouw aan de achterzijde van de huizen.

Er bevonden zich naast de taanderij vier huizen, een timmerschuur en waarschijnlijk een zeilmakerij. Meer naar links vlak bij de haveningang was een loods. Daaraan grenzend was een koffiehuis, vlakbij de aanlegsteiger van de toeristenboot.

T ?pes Hollandais.

/

3. Pieter en Dirk de Waarl van de MK 36.

Pieter van Jan de Waart, onverstoorbaar aan zijn pijp trekkend, tuurt naar de horizon. Hij draagt een boezeroen, een middel en een ettelijke malen verstelde broek. Over zijn klompen draagt hij slobkousen om inwateren te voorkomen. Op Marken werden deze "sallepatters" genoemd.

Pieter woonde op het Erf, om precies te zijn op Kerkbuurt nr. 3. Zijn broer Dirk woonde op "Frankrijk", officieel Buurt 4 genaamd. Beiden zijn geboren op het Gronddepot, maar het gezin De Waart moest na de brand van 1903 omzien naar andere woonruimte, die zij vonden op Frankrijk.

Aan het eind van de jaren dertig, toen deze opname gemaakt is, was het al grotendeels gedaan met de visserij op Marken. Velen kregen Zuiderzeesteun en probeerden zich om te scholen.

De laatste Marker botter was de MK 53 van Cees en Sijmen Zeeman. Zij visten er drieentwintig jaar mee, van voorjaar 1938 tot 4 augustus 1961. Na wat omzwervingen werd de MK 53 uiteindelijk doorverkocht aan de vereniging "Vrienden van het Zuiderzeemuseum". Inmiddels staat de botter al weer jaren in het Binnenmuseum te Enkhuizen tentoongesteld.

4. De Havendijk voor de huizen 1909.

Het jongetje in de deuropening op de voorgrond is de in 1905 geboren Pieter Schipper. Inmiddels zijn de , ,beunen" (houten plankieren) voor de huizen een stuk groter geworden en is het talud van de dijk verbreed. Op de achtergrond, de noordzijde van de haven, is links de taanderij verschenen, nadat de oude op het Gronddepot was afgebrand. Op dat moment waren er twee taanderijen op Marken.

Op de plek waar nu cafe De Visscher is, bevond zich al voor 1900 een taanderij van Jan de Vries, de taanbaas. In 1927 stopte het werk in deze taanderij. De visserijvereniging bouwde een taanketel op de Hoge Dijk. Het pand werd overgenomen door Pieter Visser, die er samen met zijn vrouw Geertje Dorland cafe De Visscher vestigde.

De haven is oorspronkelijk aangelegd door uitbreiding van de Buurterkolk, de uitwatering van de Buurter Wijde Sloot. Dit was een inham in een buitendijks gelegen stuk land, dat bij hoog water onder liep, In 1830 wordt de kolk uitgebreid met een havenkom van veertig bij zeventig meter. In 1837 vindt er een verlenging plaats tot honderd meter. Een jaar later volgt het heien van een palenscherm rond de oude kolk, om de schepen te beschermen tegen hoog water. De haven bestaat dan uit een nieuw aangelegde havenkom, waarvan het havenhoofd aan de zeezijde is beschermd door een hoog, gesloten paalwerk, en een open natuurlijke inham aan de andere zijde, die eveneens door een hoog paalwerk tegen storm en zeegang beschut is. Dit is de huidige Oude of Buurter Haven.

Voor de haringschuiten was er een afzonderlijke ligplaats in een kolk, die als rechterarm van de havenkom beschouwd kan worden. In de loop der jaren is de haven steeds verder uitgebreid tot de situatie zoals we die nu kennen. We dienen hierbij te bedenken dat het hele gebied waar nu de haven is, honderdvijftig jaar geleden een buitendijks stuk land was, waar in een inham de schepen voor anker gelegd werden.

5. De spoelbalk aan de Haven 1929.

Maandag is op Marken wasdag. Na het wassen werd de witte was in de bleek gelegd om te bleken. Vervolgens werd de was gespoeld. Elke buurt had daarvoor zo zijn eigen plekje. Een van de meest gebruikte was de spoelbalk aan de haven. De was werd er in manden heen gebracht en bij thuiskomst in de "roop" te drogen gehangen. Nu doet men dit alles in eigen huis. In vroeger jaren was het, zoals bij veel andere werkzaamheden, tevens een sociaal gebeuren.

Links op de foto zien we de aanlegplaats van de "metor", de Marker boot naar de vaste wal.

Rechts op de voorgrond zie je het roer van de kubboot van Pietje van Sijmen Kes. Hij had een winkel in scheepsgereedschap aan de haven, in het pand waarin later de winkel van Sijtje Boes gevestigd is.

Met het bootje voer hij naar de blinde baak in de Gouwzee, aan het einde van de dam die onder water ligt, om het licht brandende te houden. Bovendien had hij tot taak het licht van de baak op het Kruis aan te steken. M.J. Brusse schrijft in zijn boekje "Op het eiland", met als ondertitel .Jangbroek op Marken" over zijn vriend Pietje van Sijmen: ... de baak op het Kruis, waar Pietje van Sijmen als het tegen zonsop- of -ondergang gaat, automatisch 't rode lichie uitblaast of aansteekt ...

Op de achtergrond voor het huis van de havenmeester ligt een aantal volgeladen hooibotters klaar voor hun reis naar de Vechtstreek, waar het hooi verkocht werd.

Aan de kade kun je nog net de hooiwegers onderscheiden en de driepoten waaraan de weegarm hing om het hooi te wegen. Het hooi werd met vletten door de Wijde Sloot tot aan de haven gebracht en over de dijk gedragen. Dit laatste werd veelal door vrouwen gedaan. Vervolgens werd het hooi gewogen en op de botters opgestoken.

Na 1932, to en de Afsluitdijk gesloten was en Marken niet meer onder water liep, was het afgelopen met de hooivaart. De boeren konden nu meer vee houden en had den het hooi zelf nodig.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek