Ravenstein in oude ansichten deel 1

Ravenstein in oude ansichten deel 1

Auteur
:   J.M.F.J.A. Sluijters
Gemeente
:   Ravenstein
Provincie
:   Noord-Brabant
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1067-9
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Ravenstein in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Ravenstein in oude ansichten deel 1

door ].M.].F.A. Sluijters

ZALTBOMMEL

In deze uitgave zijn ook afbeeldingen van:

Ravenstein, Herpen, Overlangel, Neerloon, Neerlangel, Huisseling, Deursen, Dedem, Dennenburg en Dieden.

W~OEN

OEKJE

ISBNI 0: 90 288 1067 6 ISBNI3: 978 90 288 10679

© 1971 Europese Bibliotheek - Zaltbommel

© 2008 Heruitgave van de tweede druk uit 1998

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

De grote belangstelling en de bijzondere medewerking van het gemeentebestuur en de industriële kern Ravenstein hebben het mogelijk gemaakt dat het aantal afbeeldingen in 'Ravenstein in oude ansichten' kon worden verdubbeld. Hiervoor past een woord van erkentelijkheid aan:

het gemeentebestuur van Ravenstein; Alimpo NV., Distributiecentrum B.M.W; E.NB.I., Bretel- en riemenindustrie; Keramische Aardewerk Industrie;

Koninklijke Mengvoederindustrie Meulemans NV.; Ravo Schoenfabrieken N.V.;

Salet's Machinale Meubelfabrieken NV.; Van Wijk en Boerma Waterzuivering NV.

Europese Bibliotheek Postbus 49

5300 AA Zaltbommel telefoon: 0418 513144 fax: 0418 515515

e-mail: publisher@eurobib.nl

INLEIDING

Via onze oude ansichten en foto's gaan we onze grootouders bezoeken, een kijkje nemen in hun straten, hun kloosters en kerken en zien hoe het leven zich in hun tijd heeft afgespeeld.

Een landschap van eindeloze polders, als het ware bezaaid met dorpen en torens, vormt het boeiend gebeuren op een tocht langs de Maas. Vanaf de hoge dijk krijgen we een eerste indruk van de plaatsen die we dadelijk van meer nabij gaan bekijken.

De vruchtbare rivierklei is geschikt voor de landbouw, de grazige weiden vormen uitgelezen oorden voor het vee. Er moet hard en lang worden gewerkt en er blijft weinig vrije tijd over. Kerk en pastoor hebben zorg voor ziel en zaligheid; de burgemeester behartigt plaatselijke en persoonlijke belangen; de dokter staat aan het ziekbed en de notaris regelt erfenis en pacht. Het vee is onderling verzekerd en de plaatselijke Boerenbond geeft voorlichting over vee en akkers; de mulder maalt het graan en de veerman zet over. Wat zoal aan gebeurtenissen valt te beleven, is even eenvoudig als de mensen zelf, die er wat plezier aan hebben. Van tijd tot tijd is er een jubileum van pastoor of burge-

meester en van een gouden echtpaar; men richt een ereboog op, versiert de straat en viert het feest binnen en buiten de kerk. Als het kermis is, komt de familie op bezoek. Soms komen die van buiten de vreugde verstoren, maar daar weet men wel raad mee. Ook in de gemeenteraad wil het wel eens niet vlotten en valt er een onvriendelijk woord. Maar bij alles wat er ook gebeurt: men kent elkaar en kan de ander niet missen; bij ziekte is niemand alleen en bij een uitvaart zit de kerk helemaal vol.

Echt uitgaan gebeurt niet vaak en vakantie is een onbekend begrip. Naar de familie, dat wèl, en natuurlijk op beevaart naar St.-Anneke op de Koolwijk, want moeders moet je altijd in ere houden; ook naar St.-Rochus in Deursen, het miltvuur kan immers de veestapel uitroeien. Als het even geregeld kan worden gaat iedereen naar Kevelaar en vader met de grote jongens naar de Stille Omgang. Voor het overige wonen, werken en zorgen zij in de huizen en huisjes, in de grote en kleine boerderijen vlak langs de dijk of er tegenaan en op de terpen en de heuveltjes, want de vrees voor het water maakt vindingrijk.

De Maas geeft wel vruchtbaarheid, maar zij is een regen-

rivier en het peil van het water kan angstwekkend stijgen, vaak te hoog ...

Dan wordt de boomloze Traverse van de Beerse Maas wederom een eindeloze watervlakte. In de dertiger jaren worden de bochtige lijnen van de Maas wat rechtgetrokken, de bedding verdiept, sluizen en stuwen aangebracht en de Beerse Overlaat gedicht. Nu kan er niets meer gebeuren en de Maas is nu alleen nog vriendelijk en mooi, geeft vruchtbaarheid aan de polders, is nuttig voor transport; betekent vreugde voor vissers en hengelaars en geeft genot aan de watersport.

De silhouetten van de vele kerken en hun torens zijn apart van vorm en schoonheid; de toren van Dieden als toonbeeld van kracht en zelfbewustheid, terwijl het kerkje van Neerlangel, met Brabants oudste toren, zich heel bescheiden tot onder aan de dijk heeft teruggetrokken. Als een juweel in het landschap staat daar al acht eeuwen lang de kerk van Dennenburg en even verder de neo-gotische Vincentius te Deursen.

We Jaten Ravenstein, hoe mooi ook, even liggen en Neer-

loon toont zijn waterstaatskerk, in 182 J gebouwd tegen de toren van de oude parochiekerk. Aan de rechterkant van de dijk wordt onze aandacht getrokken door Overlangel. Nu pas realiseren wij ons, dat in dit Maasland geen enkele kerk of toren lijkt op de andere. Het kerkje wil veel hoger zijn dan het is, door een overmatig uitrekken van alle hoogten. Het torentje is helemaal uit zijn kracht gegroeid en draagt een opengewerkte ijzeren spits en zelfs de contreforten dragen gegoten ijzeren pinakels. Onder het torenkruis is een scheepje als windvaan aangebracht, het kruis staat in het scheepje geplant als herinnering aan de vroegere betekenis van Overlangel voor de schipperij. We keren op de dijk en gaan op weg naar Ravenstein; in de verte zien we nog de heide, de bossen, de twee molens en de eeuwenoude kerk van St.-Sebastianus in Herpen en de Lambertus van Huisseling.

'Raveslein. Çezicht op de }r1aas.

1. Alles hier ademt sfeer en rust. De veerpont wacht op de gaande en komende man; het schip ligt gereed voor laden en lossen. De natuur staat in volle bloei, huizen en gebouwen liggen vredig tussen bomen en lover. Dit gaf Lambert Vincent inspiratie voor een lyrische ontboezeming over het Ravensteinse veer in 1904. Ook dit gezicht op Ravenstein stamt uit die tijd.

2. Het silhouet van de stad wordt gemarkeerd door de torenhoge molen, het spitsje van de protestantse kerk en de twee lantarens van de katholieke kerk. Paard-en-wagen en de nog vrij zeldzame auto gaan in 1930 per pont over de Maas; een autobus waagt zich er liever niet aan. Voor wandelaar en fietser kan het ook per roeiboot zoals we zien. Aan de overkant ligt het gastvrije veerhuis met verfrissing bij zomerse hitte en verwarming in de winterkou.

Ravenstein. Gierpont.

3. Zoals we zien zijn vrouwen en meisjes thuisgebleven; mogelijk maken de heren vandaag een excursie naar Ravenstein en dan moeten ze vanuit het Gelderse land met de pont. Het water is rustig, geruisloos wordt de pont als door een onzichtbare hand over het water voortbewogen. Dat hadden onze voorouders goed bedacht: de pont aan een ketting met anker in de rivier bevestigen en dan giert hij door de werking van de stroom langs een kabel van de ene oever naar de andere.

4. In de winter kan het aan de Maas danig koud zijn. De voerlui zijn het veerhuis binnengewipt. De paarden zijn intussen niet vergeten. zij hebben een deken over zich heen en een zak met verdiende haver aan het hoofd gebonden. Met de welgemeende wens van Jantje Meulemans komen ze ook deze winter wel door.

5. De diligence is vast van de wagendienst van H. W. Tillemans, die driemaal daags van Grave naar het station Ravenstein reed. Achter haar melkwagentje met de koperen tuiten zien we Bel Elemans en daarnaast Door van Wijchen. Hoe oud het veerhuis al niet is? Boven de ingang staat het te lezen: "den 9 April 1805 is den eersten Steen Gelecht door den Jongen Heer J. T. A. Kleinefeldt",

Çezicht op i(avesfein.

6. De schaatsgelegenheid van Ravenstein, "Bruunsweike" (waar nu het voetbalveld ligt) valt juist links buiten de foto. Na één nachtvorst je konden de schaatsen al onder. Links op de achtergrond staat de gasfabriek van W. van den Akker, die ervoor zorgde dat reeds in 1868 de gasverlichting brandde in de Franse school. Na enkele jaren nam de gemeente het bedrijf over. In de twintiger jaren is na de elektrificatie de fabriek deels gesloopt, deels verbouwd tot brandweerkazerne. De apparatuur ging als geschenk naar pater Baijens (uit Dennenburg) in Pontîanak.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek