Oosterbeek in oude ansichten deel 1

Oosterbeek in oude ansichten deel 1

Auteur
:   H.C.J. Erkens
Gemeente
:   Renkum
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2240-5
Pagina's
:   88
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Oosterbeek in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

29. Reeds in de dertiende eeuw moet in de nederzetting Haisterbach aan de huidige Benedendorpsweg een stenen kerkje hebben gestaan, dat de kern was van het vele malen bijna geheel gesloopte, weer opgetrokken, gerestaureerde, af en toe vergrote en sinds de Reforrnatie hervormde kerkgebouw, dat in de Slag om Arnhem zo'n roemruchte plaats zou innemen. Pastoor Bernulphus of Bernolf moet er de eerste zielzorger zijn geweest en de echtgenote van keizer Koenraad II, keizerin Gisela, zou in 1026 in de oude pastorie het levenslicht aan een zoon hebben geschonken. Zo wi! het de legende, die op het eind van de jaren dertig telkenjare, bij wijze van openluchtspel, onder regie van Johan Wesselink, aan de Eendjesvijver op "De Hemelse Berg" werd verzinnebeeld. Henrich van Maenen was in 1570 de laatste pastoor vaar de hervorrning; Cornelis Pollert was er in 1593 de eerste hervormde predikant, die ook Renkum bediende. Het van oorsprong bakstenen gebouw, geleidelijk aan in gotische vorm gegoten, ziet men hier dan eens vanuit de Rosande-polder, door een keermuur tegen hoog water beschermd.

30. Het zuidelijkste gedeelte van de Weverstraat, uitmondend op de Benedendorpsweg, was in de septemberdagen van 1944 het toneel van hevige gevechtshandelingen (film "Theirs is the Glory"). Onder andere de winkel links, eerder manufacturenzaak van de firma W. Klaassen (tevens wethouder) en de schuin daar tegenover gelegen openbare lagere school (de zogenaamde "klompenschool"), vielen aan het oorlogsgeweld ten offer. Redelijk aantrekkelijke woningbouw en parkvijveraanleg veranderden de situatie ter plaatse ingrijpend.

31. Ook een sfeervol stukje oud-Oosterbeek in 1903, het punt waarop de hier zichtbare BenedenWeverstraat op de Benedendorpsweg uitmondt. Op de hoek links ziet u het huis van de familie Hoek. Verderop liggen de manufacturenwinkel van Klaassen, de openbare "klompenschool", de boerderij van De Graas en het pand de "Meihof', jarenlang centrum voor volkscultuur van de heer en mevrouw Van der Ven-ter Bensel, een huis dat eerder werd bewoond door de kunstschilder Vaarzon Morel.

32. In 1898 werd aan de Benedendorpsweg, in de onmiddellijke orngeving van de van 1883 daterende Concertzaal, de Wilhelminalinde geplant om uitdrukking te geven aan de verknochtheid van de bevolking aan prinses Wilhelmina, die toen achttien jaar was geworden en in dat jaar als koningin werd ingehuldigd. De Wilhelminalinde kreeg haar plaats voor de villa, waarin G. Romijn zijn boekhandel en leesbibliotheek had gevestigd. Met handwagentjes en per fiets, met voorop rieten bakkersmanden, bezorgden zijn bedienden boeken en tijdschriften bij de bewoners van de buitenplaatsen.

33. Eens temeer de Benedendorpsweg, hier links begrensd door de "Hemelse Berg". Bij de verkoop van dat landgoed in 1848 aan Jan Kneppelhout, kocht deze, als een apart perceel, tevens de villa "Hemeldal" aan de later naar hem vernoemde weg. Hij restaureerde en renoveerde dit gebouw in 1854 geheel om het nog beter bruikbaar te maken als "Instituut voor jonge heeren", een kostschool waar onder anderen de schrijver Jacob J. Cremer zijn opleiding genoot. Enige tientallen meters zuidelijker, op de hoek van de latere Kneppelhoutweg en de Benedendorpsweg, verrees, op het eind van de vorige eeuw, bijna tegenover "Dennenoord", een door de familie Prager bewoond pand (zie Ioto), dat later in gebruik is gesteld als zusterhuis, een tehuis voor rustbehoevende verpleegsters.

34. Boven: tot het landgoed "De Hernelse Berg" behoorde onder andere de villa "Lucienheuvel", bewoond door de Amsterdamse koopmansfamilie Fock. In 1863 liet Jan Kneppelhout haar afbreken en op de vrijgekomen plaats werd de zogenaamde "Nieuwe vijver" aangelegd. De familie Fock liet toen aan de overzijde van de Benedendorpsweg het huis " Villa Nova" bouwen, na daartoe een Dude korenmolen te hebben afgebroken. In 1890 werd G. van Eck eigenaar, later de familie Priester en in 1922 Lucardie, een welgesteld zakenman. Hij doopte de villa om in "Dennenoord". Ze diende ook nog jonkheer B.C. de Jonge, de voorlaatste gouverneur-generaal van Nederlansch Oost-Indie, afkomstig uit Voorst, tot woning. De heer Van Lingen maakte er een pension, later opvangcentrum voor Ambonese immigranten, van. "Dennenoord" is onlangs gesloopt.

Onder: Dp de hoek van de Benedendorpsweg en de Van Borsselenweg - een typisch gedeelte van oudOosterbeek - is ooit de uitspanning paviljoen "De Oorsprong" trekpleister voor velen geweest, Boven in dit paviljoen placht een "Heerensocieteit" bijeen te komen. Er was ook een vijver bij met een waterval, waaronder een soort grot, zodat men eronderdoor kon lopeno We schrijven dan ongeveer 1880, maar eerder reeds vertoefden velen aan de rustieke vijvers, om in koepeltjes thee te drink en en zich te verpozen in de heerlijke natuur. In 1860 was Gerritsen er een populaire kastelein, later was P. Uijttenbogaerdt er onder anderen kastelein.

35. Reeds in 1424 werd in het oudste leenboek van Doorwerth melding gemaakt van het landgoed "De Oorsprong" waartoe onder andere "De Westerbouwing", "De Koude Herberg", "De Zilverberg" en "Valkenburg" hebben behoord. De naam is wellicht ontleend aan de spreng of (oor)sprong van de uitzonderlijk mooie beek, die er doorhccn loopt. In 1814 werd het Jandgoed aangekocht door Joh, Backer, burgemeester van Renkum. Hij liet aan de nadien zo genoemde Van Borsselenweg een groot herenhuis en een tuinmanswoning bouwen. Latere bewoners waren Francoise Stephanie, baronesse van Brakell en haar echtgenoot jonkheer A.W. van Borssele, die burgerneester van Ede was. In 1890 werd het herenhuis geheel verbouwd. Freule J.H.G. van Brakell-van Heutsz werd in 1903 eigenaresse van het bezit, dat in 1907 overging aan N.J. van Hasselt, die het herenhuis vanaf 1911 zelf bewoonde. Het is to en eigendorn van de margarinefabrikant Jurgens (Planta) - in 1920 door brand verwoest.

36. In 1824 reeds was "De Oorsprong" met zijn vijvers en watervallen erg in trek bij de Oosterbeekse zondagswandelaars. Tuinarchitect Leonard Sprenger maakte er - het gedeelte dat later "Laag-Oorsprong" zou worden genoemd - een prachtig parkbos van. In de tuinmanswoning bij het herenhuis werd gelegenheid gegeven om verversingen te gebruiken, waartoe zich een soort uitspanning ontwikkelde waar zelfs bruiloften en partijen konden worden gehouden. Bekende kasteleins waren onder anderen Gerritsen en Uijttenbogaerdt. In 1910 werd de uitspanning gesloten en werd ook de buitenplaats voortaan voor het publiek ontoegankelijk verklaard. Tussen 1914 en 1917 is het gedeelte van "De Oorsprong", in hoofdzaak westelijk van de Van Borsselenweg, verkocht aan jonkheer mr. Van Holthe tot Echten, de grootvader van de huidige burgemeester. Latere eigenaren waren nog de N.V. Exploitatie Maatschappij "De Tafelberg" en mr. J. Frowein, tabakshandelaar, die zijn bezit aan de gemeente verkocht. De Van Holthes woonden in het huis "Hoog Oorsprong", dat thans in gebruik is bij de J.P. Heyestichting en uitziet op de Utrechtseweg.

Oosterbeek - Benedendorp

37. Het Benedendorp, het oudste deel van de oorspronkelijke nederzctting Ostbac, Ostbach, Ostrabecke, Oosterbeek heeft in de geschiedenis van het dorp altijd een zeer belangrijke plaats ingenomen. De Veerweg, lopend onderlangs "De Westerbouwing", parallel aan de Rijn en leidend naar het Hcveadorp (Dune) zag er eertijds bijzonder landelijk en schilderachtig uit. In de uiterwaarden langs de weg, gekarakteriseerd door knotwilgen, grazen ook nu nog altijd koeien. Op de achtergrond het oude hervormde kerkje.

OOSTERBEEK. .

Drielsche veer.

38. Tot het kerspel Oosterbeek (de rooms-katholieke kerkelijke gemeente) heeft ooit ook de maalschap (buurtschap) Driel, aan de overzijde van de Rijn, in de Overbetuwe, behoord. Ten behoeve van de comrnunicatie tussen de beide Rijnoevers lag er steeds een kerkschip gereed. In 1470 werd Driel een zelfstandige parochie en bleef het kerkschip als veerpont in de vaart. Op 20 februari 1669 kocht de stad Arnhem het van de toenmalige eigenaresse, de Hervormde Gemeente in Oosterbeek. Burgerneester Joh. Backer (1817-1851) kocht het, op zijn beurt, in publieke veiling, van Arnhem voor f 16.310,-. Het is nadien steeds verpacht geweest, onder anderen aan de familie Busch uit Drie!. Veerman Peter heeft talloze Oosterbekers en Drielenaren overgezet, vooral sinds de vestiging van de Heveafabrieken in 1915. Met de pont over om in Driel kersen te eten, is vele jaren lang een geliefkoosd uitstapje geweest. Het is onder andere op dit punt dat veel Engelse en Poolse militairen na de Slag om Arnhem de Rijn over zwommen om aan de vijand te ontkomen. Deze ansichtkaart dateert van 1910.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2019 Uitgeverij Europese Bibliotheek