Middelharnis in oude ansichten

Middelharnis in oude ansichten

Auteur
:   Th. de Waal
Gemeente
:   Middelharnis
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3214-5
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Middelharnis in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

9. De molen "De Dankbaarheid" in 1849 gebouwd. De laatste eigenaar was molenaar J. Dambruin, die de molen met bijbehorende grond verkocht aan J.J. Camp fens. Ondanks de moeite die werd gedaan om dit sierlijke monument in het midden van de gemeente te behouden, is de molen in 1966 helaas afgebroken.

10. De haven van Middelharnis en het Vingerling in 1897. De kleine schepen zijn de zogenaamde ventjagers, die de vis van de sloepen kwamen halen en die naar Brabant brachten. Naar deze ventjagers is de smalle vaargeul bij Ooltgensplaat vernoemd: het Ventjagersgaatje. Het grote huis op de hoek van het Vingerling is altijd een cafe geweest. De sloep met de witte band en de leeuw op het roer is waarschijnlijk de M.D. 1 (schipper W. v.d. Hoek), die in 1910 is vergaan. De sloepen zijn hier alle nog van hout. De opname geeft een mooi overzicht van het oude Vingerling. Op de hoek staat nu het standbeeld van de "Kofjekoker". Geheel rechts zien we hotel Meijer, thans hotel Jacobi.

11. Middelharnis was sinds tijden een welvarende vissersplaats. Men viste op de Noordzee en in de zomer voer men naar IJsland voor de kabeljauwvangst. Hoofdzakelijk echter oefende men de beugvisserij uit. In de achttiende eeuw maakte men gebruik van zogenaamde gaffelschepen; op het raadhuis staat nog zo'n gaffelscheepje als windvaan. In 1817 kwam de eerste (houten) sloep in gebruik, schepen naar Frans model, zoals de naam "chaloupe" aangeeft. In 1896 ging men over op stalen vissersschepen; u ziet ze hier in de haven aan het Vingerling liggen. Iedere sloep had dertien koppen bemanning, het "koffiekokertje" (van wie thans een standbeeld aan het Vingerling staat) meegerekend. Soms waren de vissers twaalf tot dertien weken van huis. De visserij verliep, omdat de vis meest in IJmuiden werd verkocht en ook door de verzanding van de Goereese gronden. In 1921 verliet de laatste sloep Middelharnis.

12. In de vorige eeuw werden op de scheepswerf van I. Peeman aan de Oosthavendijk nieuwe houten sloepen en ook weI hoogaarzen gebouwd. Hier ziet u de werf nog in vol be drijf, hoewel er toen al ijzeren sloepen waren. Van rechts naar links zien we: Driesse, Van den Hoek, I. Peeman, K. Vroegindeweij, W. Peeman Izn., T. Jordaan, een onbekende en R. Goudswaard. Nu de Middelharnisse haven een jach thaven is geworden, heeft eigenaar J. Peeman weer een helling aangebracht voor reparaties aan plezierjachten, In de winter worden er ook jachten geborgen. Op de achtergrond ontwaren we enige sloepen aan het Vingerling.

l<;aai.

]'tliddelharnis

13. Nog een fraai kiekje van de haven van Middelharnis, to en men nog houten schepen had en alles op de zeilen voer. Vooraan ligt de beurtschipper op Rotterdam; op de wal staat de kar, waarmee de goederen werden thuisgebracht en de olievaten liggen gereed om met een stok naar de winkels te worden gerold! Rechts liggen drie houten tjalken. Bij de scheepswerf van Peeman liggen er nog twee, alle met de zeilen netjes onder de huik. Links ligt een hoogaars met een kleinere boot om palingfuiken te lichten. Thans laat de haven een geheel ander beeld zien: het is een moderne jachthaven geworden, afgeladen met tal van luxe pleziervaartuigen.

Vingerling. MIDDELHARNIS.

14. Als de sloepen na weken van afwezigheid binnenkwamen, moest voor een volgende reis weer worden geproviandeerd. De schepen lagen dan aan het Vingerling met zijn pittoreske oude huisjes. AIle personen (meest vissers) die op deze foto staan, zijn overleden. Herkenbaar zijn: links Matthijs Visser, naast hem Hendrik Matze, als vier de Jacob van Wezel, die de zogenaamde ijzeren schuitjes, die voor ballast dienden, aan boord kruide, Achter de jongens staat Hein de Waard, vervolgens zien we Jacobus van den Hoek en Leendert Koster. Met stok is de oude Arend Roodzand en ten slotte herkennen we Hein van den Hoek en Cornelis van den Nieuwendijk. Als de sloepen binnen waren, gaf dat altijd een levendige drukte aan de haven.

F20lel "meier"

middel~arnis

1232

15. Voordat de R.T.M.-veerboot (1909) concessie van het Rijk kreeg, waren er ook reeds overzetveren, onder meer op de Hoornse hoofden en vanaf Stellendam. In 1841 fungeerde een particuliere onderneming voor passagiers- en vrachtvervoer vanuit de haven van Middelharnis, namelijk de "Stoomboot Mij. Overflakkee", die een dagelijkse dienst onderhield op Rotterdam. Later is een fusie ontstaan met de R.T.M. Op dit kiekje ziet u de stoomboot "De Onderneming", die de bijnaam had van "Mooi Jantje", voor de aanlegplaats bij hotel Meijer, thans het gerestaureerde hotel Jacobi. Deze "Menheerse boot" voer 's morgens naar Rotterdam en kwam 's middags terug. "Mooi Jantje" arriveerde omstreeks half twaalf en voer dan om half twee opnieuw naar de Maasstad. Doordat er veel vrachtauto's en particuliere auto's kwamen, liep het passagiersvervoer terug; daarom heeft de R.T.M. op 29 januari 1949 deze dienst gestaakt, waarmee weer een stuk romantiek uit Middelharnis verdween.

16. De klederdracht van de vissers te Middelharnis. Ze droegen een blauwe trui, een pof-klepbroek, laarzenkousen.en klompen. Op de foto links ziet u de "koffiekoker" Jeroen de Koning en naast hem Krijn van Gelder. Zij voeren bij schipper Teun den Braber op de M.D. 11, de "Hendrika" van rederij Kolff. Jeroen is later gehuwd met Dana Grootenboer uit Sommelsdijk; hij verhuisde met zijn gezin naar Rotterdam.

Op de foto rechts ziet u Krijn van Gelder met zijn (aanstaande) vrouw Christina Buurveld. Beiden zijn nog jong en op hun zondags gekleed. Krijn met het typische vissershoedje op en gestoken in een duffelse jas. Zijn vrouw draagt de keuvel en breed uithangende rokken. Krijn was op zee toen zijn vrouw haar eerste kindje kreeg; bij de bevalling overleden moeder en kind. Zij waren al begraven toen Krijn thuiskwam. Er was nogal eens rouw in de gemeente, want er zijn ook sloepen met de gehele bemanning vergaan.

17. Een van de mooiste gebouwen op Goeree-Overf1akkee is het raadhuis te Middelharnis aan het eind van de Voorstraat. Het is in 1639 gebouwd naar een ontwerp van Arent van 's-Gravezande. De onderpui is van bergsteen; de gevel boven het bordes is van baksteen opgetrokken. De gevel wordt gedekt door een driehoekig frontispice, waarin een zandstenen festoen met een cartouche is aangebracht, met middenin het wapen der gemeente. Op het dak staan drie beelden, voorstellende Gerechtigheid, Liefde en Voorzichtigheid. Het geheel wordt bekroond met een fraai koepeltorentje; bovenop doet een gaffelscheepje dienst als windvaan. De klok uit dit torentje dateert van 1621 en is gegoten door Cornelis Ouwerogge te Rotterdam. Aan de muur hangen een paar halsstenen, die overtreders werden omgehangen als zij "aan de kaak" werden gesteld. Rechts hangt een grote walvisrib. Het open gewelf onder het raadhuis geeft doorgang naar de hervormde kerk.

18. De Voorstraat anno 1900, met op de achtergrond het raadhuis. Hier bevonden zich de woningen van de destijds meer gegoede burgers. We zien de smeedijzeren hekjes nog voor iedere deur. AI kennen we de kinderen niet die voor de fotograaf poseren, het is leuk om de interessante oude klederdracht uit het begin van deze eeuw te zien. De meisjes, altijd met een schort voor en een hoed op met bloemen of een lint, de jongens met petten op en aan de voeten klompen of rijglaarzen. Het meisje links he eft een breikous in de hand; de gewoonte was toen: "eerst zoveel naadjes breien en dan spelen! "

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek