Midden-Beemster in oude ansichten

Midden-Beemster in oude ansichten

Auteur
:   Jan de Groot
Gemeente
:   Beemster
Provincie
:   Noord-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-5297-6
Pagina's
:   88
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Midden-Beemster in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

door

J. de Groot

Europese Bibliotheek - Zaltbommel

Afbeelding omslag:

Het Heerenhuis zoals het er uitzag van 1845 tot 1937. Vanaf de droogmaking is het de plaats van waaruitde Beemsterwerd bestuurd. Tijdens een verbouwing in de jaren dertig onderging het uiterlijk een drastische verandering. De met klimop begroeide waranda en het typische klokketorentje zijn verdwenen. In 1937 schon ken oud-Beemsterlingen in het kader van het 325-jarig bestaan een borstbeeld van Jan Adriaansz. Leeghwater. Het werd in de tuin voor de Vrouwenkamer geplaatst.

W~OEN

OEKJE

ISBNlO: 90 288 5297 2 ISBN13: 978 90 288 5297 6

© 1991 EuropeseBibliotheek-Zaltbommel

© 2008 Reproductie van de oorspronkelijke druk uit 1991

Europese Bibliotheek Postbus 49

5300 AA Zaltbommel telefoon: 0418 513144 fax: 0418 515515

e-mail: publisher@eurobib.nl

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

IN LEIDING

Rond de eeuwwisseling bestond de dorpskern Middenbeemster uit niet veel meer dan de Buurt (rond Het Heerenhuis), het Eiland (bij de later bebouwde Prins Mauritsstraat). de Lindegracht en het zeer oude Kerkebuurtje, dat tel' rechterzijde van de hervormde kerk was gesitueerd.

Vanuit de verworvenheden van onze tijd kunnen we de foto's in dit boekwerkje met nostalgie bezien. 0, hoe rustig immers was het leven van de landman destijds. Onder de met klimop begroeide waranda's van cafe Het Bonte Paard en Het Heerenhuis was het aangenaam toeven. Het verkeersbeeld we I'd bepaald door honde- en kettekar en wat de welgestelden aangaat door fraaie koetsen. Het tijdperk van de auto stond nog in de kinderschoenen. Over de Rijperweg reed de stoomtram van de Tweede Noord-Hollandsche Tramweg Maatschappij (TNHT), die vanaf 1895 vanuit Purmerend door de Beemster en Schermer naar Alkmaar reed. Bij Het Bonte Paard werden kaartjes verkocht. Waar zich nu het postkantoor bevindt was een halte om het vee in te laden op weg naar de markt. De "koekvrouw" ging met haar koopwaar langs de weg. In twee zwarte, blikken trommels beschilderd met bloemmotief, een juk over de schouders, vervoerde zij haar zoete waar.

Het was de tijd van .Japjespoep" en .Jcastjesrnan",

van al die herkenbare dorpstypen die met hun nering langs de huizen gingen. Het waren ook de jaren van de neringdoenden die in een winkeltje , vaak niet grotel' dan een klompenhok (hosje), thee en koffie uit de grote bekende blikken of groente aan de man brachten. De kinderen speeiden op straat met zelfgebouwde vliegers, de jongens zaten achter de meiden aan en de vrouwen wasten bij de boenwel hun pannetjes schoon in het slootwater.

Wanneer twee stoomtrams elkaar passeerden op de wissel bij het Eiland, liep het volk uit. Er was altijd wel iets te beleven wanneer er reizigers aankwamen. Vooral wanneer "Piet en Siet" dan ook met hun 01'geltje door de straten reden. Bovenop het pierement zat hun zoontje , benijd door de Beemster jeugd.

Op de Middenweg yond het ringsteken plaats en op de Rijperweg vanaf het Eiland tot aan de boerderij van Pronk (nu Cryoson) steeg de spanning tijdens de harddraverijen.

Het was een rustige tijd, zonder snelverkeer en zondel' televisie. Aileen maar welzijn dus? We zouden de geschiedenis geweld aan doen door dit te beamen. Het was imrners ook een tijd waarin de tegenstelling tussen rijk en arm soms behoorlijk groot was. Vooral met de behuizing van de bewoners op het Eiland, het Kerkebuurtje en de Lindegracht was het droevig ge-

steld. De kleine , in onze ogen zo lieflijk lijkende huisjes werden bewoond door twee gezinnen. Het door illustrator Henk Tol als atelier gebruikte huisje achter het makelaarskantoor is daar een goed voorbeeld van. Veelal had den dit soort houten huizen een kamer voorzien van bedstee met onderkooi en een gangetje dat tevens dienst deed als keuken. Het san itair beperkte zich tot enkele "pleeen" boven de sloot en daar moesten de merendeels grote gezinnen gezamenlijk gebruik van maken. Er waren geen voorzieningen zoals elektriciteit en waterleiding.

Op uw wandeling aan de hand van dit boekje zult u zelf de verschillen zien in het wonen van wel- en minvermogenden.

Na de komst van de Woningwet in 1901 kwam er steeds meer oog voor sociale woningbouw. In Beemster hield bouwvereniging Goed Wonen op 20 juni 1910 haar eerste vergadering. De toenmalige gemeentesecretaris W. Molenaar zette zich zeer in voor de totstandkoming van betere woningen.

Het sportterrein (of wei "koolland"), dat u op foto 57 vereeuwigd ziet, werd gekozen als eerste bouwproject. In 1911 werd de bouw van de Leeghwaterstraat een feit.

De Beemster had zijn eerste betere arbeiderswoningen naar het model van de Woningwet. Huur f 1,70

per week. Het zou nog tot 1937 duren voordat er weer sprake van woningbouw was. De oorlog kwam ertussen en pas in 1947 kon worden gestart met de bouw van vier woningen in de Raadhuisstraat, op de plaats waar cafe Het Bonte Paard stond.

Sindsdien is er veel gebouwd in de gehele Beernsterpolder. Middenbeemster breidde uit met Westerhem, plan Leeghwater en de Groene Poort, namen van bekende panden.

Het zal steeds moeilijker worden om ons een beeld te vormen van het won en en werken rond 1900. Ook daarom dit boekje over die "goeie ouwe tijd" die we soms met weernoed, andermaal met ironie kunnen bezien. Zeker zult II uit de feiten kunnen proeven dat de dorpskern Middenbeemster toen en nu volop nering kende en dat er altijd mensen zijn geweest die zich het welzijn van de gemeenschap ten doel stelden. En wat dat laatste betreft slaan de bewoners anno 1991 bepaald geen gek figuur.

J. de Groot

1. De in 1623 voltooide hervormde kerk, die al van verre zozeer het karakter bepaalt van de kern Middenbeemster. De vermoedelijke bouwmeesters van deze Renaissancekerk waren Hendrick de Keijser en Cornelis Dankerts. Daar er geen tekeningen of andere gegevens van de bouwmeesters bewaard zijn gebleven, valt dit niet met bewijzen te staven. De protestantse kerk was de tweede in Nederland die als zodanig na de Reformatie werd gebouwd. In 1661 is de spits gebouwd. De beide stenen kamers dateren van 1626; een werd ingericht als kerkeraadskamer en de andere als stookgelegenheid c.q, stovenkamer. Prachtig zijn hier de twee uiteenlopende typen oud-Hollandse tegels, die de wand en en de schouw sieren. Het eerste orgel werd in 1784 geplaatst. Zoals gebruikelijk voordien werd de zang ingeleid en ondersteund door voorzangers. De eerste voorzanger was Pieter Fabricius, die al in 1620 tot koster en voorzanger werd benoemd. Na een grondige, vijf jaar durende restauratie onder leiding van architect C. w. Royaards, kon de in volle glorie herrezen kerk op zondag 26 juli 1959 - de Beemster Biddag - opnieuw in gebruik worden genomen.

2. Het Weeshuis van de Nederland Hervormde Gemeente. Het gebouw bevindt zich nog aan de Rijperweg achter de kerk. Thans is het particulier bewoond; tot het begin van deze eeuw was het een onderkomen voor weeskinderen. Het werd in 1681 opgericht. Het weeshuisreglement kwam overigens pas in 1711 tot stand. En dat loog er niet om, met straffen die door de "plak" en het "spaanse riel" werden gekenmerkt.

· Midden-cJ3eemsfer, cJ(iJperweg. /6 _ .r - 0.1/

r, p ? lr .J ,I.. ('"al~k'f''' BuiL_lout. tf;:) y L /

tf, c/e--

3. Een blik op de Rijperweg anna 1904. Aan de noordzijde van de weg liep de rails van de Tweede Noord-Hollandsche Tramweg Maatschappij (TNHT). Voorbij het kruispunt Rijperwcg/Middenweg. over het nu als loopbruggetje in gebruik zijnde deel, reed de tram naar de halte van Het Bonte Paard. Let op de witte wijzerplaat van de kerkklok. Na de restauratie in de jaren vijftig is hier een ronde. zwarte wijzerplaat voor in de plaats gekomen.

4. Links van het Weeshuis - nog net zichtbaar rechts op de foto - bevond zich de kruidenierswinkel van de familie Met. Dadelijk nadat de Beemster werd bevolkt vestigden zich vele neringdoenden in de Middenbeernster. Op de foto ziet u aan de linkerzijde de ouderlijke woning van Met.

5. Onze weg vervolgend langs de Rijperweg staan we even later stil bij boerderij "De Ploeger". ecrtijds bewoond door de familie Ploeger die er haar naam aangaf. Ploeger was veehouder. Na de scheurplicht in de Eerste Wereldoor!og werd op dit bedrijf omgeschakeld van veetcelt naar akkerbouw. Tot die tijd werd in de Beemster voor 90 procent veehouderij bedreven. Thans wordt het pand bewoond door akkerbouwer P. Siooten.

6, De rentenierswoning met de familie Ploeger, gelegen naast de bocrderij. Van links naar rechts:

Cornelis Ploeger, Anne Ploeger-Burema met op de arm dochter Mina Ploeger, verder mevrouw N, Ploeger-Pijl en de twee dienstboden.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek