Marken in grootmoeders tijd

Marken in grootmoeders tijd

Auteur
:   J. Schild
Gemeente
:   Waterland
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4752-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Marken in grootmoeders tijd'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

26. Het oude raadhuis voor 1900.

Een unieke afbeelding van voor 1900. Helaas weten we niet wie de notabele is die voor het raadhuis staat. In dit kruisgebouw bevonden zich het raadhuis en de school. Het gebouw is gezet in 1850 voor een bedrag van F.4400,-. De toenmalige gemeente-onderwijzer Allan, beschrijft het in zijn boekje uit 1854 als voIgt:

De school en het Raadhuis, vormen te zamen een kruisgebouw. Beide, in 1850 opgerigt, hebben eenen modernen vorm, terwijl de inrigting, zoo van het eene als van het andere, allezints doelmatig kan genoemd worden. Jammer echter is het, dat het schoollocaal voor het aantal schoolpligtige kinderen, dat thans 180 a 190 bedraagt, te bekrompen is. De plaatselijke gesteldheid van het terrein gedoogde echter geenen grooteren aanleg.

Oudere Markers kunnen zich nog goed herinneren hoe zij als kind bij het linker gedeelte van het raadhuis bij slecht weer onder de overkapping knikkerden.

In 1902 is het rechter gedeelte van het raadhuis afgebroken. Hiervoor in de plaats werd door aannemer Dirk Pereboom een burgemeesterswoning gebouwd. De toenmalige burgemeester Vink heeft slechts kort in zijn nieuwe woning gewoond. In 1903 verliet hij Marken en werd opgevolgd door burgemeester De Ridder. Het midden en linker gedeelte van het kruisgebouw is in 1931 afgebroken en vervangen door een nieuw gemeentehuis, dat op 20 maart 1932 officieel geopend werd. Dit was geen lang leven beschoren, want na 25 jaar werd het al weer gesloopt.

Op de plaats van het gemeentehuis van 1931 en de burgemeesterswoning van 1902 verscheen in 1956 een geheel nieuw gemeentehuis, dat nog steeds de Kerkbuurt ontsiert.

27. De open bare school op het Schooldijkje voor 1920.

In het op de vorige bladzijde getoonde en besproken kruisgebouw was tevens de school gevestigd. Omstreeks 1871 was het gebouw van 1850 allang te klein en had de schoolopziener reeds diverse malen aangedrongen op een ruimere behuizing, De gemeente probeerde hiervoor een stukje land genaamd de Tuin aan te kopen, maar dat mislukte. Dan bestemt men in 1872 de Potakker voor de bouw van een nieuwe school. Uiteindelijk wordt in 1875 de onderbouw van de school gezet. Helaas verzakt het hele bouwwerk, omdat de terp het gewicht niet kon dragen, De hele fundering moet uitgegraven worden en alles opnieuw onderheid. Het nieuwe schoolgebouw en de bijbehorende onderwijzerswoning worden in 1878 opgeleverd. In 1882 deelt de burgemeester de raad mee dat het gebouw een halve meter is gezakt, niet goed gemetseld is en lekt. Inmiddels is er aan de Oostzijde van de Kerkbuurt in 1895 een gereformeerde school op palen gebouwd. Het leerlingenaantal stijgt zo, dat er in 1920 twee lokalen bijgebouwd moeten worden. De hervormden, verenigd in de "Vereniging de Vri je Christelijke School" , doen in 1919 het verzoek aan de gemeente om op de Potakker naast de openbare school een eigen school te mogen bouwen. Dit verzoek wordt afgewezen.

In 1920 worden er aan de openbare school grote herstelwerkzaamheden verricht. Tijdens de uitvoering hiervan wordt .Jiet nieuwe gebouw" , nu gebouw Hoog genoemd, als school gebruikt. In 1921 is de school met vier lokalen nog slechts in gebruik voor 59leerlingen. De andere kinderen zitten allemaal op de gereformeerde school.

In augustus 1921 wordt het gebouw van de openbare school overgedragen aan de "Vereniging de Vrije Christelijke School".

Op de openbare school bleven nag slechts enkele kinderen, die in een overgebleven lokaal les kregen. Toen er nag slechts vier leerlingen over waren, kregen zi j thuisonderwijs van de nog enig overgebleven leerkracht, juffrouw Anna Ringeling.

Het gebouw op het Schooldijkje bleef echter een slecht gebouw. In 1933 werd het bijna geheel afgebroken en opnieuw opgebouwd. Uiteindelijk is de school in 1976-1977 definitief met de terp gelijk gemaakt. Wederom verdween een voor Marken zo karakteristiek gebouw.

28. Schoolkinderen bij de vrije christelijke school 1929.

Een opname uit 1929 op de trap naar het schoolplein van de school op het schooldijkje. Van rechts naar links zien we achtereenvolgens: 1. PietTeerhuis. 2. Klaas Boneveld. 3. EmgertZondervan. 4. Klaas de Waart. 5. Kees Zeeman. 6. Maretje van Rika (Zondervan). 7. Geertje van Dirkje (Schouten). 8. Jan Schouten. 9. Jan Peereboom. 10. Willem Commandeur. 11. Jacob Moenis. 12. Kees de Waart. 13. Lobbetje Schouten. 14. Eefje de Waart. 15. Jannetje Schouten. 16. Pietertje van Altena. 17. Luutje Zeeman. 18. Neeltje Kaars. 19. Dirk van Kee van Annetje (Visser). 20. Jan Boneveld. 21. Klaas Kes. 22. Lijsbeth Zeeman. 23. Pieter Boneveld. 24. Neeltje van Rika (Zondervan).

29. Grotewerfvoor 1916.

Er staan drie kinderen op het "houtje" (bruggetje) dat van Grotewerf naar Rozewerf leidt. Rechts op de achtergrond zien we nog de Wittewerf. Het huis links op de voorgrond is in de watervloed van 1916 weggeslagen en later opnieuw opgebouwd.

De Grotewerf is een van de oudste nog bestaande werven. Reeds in 1608 wordt er melding van gemaakt. In 1793 staan er op Grotewerf zes huizen en woonden er totaa159 personen. Waarschijnlijk waren sommige huizen in tweeen gedeeld. In 1862 is de werf aanzienlijk uitgebreid. Er staan negentien huizen, in totaal bewoond door 73 personen.

We vermoeden dat op de werf in vroegere tijden een familie De Groot woonde, of dat de grond eigendom was van een familie met die naam en dientengevolge de naam Grotewerf gekregen heeft. De naam De Groot was namelijk al ver voor de Napoleontische tijd, de periode waarin men verplicht een familienaam aan diende te nemen, inheems op Marken. Daarom valt het niet aan te nemen dat de mensen die op Grotewerf woonden voor de naam De Groot kozen. Een andere veronderstelling is, dat de Grotewerf zijn naam te danken heeft aan het feit dat het een grote werf geweest zou zijn. Dit blijkt niet juist. Reeds in 1732 zijn de Moeniswerf, de Kraayenwerf en de Noorderwerf zeker tweemaal zo groot.

De beide laatst genoemde wervenzijn reeds lang verdwenen. Zij waren gesitueerd in de buurt van de vuurtoren en zijn respectievelijk in 1775 en 1825 na storm en verwoest.

~. T '(pes Hollandais.

30. De Rozewerfomstreeks 1900.

De Rozewerf is ontstaan halverwege de zeventiende eeuw. Coronel zegt in zijn boek over Marken van 1862:

"De naam is zeer oud en ontleent zijn oorsprong aan de omheinde erven en tuintjes, die men in vroeger jaren aantrof en wier voornaamste sieraad in eenige rozenstruiken bestond."

Deze uitleg klinkt heel aardig en is kunstig gevonden, maar zo lang er geen betere gevonden wordt, geven we er de voorkeur aan om ook deze naam met de oorspronkelijke grondeigenaar in verb and te brengen. Dit was de familie Roos, wier erf hier gelegen was. Dus: Roos zijn werf werd Rozewerf!

lets ten oosten van de Rozewerflag nog een werf, namelijk de Scherpenheuvel. Deze is aangelegd na 1608 en in 1667 afgebrand en heette to en "Heuvel". Op een kaart van 1694 heet de terp Jan Reynswerf. In later jaren staat weer als naam Scherpenheuvel aangegeven. In 1820 wordt de werf door brand verwoest en verlaten. Rechts op de foto zien we de karakteristieke ijsbrekers. Op nieuwjaarsdag 1951 hebben zij nog hun dienst bewezen. Door de noodklok werd alleman naar de dijk geroepen, want geholpen door de storm bedreigden de kruiende schotsen de Rozewerf. Met man en macht is toen voorkomen dat de huizen door het ijs zouden worden versplinterd.

In 1987-1988 zijn de oude ijsbrekers weggehaald en nieuwe aangelegd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek