Serooskerke in oude ansichten deel 1

Serooskerke in oude ansichten deel 1

Auteur
:   B. Coomans
Gemeente
:   Schouwen-Duiveland
Provincie
:   Zeeland
Land
:   Nederland
ISBN13
:   978-90-288-4641-8
Pagina's
:   80
Prijs
:   EUR 16.95 Incl BTW *

Levertijd: 2 - 3 weken (onder voorbehoud). Het getoonde omslag kan afwijken.

   


Fragmenten uit het boek 'Serooskerke in oude ansichten deel 1'

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

11. Tussen de oude beelden van de Zandweg is deze korfbalfoto zeker op haar plaats. In die omgeving immers speelde het Serooskerkse "V elocitas" haar eerste wedstrijden. Aanvankelijk op ,,'t weitje" van Hanse achter de pastorie, later bij P. Linders aan de Zandweg. Het plan een korfbalclub op te richten in het dorp, was van de toenmalige "bovenmeester" J. Blok. Cor Stoel, als "kwekeling met akte" toen ook werkzaam aan de school waar hij ooit zelf in de banken zat, legde de eerste contacten met de eilandelijke korfbalbond (SDKB).

De oprichtingsvergadering yond op 1 mei 1941 plaats in de school. Meester Blok was de eerste voorzitter. De clubnaam was een ingeving van bakkersknecht Piet Kooman.

In verband met de oorlogstoestand hield men het tenue simpel: witte blouse en zwarte rok ofbroek. Met extra gymnastiek werd de conditie verbeterd. De spierpijn hierop volgend, herinneren sommigen zich nu nog! Nadat voor f 15,- palen, manden en ballen waren gekocht, kon men "de weie" in. De eerste oefening, tegen Zwaluwen uit Elkerzee, werd met 7-0 verloren; het competitiedebuut tegen Rapide te Burgh met liefst 21-1. De zwart-witten leerden echter snel en thuis werd van dezelfde club met 2-1 gewonnen. Cor de Rijke maakte de winnende goal.

We zien de man die 13 jaar lang voorzitter was van zijn "VELO" hier rechts met zijn ploeggenoten op een foto uit ongeveer 1943. Het zijn zittend, vanaf links: Maatje Bakker, Keetje Kloet, Hanna Geluk, Leen Straaijer, Jo Reinhoud, Jan Reinhoud, Corrie Geleijnse en Pietje Verboom.

Staand, ook links te beginnen: Cor Stoel, Kees Boot, Cor de Rijke, Piet de Rijke, Piet Hanse en voorzitter J. Blok.

"Velocitas" is er nog steeds, als voetbalclub. Het korfbal ging ter ziele en daarmee ook een enorm stuk gezelligheid.

12. In 1950 werd deze kaart van de Zandweg uitgegeven. Op de voorgrond een nog gezonde "dulve" met riet en natuurlijke waterstand. Een weitje met een grazende koe completeert het oude aanzicht, waar vanzelf ook de "boerenspulletjes" bij hoorden. Uiterst links had W.R. Bakker zijn bedoening en ernaast woonden zeker drie geslachten Hanse. A. Hanse was er de laatste. Na de ramp ging hij naar de "Noord-Oost". Zijn hoefje is geheel verdwenen.

In de verte, achter de heg, zien we nog het bedrijfje van J. de Witte. Ret huis met de gebroken kap werd voor cafehouder J. Boot gezet. De schuur was er toen al. Na Boot boerde bier de uit Stavenisse gekomen P. Dorst, die de boerderij .Landzioht'' doopte. Vooraan het in 1880 voor S. Krepel gebouwde "nieuwe 'uus", later .Pooltjesmeet" geheten. Nu woont L. Straaijer er, die P.C. Linders opvolgde. Daarv66r, van 1901 tot 1928, was M. Moelker, "d'n drooger", erwoonachtig. Hij dankte zijn bijnaam aan zijn eerdere werkzaamheden als "droger" op de meestoof "Schouwen" , waarvan nu aan de Ridderweg 2 nog de vroegere machinekamer als woning in gebruik is. Een gedenksteen vertelt er: "De eerste steen aan de meestoof Schouwen is gelegd door den heer L. de Oude Nzn. den 14 mei 1869."

Een "meestove" was een bedrijf waar men de meekrapwortel droogde om er een donkerrode kleurstof nit te bereiden. Het drogen was daarbij een belangrijke fase en "d'n drooger" was dan ook meteen bedrijfsleider. Hij woonde als zodanig in "den heerlijkheid", de bedrijfswoning van de stoof. Zijn verdiensten bedroegen 40 cent per 100 kg "meee". De "stamper", die de "kupen" vulde, had 35 cent en de drijver, de onderman en de drogersknecht stonden op weekloon.

De meekrapindustrie verdween eind negentiende eeuw door de komst van modernere kleurstoffen. Ook de "Schouwen" moest, zij het als een van de laatste, sluiten. Voor mensen als Moelker betekende dat het einde van een goede broodwinning.

13. We kunnen het niet laten aan de hand van dit privefotootje even het erfvan de boerderij .Landzicht" op te lopen, waar we bij de openstaande schuurdeur K. van der Male vinden, die collega Dorst een dagje aan het helpen was. Indien nodig, sprongen de beide boeren elkaar over en weer bij. Die dag was Van der Male tarwe aan het "schoonen" met de windmolen, daarbij geassisteerd door Paul Dorst.

Zo'n "windmole", ook weI wan- of kafmolen genoemd, werd met de hand aangedreven. Draaiend aan een slinger bracht men de schudbak met koren (bovenop zichtbaar) en het molenrad in beweging, waardoor het kafvan het koren gescheiden werd. De tarwekorrels vielen onderin en werden met een houten "graenschoppe" in zakken geschept. Het afval waaide door de opening in de molen naar buiten. Op de foto is dat niet het geval, maar meestal stond er nog een mand om dit "piksel" (voor de kippen) op te vangen.

Gezien de links in de schuur opgetaste tarwebossen moest er nog heel wat gedorst en geschoond worden op .Landzicht" en ook Van der Male zal "d'n oest" nog wel "in schure" gehad hebben. Reden voor ons om "goeiendag" te zeggen en niet langer te storen.

14. Terug wandelend naar de dorpsring, passeren we de plek waar ook nu nog links van de Zandweg de pastorie staat. De dominees die hier woonden hadden er, zeker voor die tijd (1928), een vrij riante woning. De eerste die er zijn intrek deed was dominee B.T. Mossel (1901-1907). Hij had in Albert Jan van Riet (18761882) zijn voorganger. Deze genoot een "tractement" van f 854,- per jaar, met pastorie en tuin, waarvan we de ligging niet konden achterhalen. Denkelijk betrof het een minder geriefelijk onderkomen en was dat een van de oorzaken van het vijftienmaal "vruchteloos beroepen" in de periode 1882-1901, waarna men in 1889 besloot een nieuwe pastorie te bouwen.

Na de grote kerkelijke omwenteling in de zestiende eeuw, was Lucas Spiering (1611-1614) de eerste Serooskerkse dominee. Twee Zierikzeese "predikers" waren Vincent Bolle (1671-1681) en Corn. Mars. van der Weide (in 1839 beroepen). Een aantal van hun opvolgers overleed in Serooskerke, namelijk: Joh. Belling (1728-1745), Michel van Middelhoven (1754-1762) en Joh. Olivier (1790-1816). Vermeldenswaard zijn verder: Joh. Lodestein (1681-1689), die eerder preekte aan het hofvan de Portugese ambassade en in 1692 op reis naar Oost-Indie overleed; Joh. Voerde (1719-1727), die "ons" Serooskerke verruilde voor dat op Walcheren en Corris Pieter Louwerts van Torrenburg (1816-1820), van wie op 18 juni 1817 alhier de in druk uitgegeven .Kerkbede op de plechtige dank en bede" werd uitgesproken.

Zo kwamen en gingen er velen en onder hen was ook de man van de foto hiernaast, "domenie" A. Adrianie. Hij werd op 9 november 1887 te Renswoude geboren, studeerde te Utrecht en werd op 17 april 1913 in Serooskerke bevestigd als 26e op de predikantenlijst. Per 2 december 1917 vertrok hij naar Rekken (Gld.). Nagenoeg blind geworden overleed hij in 1986 te Baarn.

Leuk dat we van deze vroegere Serooskerkse dominee een fotootje konden opnemen.

15. De uit Gorinchem afkomstige lac. Mortier was van 1924 tot 1926 de eerste predikant in het samenwerkingsverband tussen de kerken van Serooskerke en Kerkwerve. De opeenvolgende dominees werden sindsdien bij toerbeurt door de beide gemeenten gehuisvest. Na het vertrek van dominee Mortier naar Zalk en Veecate (0.) stond de pastorie daardoor geruime tijd leeg, hetgeen smid 1.1. Pieterse in staat stelde er tijdelijk zijn intrek te nemen. Pieterse was in die jaren kassier van de Cooperatieve Boerenleenbank Noordwelle en hield toen kantoor in de domineeswoning. De foto hiernaast van Bestuur en Raad van Toezicht van de bank, werd echter genomen ten huize van Iandbouwer 1. C. Goemans aan de Dijksweg.

In de heerIijk "ouwerwets" ingerichte woonkamer zien we van links naar rechts achter de tafel: H. Franke uit Noordwelle, 1. Boot en 1. Klompe uit Serooskerke, C.l. Kooman te Renesse (voorzitter), I.C. Goemans, M. Steur uit Renesse en kassier 1.1. Pieterse.

Op initiatief van A. C. de Oude werd op 22 april 1916 een boerenleenbank opgericht in het werkgebied van de landbouwvereniging "Ons VoordeeI". Hieronder ressorteerden de gemeenten Renesse, Noordwelle en Serooskerke. De eerste voorzitter was C.l. Kooman; de eerste kassier H.W. Polderman, die werd opgevolgd door I.P. Hollestelle. 1.1. Pieterse nam het weer van hem over en na zijn overlijden voIgde 1. Klompe hem op. Tijdens de oorlogsjaren nam H.l.A. Blom van de bank te Haamstede het kassierschap gedurende 18 maanden waar.

W.D. Berrevoets werd in 1952 de Iaatste kassier, totdat "Noordwelle" zich op 19 mei 1965 aansloot bij de Cooperatieve Boerenleenbank .Elkerzee". Het vooraanstaande gezelschap achter de tafel had daarvan nog geen weet, maar gezien de zorgelijke gezichtsuitdrukking genoeg andere .zurgen" aan het hoofd.

<<  |  <  |  1  |  2  |  3  |  4  |  5  |  6  |  7  |  8  |  >  |  >>

Sitemap | Links | Colofon | Privacy | Disclaimer | Leveringsvoorwaarden | © 2009 - 2020 Uitgeverij Europese Bibliotheek