Nederlandse Molens in oude ansichten deel 2

Nederlandse Molens in oude ansichten deel 2

Auteur
:   drs. H.A. Visser
Gemeente
:  
Provincie
:  
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0081-6
Pagina's
:   144
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Nederlandse Molens in oude ansichten deel 2'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

DRENTHE

29. Veenhuizen. We komen nu in de derde provincie: het mooie Drenthe, het oude landschap, waar nog zulke fijne fiets- en wandeltochten mogelijk zijn. De eerste molen die we hier ontmoeten is die van Veenhuizen, een dorp dat niet in de eerste plaats om zijn landschappelijke schoonheid bekendheid heeft gekregen, maar om een andere reden. De molen stond dichtbij de zuivelfabriek en is in 1920 in vlammen opgegaan. Alleen het onderstuk is nog blijven staan.

30. Emmen. Aangenomen wordt dat het totale molenbezit in Drenthe minstens driehonderd zeventig stuks is geweest. Na restauratie en herbouw zullen er nog drieëndertig over zijn, zodat de conclusie kan zijn, dat er van alle hier molens die hier stonden nog 9% over is. Dit stemt vrijwel overeen met het percentage van de molens in geheel Nederland. Hier zien we de achtkante stellingkorenmolen aan de Westeneschersteeg te Emmen van molenaar Jan te Brink, vroeger van Hoogenkamp. Hij is afgebrand in de zomer van 1919 en stond ten noordwesten van het gemeentehuis.

31. Assen. Verschillende typen molens waren en zijn voor een deel nog in Drenthe te zien: achtkante en ronde, stenen molens, met en zonder stelling of in de vorm van bergmolens, geplaatst op een kunstmatig opgeworpen aarden berg. Maar het grootst in aantal waren toch wel de achtkante korenmolens, met of zonder stelling en veelal met riet gedekt. Zo'n molen was ook die te Assen aan de Molenstraat. De voorganger van deze molen brandde af in de nacht van 28 op 29 augustus 1808. De gedupeerde molenaar H. Busch kreeg toestemming om in de gemeente een collecte te houden en zo werd herbouw financieel mogelijk. De latere molen, die men hier ziet afgebeeld, is in 1935 verdwenen. De stenen onderbouw bleef staan. De laatste molenaar was Smid.

32. Nieuw-Dordrecht. Van een andere bouw was de korenmolen van Nieuw-Dordrecht, staande in het veenkoloniale gebied, ten zuiden van Emmen. Het was een achtkante grondzeiler, gebouwd in 1884 en betrekkelijk klein van afmeting. Blijkbaar waren er geen bomen of gebouwen in de buurt die windbelemmering konden veroorzaken en waardoor de molen hoger moest worden opgetrokken. In 1939 werd nog een nieuwe roede "gestoken", afkomstig van de afgebroken molen in Woldendorp in Groningerland. Twaalf jaar later stond de molen er vervallen bij en in 1953 bleek hij niet meer te redden. Het einde kwam in 1956, toen de molen werd afgebroken.

33. Meppel. Industriemolens zijn er in een klein aantal in Drenthe ook geweest en een enkele is er nog. Aan het riviertje de Reest stond de hier afgebeelde schors- en korenmolen "De Eekmolen". Daartoe was hij uitgerust met drie koppels maalstenen, te weten één paar blauwe schorsstenen, één koppel voor veevoer en één koppel voor het malen van tarwe, rogge en haver. Blijkens een gevelsteen was het bouwjaar 1807, in welk jaar tevens de voorganger, een runmolen, is verdwenen. In maart 1937 is de molen stilgezet. Vraag naar gemalen eikenschors was er niet meer en door de oprichting van de Coöperatie kon er geen graan meer worden gemalen. Spoedig volgde de afbraak.

34. Anlo. Dit is de korenmolen van het zo mooi op de Hondsrug gelegen Drentse dorp Anlo. Het is een ronde, stenen "grondmolen", een type dat in Drenthe maar weinig voorkwam. De aanleiding tot de bouw van deze stenen molen zal de omstandigheid zijn dat niet minder dan drie voorgangers door brand werden verwoest en de molenaar verder zo min mogelijk risico wilde lopen. De eerste molen, een standerdmolen, brandde af in 1833. De tweede, in 1833 gebouwd, ging een jaar later al in vlammen op en de derde, in 1834 gebouwd, verbrandde in 1880. De molen op de foto werd gebouwd in 1880 en stond aan de noordkant van de weg naar Assen. Hij werd afgebroken rond 1923.

35. Rolde. De beide korenmolens van Rolde op één foto. Links staat de achtkante stellingmolen, de pel- en korenmolen van de familie Brands. Gebouwd in 1898 op de plaats van de voorganger, die in dat jaar is afgebrand. Hij werd afgebroken eenentwintig jaar daarna, in 1919. Rechts zien we de nog bestaande bergkorenmolen, gebouwd in 1863, eveneens na de brand van zijn voorganger. Nadat deze molen vanaf 1928 met één roede stond en in verval was geraakt, is hij in 1947/1948 geheel gerestaureerd en van stroomlijnwieken voorzien. Nog steeds is hij keurig in orde.

36. Wanneperveen. Na Drenthe brengen we nu een bezoek aan de eveneens landschappelijk zo mooie provincie Overijssel. De standerdmolen te Wanneperveen werd in 1917 aangekocht door de vereniging "Het Schultehuis". Daarmede was deze vereniging de eerste particuliere instelling die een windmolen aankocht, ten einde het slopen ervan te voorkomen. Het plan was de molen, die in verval was geraakt, geheel te restaureren. Evenwel, op 19 augustus 1921 is de molen ingestort en dermate verwoest dat de herstelplannen moesten worden opgegeven. Ongetwijfeld was het een molen van zeer oude datum.

37. Oldenzaal. Ook in Oldenzaal, in Twente, heeft een interessante standerdmolen gestaan. Men ziet hem hier op deze foto. Behalve het typisch Gelderse uiterlijk valt ook op dat de bestaande (verticale) roede een zogenaamde borstroede is. Deze roeden werden gebruikt voordat de ijzeren molenroeden in zwang kwamen. Het waren zware, houten balken, soms wel vijfentwintig meter lang en samengesteld uit drie delen, te weten de borst, ofwel het middengedeelte, en aan beide zijden de beide "oplangers", de eigenlijke, dunner uitlopende molenwieken. Omstreeks 1914 is de oude "stenderkast" gesloopt, om plaats te maken voor een in dat jaar gebouwde achtkante stellingmolen. We zien die op de volgende foto.

38. Oldenzaal. Nadat de oude standerdmolen, afgebeeld op de vorige foto, omstreeks 1914 was gesloopt, werd op zijn plaats een achtkante stellingmolen opgetrokken. Het houten achtkant daarvan was afkomstig uit Weesp, van een oorspronkelijk in 1772 gebouwde molen, genaamd "Het Anker". Het onderstuk daarvan is te Weesp nog aanwezig en men koestert plannen om die molen daar weer in de oude toestand terug te brengen. Daartoe zou men het achtkant van de Oldenzaalse molen weer naar Weesp willen terugbrengen. Dit omdat de molen te Oldenzaal omstreeks 1928 van kap en zwichtstelling werd ontdaan en dus als windmolen toch niet meer werd gebruikt.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek