Molens in Friesland in oude ansichten deel 2

Molens in Friesland in oude ansichten deel 2

Auteur
:   D.M. Bunskoeke en P. Timmermans
Gemeente
:  
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2082-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Molens in Friesland in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

r=

9; Finkum (Leeuwarderadeel). Al in 1718 was het Wijde Meer draoggemaakt en bestond de afgebeelde molen. Hij stond zo'n anderhalve kilometer ten westen van Bartlehiem in polder 14, die vijfendertig hectare besloeg. Zoals te zien is (vergelijk de molen maar met de boer ervoor), was het een forse spinnekop, want de vlucht van de molen was 12,50 meter. De meeste molens van dit type kwamen rand de tien meter uit. Eigenaresse van de oudste spinnekop van de gemeente was mevrouw I1.J. Tolsma-de Boer te Comjum. Naar de heer W.O. Bakker wist mede te delen, moet de molen omstreeks 1952 zijn verdwenen; er kwam een windmotor ...

10. Finkum (Leeuwarderadeel). Bekend is tegenwoordig het kleine achtkantje van Stiens. Vlak bij stond echter nog zo'n molentje tot kort na 1953. Aan de Finkumervaart-nz., 3,3 kilometer ten oosten van Finkum, stond deze van P.Tj. Boelstra uit Leeuwarden bij boerderij Laverman. De vlucht van dit rond 1850 gebouwde achtkantje was maar 6,70 meter en hij bemaalde de negentien hectare van polder 12. Zoals al eerder, in deel 1, werd vermeld, yond er in de Tweede Wereldoorlog een inventarisatie plaats (1943) en de molen was toen nog in goede staat. Tien jaar later was de molen al ten dode opgeschreven. Hij verdween in 1956.

11. Franeker (Franeker), De bovenste foto toont de circa 1795 gebouwde pelmolen van IJmessen, sinds 1856 ook korenmolen. Deze molen had als voorganger een wipmolen met stelling, zoals nu nog in Hazerswoude (Z.H.) staat. Nadat de familie IJmessen hem had overgedaan aan de gebroeders Van Rozendal, ging het minder en omstreeks 1925 voIgde sloop van de bij Zevenhuizen staande molen.

Onder is de rond 1805 vernieuwde 'Oostermolen' op de stadswal te zien. Deze koren- en pelmolen was van M.P. Noordenbos to en hij op 25 februari 1903 verbrandde. Sinds omstreeks 1598 had hier een molen gestaan. Rechts staat 'De Haan ', een houtzaagmolen nit 1892 (zie foto 62, deel 1).

12. Gerkesklooster (A chtkarspelen}. De hier volop malende mounts- of monnikmolen stond aan de Stroobosser Trekvaart-oz. in polder 4 (Dijkhuizen). In 1870 verrees hij op deze plaats en in 1952 verdween hij door afbraak. Toch jammer dat dat toen nog gebeurde met een molen die toch driehonderd kubieke meter per uur, bij gewone wind, kon verzetten. Het aantal molens dat in de jaren vijftig in Friesland is afgebroken, was toch al erg hoog in verhouding tot andere provincies. Dat zal wel ge1egen zijn aan het grote aantal poldermo1ens dat er was en is. De vlucht van de molen moet zo'n zeven meter zijn geweest; er staat hier nu een windmotor.

13. Giekerk [Tietjerksteradeel}. Hierbij ziet u een prachtige plaat van de molen van de Giekerkerpolder en zijn molenaar Klaas Tjeerds Kingma (overleden 1955). De molen stond 1,7 kilometer ten westen van de kerk van het dorp, midden in het wijde land. Omstreeks 1921 moet er een windmotor zijn gekomen vlak bij de molen, waardoor deze op non-actief kwam. In 1925 was het definitief afgelopen, want de molen werd toen door een elektrisch gemaal vervangen. Dit voldeed goed en circa 1938 kon men ook de windmotor laten verwijderen, zodat de windkracht sindsdien helemaal geen rol meer speelt. De molen dateerde van 1862/63 en had een vlucht van tweeenzeventig voet (eenentwintig meter).

14. Goutum (Leeuwarden}. Ten noordoosten van Goutum, zo'n driehonderd vijftig meter, stond aan de Wirdumer vaart dit boerenmolentje, dat vanaf het land van Bonnema werd gefotografeerd. Het bemaalde polder 35, die bestond uit twee stukken land, de tolve (= twaalf) en de trije (= drie) geheten. Deze namen zullen wel op de grootte duiden. Het houtgedekte molentje is rond 1850 hier gebouwd en moet omstreeks 1915 (zeker v66r 1926) tijdens een storm omgewaaid zijn. Dat gebeurde weI vaker met dit 800rt houten molens, die open en bloot in het vlakke land stonden en niet zo stevig gefundeerd waren (vaak keien).

15. Grouw {Idaarderadeel}. De linker foto toont de oliemolen die Homme Jacobs Dijkstra en Hoite H. Nijdam in 1873/74 ten noorden van de Rechte Grouw bouwden. Waarschijnlijk gebruikten ze hierbij het achtkant van een boerenmolen. Nijdam had later zelf een oliemolen (zie afbeelding 25) en in 1906 waren Homme Jacobs en Tjitte Hommes Dijkstra hier olieslagers. In 1911 verdween de molen door afbraak.

De rechter foto werd in augustus 1934 gemaakt van de paaltjasker aan de Wijde Ee, ten noorden van de Pean. Deze molen bestond in de zomer van 1939 nog, maar is hoogstwaarschijnlijk kort daama afgebroken.

16. Hallum (Ferwerderadeel}, Ongeveer 1,3 kilometer ten noordoosten van het dorp, ten zuiden van de Heerenwegster vaart, stond deze prachtige koren- en pelmolen. In 1848 werd hij door D.J. Lont gesticht. De molen stond op Ha1lumer gebied, maar lag zo dieht bij Manum dat hij daar wei onder gerekend werd. In de volksmond heette de molen "Sytsma's molen", naar de latere eigenaar, maar op de baard stond "De Reiger" vermeld. In 1664 en 1718 werd aan de andere (oost) kant van de weg zijn voorganger "De Roos" (standerdmolen) aangegeven, die in 1838 werd verkoeht.

De onderste foto moet niet lang voor de afbraak in 1926 zijn gemaakt.

17. Hardegarijp [Tietjerksteradeel], Omstreeks 1855 werd ten zuiden van Hardegarijp, aan de Bergumerveenster vaart-zz., deze mounts gebouwd. Hij bemaalde polder 158, die aan de Zomerweg was gelegen. Op de foto is prachtig het zelfzwichtsysteem van de molen te zien, dank zij enige retoucheerwerkzaamheden van de fotograaf. De bekende Friese kunstenaar Ids Wiersma maakte in 1933 een aquarel van het gezicht dat men vanuit het zuiden op het dorp had. Daarop is ook de molen nog te zien. Tussen 1933 en de Tweede Wereldoorlog moet de molen zijn afgebroken; de foto is van vlak daarvoor.

18. Harlingen (Harlingen). In het zogenaamde Vierkant stond de molen van de Vierkantspolder, die in 1852 al bestond, Hij maalde via een Molensloot uit op de Franeker vaart bij Koningsbuurt. Op de foto is boven de zogenaamde utskoat ook nog molenaar Manus Tigchelaar te ontdekken. In 1914 werd de Vierkantspolder, onder de nieuwe naam Almenumer polder, gereorganiseerd. Daarbij ging de molen verloren, want besloten was om een gemaal te plaatsen, waardoor hij overbodig zou worden. Dit gebeurde in diezelfde tijd (in de Eerste Wereldoorlog) ook met enige Veenpolders: zie de voorplaat.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek