Rijssen in oude ansichten deel 3

Rijssen in oude ansichten deel 3

Auteur
:   J. Hosmar
Gemeente
:   Rijssen
Provincie
:   Overijssel
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-6056-8
Pagina's
:   96
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Rijssen in oude ansichten deel 3'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Inleiding

Het tweede deeltje van "Rijssen in oude ansichten" heeft zo'n warm onthaal bij de Rijssense bevolking gekregen dat een derde deeltje niet uit kon blijven. Aan het verzoek van de Europese Bibliotheek te Zaltbommel om dit boekje samen te stellen, hebben we gaame als cud-ingezetene van Rijssen (Stationsdwarsweg 53) gevolg gegeven. "Rijssen in oude ansichten" was niet alleen bij de ouderen welkom, maar ook bij vele jongeren. Vooral nu de regionale en lokale geschiedenis de laatste tijd meer aandacht heeft gekregen, is de serie "in oude ansichten" een belangrijke informatiebron geworden voor groot en klein en hoort thuis in de boekenverzameling van iedereen die de historie een warm hart toedraagt. Aan onze oproep om oude prentbriefkaarten en foto's voor dit boekwerkje beschikbaar te stellen werd enthousiast voldaan. Uit particuliere verzamelingen konden we een ruime keuze maken. Ook werd ons veel documentatiemateriaal ter hand gesteld, waaruit we ruimschoots konden putten.

We zouden dit fotoboekje "Wandeling door oud-Rijssen" kunnen noemen. In onze jeugdjaren hebben we ook vele van deze wandelingen gemaakt. Als we een vergelijking maken uit die tijd met het heden dan zien we hoeveel van het oude is verdwenen. Karakteristieke boerderijen en riante herenhuizen werden opgeruimd of zo onherkenbaar verminkt door verbouwingen dar ze her oog niet meer boeien. Tot onze grote vreugde mocht worden geconstateerd dat enige fraaie "monumenten" in oude luister zijn hersteld. We noemen onder andere de emstig verwaarloosde pelmolen, die in 1925 buiten gebruik werd gesteld. Restauratieplannen stuitten eerst af op gebrek aan de benodigde flnancien, maar nu staat deze "pelmolle" weer in oude glorie aan de oostzijde van de weg Rijssen-Wierden, even voor de Regge. Een ander "monument" dat we willen noemen is de havezate Oosterhof, het enige "kasteel" dar er van zes in Rijssen overbleef, en dat in de jaren vijftig

danig in verval raakte. In die tijd werd slechts een gedeelte van de havezate nog bewoond. In de rest hadden de weergoden zo niet geheel, dan toch grotendeels vrij spel. Met het hers tel van de Oosterhof werd in 1967 een aanvang gemaakt en na enige jaren was de algehele restauratie een feit geworden. Rijssen had het oude "pronkjuweel" weer in ere hersteld.

De bewering dat Rijssen een belangrijk dee! in de geschiedenis van Overijssel inneemt, zal stellig door niemand weersproken worden. Dar we hier te doen hebben met een streek die vroeg bevolkt was, bewijzen bij voorbeeld sporen van de Romeinen, tussen Rijssen en Elsen gevonden in de vorm van een munt, een denarius van Vespasianus, en in de zogenaamde Heidense Rille, twee geraamten, begraven met een hamer en een bijl en drie zilveren denarien, waarvan een van Commodus. Verder een overblijfsel van een bronzen wig, houweel of beitel, een armring van gedraaid koperdraad en een kleine ring met aangehechte nog kleinere ringen. Ook werden er umen opgegraven.

Wat de naam Rijssen betreft: net als vele andere plaatsen heeft het gemeen dat in de loop der tijden afwijkingen in de naam zijn ontstaan. Onder "Risnen" komt het in 1188 voor en wordt vermeld in het register der goederen van Hendrik, graaf van Dalen en heer van Diepenheim, gelegen in de "parochie Risnen". Evenzo wordt het genoemd in een charter van 1297 en weI in verb and met een "nouam curiam in Risnen". In 1347 komt het onder "Rijsene" voor en het wordt in 1349 als "Rijsnen" vermeld. In 1365 .Rysen" geworden, vindt men het in 1368 weer als "Risne". In 1 573 neemt het weer zijn oudste vorm aan. In 1243 was Rijssen tot stad verheven. Bisschop Otto schonk toen aan Rijssen "soo groten vrijheijt als wesheer und sus lange de stad van Deventer gehad hebben ende nu hebben", We mochten enkele gegeyens en citaten ovememen uit "Mededeelingen omtrent Rijssen" van

EA. Hoefer, opgenomen in "Verslagen en mededeelingen van de Vereeniging tot beoefening van Overijsselsch regt en geschiedenis" (1923). Het 700-jarig bestaan van Rijssen kon helaas in 1943 wegens de Duitse bezetting niet gevierd worden, maar werd uitgesteld tot 1948. In dit verband is het wellicht aardig om de woorden van de taenmalige burgemeester van Rijssen, de heer Wijnand Zeeuw, die hij schreef in het Dagblad van het Oosten (extra editie) van zaterdag 24 juli 1948, over te nemen: "In de 13e eeuw ontvingen veel plaatsen stadsrechten, Als weinige onder hen in het oosten des lands heeft Rijssen zijn karakter zorgvuldig bewaard. Men denke slechts aan de trouwe kerkgang der bevolking, men beluistere haar dialect, men lette op haar kleding en ook de typische bebouwing getuigt daarvan." En verder: "Het moet ons als Rijssenaren echter in de eerste plaats dankbaar stemmen, dat men in onze stad oud-Nederlandse degelijkheid in ere houdt, dat bij zovelen zich nog een grate liefde voor hun "Riessen" openbaart en men zich voor zijn taak en raeping verantwoordelijk weet. Immers nog altijd begint een goed staatsburgerschap bij een goed plaatselijk burgerschap!" En even later: "Wilt U v66r alles 'Riessener' zijn en blijven. In deze tijd van gelijkschakeling worden personen en gemeenschappen maar al te gaarne tot onpersoonlijke eenheden verlaagd en hierin ligt een bedreiging voor onze gemeente."

Over dit laatste heeft destijds de voormalige assistent van het Nederlandse Openluchtmuseum te Arnhem, de heer H.B. Hagens, zich nogal kritisch uitgelaten. Wij delen echter zijn mening niet. Ondanks het feit dat er in Rijssen veel van het oude verloren is gegaan is er toch ook nog wat mogen blijven. We hebben onder andere de fraaie pelmolen en de prachtige havezate de Oosterhof genoemd. Ook het Parkgebouw met het mooie park mocht blijven bestaan.

Vanwege de beperkte ruimte die we kregen toegewezen, is het hier

niet de plaats om uitvoerig sti! te staan bij her Rijssense verleden. Hopelijk zullen de "praatjes bij de plaat]es" de nodige aanvullingen geven. De beelden uit het verleden spreken overigens hun eigen taal.

Rest ons nog dank te brengen aan allen die ons bij het samenstellen van dit boekwerkje behulpzaam zijn geweest. In het bijzonder zijn we veel dank verschuldigd aan die Rijssenaren die oude ansichten en foro's aan ons hebben willen afstaan.

Wij hopen dat de oude ansichten, toto's en tekeningen fijne herinnering en bij u zullen oproepen en dat het boekwerkje een nuttige dienst zal kunnen bewijzen aan allen die aan onze rijke historie voort willen bouwen.

J,Hosmar

Hier zien wij de brug over de Regge, daterend van 1897, die in 1934 werd afgebroken om plaats te maken voor een vaste brug, die op

9 april 1945 bij de bevrijding van Rijssen vernield werd. Rechts het tolhuis, het laatst bewoond door de heer Derksen, en in 1937 afgebroken.

2 Eens stoffeerden vele molens de bosrand van Rijssen. Wie van Wierden vroeger Rijssen binnenkwam, zag voor de groene omzoming van het stadje prachtige molens hun "armen" boven de bomen uitsteken. Aan de rechterhand, nog voor de Rijssense veerbrug, zag men bij Schuitemaker de bekoorlijke molen, die helaas al jaren verdwenen is. Links van de Wierdenseweg leek het een sprookjesland. Achter het houtgewas werd de pelmolen met aanleunend molenhuis zichtbaar. U ziet hier naar een ets van Ioh. Hemkes, de oliepelmolen te Rijssen voordat deze danig in verval raakte,

,

{-~

.~.

( "

-,.-

(,... '.

r :

3 Bij de historie van de pelmolen willen we even stil staan. Oorspronkelijk was deze molen een watermolen. Zijn Rijssense geschiedenis begon in 1752. In werkelijkheid is hij evenwel nog ouder, want voordat hij naar Overijssel kwam stond hij in Holland, ergens aan de rand van de Beemster. Vanaf het begin had hij voor de boeren gerst gepeld, maar ook het lijnzaad geplet en het raapzaad tot olie en koek verwerkt. Op den dum zou blijken dat de pelmolen geen toekomst meer had. In 1904 werd de molen door de bliksem getroffen. In 1913 staakte hij zijn werkzaamheden. Bijna zestig jaar is de pelmolen sindsdien aan zijn lot overgelaten, waardoor

hij danig in verval geraakte. Op deze foto ziet u de molen in zijn desolate toestand.

4 Op de vorige foto zagen we de oude molen in een zeer vervallen staat. Het was zo erg dat er aan restaureren bijna niet meer te denken viel. Toch gebeurde het ongelofelijke. De vereniging "De Hollandsche Molen" plaatste in 1968 de oude molen op de urgentielijst voor restauratie, Na een lange weg, die we hier niet nader zullen beschrijven, werd jaren later die molen geheel gerestaureerd en bleef voor het nageslacht behouden. Hier zien we de prachtige pelmolen "in all his beauty" met de fraaie bijgebouwen. De molen draait weer en er wordt weer gemalen. Het is een van de "visitekaartjes" van Rijssen.

S Achter een fraaie kastanjeboom verscholen stond vroeger aan de Molendijk de windkorenmolen van de heer Muller (later Slaghekke). Tijdens een felle januaristorm in 1928 werd van de molen een van de vier wieken afgerukt. Deze foto werd direct na de storm door een fotograaf van "Eigen Erf" gemaakt.

6 Nog in de loop van het jaar 192 8 werd de stellingmolen van de heer Muller gerestaureerd en van vier wieken voorzien. Daarna kwam de molen in het bezit van de familie Slaghekke. De stellingmolen werd zo genoemd naar de stelling of omloop, waardoor de wieken veilig haog en anbelemmerd konden draaien. Deze fato werd op

30 september 1971 door de bekende Rijssenaar ]ohan Ni]huis gemaakt. Toen was de molen nog in volle glorie. De molen staat er nog, maar zander wieken. De vagen voor de molen is van de wagenmakerij van de heer Schreur.

....

I' I

' .. :

7 "De Bijvank", een van de drie fabrieken van de Koninklijke ]utespinnerij van de firma Ter Horst & Co. te Rijssen. Het is bijna niet te geloven datthans (1 995) er van al deze fabrieken niets meer over is. Hier is door slopers een totale "kaalslag" gepleegd. In plaats van fabrieken staan er nu winkels en huizencomplexen.

8 Het onderschrift van deze oude ansicht luidt: ,,'t Oetgaon van 'n stoom. Het uitgaan van een der groote [utefabrieken der fa. ter Horst & Co., in den volksmond "n stoom' genoemd." In ons artikel in het jaarboekTwente

1 976 schreven we onder andere nog: "De arbeiders(sters) van de jute-industrie, de steenbakkers en de boeren hebben Rijssen gemaakt tot een welvarende stad."Van de jute-industrie is in Rijssen weinig meer overgebleven. Ter Horst & Co. is verdwenen. Het bedrijfheet sedert 1982 Nederlandse Iutc-Industrie (N]I). Nu werkt er nog een klein aantal arbeiders.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  9  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2018 Uitgeverij Europese Bibliotheek