Millingen aan de Rijn in oude ansichten deel 2

Millingen aan de Rijn in oude ansichten deel 2

Auteur
:   drs. J.H.S. van Herten
Gemeente
:   Millingen aan de Rijn
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-6115-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Millingen aan de Rijn in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

De nering van Makaay, Heerbaan

39 Omstreeks 1930 is deze foto genomen. We zien Bertus Makaay, links, met op de voorgrand zijn auto. Rechts van Makaay, bij de deuropening, zijn dochter. Makaay had een benzinepomp; we zien de slang van de pomp naar zijn auto lopeno Makaay was een ondernemer; hi] dreef een cafe-restaurant. Verder had hij een stoomgemaal waarmee hij ooit concurreerde met de windmolen aan de dijk. Voorts dreefhij een kruidenierszaak en was hij bakker. Hij was ooit lid van de gemeenteraad, Naar verluidt zou hi] in die hoedanigheid hebben gepleit voor het beklinkeren van de hele straat voor zijn huis; normaal was dat alleen in het midden een klinkerpad Iiep, Makaay was een van de weinige telefoonbezitters in het dorp, Tegenover zijn pand stond de villa van de dokter, waar thans dokter

Van de Langerijt woont. Weinig neringdoenden in Millingen waren zo succesvol als Makaay. Hij was een gedreven handelsman die - gelet ook op de diversiteit aan diensten die hij aanbood redelijk welvarend kon leven, Dat kan lang niet van aile zaken in het midden- en kleinbedrijf ge-

zegd worden. In een relatief groot aantal gevallen was een kleine winkel een noodzakelijke bijverdienste. De man verdiende op de werf of in de steenoven maar weinig, zodat er soms werd overgegaan tot het openen van een bescheiden winkeltje.

Van Lyndenstraat

40 Bind jaren twintig zal deze foto gemaakt zijn. We kijken vanaf de Heerbaan de Van Lyndenstraat in, richting Rijndijk. Links zien we de bakkerij van Huisman; de familie Huisman dreef tevens een kruidenierszaak, In het darp stand de familie bekend onder de bijnaam Gos. Het geven van bijnamen kwarn veel voor, zeker in darpen waar veel families dezelfde familienaam droegen. In Millingen telde men tal van gezinnen met namen als Awater, Egberts, Van Ophuizen, Oternan, Berns, Arntz en Eerden. Vrijwel uniek - misschien zelfs helemaal in ons land - is dat bij aangiften van geboorte en overlijden in Millingen de ambtenaar van de Burgerlijke Stand naast de familienaam regelmatig tevens de bijnaam vermeldde.

Bij Huisman werd het deeg nag met de voeten gemangeld; de kinderen werden hiervoor inge-

schakeld. De "Sinterklaaspleskes" van de bakker waren befaamd. Trieneke, de vrouw van de bakker, ventte in het dorp met zakken met deze lekkernij.Achter Huisman de schuur van Lorx. Rechts, niet geheel zichtbaar, de smederij van Hent Lem.

Smederij Lern, Van Lyndenstraat 41 De smederij van Lem in de Van Lyndenstraat, gefotografeerd in 192 7. Van links naar rechts zien we Gert Lem, Nol Lem, Nol Lorx, Peter Lem op de motor en Hannes Koppers, de knecht. Waarschijnlijk kwam de familie Lem uit Praest, Duitsland, naar Millingen; Rutgerus Lem is in 1771 of 1772 - mogelijk als smidsgezel- naar Millingen gekomen. Hij trouwde in 1774 met Gerarda Reymers in Bimmen, waar zijn broer Ioes pastoor was. Gerarda Reymers was een MilIingse. Het echtpaar vestigde zich in Millingen en bouwde er in 1789 het huis, hier op de foto. Vir het huwelijk werden negen kinderen geboren, zes zonen en drie dochters. Het beroep van smid werd voortgezet van vader op zoon; Hend Lem (17771844) volgde zijn vader op. Zijn zoon, oak een Rutgerus (1811 1854) vervolgde de traditie; hij

werd smid te Millingen. Hij overleed en liet de smederij bij testament na aan zijn broer Petrus Dominicus (1822-1892). Petrus Lem kreeg zes kinderen; de vierde, Arnoldus Lem, werd op 28 april 1866 te Millingen geboren. Ook hij trad in de sporen van zijn vader en werd smid. Nol Lem is

de tweede van links op de foto; hij overleed in 192 5. Met de dood van Nol stierf de traditie van de Lems als srnid in Millingen uit.

Hotel Daarnen, daarna Stoffelen, nu Millings Centrum 42 De oorsprang van hotel Millings Centrum ligt bij Edward Leonard Daamen, geboren te Keeken, Duitsland, en op 5 [anuari 1903 te Millingen overleden. Daamen exploiteerde op de hoek Heerbaan- Van Lyndenstraat een cafe. Heinrich Stoffe!en, afkomstig uit het Duitse Kessel, volgde hem op. De echtgenote van Edward Daamen, Johanna Willemsen, huwde Heinrich Stoffelen, die de zaak voortzette. Stoffelen begon een bierbottelarij naast het Hotel-Cafe-Restaurant Stoffelen. Hij was een innemend persoon; de notabelen van het dorp wisten al sne! de weg naar het cafe te vinden. Naast de horecagelegenheid en de bierbottelarij waren er nog een boerderij en een stalhouderij waar men zijn koets of auto kon stall en. Overigens kon men bij Stoffelen ook een rijtuig, koets of postkoets huren, later zelfs een lijkwagen. Stoffelen verkocht de zaak aan de NijmegenaarTinus Rosmalen, die de zaak na enkele [aren - begin jaren dertig - aan Willem Lorx, genaamd de Lark, verkocht. Lorx was kapi-

tein geweest op de Eendracht, een passagiers- en vrachtschip dat een regelmatige dienst onderhield tussen Millingen, Nijmegen en Arnhem. Hij was overigens medeeigenaar van dit schip. Toen Lorx overleed ging de zaak - die onder hem tot grate bloei was gekomen - over aan

een nieuwe eigenaar. Lorx droeg een gouden oorring. Vraeger deden weI meer welvarende schippers dat. De gedachte die hier achter zat was deze: verdronk de schipper en werd zijn lijk ver stroomafwaarts gevonden, dan kon uit de opbrengst van het goud een behoorlijk grafworden

gekocht.Op de fota Hotel Daamen, kort na de overname door Heinrich Stoffelen. Op de gevel prijkt nog de naam Daamen, op de ansichtkaart is het al hotel Stoffelen. De foto is gemaakt in 1904.

Groetsn uit Millingsn Hcte! Stoff.t.n

Hotel Lon, thans Millings Centrum (2)

43 In de loop der [aren heeft het hotel veel gasten gekend, vaak op doorreis naar Kleef of verder Duitsland in. De postkoets Millingen-Bad Cleve-MillingenNijmegen stond in de stalhouderij van het hotel. Millingen was in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog sterker op Kleef dan op Nijmegen gericht. De afstand Millingen-Kleefis ongeveer de helft van de afstand van het dorp naar Nijmegen. Daarbij kwam dat in deze jaren een goede busverbinding bestond tussen Millingen en Kleef. In het begin van de jaren twintig begonnen de gebroeders Look uit Kleef met een busonderneming. De eerste lijndienst die zij openden was die van Kleefnaar Millingen. Niet aIleen de afstand speelde een rol bij het gericht zijn op Duitsland maar ook het feit dat de busonderneming van Look een regel-

matiger dienst kende dan die van de Millingse busonderneming van The Egberts. Egberts begon pas rand 1935 met een tweeuursdienst op Nijmegen. Toen veranderde de situatie iets ten gunste van Nijmegen. Op de foto het interieur van het hotel in de jaren twintig, toen het hotel nog

eigendom was van Heinrich Stoffelen. Lorx moderniseerde het interieur na een brand begin jaren dertig.

Boerderij bij hotel Lon:

44 Bij het hotel Lorx hoorde een boerderij. Op de foto maaien de wnen van de hoteleigenaar, Willy en Arnold Lorx het koren. De foto dateert van het eind van de jaren dertig. De landbouw in Millingen -landbouw in rivierkleigebied - bleef achter bij die in zandgrondgebieden. De reden hiervan is dat niet tijdig werd overgeschakeld op mechanisatie enerzijds en het gebruik van kunstmest anderzijds. Men vertrouwde te zeer op de vruchtbare klei om kunstrnest te gebruiken. De boeren in Millingen leefden betrekkelijk geisoleerd. Afgezien van het feit dat de verkeersintensiteit in het begin van de eeuw laag was (in 1938 was er pas een 2-UUTS busdienst naar Nijmegen) , had men ook de ins telling "ieder wrgt voor zich zelf" ; men was afkerig van landbouwcooperaties. Die waren gericht op het algemeen belang en daar stond

men sceptisch tegenover. De geisoleerd wonende Millingse plattelander had in het begin van deze eeuw een zeker minderwaardigheidsgevoel. Dat werd gecompenseerd met een gevoel van stabiliteit. In de plattelandssamenleving was het "eigen" zo vertrouwd dat afkeer voor ver-

nieuwing wortel kon schieten. Men was traditiegetrouw en chauvinistisch. Naast dit alles heeft het pachtsysteem de ontwikkeling in de landbouw sterk geremd. Pas eind jaren dertig ziet men de eerste tekenen van verandering.

J'

'.

Boer ]euken van hoeve Rustenburg

45 De hoeve Rustenburg lag tegenover de kerk, iets naast het huidige postkantoor aan de Heerbaan. Het was een kapitale boerderij die al voorkomt op het kadastrale minuutplan van 1820. We zien hierTheo [euken, boer op de Rustenburg, met een tweespan paarden het land bewerken. De

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek