Nieuw-Namen in oude ansichten

Nieuw-Namen in oude ansichten

Auteur
:   A. Wauters
Gemeente
:   Hulst
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3249-7
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Nieuw-Namen in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

INLEIDING

Bij het samenstellen van dit boekje over oud-NieuwNamen gaan we eerst een duik nemen in het verleden, het ontstaan van het dorp.

Het dorpje Nieuw-Namen is ontstaan op een heuvel, waarop een gezamenlijke dorpsweide, "Kauter" genaamd, werd aangelegd.

De allereerste bewoning in de middeleeuwen was een klein klooster bij een bedevaartkapel van Onze-LieveVrouw van Hulsterlo. Dit klooster moet gestaan hebben op de plaats nu nog "Kapelleberg" geheten. Het klooster en de kapel zijn in de zestiende eeuw verwoest.

Het kleine Maria-kapelletje, dat nu staat tegen de Kapelleberg, is enkele jaren geleden opgebouwd, gedeeltelijk in bekapte natuursteen van de vroegere kloosterkapel.

De bewoning door mensen op de heuvel "De Kauter", gebeurde later. Opzij van deze heuvel, met tertiair "rost" zand, lag een soort dal. Dit is vandaag nog

gedeeltelijk te zien en loopt aan de zuidkant van de Dorpsstraat door de Smetstraat naar het zuiden, waar vroeger het fort" Verboorn" heeft gelegen.

De heuvel aan de zeekant, de noordwestkant, had daar het meest te lijden van golfslag. Daar zijn later bermen aangelegd, begroeid met vlier. Vandaag nog horen we zeggen: "Achter de bermen".

De eerste bewoners van de heuvel of Kauter waren mensen op de vlucht, verdreven uit hun woningen door overstromingen, Ze zochten veiligheid op hoger niveau.

Achter de bermen moet het geweest zijn, waar de mensen letterlijk als mollen onder de rotsachtige grond woonden en zich daar tijdelijk veilig voelden. Het is zeker dat de naam " Kautermollen" , waar het Nieuw-Naamse volk vandaag nog mee wordt aangeduid, daar vandaan komt.

Jaren later begon men "De Kauter" te bebouwen. De huisjes werden zo maar ordeloos hier en daar neer-

gezet. Vele huisjes waren opgetrokken met oude stenen (kloostermoppen) die de bewoners uit het verdronken land van Saeftinghe haalden. Straten waren er niet. In het midden van de heuvel werd later een houten kerkje gebouwd. Het moet gestaan hebben waar vroeger smid Charles-Louis Kindt woonde.

In 1859 is de parochie Nieuw-Namen gesticht. De eerste families die in de kerkelijke archieven voorkomen zijn Lockefeer, v.d, Heyden en Praet. Later, toen men begon met het indijken van de polders, zijn daar veel Hollanders bij te pas gekomen, ook Groningers en Friezen, allen specialisten in het maken van dijken. Een bekende familie was "De Meyer", de nu genoemde "De Maayer". Deze woonden oorspronkelijk in keten. Enkele bestaan er nog en zijn te zien aan oude dijkbreuken: de stro-keet, de pannekeet en ook nog de planken-keet. Met het indijken van de polders verrezen de grote boerderijen, waarop

veel Nieuw-Namers als landarbeider werkten.

Maar het eigenlijke karakter van het dorp werd toch wel gevormd door de vissers. Vooral na het ontstaan van de Emmahaven beleefden de vissers een goede tijd. Nu is de haven verzand en gaan velen in het buitenland de kost verdienen op de baggerwerken. Aan de hand van dit boekje zullen we nu verder het vroegere leven op "De Kauter" volgen.

Ik dank heel hartelijk alle Nieuw-Namers die zo bereid willig hun oude foto's en ansichtkaarten afstonden om dit boekje te verwezenlijken. Ook al degenen die mij hielpen met de herkenning van de personen. Vooral dank ik mijn oud-leerling Richard Bleyenberg, die mij, naast foto's, vele gegevens over Nieuw-Namen bezorgde.

Moge dit boekje voor jong en oud een vreugdevolle terugblik zijn op Nieuw-Narnen.

1. Toen in 1898 de Emmapolder werd ingedijkt, kwam er ook een nieuwe haven met een mooie spuikom. Dit was een reusachtige vooruitgang voor de vissers van Nieuw-Namen. De glorietijd was wei tussen 1930 en 1940. Er lagen toen een honderd vaartuigjes in de Emmahaven, scheepjes zoals hier op de foto tegen het huis van de havenmeester. Ieder vaartuigje betekende een gezin op Nieuw-Namen. Elke visser had zijn afnemers, leurders, vooral ook uit Kieldrecht. Ook kwamen er beurtschippers. Zo'n beurtschipper was Adrianus van Denderen. Hier op de foto zien we op de voorgrond zijn eerste houten zeilscheepje. Hij deed alle veertien dagen Rotterdam aan en bracht dan met zijn scheepje de boodschappen en bestellingen mee voor de winkeliers op het dorp. Hij vervoerde vooral kaas, matten, vijgen en olienoten.

2. Zo'n typisch schippersgezin was weI het gezin van havenmeester Louis Lockefeer. Hij was havenmeester van 1 maart 1905 tot 1 maart 1940. Hij woonde bij de haven, in het huis op de voorgaande foto. Zijn zonen hadden ook ieder een vissersschuit. De dochters trouwden met schippers. Hun schuiten, die over de Schelde voeren, droegen trots de namen van vrouw of dochter van de havenmeester. Op de foto, genom en voor het huis aan de haven, zien we, van links naar rechts: Julia Lockefeer, haar man schipper Arthur van Overloop, Elisa Lockefeer, Marie Lockefeer, moeder Lockefeer-van Overloop, havenmeester Louis Lockefeer en zijn zonen Seraphinus, Jacobus, Jozef en John. Let op de typische schipperspetten.

3. De veloclub "Voorwaarts" in 1900. In de tijd van de opkomst van de fiets was het bezit van zo'n "velo" een hele rijkdom. In het begin waren het dan ook vooral de gegoeden die zo'n rijwiel bezaten. En zoals er ook een kaartclub en een biljartclub was, zo kwam er ook de veloclub "Voorwaarts". Op deze foto, gedatecrd 26 september 1900, staan de volgende personen, van links naar rechts: Frans Praet, Constant v.d. Heyden, C. de Moor, bovenmeester E. van Wesemael, Emiel v.d. Heyden, Ser. van Bosman, Alphons van Mieghem, Eduard v.d, Heyden en Th. Praet. Zittend zien we F. Verbist en E. Praet.

Groetea uit Nieuw Namen

Dorpstraat

4. Een zicht op Nieuw-Namen, de Dorpsstraat omstreeks 1912. Op deze foto staat nog de eerste toren van de kerk. Zoals is te zien was de weg alleen in het midden bestraat, de rest was, vooral bij slecht weer, modder. De mensen maakten v66r hun huizen de grond wat hard met afval, schelpen van mossels en alikruiken (kreukels). Op de voorgrond staat de postkoets van Mon Weemaes. Die ging twee keer per dag van Nieuw-Namen naar Hulst en vervoerde de post, person en en boodschappen. Bij het paard staan Mon Weemaes, Piet de Klompmaker, postbode Frans van Ruymbeke en Charles-Louis Kindt. Voor het cafe herkennen we twee dochters van Teeke Frans, dan Stif uit 't Kruis met Melda op de arm, Valerie Rogiers en Mie van Roeyen-van Ombergen met kind.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek