Rheden, De Steegh en Ellecom in oude ansichten

Rheden, De Steegh en Ellecom in oude ansichten

Auteur
:   H. Kerkkamp
Gemeente
:   Rheden
Provincie
:   Gelderland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-3302-9
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Rheden, De Steegh en Ellecom in oude ansichten'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

19. Het gezelschap dat zich hier op het bordes van het huis "Heuven" heeft opgesteld bestaat uit de familie Wurfbain (gastheer) en een groot aantalleden van de Bijzondere Vrijwillige Landstorm. Deze werd opgericht toen Pieter Jelles in 1918 meende dat voor het yolk het moment was gekomen om naar de macht te grijpen. Deze revolutionaire roep yond onvoldoende weerklank en ging als "de vergissing van Troelstra" de geschiedenis in. De Landstorrn, die aileen wettig gezag steunde, voor koningin en vaderland en voor recht en orde in de bres wilde staan, heeft dus enkel preventief gewerkt. In de zomer van 1929 kwamen de leden, die zich in die benarde tijd aaneensloten, nog eens op "Heuven" bij elkaar.

20. Verloren in de bossen, buiten het gedrang van onze overvolle samenleving, ligt daar in het lommer verscholen het Noordse huisje. Mr. J.G. Wurfbain, eigenaar van het landgoed "Heuven", kocht het in 1903 op een tentoonstelling van toegepaste kunst in "Musis Sacrum" te Arnhem en bracht het over naar zijn landgoed. Thans wordt het bewoond door mejuffrouw L.H.C. Wurfbain, zijn dochter. Een kronkelende grintweg leidt er heen, die verrassend telkens tussen het geboomte door een prachtig vergezicht opent. Het huisje van een verdieping is geheel van hout. Veel onderhoud? "Helemaal niet", verklaarde de bewoonster, "als het maar goed onder de olie (Iijnolie) wordt gehouden". Het Noordse huisje, eenzaam en verscholen, ligt daar aan de zoom van onze wonderschone Veluwe. Als een huisje uit een sprookje in onze tijd van beton en ijzer.

21. Als een verre voorpost ligt de hoeve "Herikhuizen" op een aanzienlijke afstand van de grote verkeersweg met verderop het wild en bijster land van Veluwen, de wereld van hei en dennen. Wandelaars in de Beekhuizer bossen passeren er zelden: ze ligt terzijde van de meeste paden. De voornaamste verbinding rieht zieh naar Rheden. "Herikhuizen" lag dan ook in de Worth-Rheder mark. Schapenteelt was in de vorige eeuwen de hoofdbron van bestaan. Een kom met helder water noodde reeds in de prehistorie tot nederzetting uit, Het pad er heen komt als de Herikhuizer waterweg voor. Bij de aankoop op 11 maart 1930 van "Beekhuizen" (van de eigenaar van kasteel "Biljoen") door de gemeente was de hoeve inbegrepen. Een groot gedeelte - met "Herikhuizen" - ging over naar Natuurmonumenten,

Gemeentehuie DE STEEG

DE STEEG

22. Twee gemeentehuizen: het oude (rechts) en het huidige (links). Er bestaat een spreekwoord: "de kerk in het midden houden". Maar dit heeft een figuurlijke betekenis. In onze gemeente luidt een ongeschreven wet: .Jiet gemeentehuis in het midden houden", dat wil zeggen aan de hoofdverkeersweg in het midden van de landelijke uitgestrektheid. Het oude gemeentehuis dateert van de eerste helft van de vorige eeuw. Wat dienstjaren betreft had het zijn tijd wel uitgediend toen het in 1908 door een schepping van architect Schaap buiten dienst werd gesteld. Dit huis der gemeente werd nog enkele malen vergroot, onder andere door aanbouw van een raadzaal met gebrandschilderde glazen met symbolische voorstellingen. Voor een nieuw, de gemeente waardig, diensthuis ligt de grond van "De Engel" al een paar jaar braak.

23. Van de reforrnatie tot de Franse revolutie lag in de arnbten ten plattelande het bestuur in handen van de ambtsjonkers. Na de woelige Franse jaren met hun vele veranderingen volgde een reactie. In de grondwet van 1814 en 1815 werd het bestuur der gemeenten geregeld. Men sprak van schoutambt en schout (tot 1825) in plaats van van gemeente en burgemeester. De wethouders heetten assessoren. Een nieuwe grondwet werd in 1848, een nieuwe gemeentewet in 1851 van kracht. De leden van de gemeenteraad werden tevoren door de staten benoemd uit dubbeltallen. Na 1848 betrad de kiezer het politieke toneel. Het zeer beperkte kiesrecht groeide uit tot een algemeen kiesrecht met de maximale omvang van thans: het aantal raadsleden van vier of zes, later zeven of negen, groeide tot eenendertig. Op de foto staat het gemeentebestuur van omstreeks 1922 op het bordes voor het gemeentehuis. Staand, op de eerste rij: J.R. Veenendaal, wethouder G.J. Messelink, secretaris mr. Th. Rijnenberg, burgemeester H.P.J. Bloemers, wethouder K. van Rijsse, wethouder A. Winterink en J.A.A. Meijer. Tweede rij: onbekend, J. Braakman, B. van Leeuwen, Grotenhuis, De Graaf en E. van Veelen. Derde rij: v.d. Kloot Meijburg, schuin achter hem onbekend, Hesselink, mejuffrouw G.J. Vleming, professor Klepper, A.F.M. Mensink, Keller en B. Peppinck. Bovenste rij: A.M.J. Ackerstaff (pers), A.M. van de Sande, onbekend en P.J.H.D. Thiele (pers). De bovenste drie: F. van Zadelhoff, onbekend en W. de Koning G.Hzn.

24. Welgeteld bestond de bezetting (in 1902) van het huis der Rhedense gemeenschap - het oude uit acht personen, de concierge meegerekend en met incorporatie van een drietal volontairs. Onwillekeurig komt het legertje van thans in gedachte, waarbij men de ambtenaren der diensten die nu afzonderlijk zijn gehuisvest dient mee te tellen. En hoeveel lOU de totale salarislast voor het vijftal zijn geweest? Aanleiding om te mediteren te over! Op de foto zien we onder anderen Jan van Engelenburg (met Sinterklaasbaard), ambtenaar van de burgerlijke stand. Een populair man, "de brug" met Yelp. Immer bereidwillig verrichtte hij "boodschappen" voor zijn dorpsgenoten. E.J. baron Lewe van Aduard (rechts zittend) werd later burgemeester van Valburg. Inzet: het oude gemeentehuis. Staand, van links naar rechts: A.J. Harbers, G. Hofenk (concierge), J. de Haan (volontair), Dibbets (volontair), J. Schiphorst, C.J. de Lang Evertsen (secretaris), Jan van Engelenburg en E.J. Lewe van Aduard (volontair).

25. AIs tegenhanger van de groepfoto op de voorgaande pagina plaatsen we deze: het secretariepersoneel op het bordes van het gemeentehuis, omstreeks 1927. Welgeteld achtendertig man, de andere sexe onder hen begrepen. Er moeten thans wel ettelijke personeelsleden meer zijn, waarbij men nog moet rekenen de ambtenaren van de diverse diensten die elders zijn ondergebracht. Zij groeien gestaag in getal! En in lasten, zucht de belastingbetaler. Op de eerste rij: L. van Zetten, Fledderus, mejuffrouw S. Tjebbes, mejuffrouw W. Harbers, mejuffrouw Aalders, mr, Th, Rijnenberg (secretaris), mejuffrouw Terberg, mejuffrouw Van Heest en J. de Goede (zittend). Tweede rij: Mooy, G.J. Laar, mejuffrouw Burgers, mejuffrouw Telkamp, LH. Straatman, mejuffrouw Meijer en Romelingh. Derde rij: onbekend, Hommersom, J.F. Monsma, Lokker, J. Withaar, F. Kunst, Van den Bergh van Saparoea, G. Suringh, Van Rijn en Borger. Bovenste rij, eveneens van links naar rechts: J. Wenderich, LA. den Breeje, Van Driel, Snellenburg (bode), Versteeg (concierge), G.J. Horsting, A.J. Harbers (?), J. Schiphorst, F. Kunst, Haverkate en de drie bovenaan: Zwart, Lentink en J. de Vries.

26. Velen hebben aan de Veluwezoom rust of genezing gezocht en gevonden. Van de mensen met klinkende narnen komt op een der eerste plaatsen weI de letterkundige Louis Couperus. Vrienden en vereerders hadden hem een villaatje aan de rijksweg geschonken, tegenover het Rozenbos. Dit betrok hi] toen hij ziek en verzwakt van een reis naar Indie terugkeerde. Hij was in 1863 geboren en kreeg grote naam door zijn eerste roman "Eline Vere" (1893), die in Haagse kringen speelde. Door een televisiebewerking van "De Boeken der Kleine Zielen" kwamen zijn werken kort geleden opnieuw in de belangstelling. De schrijver overleed op 16 juli 1925 aan bloedvergiftiging, Het huisje, waarin hij slechts een maand woonde, is in de oorlogsjaren weggebombardeerd.

Inzet: naar een foto in: A. Vogel "De man met de orchidee".

27. Waar de straatweg de Ilssel nadert, wendt de weg zich. In de binnenbocht yond men al in oude tijden een eenvoudige herberg, de "aloude herberg, waer d'Engel uithangt" (circa 1660). In de laatste jaren van het bestaan van het hotel voerde het een bazuin blazende engel als uithangteken. Het was een der bekendste hotels van ens land en tevens het centrum voor recreatie en culturele uitingen in het dorpsleven. In de tuin werden in de zomer concerten van uitstekende kwaliteit gegeven voor de pensiongasten. In "De Engel" werd de kunstschilder Theo Goedvriend geboren, als zoon van de hotelier Chr. Goedvriend, Met zijn vaardig penseel heeft hij talloze malen het prachtige rivierlandschap aan de overzijde vereeuwigd. Na zijn vele omzwervingen yond hij hier weer een tehuis, dat ook zijn sterfhuis werd. "De Engel" is thans gesloopt voor de bouw van een nieuw gerneentehuis,

28. Op een oude ansicht of foto ontdekt men wel eens een veldwachter in de menigte of op enige afstand; zelden waagden ze zich dieht voor de lens. Hier poseren er drie tegelijk voor de doorrijsehuur van "De Engel". We zien de chef-veldwachter F. Kaashoek (reehts) en de eollega's Overduin en Diederich (Dieren). De papierrollen die ze in de hand houden zijn vermoedelijk aanplakbiljetten voor de gerneentelijke publikatiekasten. Onder de ambtsjonkers volstond men met een ambtsdienaar of armenjager. De laatste naam dankte hij aan zijn opdraeht vreernde bedelaars, zich buiten 's heren wegen bevindende, uit het ambt te verjagen. Later kwam er een voor de voornaamste dorpen. In de Franse tijd werd de naam garde charnpetre (veldwaehter) ingevoerd. Agent van politie klinkt heel wat voornamer.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Algemene verkoopvoorwaarden | © 2009 - 2022 Uitgeverij Europese Bibliotheek