Molens in Friesland in oude ansichten deel 2

Molens in Friesland in oude ansichten deel 2

Auteur
:   D.M. Bunskoeke en P. Timmermans
Gemeente
:  
Provincie
:   Fryslân / Friesland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2082-1
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Molens in Friesland in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

69. Ternaard (Westdongeradeel). Al in 1664 had "Tonnawerdt" een korenmolen, maar dat was deze niet. E.E. Gorter bouwde hem namelijk in 1824 en naar verluidt werd daarbij een Zaanse molen gebruikt; welke is niet duidelijk. Na de familie Gorter waren achtereenvolgens K.J. Huizinga en R.P. Postuma eigenaars. De laatste zag echter geen brood meer in de molen en liet hem in 1909 afbreken. Deze molen stond in de Nieuweburen; de vroegere molen, die waarschijnlijk in 1818 op afbraak werd verkoch t, stond elders: even noordelijker, ook nog op Nieuweburen. Waarom Gorter in 1824 niet de oude molenstede gebruikte is onbekend.

70. Twitel [Ooststellingwerf]. Hier ziet u twee verschillen de, maar toch dezelfde molens. Het is in beide gevallen de molen van Zeephat; boven v66r de brand van 5 juni 1912 en onder erna. De oude molen werd in 1870 in plaats van een ook al verbrande standerdmolen gebouwd. Daarbij werd een achtkant van een poldermolen van de Weperpolder uit circa 1853 gebruikt. In 1905 nam W. Zeephat de molen van G.R. Steunebrink over. Na de brand van de beltmolen volgde herbouw van een stellingmolen even oostelijker (zie het huis). Dat was een houtzaagmolen uit Gorredijk (anno 1868) en sinds 1925 is die in Makkinga weer te vinden, waar hij op een broodnodige restauratie wacht.

71. Welsrijp (Hennaarderadeel). Deze keer een wat nieuwere foto van een toch verdwenen molen. Het is de driehonderd meter ten noorden van de - ook ztchtbare - kerk gelegen molen van de polder Tjepperbuurt. In 1954 werd de nog in redelijke staat verkerende molen gesloopt. De molen was gebouwd in 1808 en kende als molenaars onder anderen Arend Gerrits, Gerben Ates en Lijsb. Tjerks, De molen werd van 1886 tot zeker 1931 door eenzelfde familie bemalen. Vlak bij de molen stond een aardig schaalmolentje, een zogenaamde speelmolen. Tegenwoordig is een dergelijke combinatie bijvoorbeeld nog te vinden bij de molen van de Huinserpolder onder Winsum, even zuidoostelijker als deze gelegen.

72. Wirdum (Leeuwarden). Dat ook in de streek ten zuiden van de stad Leeuwarden vele molens stonden zal niemand verbazen. Dat deze het echter sorns nog erg lang uithielden, is minder in de lijn der verwachtingen gelegen. Deze bijvoorbeeld, de "Blaumole", op zo'n vijfhonderd meter ten zuidoosten gelegen, hield het tot 1941 uit. Er kwarn toen een windmotor voor de spinnekop in de plaats. Hij was in het land van de zogenaarnde Tsjerkepleats, een aan de kerk behorende boerderij, gelegen en bemaalde polder lOop de Nieuwe Vaart. Even ten noordoosten van de molen stond onder Swichem tot voor kort nog het restant van polder 9 uit 1861 (achtkant).

73. Wolvega (Weststellingwerf). Een wat dramatische foto voor molenliefhebbers is hier te zien: een molen met zijn slopers ervoor poserend! De foto komt voor in het Nieuwsblad van Friesland van 20 november 1933, toen de molen net was afgebroken, onder de kop "Verdwenen Spinnekopmolen". Hij stond aan de Linde onder Wolvega en was eigendom van de heer J. Gorter Kzn. te Nieuw Amsterdam. Meer dan honderd jaar is de molen door de familie Gooijer bemalen, die in het huis op de achtergrond woonde. De molen werd vervangen door "een meer moderne bemalings-installatie" volgens de krant; dat was wel vaker het geval...

74. Wommels (Hennaarderadeel). De boerderij Groot Tellens, ten zuiden van Wommels, had eens ook een forse molen voor de bemaling van de nabijgelegen landerijen. Deze vormden namelijk polder 375 en haar molen zien we hier. Hij stond 2,4 kilometer ten zuiden van het dorp, tussen de Slagtedijk en de gemeentegrens. Bij deze molen zien we ook weer een groot raam boven de utskoat, evenals bij afbeelding 48 (links), al is het hier niet zo vreemd van vorm. Waarschijnlijk diende dit om de molenaar uitzicht te geven over de polder, om zo het peil in de gaten te kunnen houden. Ook kwam er zo natuurlijk wat meer Iicht onder in de molenromp.

75. Workum (workum). Nu dan weer eens een industriemolen. We zien de cementmolen van S.S. Hobma. De toen zevenjarige Engel Visser Pdr. had op 9 april 1858 de eerste steen voor de molen gelegd en naar haar noemde men hem "Engel". De molen was eerst zaagmolen en op 11 februari 1859 lieten Visser & Co. weten dat hij volledig afgewerkt was (in de Leeuwarder Courant). Waarschijnlijk werd de molen a1 in 1910 onttakeld, maar het duurde tot ongeveer 1919 voordat hij werd gesloopt. Daarbij bleef de cirkelvormige onderbouw echter staan; pas rond 1970 (! ) verdween deze ook. De molen stond aan de Burevaart-nz., op zo'n goede zeshonderd meter ten zuiden van de kerk.

76. Wijtgaard [Leeuwarden). Tot slot twee malende molens; de bovenste stond achthonderd meter ten zuidoosten en de onderste twee keer zo ver, bij Noordeind. Om een aanduiding te geven hoeveel molens hier weI niet stonden: bij de bovenste stonden op de plaats van de windmotors ook molens en bij de onderste stond er een direct rechts achter de brug over de Roordahuizumer Vaart. Op de plaats van de met twee zeilen malende molen staat nu een windmotor, maar de plaats van de achtkante spinnekop staat nu leeg, Deze laatste was van polder 20 en de eerste van polder 13. Beide molens zijn in de loop van de jaren dertig gesloopt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek