Rozenburg in oude ansichten deel 7

Rozenburg in oude ansichten deel 7

Auteur
:   J. Bergwerff
Gemeente
:   Rozenburg
Provincie
:   Zuid-Holland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-1492-9
Pagina's
:   168
Prijs
:   EUR 19.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Rozenburg in oude ansichten deel 7'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  >  |  >>

31. Op de Krabbe had je Nel van Daan en Nel van Piet, in respectievelijk het elfde en het eerste huis. Op maandag 26 januari 1981 was ik bij Nel van Daan. Nel de Jong, geboren op 29 oktober 1916 in Bodegraven als dochter van Teunis de Jong en Margrieta Gerrigje van Vliet. Hoe heeft zij Daan van der Vliet, geboren op 12 april 1915 als zoon van Jan(tje) van der Vliet en Gerritje Breukel van de Brielseheuvel eigenlijk ontmoet? Dank zij de mobilisatie! Toen Daan in 1939 werd opgeroepen was zijn standplaats Bodegraven. Daar werd hij ingekwartierd bij een boer en hij lag vervolgens in de huishoudschool. De blonde militair met zijn olijke snuit maakte indruk en het werd heel serieus: vaste verkering. De eerste oorlogsdag moest hij naar Den Haag; onderweg schudde de bus van de luchtdruk die neervallende bommen veroorzaakten, maar ze bleven gespaard. Daan komt weer terug naar Rozenburg en dat betekende ook: terug naar de spruiten, om de helft op de Landverbetering. Maar ook wekelijks de reis naar Bodegraven. Voorjaar 1944 vertrekt oom Leendert van der Vliet in verband met zijn leeftijd van de Krabbe en mogen Daan en Nel in dat huisje. Op 19 april 1944 trouwen ze in Bodegraven. Vader en moeder Van der Vliet worden door oom c.J. (Kees) van der Meer per kapkoets naar de boot gebracht. Vervolgens met de trein van Maassluis naar Bodegraven. Deze "buitenlandse" reis doet vader Jan(tje) verzuchten: "Hoe heit tie jongu dat vier jaar uitgehouwe! " Ze hadden wei vergunning voor de aankoop van een kachel, maar er was er niet een meer te koop. Met het oude zwarte fornuis van oom Leen zijn ze begonnen, Vlak na de oorlog fietsten ze op houten en cushy banden naar Bodegraven. Daan met een kist aardappelen voorop. Het kostte al hobbelend een dag om er te komen. Tijdens de repetities van V.d.I. zit Daan naast Kees Boer. Die vertelt hem in 1950 dat hij de winkel in de Zanddijk, waar Leen Mol in werkte, gaat verkopen. Dat blijkt niet tegen dovemansoren gezegd, want Daan wil wei wat arrnslag. Wie zegt dat hij altijd spruiten zal blijven telen op de Landverbetering? De winkel wordt verbouwd tot een keurig woonhuis, dat ze op 4 juli 1951 betrekken. Ruim veertien jaar later, op zaterdag 6 november 1965, 's middags rond half een rijdt Daan op zijn scooter naar huis. Op de afrit Europaweg-Staaldiepsedijk komt hij in botsing met een bestelauto. Heel ernstig aan het hoofd gewond zal hij wekenlang niet van de wereld afweten. Nel zal hem later vertellen hoe hij langzamerhand weer ging reageren op haar stern en op het knijpen in zijn hand. Het is 4 februari 1966 - na 90 dagen - als Daan weer terugkomt in hun woning Zanddijk 92. Hij zal niet meer werken, maar heel langzaam keert zijn gedachtenwereld terug en hij gaat steeds meer mensen herkennen. In 1974 wordt de woning, waar ze dan ruirn 23 jaar hebben gewoond, door de gemeente gekocht voor de sloop, omdat de belendende percelen te slecht zijn. December 1974 gaan ze in de Rivierenlaan wonen, waar Daan zich goed weet aan te passen, Dan komt op 4 augustus 1979 geheel onverwacht het einde. Bij kennissen op bezoek blaast Daan op 64-jarige leeftijd de laatste adem uit ... Ruim 35 jaren waren ze getrouwd. De laatste 14 jaren waren niet altijd gemakkelijk, maar ze zijn vol goede herinneringen. Het "Vw wil geschiedde" boven zijn overlijdensbericht heeft een heel diepe inhoud gekregen. De opgeruirnde, hurnoristische Daan van der Vliet heeft zijn kruis moedig gedragen, gesteund door zijn vrouw. "Gelukkig heeft hij nooit pijn gehad," zegt ze. Maar toen de dokter hem naar een invalidewerkplaats wilde hebben, heb ik gezegd: "Zo lang ik leef, dat nooit! " Altijd had hij in de natuur geleefd, ik wilde hem niet tussen vier muren laten opsluiten. Het was ondanks weemoedige herinneringen een goede middag bij Nel van Daan.

32. Ze zijn gelijk gedoopt in september 1912 in de Westerkerk, Leen Breukel en zijn vrouw. Hun ouders woonden ook nog naast elkaar op de straat van Jaap Pols. Op 29 augustus kwam Jan Leendert Breukel, ook namens zijn vrouw Hester Hokke, bij de buren zeggen dat er een zoon was geboren en op 8 september was het de beurt aan Willem van Oudheusden om bij de buren te zeggen dat zijn vrouw, Geertje Pols, het leven geschonken had aan een dochter. "Misschien wordt het nog wel us un stelletje," werd er lachend gezegd. Dat werd het werkelijk en is het nog steeds! Op 25 juli 1939 gaven Leendert Breukel en Jannetje van Oudheusden elkaar officieel het jawoord en dat was in 1979 al weer 40 jaar geleden. Leen weet nog dat hij tijdens het dorsen op de Noordbank strojongen was. Later werkte hij een jaar of drie bij Staalduinen op 't Scheur. Dan wordt hij "spruiteboer" bij Jaap van Dorp, om de helft. Het is geen vetpot in die jaren en als ze in de winter van 1938-1939 bevriezen, he eft Leen er "tabak" van. Nog in februari 1939 verhuurt hij zich bij Gerrit Groenewegen en daar heeft hij geen spijt van gehad. Daar gingen ze dan ook hetzelfde jaar op trouwen, toen ze de woning Zanddijk 86 - naast Keessie Vis - konden huren. Na twee jaar Zanddijk wordt het Staaldiepsedijk 56, naast Leen Vermeulen. Tien jaren, waaronder de oorlogsjaren, blijft hij bij Gerrit Groenewegen. Daardoor is er altijd melk en ook kaas, terwijl aardappelen en tarwe ook geen probleem vormden. "AIs ik in verwachting was, gaf Jannetje elke week tien eieren mee met Leen," zegt Jans. "Het waren tien goeie jaren, want ook toen ik er weg was, werden er toch elk jaar nog druiven en peren gebracht. En toen we veertig jaar getrouwd waren zijn ze allemaal geweest," weet Jans. Toen Leen op de Landverbetering solliciteerde bij Drost zei die: "Iemand die tien jaar bij een baas is geweest kan ik altijd gebruiken." Dan hebben ze intussen drie zoons, Jan, geboren op 15 mei 1940, Willem, geboren op 9 juli 1943, en Piet op 26 november 1946. Twee jaar fietst Leen nog van de Staaldiepsedijk naar de Krabbe. Dan krijgen ze in juli 1951 het huis waar Daan en Nel van der Vliet uitgaan. Begonnen als arb eider, wordt Leen dat jaar definitief paardeknecht Er zijn dan nog tien paarden, drie maal drie voor de ploeg en een voor de melkwagen. Dat betekende ook 's nachts waken als er een veulen op komst was. "Op een morgen schreef ik in mijn werkboekje:

Eva geholpen, Adam niet thuis." Een beetje stropen met Kees Kleijwegt hoorde erbij: "Knijnu uitgrave, of doodslaan onder 't overhangende gras van du zeggubossu." "Ja, dat elfde huis had nummer dertien, 'k weet nog dat m'n jonge henne allemaal dood ginge. 'k Zat zogezeid op 't verkeerde numrner." In 1957 stappen ze over naar het nieuwe huis, nummer 15, nagenoeg recht tegenover het oude. Jan Hoek zei to en al: "Misschien voor een jaar of zest " In 1960 gaat Leen naar Ketjen-Carbon en rijdt er vanaf de Krabbe nog drie jaar op zijn brommertje heen. In apri11963 krijgen ze de nieuwe woning Narcissestraat 45 toegewezen. Hij zal elf jaar bij Ketjen werken. Op 17 januari 1971 krijgt hij zijn eerste hartinfarct, dat later door nog twee wordt gevolgd. Werken is er niet meer bij, maar tot zijn 65e wel vol loon. Ook dit was weer een goeie baas! Jan is getrouwd met Mies Alberts, Wim met Ina Bruinewoud en Piet met Ellie van Noort en als ik dit uittik zijn er zeven kleinkinderen. "Als we vroeger bij de betonweg met de combine bezig waren, stopten de recreanten dikwijls om te kijken," zegt Leen. "Azzuk nou 't Overmaas inrij en zu bennu an 't combijnu, stap uk oek of." Bij de foto's: links boven Jans en Leen met de jongens, rechts boven oom Teun van Oudheusden met zijn vrouw op visite, op de trekker; links onder Leo en Koos Mol met Wout de Jong, toneelspelend bij "Jong leven" in de Westerkerk; rechts tante Pietje met Jan, Hettie, Gera en Wim "an de dijk",

33. Arie Mol werd geboren op 11 november 1876 en zijn vrouw Magdalena van Pelt op 25 november 1875. Uit hun huwelijk werd op 18 november 1911 zoon Leendert Johannes geboren. Toen hij van school kwam ging hij - hoe kan het anders - op de Landverbetering werken. Dat werd aileen onderbroken voor het vervullen van zijn dienstplicht in Vlissingen. Hij trouwde op 24 augustus 1937 met Anna Johanna de Roos, die op 23 februari 1916 aan de Zanddijk werd geboren, als dochter van Koos de Roos, de smid, en Maria Adriana Quak, een zuster van de schilder Kees Quak. Koos de Roos zou later smid worden op de Landverbetering en zo is het gekomen. Kersvers getrouwd trokken ze in 1937 in een van de huizen op de Noordbank. Bij de voormobilisatie in april 1939 moest Leen Mol opkomen in Hoek van Holland. Op 30 juni 1939 werd zoon Arie geboren en nog in 1939 verhuisde het gezinnetje naar Hoek van Holland. Daar woonde intussen ook het ouderpaar De Roos, na een periode in Kethel. Toen Hoek van Holland op last van de bezetter gedeeltelijk werd gesloopt, evacueerden ze naar Naaldwijk. Een oud-dienstkameraad/tuinder zorgde voor tijdelijk werk, om daarmee te voorkomen dat Mol naar Duitsland moest. Nog in 1940 werd hij boerenknecht bij Zevenbergen op de Welplaat. Van 1943 tot 1944 volgde er nog een jaar Spijkenisse bij Kleinjan. Op 26 november 1944 overleed moeder Magdalena Mol-van Pelt, to en ze de dag ervoor 69 jaar was geworden. Op een boerenwagen werd ze naar haar laatste rustplaats gebracht. De koetsen erachter, op afstand van elkaar om risico's bij een eventuele beschieting te verkleinen ... Toen viel het besluit weer terug te keren naar de Landverbetering bij vader Mol in huis. Het was voor kerstmis 1944, en het was mistig, vriezend weer. Met een schuit uit Spijkenisse werd de inboedel aan de loswal van het Veerpad afgeleverd. Het was's avonds laat en donker toen met wagens van de Landverbetering hun spulletjes ter plaatse werden bezorgd. Toen waren er drie zoons, want op 30ยท oktober 1941 was Jacobus (Koos) op de Welplaat geboren en op 15 april 1944 Leendert Johannes (Leo) in Spijkenisse. Ze zouden nog een keer verhuizen en wei naar het op een na laatste van de bekende rij van vijftien huizen. Daar werd op 28 maart 1947 dochter Magdalena Maria geboren en dat was na drie zoons wei een verrassing. Vader Arie Mol kreeg in april 1948 de eremedaille in zilver, verbonden aan de orde van Oranje-Nassau voor 60 jaar trouwe dienst aan de Landverbetering. Op 78-jarige leeftijd is hij op 17 maart 1955 overleden. Na Landverbetering 16 kregen ze in 1956 de nieuwe woning nummer 7. Dat zou tot 1963 duren, want ook deze werd gesloopt. Dan krijgen ze een nieuwe gemeentewoning in de Tulpenstraat en verhuizen ze nog een keer en wel naar de Esdoornlaan. Arie is getrouwd met Annie C. Minderhoud; Koos met Corrie den Bakker; Leo met Wil Langendoen en Magda met Adrianus van Putten. Arie en Leo wonen in Rozenburg, Koos in Sas van Gent en Magda in Koewacht (gemeente Axel). Twee op Zeeuws-Vlaanderen dus en dat is toch wel een eind weg. Met elkaar hebben ze voor een nageslacht van tien kleinkinderen gezorgd. Op de foto links boven: Leen Mol met een jong tuigpaard; rechts boven: het oude melkpaard "Willemien", dat door oom Hendrik van Pelt wordt vastgehouden; erop Leens van Pelt (mevrouw v.d, Meer), ernaast Anna de Roos (mevrouw Mol); rechts onder: Piet Kraaijeveld, Leen Mol en Cor Vermeulen (t) in 1953 in Marknesse, voor ze weer naar huis kwamen; links onder: Jan van Eekelen, Huib Kruik, Frans Romers, Gerrit van der Vliet en Leen Mol met de paarden bij de Noordbank.

34. Het gezin van Hendrik van Pelt en Geertje Gille is op de Krabbe geboren en getogen. Hun zoon Johannes Abram (Hannus) werd op 31 maart 1902 geboren. Hij ging op de Brielseheuvel school en kwam daarna in dienst bij de Vereniging tot Landverbetering. Dat was de loop der dingen in die dagen. Na enkele jaren werd hij paardeknecht, dat was een kwestie van verantwoordelijkheidsgevoel. "Het was een hele goeie," zeggen de mensen die het weten kunnen. Hij krijgt kennis aan Pietertje Robbemond, de oudste dochter van Arie Robbemond en Arendje Kleijwegt, geboren op 18 januari 1907. De eerste jaren moest ze thuis helpen, maar vanaf haar 15e gaat zij dienen. Eerst een jaar bij "Rooie Kors", dan twee jaar in Maasland en vervolgens vijf jaar bij Willem van der Giessen. De volgende anderhalf jaar bij Ai Pols. "Ik weet nog dat ik Kors z'n gulp eens heb dichtgenaaid, bij het verstellen," weet zij zich te herinneren. De daarop volgende 14 maanden gaat zij in het gezin van Ben Quak helpen, waar een tweeling geboren is. Ais de tweeling 11 maanden is overlijdt de jonge moeder in december 1932 en blijft Ben Quak met zes kinderen achter. Zie ook afbeelding 46 in dee14. Op 8 juni 1933 wordt het huwelijk van Hannus en Pie voltrokken en gaan ze aan de Zanddijk wonen, het tweede huis voorbij het "breje slob". Daar wordt op 3 juli 1934 dochter Geertje geboren. Ais Henk Vos in 1935 van de Krabbe vertrekt, krijgen zij het enige van de 15 huizen waarin beneden een slaapkamer is gemaakt. Daar is op 25 september 1936 Arie en op 23 mei 1942 Hendrik geboren. In 1939 komen de eerste tractoren en dat betekent een drastische verandering. Een groot deel van de paarden wordt verkocht en Van Pelt moet tractorbestuurder worden. In de oorlogstijd was er nog een aantal paarden over, waarvan er een, Olga, wordt getroffen door een stuk van een brandend vliegtuig. "Dat was erg en pa heeft wekenlang die brandwonden verzorgd," vertellen moeder en Geertje. "Als je eraan denkt ruik je nog de zalf die hij elke dag aanbracht." Olga is dan ook helemaal genezen. 13 oktober 1944 wordt een zwarte bladzij in het gezin Van Pelt. Op die dag moet er tarwe geleverd worden en rijden ze met twee wagens beladen achter een tractor van de Krabbe naar de schuit op de Veerheuvel. Ai Korres bestuurde de tractor en ze waren net boven aan de Vink toen er vanuit de richting Maassluis drie vliegtuigen laag overkwamen en het transport beschoten werd. Van Pelt sprong eraf en werd links van de wagen dodelijk getroffen. Korres zegt:

"De rem stang, die ik een moment beet had, werd in tweeen geschoten. Ik wilde proberen om de remmen van de wagens vast te zetten, maar toen kwamen die vliegtuigen al weer terug. Ik ben aan de kant van de weg bij het huisje van Romers neergerold en de wagens reden aan de andere kant van de dijk - de kant van Ai Kleijwegt -, waar het weiland als het ware werd omgeploegd door de straal munitie. Het was verschrikkelijk, Adam van der Meer en ik ontsnapten aan de dood. Maar even later moesten we constateren dat het Hannus zijn leven gekost had ... " De zorgzame vader laat een vrouw en drie kinderen achter: tien, acht en twee jaar jong. Vader Robbemond wil dat ze in het ouderlijk huis komen, omdat gevreesd wordt dat de Engelsen vanaf de Noordzeekust binnen zuilen rukken. Daar is de ouderlijke woning niet op berekend en na vijf weken keren ze weer terug. Dan komt de boodschap van de NSB-baas Sloots: "U moet per 1 mei hier weg zijn." Keihard komt dat over. Gelukkig kan er geruild worden met Jan Pols Wzn. en kunnen zij in de Zanddijk gaan wonen. Nu

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek