Molens in Groningen in oude ansichten

Molens in Groningen in oude ansichten

Auteur
:   W.O. Bakker
Gemeente
:  
Provincie
:   Groningen
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0042-7
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Molens in Groningen in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

29. Heveskes. Dit dorpje onder de rook van Delfzijl zult u bijna niet meer terugvinden. De enorme uitbreiding van de industrie heeft bijna alles ten zuidoosten van het havenstadje weggevaagd. Reeds eerder verloren ging de korenmolen "De Valk" uit 1855 van de familie Reinders. Hier ziet u een beeld uit 1926, met een volbeladen meelwagen voor de molen en een houtloods ernaast van de bijbehorende houthandel. Let u ook weer op de echte Groninger mulderswoning. In april 1945 leed de molen veel schade door beschieting in de strijd rond Delfzijl en ten slotte werd hij in juli 1951 gesloopt.

30. Holwierde. In dit dorp, op diverse wierden gelegen aan weerszijden van de Groote Heekt, stonden tot 1945 twee prachtige molens. De hier afgebeelde was de oudste en wel die van het dorpsdeel Katmis. Er stond eerst een standerdmolen op de molenberg; omstreeks 1750 werd het een achtkante molen, die in 1841 verbrandde. Voor B.R. Moedt werd de afgebeelde molen gebouwd en S. Narden was de laatste molenaar. De molen maalde en pelde totdat hij tijdens hevige gevechten bij de bevrijding, op 24 april 1945 om tien uur, in brand geraakte. Een groot verlies voor dit ook verder zo gehavende dorp. Op deze oude foto heerst er nog rust in het dorp en de bewoners liepen uit om de fotograaf aan het werk te zien.

31. Holwierde. Aan de oostzijde van de Heekt werd in 1851 door T.P. Houtman, ook de bouwer van de molen in Spijk, de hier getoonde molen gebouwd. Het was een molen met een drieledige taak: zaag-, pel- en korenmolen. Er waren drie zaagramen, een complete pellerij en ook nog twee koppels maalstenen. Het was een lust om deze molen aan het werk te zien, maar ook "De Hoop" ging helaas te gronde. Toen tijdens de bevrijding de buurmolen verbrandde, liep hij wel schade op, maar die werd meteen hersteld. Helaas zag de familie Bleeker haar mooie molen op 28 oktober 1945 in vlammen opgaan. Op de foto ziet u tevens de oude kerk en ecn deel van de vroegere zuivelfabriek.

32. Hoogkerk. Dit dorp ten westen van de stad had vroeger verschillende molens, waaronder een drietal oliemolens. De hier getoonde molen was de korenmolen van de familie Wouthuis. Hij stond dicht bij de kerk, aan de noordkant van het Hoendiep en een restant ervan staat er nog. Op het molenaarshuis ziet u de typische schoorstenen met kappen. Daarachter de molen met zelfzwichting op één roede. Deze combinatie werd vroeger veel toegepast. De molen heeft zo'n vijftig jaar zonder kap gestaan en omstreeks 1970 is er weer een gedeelte gesloopt. Eerst leken er nog kansen voor herstel te zijn, maar zover is het helaas niet gekomen.

33. Houwerzijl. In dit oude dorp, even ten noorden van het Reitdiep bij Zoutkamp, stond tot in de jaren twintig deze pel- en korenmolen. In J 813 werd hij verbouwd tot stellingmolen en tevens ingericht als oliemolen. Later werd het een pelmolen, die in 1870 verbrandde en toen werd herbouwd. De molenwagen staat beladen voor de deur, maar tegen het woonhuis staat reeds de nieuwe malerij gebouwd, zodat de molen het na het nemen van deze foto wel niet lang meer zal hebben gemaakt.

34. Huizinge. Een klein dorp bij Middelstum, met een mooie dertiende-eeuwse kerk. In 1865 werd de hier afgebeelde korenmolen gebouwd, waarop Pieter Lameris Doornbos zich in 1867 als molenaar en bakker vestigde. Hij werd later opgevolgd door zijn zoon. Nu nemen we de tekst uit het gedenkboek van de Appingedammer Bronsmotorenfabriek: "Volle kracht vooruit. Bronsmotoren 1907-1957". Het was zeker een historisch moment, toen Jan Brons op 15 juni 1895 zijn eerste vergassermotor afleverde en wel aan zijn vriend, de heer L. Doornbos, molenaar te Huizinge. Deze kreeg een 10 PK-motor met drijfwerk en boltspil voor f 1650,-.

Deze zogenaamde veiligheidsmotor is de oorzaak geweest van de afbraak van de molen in 1896. Hij werd voor f 100,- verkocht en door molenmaker Ritsema uit Haulerwijk in Ide (gemeente Vries) als korenmolen herbouwd. Aldaar werd hij in 1961 gesloopt. In Huizinge bleef de stenen romp over als stomme getuige van een tijd, toen windkracht, mankracht en paardenkracht nog op natuurlijke wijze samenwerkten..., aldus kleinzoon B. Doornbos, aan wie we foto en gegevens te danken hebben.

35. Lellens. Gemeente Ten Boer. Aan het Westerwijtwerdermaar werd vroeger de polder Bouwlust, vijfenzestig hectare groot, bemalen door deze windmolen. Deze molen, in 1869 gebouwd, was zonder enige versiering en het houtwerk was zwart geteerd. Maar, zoals u hier ziet, malen wilde hij wel! De oude molenaar staat bij het kruihaspel, terwijl links de bijna leeggemalen molensloot is te zien. Naast de molen was een stookhut, waar de molenaar zich op koude dagen kon warmen. Omstreeks 1 april 1943 werd de molen geheel vernield door een losgeslagen kabelballon, zodat ook hier sprake is van een oorlogsslachtoffer.

36. Meeden. Tot voor een aantal jaren werd het silhouet van dit dorp in hoge mate bepaald door twee soortgelijke grote pel- en korenmolens. De hier getoonde molen was de oostelijke en werd in 1851 gebouwd. In 1944 maalde een gebroken roede de stelling eraf en dit werd het begin van het einde. In 1949 werd deze molen van Luth gesloopt. De andere molen, "De Rijzende Zon" genaamd, uit 1852, had twee voorgangers, waarvan de standerdmolen al in 1628 bestond. Na een periode van verval en mislukte pogingen tot behoud werd de molen van Hoekzema in 1958 gesloopt. Thans is Meeden van ver bijna niet meer te herkennen.

37. Mussel. In het oude landschap Westenvolde handhaafden de standerdmolens zich het langst. Hier ziet u de oude molen van molenaar A. Folkers, die tot kort voor de oorlog nog maalde, maar die ten slotte, in 1943, toch ten onderging. Aanvankelijk zou hij in Harendermolen weer worden opgebouwd, maar dit plan kwam nooit tot uitvoering. Ten slotte werden de onderdelen verkocht aan het Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem. Zo'n noordelijke standerdmolen staat op erg lage stiepen en is zonder enige versiering gebouwd. Opvallend is bij deze molens de ver naar achteren uitstekende kap, waaronder de as van het luiwerk uitkomt. U ziet dit op de foto van Ter Haar. Het bouwjaar van deze molen is 1827. Naar verluidt stond hij eerst in Peize, later in 2e Exloërmond en ten slotte dus in Onstwedder Mussel.

38. Niekerk. We gaan weer naar het Westerkwartier en aan de noordzijde van dit in de gemeente Oldekerk gelegen dorp stond deze mooie molen bij het haventje. Deze molen van de familie Datema was gebouwd in 1846 en heette "De Noordstar", Aan deze molen is duidelijk het horizontaal getimmerde, gepotdekselde hout te zien, waarmee de molen was bekleed. Meestal zat hier een laag verticaal hout onder. Let u op de mooi geprofileerde rand bovenaan het achtkant en ook de baard voor, onderaan de kap, is mooi te zien. Daarnaast valt het mooie raam boven de deur nog op. De molenaars hebben de molen stil gezet voor de fotograaf en staan te kijken naar diens werk. Ook dit beeld is sinds 1910 verdwenen.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek