Ootmarsum in oude ansichten

Ootmarsum in oude ansichten

Auteur
:   B.G.J. Morshuis
Gemeente
:   Denekamp
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4726-2
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Ootmarsum in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Dwarsstraat 00 marsum

39. Dwarsstraat. Een kort straatje tussen Kerkplein en Grotestraat. Herkenningspunt is hier het pand met de houten gevel van de familie Rouwers, nu kapper Spaltman. Links staat nu hotel H. v.d. Maas en rechts de panden Jos Stroot en Johannink. Ter gelegenheid van de geboorte van prinses Juliana werd in 1909 een optocht gehouden. Hiervoor maakte Marinus Johannink, achter het stuur, een "auto" op fietswielen. Met gepaste trots poseert hij hier en van die gelegenheid maakten onder anderen Christien Johannink (met enorme hoed) en veldwachter Bouhuis gebruik om rich te laten vereeuwigen.

40. Huize Franciscus. Een foto, weliswaar van na de oorlog, maar de situatie ter plaatse is zo veranderd dat de afbeelding uitstekend past in dit boekje. Het bejaardentehuis aan de Schiltstraat. Links de voormalige rooms-katholieke pastorie, die jarenlang deel van het bejaardentehuis uitmaakte. Er was een kapel en de zusters woonden er. Verder bestond het pand uit drie vleugels die in carrevorm rond een grasveld en bloemperken waren gebouwd. Lange tijd stond er ook een fontein. Deze situatie dateert van voor 1959, maar werd in 1972 drastisch gewijzigd. Voor zo'n drie miljoen gulden werd het verbouwd.

41. Jans Hesselink. Elk dorp en elke stad had en heeft bepaalde personen die om diverse redenen nooit in de vergetelheid zullen raken. Een van hen was zeker J. Hesselink. Als "Kapotters-Jans" stondhij bij iedereen bekend en het is mede aan hem te danken dat het huidige Openluchtmuseum Los Hoes zo'n grote bekendheid heeft gekregen: hij bracht er antieke, vaak waardevolle voorwerpen naar toe, fungeerde er als gids en wist de bezoeker altijd weer te boeien met zijn speciale manier van vertellen. Beter dan op deze foto kan J ans eigenli jk niet worden afgebeeld: om zijn mond het begin van een aanstekelijke lach, terwijl zijn half dichtgeknepen pretogen dit ondersteunen.

42. Cafe Luttikhuis. Een trefpunt was het voor vele inwoners, maar ook voor mensen van buiten: men dronk er de Kaole Karmis-borrel, bezegelde er de koop van een koe of varken en er werd even "aangelegd" als een trotse vader zijn boreling had aangegeven op het stadhuis. Op deze foto uit 1910, van links naar reehts: Broer Snoeyink (zoon van de rijksontvanger), oma Luttikhuis, tante Trees, Marinus Niemeijer (timmerman), Karel Luttikhuis, G. Ekelhof en "Klein"-Weustink (metselaar). Op zondagmiddag tegen drie uur stuurde oma Luttikhuis de jongelui naar de kerk: "Gaot mear earst nao de Vesper, dan ko'j vaort wa wearkomm'n ... " en men gehoorzaamde.

43. O.S. C. Onder deze naam, die zoveel als Ootmarsumse Sport Club moet hebben betekend, speelde een voorloper van de vv KOSC in de jaren twintig voetbalwedstrijden tegen clubs uit de buurt. In 1927 had zich een elf tal gevormd bestaande uit, boven, van links naar rechts: Bernard Schulten, Johnny Staverman, Herman van Zuilekom, Toon Moekate en Theo Wilbers. Midden: Herman Wilbers, Bernard v.d. Hout en Herman Veelders. Onder: ... ? .. , Bernard v. Benthem en Lud Urban.

44. Van jachthuis tot hotel. In 1767 bouwde Frederik Johan Sigismund van Heyden Hompesch in zijn wildpark een jachthuis. Nadat het totale bezit van deze familie in 1811 was verkocht, kwam het jachthuis in 1878 in handen van J. Luttikhuis ("de Raotger"), Hiema werd Rolink, die al op het terrein woonde, eigenaar; hij was getrouwd met een dochter van Luttikhuis. In 1916 huwde een dochter van Rolink met Blokhuis. Ben Blokhuis verkocht het inmiddels bekende hotel 't Bosch aan H. Mensink in 1977, die het ingrijpend veranderde. Op deze foto is links de serre te zien; rechts de Oldenzaalsestraat.

45. Brooduitdeling. In het jaar 1738 ontlaadde zich boven Ootmarsum en omgeving een hevig onweer, waarbij hagelstenen vielen "zao groot as doev'n-eier". Hierdoor werd onder andere de totale oogst vernield. Om in de toekomst voor een dergelijke ramp bespaard te blijven, besloten 13 eigengeerfde boeren van Groot en Klein Agelo om op een vaste dag brood uit te delen aan de armen van Ootmarsum en omgeving. Vanaf dat jaar kwamen ze elk j aar op maandag na Beloken Pinksteren bij 'n Baoken in de Ageler Es. Tot 1957 nog met brood. Toen kwamen er geen mensen meer om het in ontvangst te nemen en nu brengen de boeren een geldbedrag bijeen voor een goed doel, Op de foto de boeren biddend bij de broden, onder anderen Scholten Linde en Wiegink.

46. Met de kinderwagen. Het zal in het begin van deze eeuw niet gemakkelijk zijn geweest om met een kinderwagen over de hobbelige straatjes van Ootmarsum te rijden. Hier, op de hoek Dwarsstraat en Grotestraat (die toen Schildstraat werd genoemd), poseert een jonge moeder voor de hoedenwinkel van Aan de Stegge, nu Jos Stroot. Links: cafe annex fietsenzaak Frowijn met in dat pand ook kapper Bieckman. Op de achtergrond links de oude rooms-katholieke pastorie met rechts de catechismuskamer. Achterrechts de winkel van G. Kemperink ("Kresters-Marie"), waarvan alles te koop was. Nu is Wim Stroot hier gevestigd. Het opschrift "Koopman's Lunchroom" verwijst naar deze lokaliteit aan de overkant.

47. Hotel Tubantia. In 1912 kocht Arnold Kip de herberg De Koppelpaarden van Dijkhuis en bouwde in 1914 Hotel Tubantia. Samen met de "machtige" kastanjeboom heeft dit pand jarenlang het beeld in dit deel van de stad bepaald. Bij ouderen stond het bekend als vergaderlokaliteit en de jeugd hield er dansavonden, compleet met dansmeester. "De jongs moss'n betaal'n en de wiehter mogg'n d'r veur niks in." In 1970 werd het hotel, dat intussen onder anderen Fokkinga als beheerder had gekend, afgebroken. Nu staat hier de Rabobank.

Oofmarsum.

Holel "Tubanlia".

48. Esperanto-clubje. Het streven van de Poolse arts dokter Zamenhof (1859-1917) om door middel van een taal de eenheid in de wereld te helpen bevorderen, resulteerde vanaf 1887 in tal van groepjes die deze taal, het Esperanto, gingen leren. Ook in Ootmarsum was zo'n groep actief onder leiding van het hoofd van de openbare lagere school, juffrouw H. van Griensven. Zij was hoofd van 1919 tot 1922 en had kamers bij Oisterwijk (nu bakker Wientjes). Zij gafleiding aan deze groep, die zich Juna Vivo (Jong leven) noemde. Boven, van links naar rechts: Jan v.d. Hout, Sientje Schulten, Jet ten Brink, Karel Hedeman, Marie Hulsink, Rikie Hulsink, Stien Frowijn, Riek Frowijn en Jeanne Staverman. Onder: Wim Bank, Hendrik Geerdink, Wim Beuwer, Huub Wilms, Gerrit Beuwer en juffrouw Dina van Griensven.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek