Raalte in oude ansichten

Raalte in oude ansichten

Auteur
:   H.M. Hannink
Gemeente
:   Raalte
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-0116-5
Pagina's
:   160
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 werkdagen (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Raalte in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Waar een kerk is, is nering ... Op een woensdag in 1908 wordt de fotograaf getroffen door dit bekoorlijke tafereel: de levendige Raalter weekmarkt. Op de achtergrond, onder de beschutte lindebomen, staan wat vroeger in de ochtend lange rijen boerinnen die op smalle schragen vaatjes boter te koop aanbieden. Men denke over de Raalter botermarkt niet te gering. In 1894 staat Raalte met een boteraanvoer van 150.000 kg in Overijssel op een gedeelde derde plaats (samen met Deventer), hetgeen neerkomt op zo'n 3000 kg per marktdag.

Als de Plas te klein wordt en De Zwarte Arend nog niet voor marktuitbreiding is aangekocht, wordt voorlopig dit plein (thans Varkensmarkt) tot nieuwe markt bestemd. Links Jan Saties, kuiper ("wat hew wat kuupies laoten wegrollen", zegt een oud-schooljongen - het plein is namelijk wat aflopend), daarnaast bakker Jorink en rechts - zwevend èn aardvast - de Zwaan.

Harm Blekman, barbierafslager, loopt toevallig in de buurt wat rond, als Kamphuis van caféstalhouderij De Kroon in de Grotestraat (hier geheel links, thans Jo Poppe) hem langs ziet gaan. "Zeg Harm, ie hebt hier nog zes borrels staon", roept de kastelein tot Blekman, die onverstoorbaar antwoordt: "Ik heb voort gin tied, drink ze zelf maar op!"

In 1780 wordt het pand Salomons in de Grotestraat (op dit winterlandschap geheel links, thans bloemenhuis Korbeid) door het kerspel aangekocht en tot schoolgebouw ingericht. "De Dorpsschool draagt er toe bij", schrijft Harm Boom in 1846, "om met ingenomenheid over Raalte te spreken; 't gemeentebestuur begreep te regt, dat het goede onderwijs, hier der jeugd door den onderwijzer R. Tijhof gegeven, een gebouw waard was, in allen opzigte geschikt voor 't gewigtig doel, en dat de vreemdeling met genoegen bezigtigt." Hierna zal blijken dat Boom niet binnen is geweest.

De schoolopziener S. van Delden, die ongeveer terzelfder tijd de school bezoekt, is wat genuanceerder in zijn oordeel: "Nog veel beter dan in al de genoemde scholen vond ik het onderwijs van R. Tijhof te Raalte. Het lokaal is echter onvoldoende. Er zijn vooreerst twee benauwde vertrekken, gevuld met 96 kinderen, allen zittend op banken zonder lessenaartjes. Voorts een groot, doch laag lokaal van 64 kinderen, der hoogste klasse; des winters is er bijna het dubbele van dat getal."

In 1881 wordt de school uit de Grotestraat door een nieuw gebouw vervangen, een kenmerkend voorbeeld van bouwkunst uit die tijd dat in zijn gecompliceerdheid meer wil zijn dan het is. Het is namelijk een misbaksel. Maar wat is hier de schooljeugd uit die dagen voortreffelijk geconserveerd! Uit de houding, uit de kleding, de schoolmeester lezend in de deuropening, het alles ademt die niet te genaken, stijve zondagse geest. De kinderen worden dan ook "voorbereid tot het lezen op gepasten toon door middel der verstand ontwikkelende klankmethode op 't bord ... "

De fotograaf wordt hier rond 1910 getroffen door een grotere vertegenwoordiging van Raaltes leunesse Dorée. De man met de fiets is juist de schoolbank ontgroeid. Het is de welbekende Hendrik Pijffers. Of "kent gij de brave Hendrik niet, die altijd zo beleefd zijnen hoed afneemt, als hij voorbij gaat?", om met het oude schoolboekje te spreken. De straat heet intussen Schoolstraat.

De Grootestraat, op deze kaart ten onrechte als Heerenstraat aangeduid. In het tweede pand van rechts (thans Van Klinken) woont Johan Hartmann, schildermandenmaker, die eens van de dominee het verwijt te horen krijgt dat hij nooit ter kerke komt, waarop Hartmann repliceert: "Och dominee, 't geet mie net as oe, ik kom alleen as ter wat te verdienen valt" (hij moet namelijk één maal per jaar de kerk witten).

De fotograaf weet hier het dorpsleven op heterdaad te betrappen. Een fraai straatbeeld, verlevendigd door zijn authentieke bevolking. Links Olthof's winkel in galanterieën met Hilberdink in de deuropening, zoon van de buurman (achter de molenstenen) Freek Hilberdink, die zich van kuiper allengs ontwikkelt tot groentehandelaar, want men kan en mag nog van alles doen. Rechts het oude gemeentehuis daarnaast Pijffers, en vervolgens Geertman en notaris Tijhof.

Het vooruitgeschoven huisje rechts biedt niet alleen onderdak aan het vreedzame gezin van Harm Blekman, het bevat ook diens barbierwinkel. Er kunnen dan ook niet meer dan drie klanten tegelijk naar binnen. Wanneer hoge feestdagen zich aan de horizon beginnen af te tekenen, ziet men dientengevolge de ongeschorenen op een rij aan de overkant, gezeten op de hoge stoep van Remmers. Het vertrek is karig van licht voorzien en als het éven kan staar de buitendeur open teneinde het kosteloze daglicht ongehinderd binnen te laten, waaraan echter één nadeel is verbonden: Blekman heeft de gewoonte de overtollige sappen van zijn pruim met kracht door de geopende deur te werken ...

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2021 Uitgeverij Europese Bibliotheek