Putten in oude ansichten

Putten in oude ansichten

Auteur
:   J.W. Keemink
Gemeente
:   Putten
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-2579-6
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Putten in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

IN LEIDING

Putten is een zeer oud dorp. Het oudste schriftelijke stuk, dat over het dorp handelt, is een akte van 855, waarin een zekere Folckerus, een Fries edelman, die vele goederen in Hameland - waartoe de Veluwe behoorde - bezat, deze schonk aan het Benedictijner klooster te Werden (aan de Ruhr). Een aantal daarvan lag in de "vico Puthern": uit dit "vico" blijkt, dat er toen een nederzetting was. dus een soort dorp. De naam is waarschijnlijk ontstaan uit "Putheim": woonplaats bij een put, dus water. dat door de "sprengen" geleverd werd.

De geschiedenis van Putten wordt voor een groot deel beinvloed door de .. Kelnarij". I n 1031 schonk bisschop Meinwerk van Paderborn, die als afstammeling der Hamelandse graven o.m. bijna geheel Putten bezat, zijn goederen aan het door hem gestichte klooster Abdinckhof. Daartoe behoorden ook de kerken van Putten en Voorthuizen. Voor het beheer der Veluwse goederen werd een soort filiaal gesticht in Putten: de Hof van Putten, bestuurd door een cellerarius, ook kellenaar of kelner genoernd, zodat de Hof veelal ,.kelnarij" werd genoemd. Veel straatnamen herinneren aan deze kelnarij. die jammer genoeg geheel verdwenen is. De meeste Puttenaren waren in de Middel-

eeuwen horigen van de Kelnarij, later pachters. Ondanks de reformatie was er een goede verstandhouding met de, uiteraard R.K. geestelijken. Merkwaardig is. dat de kellenaars tot de 19de eeuw het collatierecht behielden bij het beroepen van de hervormde predikanten, waarvan zij echter een tactisch gebruik maakten. In 1806 werden de goederen na secularisatie aan de wereldlijke macht overgedragen. (kroondornein). Behalve de kelnarij zijn ook de heren op de Puttense kastelen van groot belang geweest voor de geschiedenis van het dorp. Deze kastelen waren Aller, Oldenaller, Arler, Hell. Schoonderbeek en Vanenburg, waarvan slechts Oldenaller en Vanenburg, zij het verschillende malen gerestaureerd, zijn overgebleven. Verschillende voorname geslachten hebben er gewoond: op Oidenaller b. v. Van Oldenbarnevelts. Het kasteel Schoonderbeek was in 1519 gekocht door hertog Karel van Gelder, die er drie van zijn (onechte) dochters op liet wonen, ais eerste de bekende Anna Vijgh-van Gelder. (Zij is echter in 1536 met haar echtgenoot Claes Vijgh naar Tiel vertrokken, waar zij in 1568 stierf en in de St.-Maartenskerk werd begraven, dus niet in Putten, zoals men vroeger aannarn), De Van Allers, reeds genoemd in 1313. zijn een zeer oud ge-

slacht en afstammelingen komen niet slechts in Putten, doeh in vele delen van de wereld voor. De kasteJen Aller, Arler, Hell en Sehoonderbeek zijn verdwenen. Een kleiner kasteel, Bijstein, was oorspronkelijk een bezitting van de kelnarij onder de naam Aalt Bollengoed, doeh werd in 1618 "gevrijd" en kwam in het bezit van de Puttense scholtus (sehout) Reinier van Arler.

Putten was in de vorige eeuw een arme gemeente: schrale grand welke vooral door schapenmest vruehtbaarder gemaakt moest worden. Vandaar, dat men hier niet vee I voelde voor ontginning, daar dit de sehapenteelt zou benadelen, terwijl men ook de heideplaggen nodig had voor bemesting en onderhoud van de vele hutten. Toen de kunstmest haar intrede deed, kwam hierin geleidelijk verbetering.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog is Putten weinig veranderd: daarna kwam er grote vooruitgang. Het inwonertal steeg van 8000 tot 15.000: vele nieuwe wijken waren daarvan het gevolg. Ook de wegen ondergingen een grote verbetering. De industrie, zij het op bescheiden schaal, deed haar intrede en als vacantieoord is Putten bepaald in trek. Een droeve gebeurtenis, nl. de oktober-razzia in 1944, welke aan meer dan 600

Puttense mannen het leven kostte, heeft het dorp helaas grate bekendheid gegeven.

Tot zover iets over Putten, waarover nog veel te vertellen zou zijn, hetgeen dit kort bestek uiteraard niet toestaat.

Het verzamelen van 76 ansichtkaarten leek aanvankelijk niet eenvoudig: feitelijk zijn, volgens de PTT, de eerste prentbriefkaarten eerst ± 1893 verschenen. Door een beroep te doen op de Puttense ingezetenen via het Puttens Nieuwsblad werd zeer vee I medewerking verkregen, zodat meer dan 400 kaarten te mijner beschikking kwanen. Hiervoor een woord van hartelijke dank! Tenslotte was de selectie niet eenvoudig; diverse mooie kaarten moesten worden atgeschreven, om niet boven het vastgestelde aantal te komen.

Wat betreft de onderschriften: het leek mij weJ wenselijk, in kort bestek , binnen de afgesproken lengte, zoveel mogelijk bijzonderheden te geven over de afgebeelde objecten. Zo kan een stukje geschiedenis ontstaan over de peri ode eind 19de - begin 20ste eeuw. Hopelijk is het niet aileen de autochtone Puttense bevolking, welke belangstelling zal tonen voor dit werkje, doch ook de grate "import" uit de naoorlogse jaren.

Station. PUTTEN.

We arriveren in het Putten van omstreeks 1900 op het station van de NCS. dat tot 1929 dienst deed. Daarna werd het huidige station in gebruik genomen.

5

6

Hier kwam ook de nieuwe burgemeester van Putten, mr. J. A. Vermeer, op 22 september 1910 aan, officieel door de gemeentelijke autoriteiten ontvangen. Hij kwam uit Elburg en vervulde zijn functie tot zijn dood in 1932.

STA TlOXSb:OPI:'lEH u [S, l:'UTTEX. (G ELOE::RL.X J)).

Het Stationskoffiehuis gaf gelegenheid, iets te gebruiken. We zien het hier op het cind del' vorige ceuw in nog war primitieve staat, Het is echter na 1900 wat gemoderniseerd.

7

j>utten Stationswep

8

De Stationsweg (ook wel Spoorstraat genoemd) in het begin dezer eeuw. Op de achtergrond de toen nog aanwezige twee molens: "De Vier Winden" en "Het Hen", welke we later nog zullen bezichtigen.

Omstreeks 1920 waren aan de Stationsweg nog twee schaapskooien. Er is er nu nog een van overgebJeven.

9

PUTTEN, - Weg naar het Station.

5152

10

De Stationsweg ornstreeks 1905. dus v66r aanleg van de Rijksweg om Putten in 1935. Het huis rechts werd bewoond door notaris Oudendijk-Pieterse (nu hotel Zech) en de "Nieuwe weg" kwam er vlak voor langs. De huizen links moesten verdwijnen.

Het huis van burgemeester mr. J. A. Vermeer, gebouwd in 1911. De gerneente kocht het in 1932. Op II mei 1933 werd het door de Commissaris del' Koningin, baron Van Heemstra, officieel als gerneentehuis in gebruik genomen.

II

12

Tel' gelegenheid van deze ingebruikneming zien we het toenmalige Puttense politiecorps vaal' het nieuwe raadhuis staan. Van links naar rechts: gem. veldwachter Kleinendorst, apperwachtmeester Van del' Krol (brigade Nijkerk del' Kon. Marechaussee), rijksveldwachter Bosman. nachtwacht R. Pieper en de gemeenteveldwachters v. d. Kleut en Bouterse.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek