Militaire Luchtvaart in Nederlandsch-Indië en Indonesië (1940-1949) in beeld deel 2

Militaire Luchtvaart in Nederlandsch-Indië en Indonesië (1940-1949) in beeld deel 2

Auteur
:   Hugo Hooftman
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1227-7
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2-3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Militaire Luchtvaart in Nederlandsch-Indië en Indonesië (1940-1949) in beeld deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

9. Hier de B-3102 in de start. Later werd de registratie veranderd in B3-102. Een ernstig nadeel van de B-339D was dat de cockpitruiten niet gepantserd waren. In Singapore werden de gepantserde voorruiten van neergestorte RAF-Buffalo's op enkele M.L.-kisten gemonteerd! De B-439's zouden beter gepantserd worden. Van de 71 geleverde Buffalo's zijn er meer dan 60 in de strijd vernield. Toen op 9 maart 1942 werd gecapituleerd, had de M.L. circa 55 Japanse vliegtuigen neergeschoten, waarbij 17 Nederlandse vliegers sneuvelden.

10. Deze B-3114 heeft niet alleen de rood-wit-blauwe vlag, maar ook een embleem met een hond op de rompneus. Deze Buffalo werd door de Japanners op een dump buitgemaakt en ziet er knap vernield uit. Op Maospati had de M.L. 30 Buffalo's "die niet waren ingeschoten".

11. Op deze foto van de B-3119 is weer goed te zien hoe de wielen in de onderkant van de rompneus werden opgetrokken. De bewapening bestond uit twee 7,7 millimeter-mitrailleurs op de motorkap en twee 12,7 millimeter-mitrailleurs in de vleugels. Op 17 januari 1942 vlogen twee Buffalo's in formatie bij Tjikalong tegen een berg (twee doden).

12. Op deze foto van de B-3119 zien we goed de grote "spinner" op de propellernaaf en de antennemast voor op de motorkap. Onder op de vleugel zien we de oranje driehoek en de registratie.

13. De B-3119 in de vlucht, waarbij de registraties op de vleugelneus goed te zien zijn. Er moeten nog 9 schepen met Buffalo's onderweg geweest zijn, onder welke de 72ste B-339D en de 20 B439's. Ze zijn allemaal naar Australië gebracht, waar ze eerst bij de Amerikaanse, later bij de Australische luchtmacht in dienst kwamen. De RAAF heeft er 17 gehad (A51-1 tlm A51-I7). In totaal kwamen er 26 Nederlandse Buffalo's in Australië.

14. Voor een eenpersoonsjager had de Buffalo een grote glazen cockpitkap. Deze B-3119 heeft nog de invliegregistratie NX-3418. De Buffalo's konden twee bommetjes van 50 kilo of zes van 25 kilo onder de vleugels meenemen. Op deze wijze werd door de M.L. een Japanse torpedojager tot zinken gebracht.

15. Drie Brewster Buffalo's in de vlucht. Het zijn de B-3l2ü, B-3l22 en B-3119. We zien goed dat het staartwiel niet optrek baar was.

16. Deze B3-186 in de sneeuw kan nooit in Indië gefotografeerd zijn en dus werd de foto in Amerika gemaakt. De nieuwe B3-registratie is hier ingevoerd en let op het camouflagepatroon op romp en staartvlakken. Dit is dus een van de B-439's die Java niet meer hebben bereikt; het toestel met de hoogste registratie. Hij ging mogelijk later in de Australische luchtmacht. Nederland wilde in de zomer van 1941 ook nog 5 Buffalo's reserveren voor gebruik in de West, onder andere om de bauxietmijnen in Suriname te verdedigen. Zover is het niet meer gekomen ...

17. Een moderne jager die in de zomer van 1940 in dienst kwam van de M.L. was de Curtiss Hawk H-75A-7, waarvan er 20 in gebruik werden genomen, geregistreerd C-323 tlm C-342. In oktober 1939 waren deze geheel metalen jagers besteld. In 1940 werden nog eens 28 Hawks H-75A-4 besteld (C-367 tlm C-394), maar deze order werd door de Amerikanen "afgewezen". De Hawks hadden een bewapening van twee mitrailleurs op de motorkap en twee in de vleugels. Met deze jager kon je wel vijf uur "draaien" en vanuit Madioen werden wel vluchten gemaakt helemaal naar Medan en Tarakan. Op deze foto zijn de Hawks donker gespoten. Bij de M.L. werd wel de oranje driehoek gevoerd, maar het richtingsroer was op een gegeven moment niet meer oranje gespoten.

18. Een rij van negen Hawks op Java. Op Andir werden de vliegers op de Hawk gelest. De vliegers vonden het een "rotding" om te landen. De vlieger Minderhout verloor een keer een wiel in een "ground loop". Een nadeel van de Hawk was dat hij bij de landing altijd neiging tot "ground loop" vertoonde. Ook de olietank wees fouten in de constructie aan, wat bij het rugvliegen moeilijkheden gaf. Op 8 december 1940 stonden nog maar 13 van de 20 Hawks gevechtsklaar.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek